<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Saskia Uit den Bogaard | Op weg naar de marathon</title>
	<atom:link href="https://www.opwegnaardemarathon.com/author/snbogaard/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.opwegnaardemarathon.com</link>
	<description>The road to the finish!</description>
	<lastBuildDate>Mon, 13 Apr 2026 17:49:59 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=6.9.4</generator>
	<item>
		<title>11x Rotterdam: Minder is meer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 12 Apr 2026 20:16:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5595</guid>

					<description><![CDATA[11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan had, zoals de week ervoor de marathon van Parijs had gelopen, een paar weken later de Two Oceans zou gaan lopen of twee maanden eerder 224 km trailen, dacht ik dat ik niet slechter aan de start kon staan. Vandaag bewijs ik wellicht het tegendeel. Sinds 6 maanden geblesseerd waarvan 3 maanden ook echt stil gestaan, niet specifiek getraind en maximaal één keer 21 km en één keer 30 km gelopen. Toch ga ik starten. Want ik ben een hardloper, en hardlopers zijn niet alleen hardleers, een tikje arrogant en eigenzinnig, maar vooral ook extreem eigenwijs. En ik heb eigenwijsheid niet alleen uitgevonden maar ook verbeterd.</p>
<p>Van de week vroeg iemand me nog of ik nou de hele week pasta ging eten. Ik mag wel zeggen dat ik inmiddels genoeg ervaring heb dat ik dat soort dingen niet meer doe. Gewoon normaal doen, wat ik normaal gesproken ook doe. Pasta op zaterdag is meer gezellige traditie dan behoefte aan stapelen, net als de pannenkoek met spek op zaterdagmiddag en een toetje ‘s avonds na het eten, waarbij het lopen van de marathon gewoon een goed excuus is. Ik neem tijdens het lopen zelf twee gelletjes mee, één om op te eten, één als reserve, ik bak vlak voor de start bananenpannenkoeken omdat dat makkelijk is en ik kijk zaterdagavond de film ‘De Marathon’ om het gevoel van sfeer lekker af te toppen. Koolhydraten stapelen, taperen, een vracht gelletjes meenemen onderweg en isotone sportdrank drinken? Ik ga voor uitlopen, ik hoef geen PR meer. Bovendien veel te veel gedoe. Op tijd naar bed doen we dan wel weer, de hele nacht wakker liggen van de zenuwen niet meer.</p>
<p>En zo is het dan zondagochtend, ik heb mijn pannenkoek gegeten, Frank loopt de tien kilometer dus die heb ik bij Blaak bij Frouke en Deborah afgeleverd en uitgezwaaid, en op mijn gemak ben ik naar het startvak gewandeld, nog even met Rob op de foto, die staat gewoon weer op de Blaak, om dit jaar Berget Lewis ‘You’ll never walk alone’ te horen zingen. Het blijft even wennen dat mijn buurman Lee het niet meer doet net als dat ik Abu mis bij de start. Maar de wereld verandert continue en niets is voor eeuwig dus dit ook niet. De wedstrijdlopers zijn al weg, ik wacht geduldig af tot mijn wave ook weg mag, 10:10, de heartbeat en dan gaan we! Met opwinding en enige twijfel of mijn knie het gaat houden. We gaan het zien. Wat zeg ik ook altijd weer? De dood of de gladiolen, en we gaan natuurlijk altijd voor de gladiolen. Bovendien komt aan alles een eind, ook aan 42,195 km.</p>
<p>In het startvak sta ik met Marcel en Marcella, die eerst naar ons huis gekomen zijn, maar ik heb gezegd dat ze hun eigen gang moeten gaan omdat met mij lopen niet te doen is. Ik start altijd te hard, stort daarna in en loop onregelmatig omdat ik onderweg waarschijnlijk nog foto’s maak. We zien elkaar naar afloop wel weer. Als ik over de startmat loop kijk ik of onze nieuwe burgemeester er staat of wellicht Berget. Carola zie ik niet, Berget wel maar die is druk in gesprek met iemand. Doorlopen dan maar dus mijn muziek gaat aan en ik loop relaxed de Erasmusbrug op. Denk ik, want per saldo loop ik sneller dan 5:30. Maar ja, de eerste kilometer gaat altijd wat sneller en de tweede ook want dat is heuvel ‘Erasmusbrug’ af. </p>
<p>Ik voel me goed, ik loop lekker en heb geen last van mijn been. So far, so good. Hoogmoed gaat voor de val dus ik blijf op het snelle tempo doorlopen richting de eerste 5 km. Maar eerst langs DJ Gewoon Rene. Vanwege de routewijziging staat hij dit jaar op de 4 km in plaats van de 17 km, maar ik heb beloofd dansend bij hem langs te gaan dus dat doen we dan ook. Even een snelle foto en dan toch weer door. Bij de 5 km even wat water pakken en dan kijken hoe het nieuwe stuk van het parcours loopt. Nu moet ik bij de 7 km richting de Kuip en daar draaien voor het heen en weertje. De turn komt eerder dan ik verwacht en voor ik het weet ben ik alweer op de terugweg, waar ik snel nog even een selfie maak met De Kuip op de achtergrond. Door deze routewijziging moet ik de hele planning in mijn hoofd aanpassen. Alles komt nu veel eerder en dus is uitkijken naar de vaste punten ook anders. </p>
<p>Evert staat niet rond de 9 km want ik krijg eerst de 10 km verzorgingspost. Daar staat mijn oude Roparun team Jatogniettan?! water uit te delen. Ze zijn de volgenden in een lange lijst van bekenden die ik onderweg tegen ga komen, en bekenden en onbekenden die mijn naam zullen scanderen. Ik loop nu langs een man die aan het jongleren is tijdens het lopen en weer maak ik een foto. Dan de tunnel door in Lombardijen en als ik de tunnel uitkom kijk ik uit naar Evert. Ik kijk rechts als ik hem in mijn ooghoek ineens links zie staan en er bijna voorbij loop. Ik stop, roep dat hij aan de verkeerde kant staat en loop terug voor de traditionele foto. ‘Het is druk!’ verontschuldigt hij zich en zet me op de kiek terwijl ik een springpoging doe. Nu kan ik dat nog. </p>
<p>Ik lach en ren door terwijl ik voor het eerst mijn been een beetje begin te voelen. Hij doet nog geen zeer maar hij ‘zeurt’ wel terwijl ik de hoek omdraai en richting het Havenspoorpad ga. Veel mensen hebben hier een hekel aan, ik niet, ik hou van het Havenspoorpad. En omdat ik nog redelijk ‘vroeg’ ben is het ook nog niet zo druk. Ik loop nog steeds ok en snel, maar het zeuren gaat wel steeds meer over in ‘het doet een beetje zeer’.  Straks bij de 15 km maar even wandelen of zo. Ik loop door naar de 13 km waar ik een gelletje pak, het eerste voedsel van de loop. Even voorbij de 13 km zie ik ineens Ronald en Ysbrand staan. Wat leuk! Ik stop en krijg van allebei een Powerknuffel voordat ik weer verder ren. Op naar de 15 km en van daar uit naar de halve.</p>
<p>Het wordt steeds warmer en het is lekker druk langs de kant. Ik word nog steeds veelvuldig aangemoedigd terwijl ik lekker doorhobbel. Ook de 15 km passer ik ruim binnen een gemiddelde snelheid van 10 km per uur en ik krijg een déja vu met Amsterdam, waar ik me de eerste helft kapot liep door heel snel te gaan, en de tweede helft doorgeworsteld heb met als gevolg een overbelaste knie. Gelukkig ben ik nu door schade en schande wijs geworden, toch? Oh nee, toch niet want ik loop gewoon net zo snel door. Het lijkt wel of, als ik aan het hardlopen ben, mijn IQ stante pede met 100 punten daalt. Aan de andere kant, geluk is met de domme dus wie weet. Als ik klaar ben met het Havenspoorpad zit ik op 16 km en ga ik echt wel iets rustiger aan doen. Ik neem iets langer de tijd bij de verzorgingspost om daarna weer lekker verder te kunnen.</p>
<p>Na de 17 km krijgen we de laatste koerswijziging, want in plaats van de lus om Ahoy hebben we ook hier weer een heen en weertje. Ik vind het niet erg, de lus bij Ahoy was altijd één van mijn minder favoriete stukken uit het parcours. Waarschijnlijk een trauma van mijn allereerste marathon. Toen ging ik hier al een beetje dood, had geen zin meer en was ik nog niet eens op de helft. Nu gaat het heen en weertje redelijk ongemerkt aan me voorbij met als voordeel dat ik de 20 km passeer. Ik zit nog steeds gemiddeld op 10 km per uur en kan wellicht de halve onder de twee uur aantikken. Het enige dat roet in het eten kan gooien is die verdraaide poot, die steeds irritanter begint te worden. Bovendien krijg ik eerst de verzorgingspost waar ik toch écht weer even mijn bekertje water pak en ook nog een stukje banaan krijg en eet. Ik neem zelfs even de tijd om er toch een paracetamol in te gooien, vooral om te voorkomen dat ik teveel krom ga lopen.</p>
<p>Als ik me weer in beweging zet moet ik eerst naar het 21 km bord en daarna door naar de 21,1 km, met nog ongeveer een minuut te gaan. De sokken er in dan maar en ik passeer in 1:59:40. Voor de marathon zelf heeft het geen betekenis, voor mij is het een wereld van verschil. Vorig jaar deed ik ditzelfde kunstje, maar toen had ik geen manke poot en was ik een stuk beter getraind. Het verschil zit hem dit jaar ergens anders in, namelijk een paar kilo minder. Eenmaal over de helft neem ik écht even de tijd om bij te komen. Dat wil zeggen, het stuk naar en voorbij de 22 km dat een stukje omhoog loopt richting de Brielselaan doe ik gewoon lekker wandelend, wat alle toeschouwers ook schreeuwen. Niet alleen ik maar ook mijn been moet even bijkomen. </p>
<p>Het helpt, ik voel hem minder en kan weer doorlopen naar mijn nieuwe doel, de 25 km. Toch hou ik het niet vol om te blijven rennen en het wordt rennen met af en toe even wandelen tussendoor. Het is warm en zelfs een oudbakken spekje geeft niet voldoende suiker. Ik accepteer het gewoon, vorig jaar was het niet anders en een halve onder de twee uur heeft dit effect nu eenmaal. Ik maak dankbaar gebruik van de sponsjes met koud water om het hoofd koel te houden en hobbel gewoon lekker door waar het kan. Vooral de stukken die omlaag gaan. Alle kilometers na de 20 km komen iets eerder dan normaal en dat is psychologisch wel lekker. De 25 km is dan ook niet pas na de bocht maar er al voor. De verzorgingspost is wel na de bocht richting de 26 km als ik ineens Frank hoor roepen. Die staat onverwachts op rechts. Hij vraagt of ik wat wil hebben en ik grijp een dadel in chocola. Ik krijg nog een kus mee en dan loop ik weer verder want ik moet er nog 16.</p>
<p>Ik vergeet dat ik ook nog een appeltje in de tas had, want de chocola geeft dorst, en bedenk me dat ik wel wat cola had willen hebben maar die heb ik niet in de tas gegooid. Ik app Frank of hij nog iets kan regelen voor straks in het bos en pak wat extra water bij de verzorgingspost om mijn dorst te lessen. De dadel geeft me energie om naar de Erasmusbrug te lopen. Daar zet ik mijn muziek uit en kijk uit naar de afdaling, niet alleen omdat dat heuvel af is, maar omdat dat ook altijd het moment is om ‘Zuid’ af te sluiten. Sommige dingen veranderen niet. Het gaat nu allemaal niet zo snel meer maar dat geeft niet. Het ergste heb ik gehad en met voldoende marge. Aan het eind van de Schiedamsedijk is het draaien naar de Westblaak, het tunneltje en dan uitkijken naar Bart en Patries, die ergens op links moeten staan. </p>
<p>Ik ben nu op terrein waarop wandelen steevast gelijk staat aan extra aanmoediging van de supporters, die bijna niet toestaan dat je niet aan het rennen bent. Ik ben dan ook blij met het tunneltje, waar ik schaamteloos en zonder toeschouwers even extra rustig kan wandelen. Aan de andere kant is het dan ook wel weer leuk dat als je na het wandelen bij de aanmoediging tóch weer gaat rennen, ze extra enthousiast zijn. Je zou het er bijna om doen. Bijna. Terwijl ik na het tunneltje me toch maar weer in beweging zet kijk ik uit op links en zie Bart en Patries staan nog voor ze mij zien. Patries spot me als ik al bijna voor hun neus sta. Een knuffel en een handje salmiakdrop, voor de zoute smaak, als ik weer verder trek. Ik begin me wel serieus af te vragen wanneer mijn maag gaat protesteren op al dat verschillende voedsel. Nou ja, dat merk ik dan vanzelf wel.</p>
<p>Ik ren richting de Kubuswoningen en ben alweer bezig met mijn volgende doel, Frouke, Stans en Deborah, die na de bocht moeten staan. Ik verwacht ze op rechts maar kijk gelukkig ook met een schuin oog naar links als ik ze zie staan. Ik moet wel even kruislings oversteken en als ik op ze af ren en er bijna ben doe ik een klein beetje struikelen. Mijn rechterbeen weigert dienst waardoor ik het niet kan opvangen en mijn evenwicht verlies. Met enig gevoel voor drama stort ik volledig niet gracieus op de grond half tegen het hek aan. Het lijkt wel of ik de scène van gisteravond uit ‘De Marathon’ naspeel. Gelukkig is het niet vlak voor de finish en ook blijf ik niet dood liggen. Onvast op mijn benen sta ik weer op, geef de meiden alsnog een knuffel en hink in eerste instantie weer verder. Even later weten mijn benen weer wat ze ook alweer moeten doen en hobbel ik weer verder, dwars door de meute van de Mariniersweg richting het 30 km punt. </p>
<p>De mensen staan traditiegetrouw rijen dik en het is smal lopen. De warmte begint zich nu toch echt wel te laten gelden en ik heb al de nodige ambulances gehoord en mensen bij de EHBO gezien. Het is ook ieder jaar hetzelfde liedje. Na de koude winter is de lente nog maar nét begonnen en de marathon is altijd warm, ook als het niet warm lijkt. Na de Mariniersweg draai ik de Warande op en van daar uit Crooswijk in richting het bos. Het geluid is oorverdovend en ik ben blij als ik straks in het bos even wat rust krijg. Tenminste, dat denk ik want het lijkt wel weer drukker dan andere jaren. Ook in het begin van het bos staan de mensen rijen dik en pas als ik écht in het bos ben wordt het iets rustiger. Ik kijk uit naar Frank die net na de 32 km staat. </p>
<p>Hij heeft cola weten te scoren die ik in een flesje mee krijg. Voor de rest hoef ik niks en weer vergeet ik mijn appeltje. Ik krijg opnieuw een kus en de mededeling dat Ysbrand en Ronald een stukje verderop staan. Weer iets om naar uit te kijken en weer een paar honderd meter verder. Het is nu nog maar tien kilometer, die lopen we wel uit. Dat hoop ik tenminste want mijn benen blijven signalen afgeven dat ze dienst willen weigeren. Stelletje deserteurs en ik spreek ze streng toe. Als ze het maar uit hun hoofd laten. De pijn in mijn poot is gelukkig aanzienlijk minder, het zit hem vooral in de aansturing van de spieren en ik heb het op mijn heupen. Van Ysbrand en Ronald krijg ik weer een Powerknuffel en dan weet ik dat ik vanaf daar de rest alleen moet doen. Het bos lijkt korter dan normaal, weer vanwege dat psychologische effect, en als ik uiteindelijk de hoek naar de Kralingseweg opdraai is het nog ‘maar’ 6 km. It’s tiiiiiiiiiiiiiime! Tijd voor de Terminatorknop. Ik eet nog een Bifiworstje, voor het zout, en gooi er een Dextro achteraan, voor de energie, zet mijn magische playlist op en druk op de knop. </p>
<p>Het effect is direct zichtbaar. Op de maat van de muziek met het verstand op nul (lekker makkelijk, dat was ik toch al kwijt toen ik vanochtend begon) en de blik op oneindig maak ik mijn stappen en blijf bijna drie kilometer lang op een redelijk constant tempo rennen. Genoeg om lekker af te kunnen tellen, me door Crooswijk te helpen en naar het 40 km punt. Op de Warande staat de laatste verzorgingspost waar ik nog even wandel onder het genot van een bekertje water. Daarna zet ik me weer in beweging en mijn tanden op elkaar voor het laatste stukje. Bij de Gele Kanarie en over de Mariniersweg is het support op zijn hoogtepunt. Ik smokkel nog één keer met wandelen langs de lege hekken op rechts waar de supporters niet kunnen komen. Dan ben ik bij het bordje waar ik de afgelopen dagen meermaals langs gelopen ben. ‘Nog 1000 meter’.</p>
<p>Ik begin weer te rennen en de support en het schreeuwen van mijn naam is nu dusdanig dat ook al zou ik het willen, wat ik stiekem best wil, ik kan nu gewoon niet meer stoppen met rennen. Het zijn kleine langzame pasje maar rennen desalniettemin. Ik kijk nu uit naar Rob, mijn laatste stop before I drop, durf het niet aan om te springen maar doe het last minute toch. Als je dat tenminste springen kan noemen maar goed. Dan doordribbelen, het laatste 500 meter bord, de draai naar de Coolsingel en een ‘ietsminderlangstukopdeCoolsingelgodzijdank’ naar de finish. De finish? Oh nee dat is de 10 km, nog een heel klein beetje verder, en dan yes, yes, yes. Oops I did it again. Nummer 11 done and dusted.</p>
<p>Ik loop door, neem mijn medaille in ontvangst bij oud collega Peter, net als de afgelopen 11 jaar, praat even bij en wandel door om mijn AA, een banaan en een Trekreep in ontvangst te nemen. Hmmm, ze hadden toch chocomelk beloofd? Ik zie het niet en ben teleurgesteld. Daar had ik me nou zo op verheugd. Ik loop door en heb contact met Frank. We spreken af bij het Schouwburgplein want ik wil mijn medaille graveren. Iets met traditie en zo. Het is druk maar het valt toch mee en ik ben relatief snel door de hekken en bij het Schouwburgplein waar ik Frank tref. En surprise, daar wordt ook de chocomelk uitgedeeld die ik blij in ontvangst neem en gelijk opentrek. Lekker! Dan alsnog mijn medaille graveren en nog even bij Ferry kijken waar we Ysbrand, Ronald, Bart, Patries, Linda en Marilene treffen. Na een drankje en even bijpraten over onze avonturen lopen we terug naar de Coolsingel, waar we Marcel en Marcella oppikken en richting huis gaan. Na het afscheid duik in onder de douche en op de bank, waar ik dan toch maar het gesprek met mijn benen aanga. Vooral rechts is behoorlijk pissed off. We zullen zien of dit na een nachtje slapen een beetje bijtrekt.</p>
<p>11 keer Rotterdam, en mijn 23ste officieel geregistreerde niet trail marathon op asfalt (24 als je de ultra van de Two Oceans meetelt). Dat had ik 5 maanden toch écht niet gedacht, en al helemaal niet in de tijd die ik uiteindelijk gelopen heb, 4:21:50. Een tijd die niet alleen heel netjes is, maar voor mijn doen zelfs snel. Hoe komt dat nou zo? Dit is een duidelijk geval van minder is meer. Minder trainen, want laten we eerlijk zijn ik heb minstens drie maanden écht stil gestaan, minder ‘moeten’, want alles wat ik zou doen vandaag was eigenlijk ok als ik maar uitliep, en vooral minder kilo’s, want door het stil staan groeide ik dicht en dat was het zetje dat ik nodig had om even heel serieus wat aan mijn dagelijkse calorieinname te doen. Allemaal factoren die zeker een positieve bijdrage, want ik zie het zeker als een meer dan positief resultaat, hebben geleverd aan vandaag. Alhoewel het minder trainen misschien ietsiepietsie meer had kunnen zijn, dan waren mijn benen misschien iets minder boos geweest nu. Maar de grootse factor van het succes van vandaag waren toch zeker de supporters. De supporters die je letterlijk naar de finish schreeuwen. Daar mag je van vinden wat je wil, maar voor mij?</p>
<p>Voor mij maakt dat Rotterdam voor eens en altijd #demooiste.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 29 Mar 2026 21:55:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Ladiesrun]]></category>
		<category><![CDATA[Valencia]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5591</guid>

					<description><![CDATA[8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn gedachten dwalen verder naar andere onderwerpen. Dwalen af naar Spanje en mijn vrienden in Valencia die ik al bijna 10 jaar niet meer live gezien heb. En dan komen er twee gedachten samen. Wat als ik mijn verjaardag nou gewoon eens in Valencia met mijn vrienden daar vier? En dan lekker overdag paella eten op het strand of zo? Gaan we een lang weekend, even ertussenuit. Met die gedachte val ik in slaap. De volgende dag app ik Mateu, die ik al 40 jaar ken. Of hij wat te doen heeft eind maart. Een paar dagen later is het een feit. Eind maart gaan we een week naar Valencia en eet ik op mijn verjaardag paella op het strand met mijn Spaanse vrienden.</p>
<p>Ik kan op dat moment net weer 5 km lopen maar ga er vanuit dat dat tegen die tijd wel een stuk beter gaat. Ik verheug me er dan ook op om weer door de rivier, over de boulevard en bij de Ciudad de las Artes y Ciencias te rennen, waar ook de marathon start en eindigt. Het is grappig, ik heb 6 jaar in Valencia gewoond en gestudeerd. Toen was het nog een uit de kluiten gegroeid dorp waar geen toerist te vinden was. Ik liep zelf nog niet hard, hoogstens om de bus naar de Universiteit niet te missen, niet in de laatste plaats omdat ik meer ‘s nachts in de discotheek te vinden was dan overdag hollend door de straten. De rivier was een gribusbende van een paar vervallen sportvelden waar vooral junks en daklozen te vinden waren. En van de marathon had ik nog nooit gehoord.</p>
<p>Inmiddels weten we allemaal hoe de stad zich in al die jaren ontwikkeld heeft tot één van de meest hippe steden van Spanje, en heb ik er in 2017 ook de marathon gelopen. En ja, dat was inderdaad de laatste keer dat ik er was en mijn vrienden gezien heb. Zouden ze nu misschien ook een soort running crew hebben? Misschien is er wel een loopje waar we aan mee kunnen doen? Ik Google op ‘Carrera’, ‘Valencia’ en ‘29 maart’. Nee! Het is niet waar! Ik krijg een zoekresultaat met een link naar een hardloopevenement. En niet zo maar een hardloopevenement, het is gewoon een Ladiesrun! De enige die Spanje nog heeft met ongeveer 3.500 deelnemers. 10 km met start om 9:00 naast de rivier. Qua afstand én tijd perfect. Tegen die tijd verwacht ik wel weer 10 km te kunnen lopen én het geeft me genoeg tijd om te lopen, te douchen, om te kleden en na afloop op tijd te zijn voor de paella. 5 minuten later heb ik ingeschreven. Is het al eind maart?</p>
<p>Tegen de tijd dat het écht eind maart is, zijn alle voorbereidingen in volle gang en wordt er van alles geregeld. We hebben een slaapplek, mijn zus en mijn nichtjes komen naar de paella net als een andere goede vriend uit Madrid en mijn beste studievriendin met haar man die ik óók al jaren niet gezien heb. De dagen ervoor zit ook volgepland met etentjes en vooral heerlijk door de stad slenteren, shoppen en natuurlijk rennen door de rivier en bij de iconische gebouwen van de Ciudad de las Artes y Ciencias. We hebben prachtig weer met zon en 20 graden terwijl het in Nederland koud en regenachtig is. Een uitstekende opbouw naar zondag.</p>
<p>De voorpret start met het vrijdag ophalen van mijn startnummer. We krijgen geen medaille bij de finish maar wel een mooi kleurrijk loopshirt. Ach ja, gelukkig had ik nog niet genoeg shirtjes. Maar eerlijk is eerlijk, hij is mooi, van een fijne dunne stof en hij zit mooi. Een stuk beter dan die van de CPC, want dit is tenminste wél een getailleerd damesshirt. Natuurlijk heb ik de rest van mijn outfit er op afgestemd. De rest van de dag en de zaterdag loop ik natuurlijk weer veel te veel rond, wat niet alleen mijn knietje niet zo leuk vindt, maar ook maakt dat ik zaterdagavond een beetje afgepeigerd in bed stap. Gelukkig is het ‘maar’ 10 km. Ik heb nog wel een extra handicap, wat elke keer terug komt als mijn verjaardag in het weekend valt. De zomertijd gaat in waardoor ik niet alleen een uur minder jarig ben, maar ook een uur minder kan slapen. Ik blijf het oneerlijk vinden.</p>
<p>Dat er van slapen die nacht sowieso weinig komt wist ik op dat moment überhaupt niet. De wind draait en maakt dat er een irritante fluittoon te horen is ergens buiten langs het appartement waar we verblijven. Eerst lijkt het nog dat het iets van tocht is, maar na alle ramen uitgeprobeerd te hebben met open en dichtdoen alsmede het laten zakken of ophalen van de zonwering en geen enkel verschil te merken, moet het toch van buiten komen. Uiteindelijk geven we het op en even later gaat de wind dan toch liggen. Het is al laat en de wekker gaat veel te vroeg. Het is zelfs nog donker. Toch ben ik wakker en ga er maar uit. Ik heb alles klaargelegd en ben in no time klaar. Plan was 8:00 de deur uit maar dat wordt 7:45 en omdat we snel de metro hebben zijn we om 8:00 al op plaats bestemming.</p>
<p>Frank is mee en probeert op een paar plekken langs het parcours te staan. Er zitten wat heen en weertjes in dus dat kan prima. Moet hij wel her en der wat heen en weer rennen en daarom heeft hij ook zijn hardloopkleding aangetrokken. Het is kouder dan verwacht want door de gedraaide wind is deze een stuk frisser dan gisteren. Met andere woorden, ik ben blij dat ik mijn jasje aan heb dat ik straks aan Frank kan geven, maar Frank staat te vernikkelen van de kou want die heeft weliswaar en thermo aan, maar wel korte mouwen en korte broek aan. En dan is een uur wachten nog lang. Een uur die ik volmaak met twee keer naar de wc en een foto bij de fotobooth. Een kwartier voor de start loop ik naar het startvak op de brug dat in elk geval in de zon is die inmiddels opgekomen is. Ik trek mijn jasje uit en geef deze aan Frank. Now I am ready to rumble. ‘Niet te hard lopen hé, denk aan je knie!’, roept Frank nog. Ja schat, natuurlijk doe ik dat niet.</p>
<p>Om 9:03 klinkt het startschot, we zijn wel in Spanje hé, dat gaat nooit 100% op tijd, en weg zijn we. Ik zit in startvak 4 maar het loopt in één moeite door. Ik zet een lekker muziekje aan en gaan met die banaan. De eerste kilometer kan ik nog niet goed weg omdat het druk is en de dames voor mij iets minder haast hebben dan ik, maar ik wil niet bij de pacegroep van 60 minuten blijven. Niet in de laatste plaats omdat ik toch wel onder het uur wil proberen te lopen, maar ook omdat ik het vervelend vind om bij zo’n groep te klitten. Bij kilometer twee ben ik er voorbij en krijg ik wat ruimte. We lopen bij mijn oude buurt en door de straat waar ik altijd naar de universiteit liep voor mijn lessen. Aan het eind is het voetbalstadion en het keerpunt voor het eerste heen en weertje. Van daaruit terug naar de rivier en even poseren voor Frank die ik herken aan zijn witte petje.</p>
<p>Natuurlijk ga ik veel te hard, maar mijn knie heeft er geen last van. Ik voel hem wel maar het lijkt wel of het beter gaat als ik sneller loop dan als ik langzaam loop. Bovendien, het is mijn verjaardag, dan moet ik toch een beetje fatsoenlijk lopen? Ik heb het in elk geval niet koud meer. Ik probeer iets rustiger aan te lopen maar kilometer drie klok ik juist sneller. Kilometer vier en vijf maak ik het helemaal bond als ik bijna tegen de 12 km p/u aan zit. Als dit een 5 kilometer race geweest zou zijn zou ik nog wel een tandje harder kunnen gaan, maar nu moet ik toch een klein beetje tactisch lopen. Ik ben pas op de helft. Ik neem dus gewoon even de tijd voor wat water bij de verzorgingspost. Dan kilometer zes en ben ik officieel over de helft en terug bij de rivier.</p>
<p>Ik had Frank gevraagd om te kijken of hij een foto kon maken met de mooie gebouwen op de achtergrond maar als ik zie waar we lopen gaat dat niet lukken. Toch staat Frank braaf te wachten op de goede plek en ik zie hem eerder dan hij mij dus ik trek zijn aandacht door met mijn armen te zwaaien. Hij ziet me en maakt foto’s. Ik heb dan weer niet in de gaten dat hij een stukje meeloopt tot het te laat is en ik hem alweer achterlaat. Nu begin ik een beetje moe te worden en voel niet alleen vannacht en de zomertijd maar ook de afgelopen drie dagen in mijn benen en lijf zitten. Voor mijn gevoel kak ik enorm in maar de kilometertijden blijven rond de 5:10. Nog twee kilometer te gaan en nu moet ik gaan beslissen. Rustig uitlopen of tanden op elkaar en doortrekken. Met andere woorden, ben ik een oude muts van 55 of maakt de Terminator een testrun? </p>
<p>Ik kan het niet laten, wat is nou 2 kilometer? Ik ben toch geen oude muts? Ok, dat ben ik wel, maar dat wil ik niet zijn, dus tanden op elkaar en doortrekken. Alsof de duvel er mee speelt hebben we wind tegen. Desondanks en alhoewel het niet zo voelt, hou ik tempo en finish ruim onder de 55 minuten. Misschien wel symbolisch gezien het feit dat ik 55 jaar geworden ben. Ik realiseer me later pas dat dat waarschijnlijk ook weer een andere hardloopleeftijdscategorie is, dus misschien ben ik ook wel hoog in het klassement geëindigd. Frank staat te wachten en na een flesje water, sportdrank en een blikje Fanta in ontvangst genomen te hebben wil ik heel even bijkomen en kijken of de officiële tijd al beschikbaar is. Dat bijkomen gaat snel, die officiële tijd laat even op zich wachten dus we pakken de metro terug naar ‘huis’ om lekker te douchen en om te kleden. It’s party time!</p>
<p>Party time bij het restaurant waar we met 12 man/vrouw starten met de heerlijkste tapas voordat de paella geserveerd wordt. Originele Valencia versie, met kip, konijn en slakken. De mannen hebben bovendien de boel aangekleed met ballonnen en ik heb een kroon en sjerp omgehangen gekregen. Na de paella komt de taart met kaarsjes op tafel, mag ik een wens doen alvorens ik de kaarsjes uitblaas en krijg ik van iedereen kadootjes. Ik voel me net die uit dat Kinderen voor Kinderen lied. ‘Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd. Iedereen riep Hieperdepiep, ik werd gekust en gekroond en met kado’s overstroomd’! Alleen is het geen droom maar werkelijkheid en ik voel me enorm gezegend met de liefde van al deze mensen, familie, oude vrienden en nieuwe vrienden, die in mijn hart zitten en in wiens hart ik zit, zelfs al hebben we elkaar al bijna tien jaar niet gezien. I feel loved! Na het eten waggelen we naar buiten, nemen we afscheid van elkaar en gaan Frank en ik terug naar het appartement waar we rustig bijkomen van de dag en voorzichtig plan maken voor morgen. Dit was weer een dag met een gouden randje, één voor in de boeken. En morgen?</p>
<p>Morgen gaan we weer aftellen want dan ben ik nog láng niet jarig!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hail de Road through Rotterdam</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 22 Mar 2026 18:04:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvoedsel]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[RMD]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[rotterdam marathon deelnemers]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5585</guid>

					<description><![CDATA[Als je een beetje fatsoenlijke marathon wil lopen zal je toch minimaal één training van 30 km moeten lopen, vind ik. Dat kan op verschillende manieren. Gewoon zelf een rondje doen, ergens een 30 km wedstrijd lopen of met een trainingsloop van de atletiekclub meelopen. Optie 1 is saai, optie 2 leek me in mijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Als je een beetje fatsoenlijke marathon wil lopen zal je toch minimaal één training van 30 km moeten lopen, vind ik. Dat kan op verschillende manieren. Gewoon zelf een rondje doen, ergens een 30 km wedstrijd lopen of met een trainingsloop van de atletiekclub meelopen. Optie 1 is saai, optie 2 leek me in mijn staat niet verstandig en optie 3 gaat me te snel en bovendien ben ik geen lid van een atletiekclub. Dus wat dan wel? Optie 4 dan maar. Je doet de Road through Rotterdam!</p>
<p>Nou heb ik me opgegeven als bezem voor de 6:40 tempogroep samen met Linda, maar het was tot het laatste moment spannend of ik toestemming van mijn knietje zou krijgen om te gaan lopen. Na de CPC vorige week was de vraag of de draak in zijn grot bleef slapen of dat hij vuur ging spuwen. Uiteindelijk trok hij een half oog open maar sliep daarna weer rustig verder, niet in de laatste plaats door drakendoder Bart uit Breda. Wie? Leg ik een andere keer uit. Maar goed, ik kon Marco laten weten dat ik ging lopen vandaag. Worst case scenario, als het niet meer ging kon ik me altijd nog laten afzakken of uitstappen.</p>
<p>Maar voorlopig sta ik vandaag op voor een rustige 30 km. Ik eet wederom een pannenkoek en Frank zet me af bij Van der Valk Blijdorp. Hij rijdt door naar Oostvoorne voor een 10 km trail. We zijn aan het RAT-ten terwijl we de kilometers opbouwen. Running Apart Together. Het is een gezellig weerzien met oude bekenden die ik al lang niet gezien heb. Minstens een jaar, toen ik vorig jaar ook meeliep met de Road. René Simmons is aangesteld als fotograaf en rond 9:30 is het tijd voor onze groepsfoto zodat we om 9:40 kunnen vertrekken. We zijn een klein clubje, met René als pacer, Ingrid als fietser en Linda en ondergetekende als bezem. We hebben 5 lopers bij ons, allemaal dames. René met zijn harem.</p>
<p>Het is prachtig weer en we gaan lekker op pad. De draak in mijn knie slaapt nog maar mijn been trekt een beetje. Iets met een bilspier en een zenuw die in het gedrang zit, en het goud dat de draak aangetrokken heeft. Lees de feitelijke oorzaak van mijn knieproblemen. Maar voorlopig gaat het goed en kan ik het zonder problemen bijhouden. We lopen langs het Vroesenpark door Noord richting Centraal Station en ik doe gelijk dienst als fotograaf on the move. Daarna dwars door de stad waar het gelukkig nog vroeg is en we alleen een paar toeristen storen in de koopgoot. Van daar uit naar de Kubuswoningen waar ik voorstel een groepsfoto te maken. Dat idee wordt unaniem aangenomen. Een van de eerder genoemde toeristen doet dienst als fotograaf voordat we weer verder gaan.</p>
<p>Als we de kubuswoningen uit komen is het even zoeken naar de route en we raken ook Ingrid, onze fietser kwijt. Gelukkig niets dat een belletje naar het hoofdkwartier niet kan verhelpen met de instructie om ons bij de eerste drankpost weer op te pikken. Daarvoor moeten we nog wel even 5 km doorlopen met een lus via Boijmans van Beuningen en de Erasmusbrug. Daar is opnieuw wat verwarring over de route. Omdat we eerder ergens verkeerd gelopen zijn en René niet uit Rotterdam komt heb ik de route ook op mijn eigen klokje maar aangezet. Maar bij de Erasmusbrug kruist de route heen en terug zich. Uiteindelijk weet René dat we langs de Maasboulevard moeten lopen en later via de Erasmusbrug terug. Op naar de Willemsbrug dus. Ik zou hier uit kunnen stappen en lekker op de bank gaan hangen, maar mijn huissleutel ligt in Blijdorp en Frank is nog niet terug. Hé, jammer joh!</p>
<p>Als we de Willemsbrug over zijn hebben we de eerste verzorgingspost waar we Ingrid ook weer oppikken. Ik neem wat water en eet een pindakaasachtige reep. Niet vies maar zeker ook niet lekker. Of dat komt omdat hij officieel over de datum is weet ik niet, maar ik heb energie nodig en hij moet op, en aangezien ik een krent ben eet ik hem dus gewoon op. Na de nodige rustpauze gaan we weer op pad, rondje Noordereiland. Natuurlijk maken we ook nog een foto op de kop met de Erasmusbrug op de achtergrond. Iets wat ook de groep achter ons doet, de laatste die ons inhaalt want de rest is al voorbij. </p>
<p>Vanaf Noordereiland brengt René ons naar de SS Rotterdam. Ik begin nu serieus protest te krijgen van mijn trekkende been maar ik probeer aangehaakt te blijven tot in elk geval de volgende verzorgingspost. Maar ik kan goed merken dat ik niet alleen vorige week de CPC nog in mijn benen heb zitten, maar ook dat mijn spieren de kilometers niet meer gewend zijn. Het doet zeer, niet alleen fysiek maar vooral ook psychisch als ik terugdenk aan dat ik dit redelijk makkelijk kon lopen. Maar das war einmal en ik moet accepteren dat de situatie nu anders is. Frank staat op 17,5 km kilometer. Hij komt even kijken op de terugweg van Oostvoorne naar huis en loopt een paar honderd meter mee. Gelukkig ging het bij hem heel goed. Bij de auto geef ik mijn sleeves aan hem af en zie hem straks thuis weer. </p>
<p>Ik loop nu met enige regelmaat achter de club aan en heb Linda al gewaarschuwd dat ze gewoon door moeten lopen. Op de Erasmusbrug zie ik Natasja ook achterblijven, samen met Ingrid. Ik weet dat ze ook last van haar knie heeft dus misschien wil ze straks met mij aanhaken en samen uitlopen maar iets langzamer. Aan het eind van de Erasmusbrug ga ik via de trap naar beneden zoals de route aangeeft. Ik zie de groep echter tot het eind doorlopen en dan terug, waar ze wachten op Natasja die ook doorloopt. Zo komen we allemaal weer bij elkaar en ik leg mijn plan aan Natasja voor. Nog een kilometer naar de verzorgingspost en daarna rustig met zijn tweeën proberen de 30 km vol te maken. Ze vindt het een goed plan.</p>
<p>Bij de verzorgingspost staat onder andere Marilene en ik drink wat sportdrank en pik een paar dropjes. We vertrekken weer tegelijkertijd maar bij de ingang van de Maastunnel twijfelt René over de richting van de route. Natasja en ik lopen door waardoor we iets voorlopen. Bij het stoplicht pakken we nog meer voorsprong omdat zij ook nog moeten wachten en wij door kunnen lopen, maar uiteindelijk halen ze ons toch weer in. We hebben dan wel 25 km op de teller staan en zijn beiden blij dat we in elk geval al zo ver gekomen zijn. We houden de club in de smiezen terwijl we dribbelen en af en toe wandelen. De draak begint tevens een beetje wakker te worden. Van der Valk komt uiteindelijk weer in zicht maar we zitten ‘pas’ op 27,5 km. We kijken elkaar aan. ‘Gaan we er voor?’ Natuurlijk gaan we ervoor, maar het wordt nog een uitdaging om die laatste 2,5 km vol te krijgen. </p>
<p>Ik laat de route los en we gaan naar de andere ingang van Blijdorp. De meters gaan nu langzaam en als we voor ons gevoel eeuwen later daar zijn, zitten we pas op 28 km. Maar goed, we moeten sowieso terug dus let’s go. We missen nog een kilometer voor de beoogde 30 als we bijna terug zijn dus we doen nog maar een rondje van de zaak én een rondje over de parkeerplaats om uiteindelijk dan toch de 30 km aan te tikken. Correctie 30,30 km want we blijven cijferfetisjist. Dan geef ik Natasja een high five en strompel naar binnen waar iedereen al klaar is. Flesje chocolademelk Proteine die ik vorige week op de CPC gehad heb naar binnen werken en nog heel even nakletsen voor ik afscheid neem en naar de metro wandel. Frank had gezegd om me op te halen maar zo kan hij lekker thuis blijven en ik even uitwandelen. Als ik had geweten dat ik nog een kwartier op de metro moest wachten en bij Oostplein niet kon uitstappen omdat de conducteur niet ver genoeg het perron opreed, en ik dus een halte verder en weer terug moest, had ik anders besloten. Maar goed dat je niet altijd alles van tevoren weet.</p>
<p>Thuis douchen en toch nog wat eten alvorens ik met een icepack op mijn knie op de bank plof. Ik heb de draak getrotseerd, of ik hem deze week weer in slaap weet te sussen moeten we afwachten maar als dat lukt ga ik natuurlijk starten op de marathon. Als er geen rare dingen gebeuren in de tussentijd natuurlijk. En als de draak wel wakker blijft en vuur gaat spuwen? </p>
<p>Tja, dan ga ik er over nadenken.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Het wonder van CPC2026</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 15 Mar 2026 17:57:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5581</guid>

					<description><![CDATA[Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet meer wie ik was en de vraag is of ik het ooit weer ga worden. Voor het eerst in maanden prak ik weer een banaan met een ei in elkaar en gooi er wat cruesli doorheen om een pannenkoek te bakken als ontbijt. Ik vis een gelletje en een stuk ontbijtkoek uit onze ‘hardloopvoedsel’ bak. Beiden zijn over de datum. Tja, als je geen evenementen meer loopt dan krijg je dat.</p>
<p>Ik trek het shirt aan dat ik er bij gekocht heb. Het ziet er mooi uit maar het is net een hobbezak. Maatje L is normaal gesproken prima maar het is een herenmodel want ze hebben geen rekening gehouden met dat er ook dames meelopen, of ze hebben zich er gewoon makkelijk vanaf gemaakt. Sowieso lijkt hij groot te vallen dus hij komt bijna tot mijn knieën. Zucht, dat kan er ook nog wel bij. Frank kijkt Formule I en Max heeft net zo’n slechte dag als dat ik me voel. Als dat maar geen voorbode is. Maar goed, het moet toch gebeuren. Vandaag loop ik mijn eerste evenement weer in ruim vier maanden. Vandaag loop ik de vijftigste editie van de CPC. Althans, ik ga starten.</p>
<p>Ik wil op tijd weg want ik moet mijn startnummer nog ophalen. Frank zal op de boulevard gaan staan om de laatste 5 km met mij mee te lopen. Gelukkig heb ik een kluisje gehuurd, dan kunnen we daar de tas in kwijt. Hopen we, want alhoewel ik een medium kluisje heb kan ik niet meer terugvinden wat de afmetingen zijn. Nou ja, zal wel passen toch? Ik wil om 10 uur de deur uit maar we hebben wat discussie hoe laat de trein nou vertrekt. Ik heb 10:20 in mijn hoofd, Frank denkt 10:30. Ik wil geen risico lopen want ik heb al genoeg zenuwen om laat aan te komen en te moeten haasten. 10:00 de deur uit dus. Eenmaal bij Blaak hebben we allebei gelijk maar pakken toch die van 10:20 ook al moeten we dan overstappen op Centraal. Als we in de trein zitten kan ik eindelijk een beetje ontspannen, alhoewel mijn humeur nog steeds op storm staat ondanks het mooie loopweer.</p>
<p>Bij het Malieveld moeten we nog een heel eind naar de ingang lopen. Oh ja, dat was vorig jaar ook al. Het is heel druk en ik merk dat ik dat ook niet meer gewend ben. Linda is in de kleedkamer voor de dames maar we lopen eerst naar de lockers zodat we niet alleen weten waar die is maar ook of de tas nu past. Als we hem gevonden hebben staan we voor een heel klein lockertje. Noemen ze dit een medium? Met hoe de dag tot nu toe verloopt had ik het kunnen weten. Met proppen past de tas net maar er moet nog de nodige kleding in. Dan maar alle belangrijke dingen er uit halen en die in een ander plastic tasje doen. Dan kan dat straks in de locker en laat ik de grote tas wel in de kleedtent. </p>
<p>We vinden Linda en nadat ik me raceklaar gemaakt heb gaan we nog even naar de wc. We hebben gelukkig tijd en die heb ik nodig want ik heb Frank zijn buff en petje niet uit de tas gepakt dus ik moet terug naar de kleedkamer. Linda gaat op zoek naar haar collega die met Frank zijn startnummer loopt. Als het euvel verholpen is neem ik afscheid van Frank en ga ik naar mijn startvak. Ik heb een knieband gekocht en na wat twijfel of ik hem aan het begin of aan het eind omdoe toch maar aan het begin. Ik heb er 10 km mee getest. Het liep wel lekker maar na 8 km begon hij te irriteren dus waarschijnlijk moet hij halverwege uit. Ik sta nog geen tien minuten in het startvak te wachten en hij irriteert me nu al. Uit dat ding! Dat voelt een stuk beter, misschien zie ik Frank straks nog even langs de kant, dan kan ik hem afgeven. And now, we wait.</p>
<p>Het lijkt eeuwen te duren maar dan komt er toch beweging in de rij en lopen we de straat richting start op. Ik moet zeggen dat deze methode in elk geval beter is dan andere jaren waar het altijd een chaos was om het startvak in te komen. We mogen redelijk doorlopen en ik sta voor mijn gevoel ook redelijk vooraan. Mooi, ik kan alle extra tijd gebruiken. Ik eet de helft van mijn ontbijtkoek en kijk nog of ik Linda ergens zie maar dan moet ik me concentreren op mijn race. Als ik over de startmat stap is het officieel. Ik ben begonnen.</p>
<p>Ik heb Frank beloofd om rustig aan te lopen maar dat was ik toch wel van plan. Ik voel mijn knie en mijn heup en dat valt me een beetje tegen. Ik had gehoopt dat ik net als de afgelopen weken in elk geval pijnvrij kon starten. Maar het is wat het is. Ik kijk uit naar Frank als ik hem inderdaad zie staan. Hij maakt foto’s of filmt, geen idee. Ik grijp naar mijn knieband en geef hem af. ‘Tot straks schat!’ Vanaf nu is het volle concentratie in modus muziek aan en gaan. De eerste kilometer is veel te snel op 6 minuut de kilometer. Nou ja, het is de eerste en die gaat altijd wat sneller. De tweede is echter nog sneller op 5:50. Dat is niet de bedoeling maar voor mijn gevoel loop ik helemaal niet zo snel. Misschien komt het door de afleiding dat de route wat aangepast is. We lopen uiteindelijk wel weer naar het Vredespaleis en er omheen, en ik kijk of ik nog bekenden zie. Dat is niet het geval maar ik word desondanks door menig toeschouwer aangemoedigd. </p>
<p>De eerste vijf kilometer gaan als vanouds snel voorbij en ik loop eerst de mat over voordat ik een bekertje water pak. De drankpost staat precies hier en ik kan nog net water pakken voordat ze overgaan op sportdrank. Ik loop gemiddeld tien kilometer per uur. Niet het rustige aan dat ik Frank beloofd heb maar ik heb het al lang in de gaten. Ik kan gewoon niet langzaam lopen op een evenement. Iedere keer dat ik denk ‘nu ga ik wat rustiger lopen’ is de kilometer uiteindelijk toch weer op 5:45/5:50. Dit is blijkbaar mijn comfortabele pace op dit moment. Of misschien mijn ‘ik heb een pesthumeur’ pace, mijn ‘ik heb al vier maanden niet echt kunnen racen en ben net een koe die na de winter de wei in mag’ pace, of mijn ‘wat zeur je nou, het is eigenlijk perfect loopweer’ pace. Maar ik weet donders goed welke pace dit is. Dit is een ‘ik ben vijf kilo afgevallen’ pace.</p>
<p>Mijn knie blijft zeer doen maar wordt niet erger. En dan komt de gevaarlijke gedachte van mijn innerlijke duiveltje omhoog. Als het dan toch zeer doet en het niet erger wordt, waarom dan niet gewoon zo door blijven lopen en kijken waar het schip strand? Nog voor ik de gedachte afgemaakt heb heb ik al besloten. De dood of de gladiolen. En ik ga altijd voor de gladiolen! Ik blijf dus gewoon lekker doorlopen ook al weet ik dat ik er op korte termijn een prijs voor zal moeten betalen. Maar de CPC was een doel want de vijftigste editie, bla, bla, bla. Dan zien we daarna wel weer verder. Opnieuw een wijziging in het parcours als ik richting de 10 km loop. Ook deze passeer ik met gemiddeld tien kilometer per uur en even los van de pijn in mijn poot gaat het lopen zelf me verbazingwekkend makkelijk af. Ik ben niet moe of buiten adem, dat had ik niet verwacht. </p>
<p>Na het tien kilometer punt ga ik even wandelen en eet de tweede helft van mijn ontbijtkoek. De weg loopt hier een beetje naar beneden dus ik dribbel rustig door. Naar beneden is altijd nog steeds gratis. De kilometers gaan ook nog steeds snel en soepel als ik op 14 km ineens Linda voor me zie lopen. Ik haal haar in en zeg dat ik niet langzaam kan lopen. Zij wel, waardoor zij wel geniet en ik niet. Mijn slechte humeur ben ik al wel vergeten maar genieten doen we op de trails. Op de weg heb ik een doel en dat doel is nu uitlopen. De rekening krijg ik nu toch wel dus ik kan net zo goed alles er uit halen. Ook hier is er nog een wijziging van het parcours en ik kom van een hele andere kant om de boulevard op te lopen. Maakt niet uit, daarboven staat Frank dus daar moet ik naar uitkijken. Die zal wel gaan schelden dat ik me niet aan mijn belofte gehouden heb. Sorry schat, je kan een dier zijn natuur nu eenmaal niet veranderen.</p>
<p>Ik zie hem al snel staan als ik het heuveltje op loop. Hij kijkt naar me uit en ik ga wandelen en zwaai. Hij ziet me en trekt zijn jasje uit. ‘Zo dame, wij moeten even praten’ is het eerste wat hij tegen me zegt. Dat was te verwachten en ik antwoord gelijk dat ik het gewoon niet kan, rustig lopen tijdens een race. Ik ga weer rennen en Frank rent mee die zich gelijk beklaagt dat ik zo snel ga. Ik hou wat in maar niet te veel. Toevallig voel ik nu mijn knie even niet. Het is druk op de boulevard en als we aan het einde komen mogen we naar beneden voor mijn snelste kilometer tijdens deze race. Ik klok 5:33. Oeps. Eenmaal beneden ga ik wel iets rustiger lopen en pak de extra drankpost mee. Bij 19 kilometer begin ik voor het eerst mijn beenspieren te voelen en een beetje vermoeidheid. Tijd voor een laatste stuiptrekking.</p>
<p>Het oude terminatorgevoel komt naar boven en ik blijf rennen. De pijn in mijn knie is terug en ik voel nu ook wel dat hij zich begint uit te breiden. Niet veel en langzaam, maar toch. De grens komt in zicht, maar ook de finish dus nog even volhouden. Ik tel af naar de 20 km want dan is het er nog maar één en ik kan nu écht niet meer stoppen met doorrennen. Frank loopt nog mee tot aan de bocht en gaat er dan af als ik de laatste honderden meters wegwerk. Ik ben superblij als ik over de finish kom. 2:04:41, dat had ik nooit, maar dan ook nooit gedacht toen ik vanochtend opstond. Ik loop door om mijn medaille op te halen en vlak voor de uitgang zie ik een man met een Aafjeshirt staan en Frank op het startnummer. Dat moet Linda haar collega zijn die Frank zijn nummer overgenomen heeft. Dat klopt en terwijl we op Linda wachten praten we wat. Als ze er is gaan we naar de uitgang en zie ik Frank al in de verte bij de lockers die kijkt waar ik ben. Eenmaal elkaar gevonden pakken we onze spullen, kleden ons om en lopen het terrein af. Daar nemen we afscheid van Linda alvorens we in de trein stappen terug naar huis. Lekker douchen en op de bank met een icepack op mijn knie. Misschien dat ik morgen dan wat korting op de rekening van vandaag krijg.</p>
<p>Ongeveer twee maanden geleden zag ik het heel erg somber in. Vanaf daar ben ik voorzichtig een beetje gaan opbouwen en kreeg ik momenten van hoop. Momenten van hoop maar ook momenten van wanhoop als ik weer een terugval had. Maar alles in het teken van in elk geval de CPC. Want, de vijftigste editie bla, bla, bla. Ik heb het niet alleen gehaald maar ik heb gezien de omstandigheden een geweldige race gelopen. Dat is de CPC zoals ik hem ken. Dit is de elfde keer dat ik hem loop en ik heb hier mijn beste en mijn slechtste halve marathon gelopen. En alles ertussenin met een paar huzarenstukjes. Vorig jaar twee weken na de Duinhopper, dit jaar met een knieblessure en nauwelijks training, beiden rond de twee uur. Het moet niet gekker worden. Kan het gekker? Tja, ik heb ook nog een startbewijs voor de Rotterdam Marathon.</p>
<p>Will I be back?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Opkrabbelen</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 09 Feb 2026 18:31:41 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5576</guid>

					<description><![CDATA[Het is nu 3 maanden. 3 maanden van min of meer stilstand. 3 maanden dat ik geen hardloopblog geschreven heb, want waar moet je over schrijven als je niet kan lopen? En de vordering van mijn boek ligt ook stil. 3 maanden waar ik mijn leven serieus onder de loep aan het nemen ben. Want [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Het is nu 3 maanden. 3 maanden van min of meer stilstand. 3 maanden dat ik geen hardloopblog geschreven heb, want waar moet je over schrijven als je niet kan lopen? En de vordering van mijn boek ligt ook stil. 3 maanden waar ik mijn leven serieus onder de loep aan het nemen ben. Want wie ben ik als ik niet kan hardlopen? Niet dat ik mijn complete identiteit afleidt van het hardlopen, maar toch wel een belangrijk deel. Tenslotte ben ik inmiddels al 16 jaar bezig, van 5 km naar 225 km. Maar nu dus even niet.</p>
<p>Dus wat doe je dan? Ik begon natuurlijk met ontkennen. Want na Amsterdam had ik last van mijn knie, ‘maar dat ging na een weekje wel weer over’. En toen duurde het langer dan een weekje. Ik liep al bij de fysio, die adviseerde om terug te schakelen in kilometers. Nou, daar was ik dan wel toe bereid. Even twee weekjes rustig aan en dan kon ik weer gas geven. Dacht ik. Tot het moment dat ik zelf besloot om even een week of twee helemáál niet te lopen. Natuurlijk bleef ik gewoon paardrijden en ach, ik moest toch blijven bewegen dus dan maar wandelen en zwemmen. Was niet helemaal de bedoeling, rust is rust met hoofdletter R. </p>
<p>Ik bezocht een wonderdokter, die kon het nodige voor me doen…, …in de toekomst. Want de focus lag daar op het voorkomen. Het inmiddels ontstane probleem in mijn knie had ik gehoopt op een snelle oplossing, maar zo makkelijk kwam ik er niet vanaf. Zoals de meeste mensen wel hebben meegekregen kon ik het niet langer ontkennen. Ik was officieel  geblesseerd, moest evenementen cancelen en er kwam radiostilte. De Terminator was eindelijk tot stilstand gebracht. Want als je iets doet, moet je het goed doen. Om vervolgens met mijn ziel onder mijn arm rond te lopen. Of beter gezegd strompelen. Gelukkig was het inmiddels december met genoeg afleiding. Afleiding in de vorm van de feestdagen, etentjes, een weekendje weg, verzin het maar. Goed voor het humeur, slecht voor de lijn. Want lekker eten en niet hardlopen is geen goede combi. Voldoende om een oude nieuwe spijkerbroek uit de kast te trekken die ik nét gekocht had vlak voordat ik 23 kilo afviel, tien jaar geleden. Nu was het de enige broek die ik nog met goed fatsoen paste (en nee ik ben niet ineens 23 kilo aangekomen maar heel eerlijk was er de afgelopen jaartjes ook al een en ander bijgekomen). Er moest dus iets gebeuren.</p>
<p>In elk geval een second opinion bij de huisarts. Die wist het niet en verwees me door naar de sportarts. Die verwees me door naar de bewegingswetenschapper, en plande me in voor een foto en een echo. Alles om de oorzaak te achterhalen. De foto was zo gemaakt, voor de echo moest ik wachten tot begin januari. In de tussentijd kon ik wel naar de bewegingswetenschapper. Ik mocht lopen op de loopband waar ik gefilmd werd, ze deed wat testjes en constateerde dat alles eigenlijk wel min of meer ok was. Was er dan niks mis? Vooruit, een zwakke rechterbilspier, old news, en een spiertje in mijn rechterkuit dat raar deed. Ze greep het beet, ik gilde het uit terwijl ik toch een hoge pijngrens heb, waarna niet het spiertje maar nu mijn knie raar deed. Maar per saldo loste het het probleem nog steeds niet op.</p>
<p>5 januari was judgement day. Ik kreeg ‘s ochtends mijn echo en ‘s middags uitslag. Bart, mijn sportarts die ik inmiddels Bart mocht noemen, liet me de foto’s zien en legde de echo uit. De uitslag was onmiskenbaar en keihard. Ik had slijtage in mijn knie. Verkalking van de meniscus. Niets aan te doen, het wordt alleen maar erger. Stortte mijn wereld in? Nog niet. Het was nog niet heel erg en ik kon blijven lopen. Ik moest alleen twee dingen doen. De belasting verlagen en de belastbaarheid verhogen. Ergo minder kilometers en/of langzamer en krachttraining. Dat eerste zou voorlopig geen uitdaging worden, dat laatste daarentegen. En er was nog een quick fix. Oh nee, we hadden geen quick fixes. Iets dat discipline vraagt maar afgezien daarvan wel relatief makkelijk opgepakt kan worden dan. Loose a few pounds. Voor mij misschien wel een grotere uitdaging dan een 100 km maar goed. Wat moet dat moet.</p>
<p>Gelukkig had ik ook nog een klein beetje goed nieuws. Inmiddels had het obsessief bezig zijn met mijn knie, en misschien ook wel de rust met hoofdletter R, er voor gezorgd dat het knietje wat minder liep te etteren. Hij sluimerde op de achtergrond dus ik mocht van Bart een beetje uitproberen met lopen. De grens lag bij waar het pijn ging doen. Waar dat was? Daar moest ik zelf achter komen. Voorzichtig startte ik met 5 km en 9 januari maakte ik mijn eerste rondje weer. Tijdens dat rondje werd duidelijk dat ik behoorlijk had ingeboet aan conditie, loopgewenning, snelheid en kracht. Daar had ik 3 kilo vet voor teruggekregen. Goeie deal toch? Dat was wel het moment dat het tot me doordrong. Ik had nog een lange weg te gaan wilde ik ooit weer 100 km kunnen lopen. Natuurlijk had ik daar wel weer voor ingeschreven want die Great Escape vraagt om revenge. En ook de 200 km van december was al doorgeschoven naar eind dit jaar. </p>
<p>De hamvraag was, had ik daar nog zin in? Had ik zin om weer helemaal opnieuw op te gaan bouwen? Kon ik het opbrengen om weer afstanden te gaan lopen? Had ik mezelf niet beloofd dat ik het anders ging aanpakken vanaf nu? En kon ik die twee zaken met elkaar combineren? Voorlopig had ik een CPC te lopen. Dat was alleen haalbaar als ik minimaal 16 km kon lopen. Dat wilde ik sowieso wel weer opbouwen. Dan was 5 km wel een goede eerste stap, maar zeker nog niet lang genoeg. Anderhalve week later rekte ik dat op naar 9 km. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan. </p>
<p>Vandaag liep ik de beoogde 16 km. Misschien ietwat geforceerd aan het eind en ik zit in volledige onzekerheid of- en wanneer ik weer vrij en onbezorgd rond kan huppelen. Het is work in progress. Ja, ook wat betreft de oefeningen en het afvallen. Natuurlijk ga ik het opbrengen om weer op te bouwen. Zo makkelijk geef ik me niet gewonnen. Bovendien moet ik dat boek nog afschrijven en wil ik blijven bloggen. De Terminator krijgt een upgrade. Tenminste, dat proberen we. Want je weet hoe het gaat met die Terminator. I’ll be back! Een upgrade naar een T-9000 model. Sneller, strakker, sterker. Dat gaat niet vanzelf, daar zal ik het nodige voor moeten doen. Of het gaat lukken weet ik niet, maar we gaan er voor. Als je het niet probeert weet je het niet. Bovendien zit opgeven niet in mijn aard. Zo krabbelen we langzaam weer op.</p>
<p>It doesn’t matter if you fall down. What matters is that you get up again to fight back!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Exit 2025, enter 2026!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 04 Jan 2026 11:52:07 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5566</guid>

					<description><![CDATA[2 januari 2025. Ik ben opgewonden want vandaag begin ik aan mijn nieuwe baan. Het wordt een mooi jaar en ik heb spannende dingen op de planning staan. Een jaar waar natuurlijk weer veel in gelopen gaat worden en een jaar waar ik op dat gebied hopelijk een paar mijlpalen ga halen. We gaan het [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>2 januari 2025. Ik ben opgewonden want vandaag begin ik aan mijn nieuwe baan. Het wordt een mooi jaar en ik heb spannende dingen op de planning staan. Een jaar waar natuurlijk weer veel in gelopen gaat worden en een jaar waar ik op dat gebied hopelijk een paar mijlpalen ga halen. We gaan het zien, ik heb er zin in!</p>
<p>2 januari 2026. Het jaar is voorbij en ik kan terugkijken op wat er van alle plannen terecht gekomen is. Hoe is het vergaan, heb ik mijn mijlpalen gehaald, wat was het resultaat? Hoe is die nieuwe baan bevallen, heb ik mijn loopjes gedaan. Wat heb ik anders gedaan dit jaar en wat is vergelijkbaar? Tradities in ere gehouden of juist gebroken? Laten we terugblikken.</p>
<div></div>
<p>Januari verloopt rustig. Met de Duinhopper op de planning in februari doe ik geen gekke dingen. Heel blijven is het devies met 30 km als maximale afstand. Bovendien vraagt die nieuwe baan ook de nodige aandacht. Gelukkig voelt het al heel snel vertrouwd en ben ik soepel geland voor zover je dat kan zeggen zo’n eerste maand. We maken een paar verkenningsloopjes voor de Duinhopper zodat we weten wat we tegen gaan komen als het gaat om routes, water en eventuele omleidingen.</p>
<p>En dan breekt februari aan. De dagen vliegen voorbij en de spanning stijgt. Alle plannen zijn klaar, even los van last minute wijzigingen. Ik ben enorm opgewonden en zenuwachtig maar heb er ook enorm veel zin in. Op het werk is het nog steeds leuk maar ook hectisch en druk en privé hebben we nog even een verlies te verwerken. Ik neem het allemaal mee als daar de grote dag is. De dag dat we starten op de Duinhopper. Dit jaar ben ik vastberaden om hem uit te lopen. We gaan er voor. De eerste dag begint schitterend. Misschien zelfs wel te warm voor de tijd van het jaar. Wat een verschil met de eerste poging! We lopen relatief soepeltjes en lekker door, onderweg her en der vergezeld door bekende en onbekende lopers. Met de tweede dag hebben we minder geluk want de regen zet gedurende de nacht in en houdt behoorlijk aan. In tegenstelling tot de dag er voor is het koud, nat en winderig. Ja, zo ken ik de Duinhopper weer. Het gaat dan ook een stuk langzamer maar zolang we blijven lopen is het goed. Qua planning moeten we wel een beetje inboeten en we moeten ook meer zoeken. De stemming is een beetje verloren onderweg maar ik ben nog steeds vastberaden. Als we op het punt komen waar ik vorig jaar moest stoppen komt de enige zin die ik uit Frank zijn mond niet had willen horen. Zijn knie doet onverantwoord zeer en hij stapt uit. Ik ga door. Er is geen enkele reden om niet door te gaan voor mij maar het maakt het wel een stuk moeilijker. Ik moet nu veel meer zoeken naar mijn route ondanks dat we hier verkend hebben. Ik ben de eerste kilometers te veel van slag om me te herinneren hoe ik ook alweer om het water heen moet lopen maar uiteindelijk vind ik mijn route en mijn ritme weer. Vanaf Schoorl word ik weer bijgestaan door Mike en Marcel en hoef ik alleen maar achter ze aan te lopen. Hebben we hier verkend? Onder de sterrenhemel herken ik het weer en kan ik zelfs aanwijzingen geven hoe te lopen. Dan nog een klein stukje alleen, wat zich gelijk kenmerkt tot weer zoeken en fout lopen, maar daarna neemt Richard het over en brengt mij uiteindelijk, na de meest bizarre kilometers op het strand bij Petten ooit, veilig naar de finish. Ik heb het geflikt maar weet nu ook hoe het voelt als je leven volledig hopeloos is en je toch door moet.</p>
<p>Enter Maart. Ik heb twee weken kunnen herstellen als de CPC zich aandient. Grootheidswaanzin zou ik het achteraf noemen, op dat moment is het ‘maar’ 10% van wat ik daarvoor gelopen heb. En het gaat verbazingwekkend goed. Zou het supercompensatie zijn? Het moet haast wel want 10 km/u op een halve marathon had ik het jaar daarvoor niet meer voor mogelijk geacht. In maart loop ik ouderwets mee met de Road through Rotterdam want de Rotterdam Marathon dient zich al weer aan en natuurlijk vier ik mijn verjaardag. Op het werk gaat het lekker door en vind ik meer en meer mijn draai.</p>
<p>April is nummer tien. Nummer tien? Hoe bedoel je nummer tien? Nou, tien keer de Rotterdam Marathon. Ik ben dit jaar wat ze noemen ‘aspirant marathon master’ maar mag al wel het speciale shirt aan en het staat op mijn startnummer. Als ik hem uitloop krijg ik ook nog een speldje, wordt gehuldigd op het podium en kom ik in de lijst. Natuurlijk loop ik hem uit, en ook nu heb ik weer ‘last’ van supercompensatie als ik mijn vierde snelste tijd op de marathon ooit loop. Wat een mooi eerbetoon aan Rotterdam om op dit punt zo te kunnen lopen. Niet dat het vanzelf ging, ik maakte de heerlijke fout om veel te snel te starten, maar de marge was er voor de laatste 12 km. Het voelt in elk geval goed en de cirkel is rond. Hoe extra waardevol deze notering is voor de Rotterdam Marathon weet ik dan op dat moment nog niet.</p>
<p>De focus gaat vanaf mei op het najaar. Ingeschreven voor de Trail des Fantomes en The Great Escape moeten er hoogtemeters gemaakt worden. Achtjes lopen op de Rotterdamse Alp als training dan maar. Frank doet het al langer maar ik moet er ook maar aan geloven. Bovendien kruipt het bloed waar het niet gaan kan, heb ik een ernstig geval van geheugenverlies en is de uitspraak ‘dit doe ik nooit meer’ na de Duinhopper zoals gewoonlijk een loze uitspraak als ik me inschrijf voor de 200 km van de Bello Gallico. Frank wil natuurlijk revanche op de Duinhopper volgend jaar, dan ga ik volledig ondersteunen en loop niet mee. Zo kan ik toch nog een eigen uitdaging hebben. Ik krijg tegelijkertijd promotie op het werk en dat is superleuk maar vraagt ook weer meer energie.</p>
<p>We gaan alweer naar halverwege het jaar als we in Juni afreizen naar Normandië waar Frank de Liberation Trail gaat lopen. Ik ga mee als vrijwilliger maar maak natuurlijk ook de nodige kilometers. In  7 etappes werken we ons via Frankrijk en België terug naar Nederland om de iconische route van operatie Market Garden te volgen. Twee weken later rijden we weer richting het zuiden voor een heerlijk weekendje Parijs. Een zonsopkomst run dwars over de Champs Elysees is tegelijkertijd magisch als duivels. Ik bedoel, een lege Champs Elyssees zonder mensen of verkeer tegenover een zwaar chagrijnige echtgenoot die nodig moet maar nergens terecht kan. Achteraf kunnen we er om lachen.</p>
<p>En zo duiken we juli in, waar ik traditiegetrouw naar Spanje afreis voor de verjaardag van mijn moeder en de kilometers in de brandende Spaanse zon maak. Ik ben er aan gewend dus kom maar door. Krijg ik gelijk een mooi kleurtje op het bleke lijf. Mijn vangnet op het werk heeft afscheid genomen dus nu moet ik het alleen doen en dat is toch even wennen. Net als met de Duinhopper. Maar het komt vast goed. Inmiddels zijn we ook zo’n beetje vaste crew bij de Breweryrun en begeleiden we de Summer Edition. Tussendoor bereiden we ons voor op onze vakantie. Dit jaar geen exotische oorden maar een rondreis door Denemarken, wat al langer op mijn lijstje staat. De aftrap doen we met het concert van Iron Maiden in Arnhem, wat in tegenstelling tot tien jaar eerder, enorm goed is. Een goed begin van de vakantie. Vakantie die we doorbrengen rondrijdend in een onbekend, maar heerlijk land. Een land dat op mijn lijf geschreven is als halve autist. Alles is goed geregeld en iedereen houdt zich ook aan de regeltjes. Iedereen? Nee, twee eigenwijze rotterdammers bieden dapper weerstand als we op de fiets tegen het verkeer in door Kopenhagen crossen. Of door het rode stoplicht lopen als er geen verkeer aankomt. Voor de rest gedragen we ons netjes hoor. Ik heb het enorm naar mijn zin, niet in de laatste plaats omdat ik toch ook hier weer een zonsopkomst meemaak bij de kleine zeemeermin. Frank is heel verstandig in bed gebleven dit keer. Maar ook naar mijn zin door het verrukkelijke Deense gebak, de mooie natuur, de bijzondere plekken zoals de samenkomst van twee zeeën, en de gigantische mazzel die we hebben om een eland te zien.</p>
<p>Het is alweer augustus als we via Hamburg terugkomen in Nederland. Niet voor lang, want een dag thuis en daarna gaan we alweer richting de Ardennen voor de Trail des Fantomes. Vorig jaar stapte ik uit, dit jaar ben ik ook hier vastbesloten om hem uit te lopen en dat doe ik dan ook. Een mooie afsluiting want we hebben besloten dat dit het laatste jaar is dat we hem lopen. Niet alleen omdat het mooi geweest is maar ook omdat het te druk wordt en je voor de inschrijving vanaf volgend jaar een abonnement moet hebben. Ach ja, soms moet je eens wat anders doen.</p>
<p>We lopen augustus uit en september in. Mijn lijf begint een beetje te piepen en te kraken. Ik heb al wat langer last van mijn bilspier. Nu heb ik daar altijd wel last van, maar nu begint het een beetje in de weg te zitten en met The Great Escape op de agenda is dat niet handig. Op naar de fysio dus om daar toch wat aan te laten doen. De Fantomes was al een uitdaging alhoewel ik tijdens het lopen nergens last van gehad heb maar nu dus weer wel. We doen rustig aan. Ondertussen neem ik afscheid van mijn rode bolide en ruil hem in voor een blauwe. Bijkomend voordeel, deze heeft een hoge instap wat voor na het lopen toch wel fijn is. Tja, we worden toch een dagje ouder, lees krakkemikkiger. Op Frank zijn 60ste verjaardag lopen we ook nog de Tunnelrun en mogen we 10 km over de nieuwe A16 met de Rotterdam Running Crew! Maar eerst tijd voor The Great Escape. 100 km klimmen en dalen. Ik weet dat The Great Escape eigenlijk over het randje van mijn kunnen is maar ik ben nu eenmaal een beetje eigenwijs. Bovendien is dit een hele andere route en het deel van de The Great Escape dat we nooit eerder gelopen hebben dus leuk. Ik hou van nieuwe dingen. Het wordt een beetje een drama. De klimmetjes zijn mega klimmen, wat zeg ik, oneindige klimmen. Niet te doen. Frank haakt af bij 50 km. Ik wil nog door naar de volgende post op 62 km maar met inzettende regen, de berichten dat de laatste 5 km spekglad zijn en 020 op het programma neem ik geen risico. Of is het gewoon een gevoel van hopeloosheid dat me besluit om op 56 km te bellen om me op te laten halen? Achteraf vraag ik me af waarom ik in godsnaam uitgestapt ben.</p>
<p>Met die gedachte begin ik aan oktober. Mijn poot blijft etteren maar oktober is een drukke hardloopmaand met de Oktoberfest editie van de Brewery run, de Pegasus trail, de halve van Urk en de marathon van Amsterdam. De Pegasus trail blijkt ook weer episch als ik midden op de hei op 37 km een gigantische hagelbui op mijn kop krijg. Natuurlijk. Trailen is leuk! Op naar Urk dan maar. Deze zou ik samen met Deborah lopen maar die kan even niet dus valt Frank in. Twee rondjes van tien, rechts, links, links, links, links, links, links, links en dan over de dijk naar de finish. Met een mooi shirt en een nog leukere medaille. En natuurlijk een visje na afloop. Volgend jaar doen we hem weer en dan wél met Deborah. Nog twee keer thuis lopen en dan ga ik het doen. Ja, echt waar! Ik ga in 020 lopen, de marathon van Amsterdam. Want ik vind dat ik die toch een keer gelopen moet hebben en als ik het dan toch ga doen, dan maar de 50ste editie. Het is mooi weer en ik ga de eerste helft als een speer. Stom, stom, stom, de tweede helft stort ik in, doet alles zeer vooral mijn knie en strompel ik naar de finish. Ik ben verbaasd dat ik nog enigszins rond de 4,5 uur loop maar dat dit avontuur nog een hele lange staart krijgt weet ik op dat moment nog niet. De rest van de week doe ik rustig aan, op een concert van Volbeat na dan, maar die knie blijft pijn doen. Ben ik dan eindelijk over mijn grens gegaan?</p>
<p>Het antwoord krijg ik in november en is een volmondig ja! De knie is dik, stijf, pijnlijk en zit vol met vocht. Mijn fysio is alleszins amused en ik weet dat het mijn eigen stomme schuld is. Toch blijf ik lopen zei het rondjes van 5 km, en pak ik nog een medaille in Gouda, ‘want die hadden we nog niet’. De Bello komt er aan en ter voorbereiding ga ik nog bezemen in Oostvoorne. Ik begin me toch een beetje zorgen te maken en hou me vast aan de woorden van mijn fysio die aangeeft dat ik in 5 weken prima zou kunnen herstellen. Ik ben er niet gerust op, klamp me vast aan hoop maar besluit halverwege de maand toch maar te stoppen met lopen en algehele rust te nemen. Ik zoek tevens mijn heil bij een wonderdokter die een hoop goed doet in mijn lijf en me leert hoe ik in de toekomst blessurevrij kan lopen maar de knie is hardnekkig. Dagelijks ben ik geobsedeerd met die knie. Hoe gaat het, gaat het beter, wordt hij al dunner en minder stijf? Hoop doet leven en de wens is de vader van de gedachte maar diep in mijn hart weet ik het al. Het is foute boel. Zekerheidshalve ga ik nog naar de huisarts, die verwijst me door naar de sportarts, die verwijst me door naar de bewegingswetenschapper, röntgenfoto en echo. Alleen…, de feestdagen komen er aan en het duurt allemaal erg lang. En ik weet, dit gaat niet op tijd goed komen.</p>
<p>Voor december heb ik dan ook de stekker er uit getrokken. Geen Oostvoorne en zeker geen Bello! Voorlopig even helemaal niks. Eerst weten wat er aan de hand is en zolang er vocht in zit is het niet goed. Dan begint het lange wachten. De bewegingswetenschapper ziet in principe niets raars, op een zwakkere rechterheup en bilspier na maar dat wisten we al en ik krijg oefeningen mee. Ook manipuleert ze een spiertje in mijn kuit maar alhoewel dat niet goed zat is het niet het magische wonder voor de oplossing van mijn knie. De foto wordt gemaakt maar op de uitslag moet ik wachten tot januari als ook de echo is gemaakt. Ik stort me op het vrijwilligen, zowel bij Oostvoorne als de Bello. Dat loopt ook anders als Frank, die 100 km op de Bello loopt, valt en zijn enkel ernstig verzwikt. Tot 3:00 ‘s nachts in het ziekenhuis in Leuven blijkt het gelukkig niet gebroken maar met de staart tussen onze benen gaan we vroegtijdig naar huis, samen de lappenmand in. Het weekendje naar Keulen laten we doorgaan als afleiding, maar voor Frank is het een opgave. Mijn knie gaat wel iets beter nu ik helemaal niets meer doe, maar helemaal overgaan doet het niet. Duurt lang. Te lang, dus ik waag het er op om toch met hardloopkleding het jaar uit te gaan en 2,5 km te rennen. Het gaat maar het is ook weer nét genoeg. Oud en nieuw vieren we traditiegetrouw met vrienden, spelletjes, oliebollen en het nationale vuurwerk. Exit 2025, enter 2026.</p>
<p>Zo zie je maar weer, de plannen die je aan het begin van het jaar hebt kunnen totaal anders zijn aan het einde van het jaar door onvoorziene gebeurtenissen. Daarmee ook de plannen voor 2026 beïnvloedend. Want we staan ingeschreven voor de CPC 50ste editie en het is nog maar de vraag of we die kunnen lopen. Net als de Rotterdam Marathon. Verdere hardloopplannen staan alleen nog maar met potlood. Revanche op The Great Escape en mijn voor nu doorgeschoven Bello 200 km. Ook Frank zijn Duinhopper is al van de baan, dat gaat hem zeker niet worden. Die moet überhaupt nog maar afwachten wat nu precies de schade is want de dokter heeft pas half januari tijd. Ondertussen zien we iedereen lekker buiten spelen, van de sneeuw genieten en plannen maken voor 2026.</p>
<p>Zitten we nu in een depressie? Nee want het is wat het is. Loslaten is mijn thema voor 2026. Loslaten van strakke schema’s, loslaten van het moeten en loslaten wat ik niet kan veranderen. Van daar uit kijken we wel weer verder en nemen we het met de dag. Carpe Diem, geniet van elke dag, koester wat je hebt, heb geen spijt van de beslissingen die je neemt want op dat moment was het voor jou altijd de beste beslissing anders had je hem niet genomen, en wees dankbaar voor alles wat je kan en mag doen. En vooral…</p>
<p>…dat 2026 maar weer een fantastisch jaar mag worden!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wonderdokter &#8211; final chapter</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-final-chapter/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-final-chapter/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 22 Nov 2025 10:17:20 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Hardloopinformatie]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5544</guid>

					<description><![CDATA[Ik ‘mag’ nog één keer. Waarschijnlijk mag ik nog honderd keer, maar goed, de bedoeling is nog één keer. Ik weet wederom niet wat me te wachten staat. Ik heb niet veel kunnen ‘oefenen’ in anders lopen en ik vind het verdomde moeilijk om de juiste snaar te pakken te krijgen. Bovendien doet mijn knie [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Ik ‘mag’ nog één keer. Waarschijnlijk mag ik nog honderd keer, maar goed, de bedoeling is nog één keer. Ik weet wederom niet wat me te wachten staat. Ik heb niet veel kunnen ‘oefenen’ in anders lopen en ik vind het verdomde moeilijk om de juiste snaar te pakken te krijgen. Bovendien doet mijn knie nog steeds zeer, al is het af en aan. De dag ervoor nog bij de fysio geweest, die wist me te vertellen dat mijn rechtervoet vast zat. Dat klopt wel.</p>
<p>Dat is dan ook het eerste wat ik Franklin vertel als ik binnen ben. En alhoewel de bedoeling is dat we vandaag veel gaan oefenen met het lopen kan hij het niet laten om de rechtervoet eventjes beet te pakken en die nog los te maken. Eventjes. Franklin en ik zitten in hetzelfde time space continuum wat dat betreft, want zijn eventjes duurt net zo lang als dat ik tegen Frank zeg dat ik eventjes een 5 km rondje ga lopen. Of nog eventjes de kamer wil stofzuigen. Of eventjes een was in de wasmachine wil gooien. We zijn dan ook weer bijna een uur verder als ik dan toch maar mijn hardloopschoenen aantrek en we naar buiten gaan.</p>
<p>Ik mag nu tot het einde van de straat rennen en weer terug. Franklin observeert en geeft me na afloop weer aanwijzingen. Het blijft verrotte moeilijk, maar stapje voor stapje en beetje bij beetje doe ik af en toe iets goed. Het is gewoon een onmogelijke opgave om niet na te denken en alleen met afleiding lukt het af en toe. Oh nee, afleiding is ook niet goed want dan denk ik nog steeds na. Opnieuw krijg ik kortsluiting en ik vraag me af of dit niet stiekem een complot van het verzet is tegen de Terminator om me langzaam maar zeker te herprogrammeren zodat ik overstap naar de andere kant. Of heb ik nu teveel fantasie?</p>
<p>Ik loop eindeloos heen en weer en probeer van alles uit. Dan ineens schijn ik het te hebben! Het voelt als een toevalstreffer want ik heb geen flauw idee wat ik heb gedaan en hoe. En dat is nu precies de truc. Ik moet er namelijk niet over nadenken. Na weer ruim een uur is het weer genoeg geweest en gaan we weer naar binnen. Ik heb het heel even gevoeld, nu moet ik zien hoe ik dat gevoel weer terugvind en vasthou. Maar de hamvraag is natuurlijk, wat nu?</p>
<p>In principe is het nu klaar en is het aan mij maar ik blijf met het gevoel dat ik meer nodig heb. Gelukkig kan dat. Fascia zit in lagen in je lijf. Eén voor één loop je die los. Volgens Franklin is het hardlopen zelf een massage, bij iedere pas kom je verder los. We spreken af dat ik over twee weken laat weten hoe het gaat en over een week of 4 nog een vervolgafspraak maak. Om verder te oefenen, om de puntjes op de i te zetten, om hindernissen uit het trailen te bespreken zoals heuvels en dergelijke. Want trails is toch anders dan asfalt. Tijd om naar huis te gaan. Ik wil niet weg, ik durf niet zo goed om het nu zelf te doen. Franklin heeft me een fiets gegeven, op de fiets geholpen, heeft me vastgehouden terwijl ik mijn eerste meters fiets, geeft me een duwtje in de rug en nu moet ik zelf fietsen. Maar ik heb angst voor het fietsen zonder zijwieltjes. Gaan we weer, ik wil te snel en moet geduld hebben, loslaten. ‘Trust the proces’, zeg ik tegen mezelf, iets dat ik nog heel vaak zal herhalen de komende periode.</p>
<p>Want er is nog wel een lange weg te gaan en de knie werkt niet mee. Of is het mijn hoofd? Die heeft misschien nog wel de meeste moeite met het loslaten en de quick fix wordt omgezet naar een totale winterrevisie en groot onderhoud. Ik zal verder gaan met oefenen en een ander uitgangspunt gaan nemen met het lopen, zowel fysiek maar vooral ook mentaal. Stoppen met ‘moeten’, stoppen met forceren, stoppen met alles te willen controleren en starten met ontspannen lopen en de boel gewoon lekker loslaten. Kan ik dat? Natuurlijk wel, de Terminator krijgt een upgrade, evolueert, gaat van een stugge T-800 naar een flexibele ‘kanzichaanallesaanpassen’ T-3000. Uiteindelijk.</p>
<p>I’ll be back!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-final-chapter/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Gouda: Deze is voor Bart</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 11 Nov 2025 21:28:29 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5532</guid>

					<description><![CDATA[Toen vriendin Linda me drie weken geleden vertelde dat ze 10 km in Gouda ging lopen dacht ik nog bij mezelf: ‘Leuk, misschien loop ik wel mee!’ Meestal probeer ik bij een loopje altijd wel de langste afstand te lopen, wat in het geval van Gouda een halve marathon zou zijn, maar ik had al [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Toen vriendin Linda me drie weken geleden vertelde dat ze 10 km in Gouda ging lopen dacht ik nog bij mezelf: ‘Leuk, misschien loop ik wel mee!’ Meestal probeer ik bij een loopje altijd wel de langste afstand te lopen, wat in het geval van Gouda een halve marathon zou zijn, maar ik had al bedacht dat ik het na The Great Escape-Urk-Amsterdam even iets rustiger aan wilde doen voordat in December de Bello zich weer zou aandienen. Careful what you wish for zeggen ze wel eens, want ik wist toen niet dat ik het noodgedwongen héél rustig aan zou moeten doen. Maar goed, 10 km leek een prima plan. Naarmate de dagen verstreken, en de omvang van mijn rechterknie groeide tot inmiddels formaat watermeloen, gooide ik die 10 km maar overboord. Gelukkig had ik nog niet ingeschreven.</p>
<p>Vriendin Linda wist nog van niks en appte nietsvermoedend of ik nog ging lopen. Vriend Bart had een startbewijs voor de 10 km maar had een week eerder de hardloophanddoek voorgoed in de ring gegooid. Verdrietig nieuws want hij tobt al heel lang met zijn longen maar is fervent hardloper. Maar wat niet gaat, gaat niet meer. Opnieuw noodgedwongen moest ik in elk geval nee zeggen. Deed het pijn? Ja, het deed pijn. Maar zelfs ik kan bedenken dat je soms, héél soms, moeilijke keuzes moet maken. Na een snelle blik op de website zag ik een uitweg. De 10 km start gelijk met de 5 km, en 5 km ‘mag’ ik wel lopen. En als je geen stuk taart mag en alleen een koekje maar het een koekje is of niks, dan maar een koekje toch? Dus toen vriend Bart appte of ik zijn startbewijs wilde hebben kon ik voorzichtig ja zeggen. 5 km op rustig tempo. Maar wel iets anders dan een rondje brug, een gelegenheid om de vriendjes te zien én een stukje bling. Ik teken er voor.</p>
<p>Ik wil er op tijd zijn om een pannenkoek te eten van tevoren maar we hebben laat ontbeten en ik heb nog geen trek. We rijden dus pas om 12:00 weg en lopen om 12:30 richting de sociëteit waar het startnummer opgehaald moet worden. Bart en Linda komen ook die kant op. We zijn mooi een uur van tevoren, daar hou ik van. Ik heb een hekel aan haasten. Als we bij de sociëteit aankomen zien we echter een rij van hier tot Tokio. De entree is dan ook heel smal en we moeten helemaal naar het einde van de straat én de hoek om lopen om aan te kunnen sluiten. Dat wordt nog spannend. Niet veel later zijn Bart en Linda er ook. Gelukkig lijkt de rij wel te bewegen maar voor een aantal mensen die de halve lopen gaat het te langzaam. Uiteindelijk zijn we aan de beurt en als we het startnummer hebben is het nog maar 10 minuten tot de start.</p>
<p>We lopen naar het plein waar we Marilene treffen en in tegenstelling tot het ophalen van het startnummer staat er bij de wc’s geen rij. Misschien wel omdat iedereen nog bij de startnummer staat. Hoe dan ook, we kunnen nog rustig plassen, een paar foto’s maken en klaar gaan staan. Bart en Frank letten op de tassen en moedigen aan. Dan wordt er afgeteld en gaan we van start. Ik loop heel rustig voor mijn doen en probeer de adviezen van de wonderdokter te volgen (lees binnenkort de avonturen met de wonderdokter). Dat valt nog niet mee maar met mijn concentratie daar op gericht en de muziek op de achtergrond ben ik in elk geval niet met het parcours bezig. </p>
<p>Ik krijg de route dan ook maar vaag mee, en ook alleen maar omdat we hier net gereden hebben en we ons afvroegen of hier de route zou lopen. Ja dus. We lopen het centrum uit en er langs om er na 4 km weer in te duiken. Voor de 10 km moeten ze twee rondjes lopen en ik ben nu al blij dat ik er maar één hoef. Het is stiekem best warm en ik heb medelijden met de lopers in lange broeken, lange mouwen en zelfs jasjes aan. Ik wist beter met mijn korte broek en shirt korte mouwen. Ik voel de buitenkant van mijn knie en na 3,5 km begint de binnenkant ook zeer te doen. Gaat lekker zo. Ik loop niet eens hard en ben ook nog niet ver. Misschien ligt het aan de ondergrond of aan mijn experimentele lopen. </p>
<p>Eenmaal weer richting de Markt in het centrum valt het me ineens op dat alle winkels dicht zijn en vraag me af of dat altijd zo is of vandaag vanwege de wedstrijd. Ik mag nog een half rondje om de kerk heen en dan ben ik er alweer. Officieel loop ik met een 10 km nummer en ik ben vergeten door te geven dat ik de 5 km loop maar dat zullen ze wel door hebben denk ik zo. Vlak voor de finish hoor ik mijn naam. Marja staat er met haar camera en aangezien ik toch geen haast heb draai ik me om, loop even terug en kom opnieuw aanlopen voor de foto. Iets soortgelijks gebeurt vlak na de finish als Frank klaar blijkt de staan. Stukje terug en juichend voor de foto. Zo word je nou genept waar je bij staat.</p>
<p>Ik neem de medaille in ontvangst en voeg me bij Frank en Bart. Nog even een foto bij de kaaskar en dan lekker iets droogs en een trui aan om op Linda en Marilene te wachten die aan het tweede rondje begonnen zijn. Als ook zij binnen zijn praten we nog even na en blijven dan niet te lang hangen. Ik heb nog een pannenkoek tegoed maar besluit eerst terug naar Rotterdam te rijden en hem daar te eten. Daarna naar huis, douchen en omkleden want we krijgen nog bezoek.</p>
<p>Misschien was dit wel een van de meest rare loopjes van de afgelopen jaren. Het startnummer overgenomen van Bart omdat hij niet kon lopen maar zelf geblesseerd dus maar 5 km in plaats van 10 km op een rustig trainingstempo. </p>
<p>Het voelt een beetje als dat de lamme de blinde leidde, maar Bart, deze was voor jou en ik heb het startnummer met eer gedragen!</p>
<p>Foto: Marja Baas</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wonderdokter III</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-iii/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-iii/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 09 Nov 2025 09:55:06 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Hardloopinformatie]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5527</guid>

					<description><![CDATA[Wat volgt is een week van verwondering. ‘Kijk Mama, ik kan mijn rug buigen en met mijn handen op de grond’, ‘kijk Mama, ik kan mijn nek ronddraaien zoals dat meisje in de exorcist’, en ‘kijk Mama, ik kan me omdraaien in bed zonder kreunen en steunen’. Zelfs mijn paardrijinstructrice is het opgevallen dat ik [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Wat volgt is een week van verwondering. ‘Kijk Mama, ik kan mijn rug buigen en met mijn handen op de grond’, ‘kijk Mama, ik kan mijn nek ronddraaien zoals dat meisje in de exorcist’, en ‘kijk Mama, ik kan me omdraaien in bed zonder kreunen en steunen’. Zelfs mijn paardrijinstructrice is het opgevallen dat ik in de galop zo netjes ontspannen in het zadel blijf zitten. Ik kan het bijna niet geloven en check de hele tijd of het echt zo is. Met mijn knie is het nog steeds kut, maar dat klopt ook wel. Hij helpt me met de oorzaak, niet met het probleem. Dat heeft gewoon tijd nodig. De rest van de problemen aan het been voelen wel een stuk beter.</p>
<p>Als een klein kind voor Sinterklaas tel ik af tot het weer vrijdag is. Ik moet wel werken die dag dus eerst naar de zaak en dan ‘s middags vrij genomen en met de auto richting Utrecht. Dit keer mag ik gelijk aan de bak, na heel even evalueren hoe het afgelopen week gegaan is. Hardloopkleding aan en naar buiten. Gelukkig is het droog en zonnig. We beginnen natuurlijk met hoe het niet moet als ik laat zien hoe ik normaal gesproken loop. Ok vooruit, een klein beetje aangepast want ik heb de hele week al stiekem een beetje geoefend met anders lopen. Dat werkt natuurlijk niet als je maar de helft van het instructieboekje leest en dan de boel aan de praat probeert te krijgen, vandaar dat ik toch het ‘zo moet het niet’ krijg.</p>
<p>Eerst luisteren Sas! Dat kon je vroeger als kind ook al niet. Franklin doet een aantal dingen voor, legt een aantal dingen uit en dan mag ik het gaan proberen. Tjee, wat is dat moeilijk zeg! Het lijkt alsof ik het niet snap maar daar ligt het niet aan. Ik denk er te veel over na en dat is nu precies mijn grootste probleem. Ik moet niet denken, ik moet voelen. Maar hoe doe je dat, voelen? Franklin doet zijn best en probeert het als een geduldige ouder bij een moeilijk kind elke keer op een andere manier. Bij elke oefening neemt mijn brein het na twee passen gelijk weer over. Ik voel me als een kind met twee linkerbenen die moet leren lopen en in feite is dat ook zo.</p>
<p>Daarnaast heb ik een andere uitdaging. Ik wil alles te snel doen. Maar het moet langzaam, langzamer, langzaaaaaaaaaamst. Ik wil niet langzaam, ik wil Tina Turner. You see, I never ever do nothing nice and easy. Maar goed, ik doe mijn best en probeer het toch. Sloffen, iets anders kan ik er niet van maken. Het grootste drama ontvouwt zich als ik moet huppelen. Niet omhoog maar naar voren, niet snel maar langzaam, niet strak en efficiënt maar los en wiebelend, niet in een rechte lijn maar heen en weer. Ik krijg volledige kortsluiting en mijn brein weet totaal niet meer waar ik mee bezig bent. Als ik dat tegen Franklin zeg krijg ik een compliment. Dat is namelijk precies de bedoeling. Gelukkig, doe ik toch nog iets goed!</p>
<p>Dan hoor ik in datzelfde brein een klik. Hé, wat was dat? Een brainwave? Ik leg uit dat ik met tandenpoetsen oefen met op één been staan en dan in mijn heupen hang. Dat is het! Ik moet in mijn heupen hangen. Fijn, nu heb ik iets waar ik mee kan werken. Nu is staan en in een heup hangen iets anders dan hangend in de heupen proberen hard te lopen, maar dat is iets dat we kunnen oefenen. Ik ben blij dat we na een uurtje klaar zijn. Ik hou er niet van om iets te moeten doen waar ik niet goed in ben. Toch heb ik een aantal inzichten gekregen waarvan ik nog niet weet hoe ik ze ga oplossen. Het woord ‘controlfreak’ schiet door mijn hoofd en ik realiseer me dat ik dat los moet gaan laten samen met minder denken en meer voelen. Dit wordt de grootste uitdaging in mijn leven en ergens vind ik het zonde om mijn brein niet volledig te gebruiken. Ik ben er juist zo goed in, in dat denken. ‘Balans Sas’, hoor ik mijn moeder zeggen. Ja, ja.</p>
<p>Binnen herinner ik hem er aan dat ik nog steeds last van mijn knie heb, nog wat spanning tussen mijn schouderbladen voel en dat er nog wat met mijn voeten gedaan moest worden. En dus prikt hij nog eens her en der, gaat er ijs over mijn been waarbij ik leer dat ik afgelopen week ook nog eens verkeerd gekoeld heb, en stel ik hem nog een paar vragen die ik heb. Dan is de sessie voorbij en zijn we toch al weer ruim twee uur verder. We spreken af voor de derde, en laatste, sessie die niet op vrijdag kan omdat hij dan weg is. Het wordt dinsdag eind van de dag. Het voelt alsof ik nog lang niet klaar ben. We gaan het zien.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-iii/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wonderdokter II</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-ii/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-ii/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 09 Nov 2025 09:53:31 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Hardloopinformatie]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5525</guid>

					<description><![CDATA[Om exact 15:00 bel ik aan. Ik was op tijd van huis gegaan maar ben onderweg gestopt voor een broodje en probeerde mezelf onbewust nog te saboteren door in de verkeerde metro te stappen. Want ergens diep in mijn hart vind ik het ‘gedoe’ en hang ik liever op de bank op mijn vrije dag. [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Om exact 15:00 bel ik aan. Ik was op tijd van huis gegaan maar ben onderweg gestopt voor een broodje en probeerde mezelf onbewust nog te saboteren door in de verkeerde metro te stappen. Want ergens diep in mijn hart vind ik het ‘gedoe’ en hang ik liever op de bank op mijn vrije dag. Maar ja, ik wil ook weer lekker lopen en daar zal ik wat voor moeten doen. De sessie zal twee uur duren dus ruim voor het avondeten weer thuis. Vooruit dan maar.</p>
<p>Franklin ontvangt me heel vriendelijk, biedt me wat te drinken aan en ik neem plaats aan tafel. Ik vertel nog wat over mijn case en hij legt me zijn theorieën uit. De Fascia, het uitgebreide netwerk van bindweefsel dat alle spieren, botten, en organen omhult, ondersteunt en met elkaar verbindt. Het functioneert als een soort &#8216;wetsuit&#8217; dat structurele integriteit biedt en net zoals het vlies van een sinaasappel het fruit bij elkaar houdt. Fascia zorgt ervoor dat structuren soepel en in lange lijnen samenwerken. Volgens zijn theorie ontstaan pijntjes en blessures als de fascia niet goed functioneert.</p>
<p>Daarnaast heeft iedereen een eigen natuurlijke, ontspannen en optimale vorm van bewegen, ook met hardlopen. Dat komt door het verschil in sterke ketens en tegenketens. In de tegenketens is de fascia los en soepel. Deze lijnen geven ruimte aan de sterke ketens, die fascia-lijnen staan strak waardoor ze snel reageren en het lichaam in een vorm duwen. De juiste vorm is per type anders. Er zijn vier types. Het wetsuit van het type 1 trekt de onderrug hol en loopt als Dafne Schippers en Arjan Robben met vrij gestrekte knieën op de voorvoet. Het type 2 wetsuit trekt de bovenrug juist bol (borstbeen laag) en loopt laagfrequenter als Abdi Nageeye en Lieke Klaver op de midvoet met gebogen knieën. Bij type 3 trekt de wetsuit de rug bol, laagfrequent maar met een laag staartbeen en gestrekte knieën zoals Femke Bol en Jutta Leerdam. Een type 4 wetsuit trekt de bovenrug hol (borstbeen op), loopt hoogfrequent als Kelvin Kiptum en Koen de Jong, met gebogen knieën op de midvoet. Als je weet welk type je bent en op de juiste manier beweegt zou je praktisch nooit meer ergens last van hoeven hebben en zelfs beter, sneller en verder kunnen lopen dan je ooit gedaan hebt.</p>
<p>Dat klinkt als bonuspunten. Franklin gaat drie dingen voor me doen. Bepalen welk type ik ben, mijn fascia-tegenketens losmaken, me leren hoe ik het zelf kan losmaken en hoe ik volgens mijn type het beste kan bewegen. Als gevolg daarvan is de verwachting dat mijn blessure snel verdwijnt als de spreekwoordelijke sneeuw voor de zon. Klinkt ook goed. Let’s do this.</p>
<p>Ik heb dus een type 3 wetsuit. Na een paar testjes merk ik ook hoe het daadwerkelijk voelt om een type drie te zijn. Een diesel, maar dat wist ik al. Advies, lopen als een zoutzak. Oftewel, vergeet alles wat ik ooit geleerd heb als hardlooptrainert. Geen core-stabiliteit en alles losgooien. Ok, het is iets genuanceerder dan dat, maar vooral lopen vanuit mijn onderlijf want daar zit mijn kracht. Hoe? Dat leer ik later. We zijn inmiddels bijna een uur verder als ik op een stoel mag plaatsnemen. Tijd om de boel los te maken. Alles zit met elkaar verbonden dus zachtjes drukken op een willekeurige plek heeft effect op een andere plek. En waar zit nou mijn probleem?</p>
<p>Het is een puzzel. Soms reageert mijn lichaam heel heftig, op andere plekken gebeurt er niets. De verbazing is groot, want zitten al mijn problemen en pijntjes op rechts, blijkt dat het enorm vast zit op links. Hmmm, misschien toch niet zo’n verrassing want had mijn masseuse ook niet ooit een keer zoiets al geroepen? Er is in elk geval veel werk aan de winkel om alles los te krijgen. We zijn dan ook twee uur verder als hij eindelijk bij het pijnlijke been aankomt.</p>
<p>Tussendoor doe ik vast wat bewegingsoefeningen. Lopen, vooruit en achteruit, in verschillende standen van mijn bekken, armen en bovenlichaam om me het verschil te laten voelen. Ik word heel even emotioneel als ik enorme ontspanning in mijn heupen voel. Die zitten blijkbaar al zo lang vast dat ik niet meer wist hoe ontspanning voelde. Dan weer in de stoel om verder te werken aan het zere been. Met adviezen over koelen met ijs en een ontdekking van spanning in mijn nek en kaken. What the fuck?! Zoveel spanning in mijn kaken niet te filmen. En dan voel ik ze loskomen. Halloooooooooo.</p>
<p>Na ruim drie uur ronden we af. Mijn voeten moeten nog gedaan worden maar dat bewaren we voor de volgende keer. We praten nog heel even na en maken een afspraak voor volgende week voordat ik naar huis ga. Ik krijg ook nog advies mee om het rechterpootje goed te koelen de komende dagen. In de trein op weg naar huis voel ik pas hoe moe ik ben en voel spierpijn in mijn nek en schouders en een lichte hoofdpijn opkomen. Franklin had me al gewaarschuwd dat dat kon gebeuren. Er is zoveel losgekomen, dat moet ik allemaal verwerken, maar het rechterpootje voelt nu al een stuk beter. Ik ben benieuwd naar volgende week.</p>
<p>Life will never be the same.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/wonderdokter-ii/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
