<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Wedstrijdverslagen | Op weg naar de marathon</title>
	<atom:link href="https://www.opwegnaardemarathon.com/category/wedstrijdverslagen/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.opwegnaardemarathon.com</link>
	<description>The road to the finish!</description>
	<lastBuildDate>Sun, 04 Oct 2026 19:23:58 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.1.3</generator>
	<item>
		<title>Anita goes Zeeland: Gold cats run the coast</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/anita-goes-zeeland-gold-cats-run-the-coast/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/anita-goes-zeeland-gold-cats-run-the-coast/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 04 Oct 2026 19:17:30 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[10 km]]></category>
		<category><![CDATA[AnitaActiveRunningTeam]]></category>
		<category><![CDATA[anitanederland]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[TeamAnita]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5935</guid>

					<description><![CDATA[Het is kustmarathonweekend. En niet zomaar een kustmarathonweekend, maar een kustmarathonweekend met Anita! Een weekend waar ik al lang naar uitgekeken heb. We worden uiterlijk om 14:00 bij B&#38;B Meerzee verwacht, de B&#38;B van Femke, ook een Anitalady. Toch staat mijn wekker vanochtend al om 6:15. Ik moet eerst nog naar de Frans-Belgische grens voor [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Het is kustmarathonweekend. En niet zomaar een kustmarathonweekend, maar een kustmarathonweekend met Anita! Een weekend waar ik al lang naar uitgekeken heb. We worden uiterlijk om 14:00 bij B&amp;B Meerzee verwacht, de B&amp;B van Femke, ook een Anitalady. Toch staat mijn wekker vanochtend al om 6:15. Ik moet eerst nog naar de Frans-Belgische grens voor de uitvaart van een dierbare collega die heel plotseling overleden is. De uitvaart begint om 10:30, en het is ruim twee uur rijden, vandaar mijn vroege wekker. Het is heftig en emotioneel maar geeft ook een stukje afsluiting van de afgelopen twee weken waarbij ongeloof, verdriet en stress de overhand gehad hebben. Hoe gek het ook klinkt, het is dan ook fijn om iets positiefs en vrolijks te hebben na deze weken, dan kan ik het een plek gaan geven.</p>
<p>De weg naar Zeeland gaat binnendoor met veel opgebroken wegen, stoplichten en een stukje file, maar om 14:37 parkeer ik mijn auto voor de deur. Ik val met mijn neus in de boter, of liever gezegd in de lunch want die staat klaar. Gelukkig maar want van eten is sinds vanochtend vroeg niet veel terecht gekomen. Na een fijn weerzien, een kop soep en twee broodjes moeten we ons al gaan omkleden want we moeten naar de start. Wij zitten in Vrouwenpolder en de run, de ladiesrun welteverstaan, is in Zoutelande, toch zo’n 15 km verderop. Met, naast Marjon en Yade, zijn we acht vrouw sterk, ik, Deborah, Frouke, Jeanique, Joyce, Rochelle, en Nikita en Sas maken het stel compleet. Die laatste twee kende ik nog niet maar dat duurt gelukkig niet lang.</p>
<p>Eenmaal de auto’s geparkeerd wandelen we richting start/finish waar Marjon ons laat zien waar we morgen gaan vrijwilligen. Bij de Cheerzone op de dijk, de laatste 500 meter van het parcours. Beneden aan de andere kant van de dijk ligt het strand en de zee, die er prachtig bij liggen, opgefleurd door het licht van de stralende zon. Daar moéten foto’s gemaakt worden. Ik denk gelijk terug aan het strand tijdens de Beaches etappe van de Liberation Trail en ik hoop zondag, als ik ook een stuk over het strand ga lopen, dat ik dan ook mooie plaatjes kan maken. Met Nikita, Sas en Deborah, en Yade in onze kielzog met de grote camera, lopen we de trap af naar beneden voor een minifotoshoot. Niet te lang want we willen nog naar de wc en de start duurt niet zo lang meer. We hebben mazzel want de rij bij de wc is niet lang. Het wachten is op Jeanique. Niet alleen is zij lopend naar de start vanwege haar marathontraining, ook gaat ze een gooi doen voor het podium. Als ze er is is het al bijna tijd en terwijl zij vooraan start loopt de rest via de tent naar achteren om aan te sluiten in het startvak. Er is ook een 16 km trail, die start 10 minuten voor ons. Als die weg zijn, zijn wij aan de beurt en 10 minuten later gaan we van start.</p>
<p>De eerste meters zijn door de straat en het is smal en druk waardoor we niet snel kunnen. Dat is helemaal niet erg, we hebben geen haast en proberen bij elkaar te lopen. Daarna gaan we de dijk op en van de dijk lopen we het strand op. Het strand dat vooral uit mul zand bestaat en slechts een klein en zeer nat strookje aan de kustlijn. Ik loop voorop met Sas en Nikita, Frouke en Deborah lopen samen en Joyce en Rochelle ook. We proberen ze in de gaten te houden en bij te blijven maar het is lastig. Na een paar kilometer zijn we ze in feite kwijt, niet in de laatste plaats omdat we om de haverklap tussen de palen op het strand door moeten. Supergaaf voor de foto, enorm in de weg voor het lopen. Het maakt de boel onoverzichtelijk en je wordt de hele tijd uit je ritme gehaald. Niet dat we haast hebben maar toch.</p>
<p>Ik voel het mulle zand aan mijn benen en besluit langs de kustlijn te gaan lopen waar het iets harder en vlakker is. Het gevolg is steevast niet alleen natte voeten en sokken, maar sowieso natte en zanderige benen door het opspattende water. Ach, ik ben wel wat gewend en als ik de boel niet al te veel wil forceren loopt dit toch fijner. Bovendien, als de boel eenmaal nat is maakt het toch niet meer uit. Ik loop met Sas en Nikita op en af, dan loop ik weer iets voor, dan lopen zij weer iets voor en we wachten op elkaar. Het lopen valt me wel steeds zwaarder, het is een lang stuk over het strand. Ik ben dan ook heel blij als we na 5 km het strand af mogen én dat we een waterpost hebben.</p>
<p>Het strand wordt ingeruild voor duinen, die beginnen met een lekkere klim omhoog via een trap. Daarna is het golvend op en af terwijl aan onze rechterhand de zon aan zijn gouden uur begonnen is. Het ziet er prachtig uit, wat zou ik nu graag een fotoshoot doen! Maar ik moet doorlopen. Op kilometer 7 beginnen mijn bovenbenen serieus te protesteren. Twee weken geleden zit er nog in én misschien gisteravond ook nog. Omhoog doe ik dan ook maar gewoon wandelen, omlaag is gratis dus dan kan ik nog wel rennen. De dames lopen nu iets voor me uit maar ik hou ze in de smiezen. Weer iets meer dan een kilometer verder gaan we weer een trap af om opnieuw op het strand te lopen. Het is nu veel rustiger en de strook met hard zand lijkt ook iets breder dus ik kan nu zonder hele natte voeten doorrennen.</p>
<p>De laatste kleine kilometer is weer van het strand af en omhoog, en ik heb serieus medelijden met de marathonlopers morgen. Dan heb je 40 km gehad en krijg je dit nog. Misschien mijn plan om hem volgend jaar te willen lopen toch nog even bijstellen. Ik zet mijn tanden op elkaar voor de laatste 500 meter, het punt waar we morgen zullen staan, en als ik de dijk afloop naar de straat hebben de meiden op me gewacht. Samen lopen we naar beneden, krijgen nog een leuk vlaggetje en leggen we de laatste meters naar de finish af. We krijgen onze medaille als ik zie dat er 9,8 km op mijn horloge staat. Dat kan natuurlijk niet en Sas en ik (Sas en Sas), lopen nog twee rondjes om de kerk om hem vol te maken. Nikita had haar horloge al uitgezet. Een split second later ben ik ze echter kwijt en loop dan maar naar Marjon en Yade die bij de finish staan. Dan kom ik ze daar wel weer tegen.</p>
<p>Als ik daar ben krijg ik het heel koud en begin te trillen. Ik val bijna flauw en bedenk me dat ik iets moet eten. Marjon wijst me richting de snackbar. Dat is niet alleen verder lopen dan ik dacht maar het duurt ook heel lang voordat ik mijn broodje kroket krijg. Ik loop snel terug terwijl ik hem opeet en voel me een stuk beter. Eenmaal terug is de rest ook gefinisht en Jeanique is, na wat verwarring, als derde uitgeroepen. Niet de enige verwarring want het was de bedoeling dat we tegelijkertijd en als groep zouden finishen dus we hadden even moeten wachten. Heb ik dus effe gemist. Shit, ik voel me lullig want ik had beter moeten weten maar ik kan er helaas niks meer aan doen. We rijden terug naar de B&amp;B waar ik snel onder de douche spring. Als de rest ook klaar is komen we beneden samen waar Femke wat hapjes en bittergarnituur klaargemaakt heeft. We halen ook nog een snack bij de snackbar en als iedereen uitgegeten is duiken we lekker het bed in. Morgen krijgen we een verrassing!</p>
<p>De wekker gaat om 7:00 want om 8:00 krijgen we ontbijt. Ontbijt dat uitstekend verzorgd is. Gisteren konden we al aangeven wat voor ei we wilden. Voor de rest is het buffet heel erg gevuld en kan ik zoals gewoonlijk niet kiezen wat ik wil eten. Ergo, ik eet alles. Na het ontbijt vertrekken we richting Middelburg voor onze verrassing. We worden verkleed in traditionele Zeeuwse klederdracht voor een fotoshoot. Hoe cool is dat? Er is hilariteit alom en natuurlijk kopen we gelijk de nodige souveniertjes. Na de shoot hebben we wat tijd voor onszelf wat vooral besteed wordt aan een beetje shoppen, koffie drinken en hééé, ze hebben hier een chocoladewinkel met ambachtelijke bonbonnetjes. Natuurlijk scoren we ook authentieke zeeuwse bolussen. Geen idee wanneer ik die moet gaan eten maar ze gaan in de tas. Neem ik ze wel mee naar huis morgen. Dan is het tijd en moeten we aan de bak.</p>
<p>We rijden terug naar Zoutelande en melden ons in de wedstrijdtent. Daar krijgen we een hesje, een fluitje, consumptiebonnen en een meer dan gevulde goodiebag met snacks en hebbedingetjes. Maar goed dat ik met een grote tas naar Zeeland ben gekomen, ik heb bijna een tweede koffer nodig. Dan krijgen we uitleg wat er van ons verwacht wordt. 2 dames moeten bij de kabeldrempel op het parcours gaan staan om de lopers er op te wijzen dat ze niet struikelen of vallen. 4 dames staan boven aan de dijk bij de oversteek en de laatste 2 doen hetzelfde maar dan beneden aan de straat. Dat moet wel lukken. Bovendien is het prachtig weer dus we hebben niet te klagen. We verdelen ons en maken afspraken over wisselingen en dan is het wachten op de eerste lopers. Dat duurt niet al te lang en we zien en horen de winnaars finishen.</p>
<p>We wisselen om de drie kwartier. Ben ik bij de oversteek op de dijk samen met Joyce begonnen, mag ik nu naar de straat. Inmiddels is het een stuk drukker geworden met lopers die de finish bereiken. Ik zie zelfs een paar bekenden finishen en ook Gaby komt voorbij. Ik heb het te laat door, ze is al voorbij voor ik er erg in heb. Als het tijd is om naar de drempel te gaan loop ik eerst even langs de tent voor wat te drinken. Ik meld me daarna weer boven en gebruik mijn vlaggetje om de lopers te wijzen op de drempel. Ondertussen kijk ik uit naar Marcel en Marcella. We zijn bijna 4,5 uur onderweg dus ik verwacht ze elk moment. Dan word ik aangesproken door een dame in het Duits. Er ligt iemand op de grond met hevige kramp, of de EHBO kan komen. Ik ren naar de oversteek waar ze met z’n vieren staan en vraag Deborah of ze de EHBO kan waarschuwen zodat ik terug kan naar mijn plek en Joyce niet alleen hoeft te staan. Terwijl ik terugloop zie ik ineens de rug van Marcella en kan nog net Marcel roepen voor een schouderklop. Shit, heb ik ze in feite net gemist, zal je net zien.</p>
<p>Ik neem mijn plek weer in en in de tussentijd is de dame met kramp weer in beweging. Gelukkig maar want de EHBO geeft aan mensen met kramp niet te kunnen helpen. Ik wijd me dus maar weer gewoon verder aan mijn taak tot het weer tijd is om afgelost te worden. We passeren de 5 uur en dat beginnen we echt te merken aan de deelnemers. Het veld dunt uit en de lopers hebben het zwaar. We doen ons best om ze te blijven aanmoedigen. Ineens zie ik Michel Groesbeek lopen. Ik spreek hem aan en hij herkent me uiteindelijk en we maken samen een foto. Dan gaat hij gauw weer door want de finish wacht, maar niet te lang. Vanaf tien voor zes wordt het spannend want om zes uur gaat de finish toch echt dicht. De laatste lopers passeren en dan is het tijd voor de écht laatste loper die gevolgd wordt door niet alleen een bezemfiets maar ook een groep doedelzakspelers. Het levert mooie plaatjes op.</p>
<p>Als iedereen binnen is verzamelen we en geven onze hesjes en fluitjes weer af in de tent. We krijgen nog een broodje rookworst van de organisatie en een ijsje van Marjon en dan rijden we terug naar de B&amp;B waar Femke pasta voor ons heeft gemaakt. Dat doet ze normaal gesproken niet maar voor ons heeft ze een uitzondering gemaakt. Het smaakt allemaal prima. Als we na het eten nog een Moordoku hebben, gemaakt door Femmeke, de dochter van Frouke, en een potje sjoelen waar zelfs twee prijzen te vergeven zijn is de dag helemaal compleet. Niet in de laatste plaats omdat ik de tweede prijs, een doos met authentiek Zeeuws zout, gewonnen heb. Is dat ene potje per jaar sjoelen op Oud en Nieuw toch nog ergens goed voor. We gaan daarna lekker op tijd naar bed want het was een lange, enerverende maar vermoeiende dag en ik wil morgen de zonsopgang zien en een rondje lopen.</p>
<p>Ga ik het doen? Ja ik ga het doen. Ik heb de wekker op 6:15 staan maar ben eigenlijk om 6:00 al wakker. Voorzichtig en heel zachtjes om Rochelle en Joyce niet wakker te maken kleed ik me langzaam aan. Ik neem de tijd, niet alleen om zachtjes te kunnen doen maar ook omdat het eigenlijk nog donker is en ik het goed moet timen zodat het licht genoeg is al ik het bos- en duingedeelte in ga. Ik heb een route gekregen maar omgedraaid zodat ik de eerste 4 kilometer over het asfalt loop. Ik sta exact om 6:30 beneden en pak een banaan die Femke speciaal op mijn verzoek gekocht heeft gisteren. Ik stap naar buiten. Het is fris maar niet koud. Ik ben niet de enige vroege vogel, de buurman stapt in zijn auto en rijdt weg. Ik ga op pad.</p>
<p>Het is even goed kijken dat ik de juiste kant op loop. Ondanks dat het nog nacht is, heb ik genoeg licht van de maan om te kunnen zien. Nog een teken dat ik een nachtmens ben, ik kan namelijk redelijk goed zien in het donker. De route leidt me over een weg en fietspad dat er verlaten bij ligt. Heerlijk zo alleen op de wereld. Dan moet ik over een onverhard pad tussen twee heggen door om weer op asfalt uit te komen. Als ik na 4 kilometer bij het bos ben is het al licht aan het worden en kan ik gewoon zien. In het bos springen de herten links en rechts weg en ik hoor ze burlen want het is het seizoen. Hoe gaaf is dat? Het lijkt wel een hertenkamp maar dan in het groot. Dan hoor ik een korte blaf van een hond en het duurt even voor ik door heb dat het een hert is. Een stukje verderop denk ik nog een hert te zien. Ik maak een foto en denk dan dat het misschien toch gewoon een struik en een halve boom is. Als ik twee stappen heb gezet springt hij weg en is het toch een hert. Een hert met een groot gewei. Ik ben gelukkig.</p>
<p>Ik loop nu langs een water en aan het einde moet ik er omheen om het duingebied in te gaan. De zon begint zich nu echt wel aan te kondigen als ik de oranje gloed aan de horizon zie. Tegen de tijd dat ik boven op de duinen sta laat hij zich echt zien en vergaap ik me aan het prachtige uitzicht. De zon, de duinen en de mist die er boven hangt. Ik blijf foto’s maken. Mijn telefoon piept dat ik de lens schoon moet maken maar het is gewoon de mist die een vertekend beeld geeft. Ik loop weer verder en kom weer in het bos. Daar kom ik een man tegen, de eerste. We maken een praatje, met name over de schoonheid van het gebied en de ochtend. Het blijkt ook een rotterdammer die om 5:00 in de auto gestapt is om hier te wandelen en foto’s te maken. Na wat ik net gezien heb geef ik hem geen ongelijk als er weer een hert wegspringt een stukje verderop.</p>
<p>Ik ga weer verder en moet weer even zoeken. Een kilometer verder ben ik weer in de duinen en naast de hertjes en reeën springt er ook een verloren haas voor mijn voeten weg en hoor ik de vogels fluiten. Ik moet klimmen en het smalle paadje boven aan de duin zorgt voor natte voeten. Het is het gras en de dauw die er aan hangt. De zon klimt steeds hoger en dan is de wereld niet meer alleen van mij als ik langzamerhand meer en meer wandelaars tegen begin te komen. Het mag de pret niet drukken, de grote koperen ploert zorgt ook nu door de mist heen voor mooie plaatjes. Dit maakt de verloren zonsopgang van twee weken geleden ruimschoots goed. Ik kom langs het bezoekerscentrum, en als ik het bos weer in duik zie ik weer meerdere herten lopen.</p>
<p>Ik maak een lus en loop nu in tegengestelde richting. Ik heb de zon nu aan mijn linkerhand die vol oranje de hemel kleurt. Hoe heette dit gebied ook alweer? Oranjezon toch? Ik snap hem helemaal. Ik stap een klein heuveltje op en zie gelijk weer een paar herten. Mijn camera krijgt ze moeilijk te pakken, de zon overheerst. Als ik verder loop kom ik een dame tegen die ook aan het genieten en fotograferen is. We maken een praatje en ik vraag haar om een foto van mij te maken. Werkt toch beter dan als ik het zelf moet doen. Ik ren weer door, ga weer een hoek om en kom de volgende verrassing tegen. Een kudde koeien in de mist tegen de zon in. En weer sta ik stil om foto’s te maken. Ik kan mijn geluk niet op, wat een kadootje is dit! Ochtendstond heeft goud in de mond zeggen ze ook wel. Even later staan er nog een paar schapen en dan zijn mijn muntjes op. De zon schijnt nu fel, de mist is opgetrokken, er lopen her en der wandelaars en de weg van mul zand is vlak. Het enige dat ik niet gezien heb zijn de konikspaarden, maar je moet altijd iets te wensen over houden toch?</p>
<p>De laatste kilometers leiden me naar het strand. En net als ik denk dat ik alles gehad heb, net voordat ik door het hek het laatste stukje naar het strand op moet, hangt er nog een heel klein vleugje magie in de lucht en staat er een hert in het laatste restje mist. Hij burlt en blaft naar me, staart me aan, poseert voor me en hupt dan heel gracieus weg, mij enigszins melancholisch achterlatend omdat ik weet dat dit soort momenten uniek en ongrijpbaar zijn. De afdruk op mijn telefoon is slechts een schim van wat ik zojuist ervaren heb. Ik ga door het hek en ren het strand op dat er ook mooi bij ligt. Het zijn de laatste kilometers van deze route. Er ligt wat hard zand aan de kustlijn maar lang kan ik er niet van profiteren want het buigt af terwijl ik richting uitgang moet. Daar waar het zware mulle zand ligt. Maar ik moet door anders mis ik het ontbijt. Ik ga toch al een half uur later terugkomen dan gepland, maar het is het me meer dan waard geweest.</p>
<p>Na het strand ben ik weer in het dorp en op het asfalt. Deborah appt of alles goed gaat, de lieverd, en ik ga mijn laatste kilometer in. Als ik om 9:20 de B&amp;B weer binnenstap is de rest net klaar met het ontbijt en maken langzaam aanstalten om naar huis te rijden. Ik spring snel onder de douche na dit waardige afscheid van een geweldig weekend en eet nog rustig op mijn gemakje mijn ontbijt terwijl we onderling ook afscheid nemen. Als iedereen weg is krijg ik nog een zacht gekookt eitje van Femke en dan loop ik ook naar boven om mijn spullen te pakken. Ik zeg Femke gedag en rij naar huis waar ik na de was, het opruimen en de boodschappen rustig op de bank nog eens door alle foto’s heen ga om na te genieten. Morgen moet ik weer aan het werk, morgen gaan we weer over op de orde van de dag, maar voor nu?</p>
<p>Voor nu mag ik nog heel eventjes in Zeeland zijn met de meiden van Anita…</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/anita-goes-zeeland-gold-cats-run-the-coast/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>The Great Escape: I’m back!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 28 Sep 2026 19:07:41 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Heuveltraining]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5930</guid>

					<description><![CDATA[The Great Escape 100. Of eigenlijk 105 km, met 4200 hoogtemeters, in 22 uur, met relatief weinig training, een zeurende knie en al ruim anderhalf jaar niet verder gelopen dan 55 km. Bovendien komt The Great Escape voor mij uit de categorie dat ik altijd in mijn achterhoofd heb dat ik er eigenlijk nét niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>The Great Escape 100. Of eigenlijk 105 km, met 4200 hoogtemeters, in 22 uur, met relatief weinig training, een zeurende knie en al ruim anderhalf jaar niet verder gelopen dan 55 km. Bovendien komt The Great Escape voor mij uit de categorie dat ik altijd in mijn achterhoofd heb dat ik er eigenlijk nét niet goed genoeg voor ben. Nét even een tikkie te zwaar, nét iets te veel hooi op mijn vork, nét iets boven mijn hoofd. En toch trap ik er iedere keer weer in en schrijf me in, met de illusie dat het de volgende keer makkelijker zal gaan. Zo ook deze keer, want nadat we vorig jaar uitstapten en de volgende dag zoiets hadden van ‘waarom zijn we in vredesnaam uitgestapt’, gaan we het toch weer doen. En zoals altijd met de gedachte, ‘ik ga gewoon starten en dan zie ik wel hoe ver ik kom.’</p>
<p>Na drie weken vakantie maar een zware week op kantoor heb ik vrijdag gelukkig vrij om mijn spullen klaar te leggen. Hoef ik zaterdag alleen nog maar naar de bakker om een broodje en een koek te halen. Plan is om om 11:00 weg te rijden maar ik wil het liefst iets eerder. We spreken af om na het ontbijt gewoon spullen te pakken en te gaan, en per saldo is het toch al 10:45 als we richting Luxemburg gaan. De reis gaat soepel en we zijn dan ook rond 14:00 in Clervaux waar het hoofdkantoor en morgen de finish is. We hebben mazzel en er rijdt net iemand weg van de parkeerplaats, net als vorig jaar. Terwijl we parkeren zien we Monica en Jaber staan en ook Olav en Leonie komen net aanlopen.</p>
<p>Eenmaal binnen mogen we gelijk aanmelden en de verplichte gearcheck doen. Ik moet mijn jasje en beker laten zien, Frank zijn lamp en ook zijn jasje. Daarna krijgen we onze tracker en startnummer en dan is het wachten. Wachten op het vertrek van de bus die ons naar de feitelijke start zal brengen, terwijl we met bekenden kletsen, een broodje eten en alles nog eens checken. Hoe verdeel ik mijn eten over mijn racevest, heb ik mijn stokken bij me, wat zit er in de dropbag en wat in de tas bij de finish? Wanneer heb ik eventueel mijn zonnebril nodig en zal ik die buff in mijn broekzak stoppen of gewoon achter in mijn vest? Als ik alles precies zo heb zoals ik het hebben wil ga ik nog één keer naar de wc en dan is het tijd voor de briefing en vertrek. Hier zullen we het mee moeten doen.</p>
<p>Het is mooi weer. Vorig jaar hadden we een regenbuitje maar dit jaar hebben ze beloofd dat het droog blijft. Eigenlijk is het perfect weer, zonnetje, niet te warm, niet te koud. We hebben niet veel tijd voordat het 18:00 is, maar even snel plassen en een selfie met de gang kan altijd. Ik ben Frank kwijt want ondanks dat we afgesproken hebben om apart te lopen wil ik wel een startkusje. We lopen apart want samen zijn we langzamer. We hebben allebei onze sterktes en zwaktes en als we samen lopen, lopen we op elkaars zwaktes en verliezen we tijd. En ik verwacht alle tijd nodig te hebben.</p>
<p>Om exact 18:00 wordt er afgeteld en gaan we van start. Mijn grootste zorg is of mijn knie het gaat houden. Ik heb al de hele week een zeurderig gevoel en meer last dan normaal, maar zodra ik begin met lopen voel ik hem nauwelijks. Alsof de opwinding van het lopen van The Great Escape bij voorbaat al endorfine aangemaakt heeft en de boel verdooft. Mij hoor je niet klagen, houden zo. De eerste kilometers gaan omlaag en dat loopt lekker weg ook al hang ik gelijk een beetje achteraan, mijn normale plek op dit soort loopjes. Dan komt het eerste klimmetje waar ik vorig jaar gelijk al op liep te schelden. Gek genoeg loop ik nu makkelijk omhoog en vraag ik me af waar ik vorig jaar zo moeilijk over deed. Misschien was het in mijn gedachten erger (ik denk het niet), komt het door de vakantie (zal zeker helpen), of schelen die kilo’s écht in het omhoog lopen (waarschijnlijk de beste verklaring). Opnieuw, mij hoor je niet klagen, slechts ietwat gefrustreerd door het feit dat ik snellere stappen maak dan de mensen achter mij maar die mij toch op de een of andere manier inhalen. Misschien lijkt dat maar zo of heb ik gewoon kortere benen? Nou ja, het is wat het is en uiteindelijk moet ik mijn eigen race lopen. Ik zwaai nog even naar de fotografe die op de weg zit en dan gaat mijn focus naar de eerste VP op 23 km.</p>
<p>Het zijn altijd die eerste kilometers. Vooruit, ook de laatste maar vooral de eerste. Als ik eenmaal aan het lopen ben is het goed en als ik voorbij de eerste VP ben zit ik er lekker in. Maar eerst moet ik nog die eerste 23 km door. De cut off is om 22:51 dus in principe genoeg tijd. We zijn in het licht gestart en alhoewel ik het altijd zo lang mogelijk uit probeer te stellen kan ik rond de 15 km écht niet meer zonder licht lopen. Ik ben niet de enige die het uit wil stellen maar we moeten er allemaal aan geloven. Omdat het droog is heb ik gelukkig geen last van de mist die zich altijd in mijn lichtbundel vormt en ondanks dat er weinig maanlicht is kan ik af met de middelste stand. Scheelt weer batterij. In de nacht valt ook nu weinig te zien. Ik loop op stukken die ik totaal niet herken van vorig jaar en een paar stukjes waarvan ik denk ‘oh ja, dat was hier’. Zo ook een dorpje met een camping en een bruggetje dat we over moeten. Dan moet ik even kijken of ik nu de weg rechtdoor of rechts moet hebben. Een man achter mij heeft hetzelfde als blijkt dat we iets naar links omhoog langs een oevertje moeten. Nu weet ik het weer.</p>
<p>Dan kom ik aan op het eerste checkpoint waar Olav en Leonie zich net klaarmaken om weer te vertrekken. Sandy is er en de ruimte is leuk aangekleed met nepkippen, eenhoorntjes en kabouters. Daar waar bij de Bello zo rond de kerst altijd een opblaassneeuwman staat, staat nu een opblaaspinguin voor Halloween bij de ingang. Ik laat een foto maken. Morgen zal ik zelf als een pinguïn rondlopen dus dat is wel toepasselijk. Eenmaal binnen maak ik gelijk mijn shit in orde. Dat wil zeggen, ik neem geen risico en hang mijn klokje gelijk aan een lader, ik check mijn drinken en dump de lege papiertjes van eten en ga even naar de wc. Dan ga ik op zoek naar cola en kijk of ze nog iets lekkers te snacken hebben liggen. Het worden partjes sinaasappel en paprikachips. Er hangt een scherm waar je de deelnemers kan tracken en ik kijk of ik Frank zie. Die loopt op een paar kilometer maar wel helemaal achteraan. Ik hoop dat hij binnen is voordat ik weer vertrek.</p>
<p>Alhoewel ik me altijd voorneem om niet te lang te blijven hangen bij de verzorgingsposten gaat de tijd snel en duurt het altijd langer dan ik wil of denk. Als ik uiteindelijk helemaal klaar sta om te vertrekken check ik nog een keer waar Frank is. Nog twee minuten wordt me gezegd dus daar wacht ik nog even op. Als hij binnen is geef ik hem een kus en ga weer door, ik heb mijn tijd écht nodig. Hij haalt me vast ergens wel weer in. Ik duik de nacht weer in, nu met mijn stokken in de aanslag. Het eerste stuk heb ik nog zonder gelopen maar ik kan me herinneren dat er nu wat meer klimmetjes komen. Desondanks heb ik nog steeds het idee dat ik veel makkelijker loop dan vorig jaar. Ik heb voor dit tweede deel ook een muziekje aangezet. De volgende post is op 43 km dus dat is ook 20 km. Lekker overzichtelijk. Frank heeft een briefje gemaakt met de afstanden en cut off tijden maar met het regelmatig pakken van mijn GPS handheld ben ik die verloren want die zat in dezelfde zak. Nou ja, volgens mij was de volgende cut off 3:30 en heb ik bijna anderhalf uur speling.</p>
<p>Ik loop lekker door, mijn knie houdt zich koest, de muziek doet zijn werk, het is droog en een prima temperatuurtje en de klimmetjes vallen me 100% mee. Wat wil een mens nog meer? Ik snap steeds minder waarom ik vorig jaar uitgestapt ben. Ik eet een ietwat taai stukje ontbijtkoek want doordat ik door mijn mond adem droogt de boel een beetje uit. Ik heb het ook best warm en kijk voor de gein eens naar mijn hartslag. Die zit op 160 slagen per minuut. Ik schrik een beetje, dat is best hoog. Ik hou het een tijdje in de gaten maar ik voel me prima en als ik wandel zakt hij ook weer snel. Het zal wel goed zijn en ik maak me er verder niet druk over. Ik kom door een dorp en zie een stuk of zes lopers langs de kant die bij Hayo zitten. Die zit op de grond en ziet er niet goed uit. Ik vraag of ik kan helpen maar de hulp is al onderweg. Omdat ik verder niks kan betekenen loop ik maar door. Ik hobbel nog een paar kilometer door en dan drink ik mijn waterzak leeg. Geen paniek, ik zit inmiddels op 42 km en de post is op 43 km. Toch? Niet dus, die zit pas op 46 km. Bovendien komt er een heel erg lang gemeen stuk van continue omhoog. En als je denkt dat je er bent moet je nog verder omhoog. Het is ook nog eens een heen en weertje en de lopers die er geweest zijn komen je tegemoet, alleen zij mogen naar beneden en ik moet omhoog. Dit stuk zat er vorig jaar zeker niet in!</p>
<p>Olav en Leonie lopen langs en zeggen gedag terwijl ik mezelf naar boven worstel. Ondanks dat ik lekker loop voel ik het nu al wel in mijn bovenbenen. Ik was al voornemens om toch iets van krachttraining te gaan doen hierna, dus ik weet waar ik op moet gaan focussen. Als ik eindelijk in het dorp ben moet ik ook daar nog verder omhoog maar uiteindelijk kom je er toch en stap ik de VP binnen. Via een trappetje omhoog, dat dan weer wel. Ik werk mijn ritueel weer af en krijg een broodje met hotdog dat ik bijna niet weg kan eten. De worst gaat nog wel maar het brood is me te droog. Wegspoelen met cola dan maar. Alhoewel ik nog steeds ruim binnen de tijd ben is het hier al een stuk rustiger en loop ik dus verder achteraan. De vrijwilligers beamen dat het een snelle groep is dit jaar.</p>
<p>Als ik mijn ding gedaan heb wacht ik niet meer op Frank. Met een beetje mazzel kom ik hem zo op weg naar beneden weer tegen. Als ik weer de straat op ga ligt deze er verlaten bij.  Het is dan ook al twee uur ‘s nachts. Ik kom nog een enkele loper tegen die me succes wenst en bij elk lichtje dat ik zie hoop ik dat het Frank is. Pas bij het vijfde lichtje is het raak en hij roept al gelijk dat hij er uit gaat. Oh nee hé, niet weer. Maar hij kan helaas niet anders. Zijn bovenbenen zijn opgeblazen en hij kan niet meer afdalen. Kop zit goed, motivatie zit goed, zin zit goed maar het lijf blokkeert. Ik baal net zo hard voor hem. Hij werkt zich nog naar boven om zich af te melden, ik daal verder af om mijn weg te vervolgen. Terug de nacht in, terug het parcours op en op weg naar de plek waar ik vorig jaar gestopt ben, vooral ook nieuwsgierig naar wat daar verder ligt.</p>
<p>Het duurt niet lang voor ik op de weg loop waar Frank vorig jaar stopte. Van daar uit is het niet zo veel verder meer waar ik een regenbui over me heen kreeg en langs het klimpad loop waar ik de vuursalamanders zag. Dit jaar zit er niks want het is droog en nogmaals, je hoort mij niet klagen. De klimmetjes en vooral de afdalingen beginnen zo langzamerhand hun tol te eisen. Niet alleen mijn bovenbenen protesteren maar vooral ook mijn tenen die in mijn schoenen drukken en voel ik daar een beginnend blaartje? En dan ben ik pas op de helft. Maar we stappen dapper door en ook hier klagen we niet over. De stokken doen hun werk goed door te ondersteunen en met een blik op oneindig en het verstand op nul kom je een heel eind. Ik speel haasje over met een man die ik uiteindelijk moet laten gaan. Met klimmen gaan we gelijk op, vlak ben ik sneller maar met afdalen ben ik een slak, niet in de laatste plaats vanwege de fysieke ongemakken maar vooral ook omdat ik het me niet kan veroorloven om een verkeerde pas te zetten en uit te glijden, te struikelen of te vallen. Vanwege mijn knie en vanwege 100.000 andere redenen.</p>
<p>We komen samen beneden in het dorp en we steken de weg over waar we langs het spoor en het treinstation lopen. Hier was het. Hier ben ik gestopt. Alles wat nu komt is nieuw en ga ik ontdekken. Ik ben vooral nieuwsgierig naar het stuk met de gladde rotsen wat zo glad en gevaarlijk was vanwege de regen. We gaan het zien. Ik moet nog een stukje langs de weg en dan weer een paadje omhoog. Een paadje dat niet alleen best steil is, maar ook bezaaid met stukken leisteen. Ja, als het zeikregent en alles nat is zal dit behoorlijk glad en glibberig zijn. Ik weet dan nog niet de helft.</p>
<p>Het stuk omhoog is niet zo heel erg lang als het weer wat vlakker wordt. Nou, als dit alles is, valt het alleszins mee. Ook als het had gezeikregend kan je hier prima lopen. Ik juich te vroeg want als ik een paar kilometer verder ben krijg ik weer een klim. Een klim nóg steiler omhoog, met nóg meer gladde rotsen. Ik ben niet alleen blij met mijn stokken maar ook blij met het feit dat er nog een paar andere lopers zijn. Ik zie hun lichtjes een stukje voor mij wat mij twee delen informatie geeft. Ik ben niet alleen maar ik moet nog veel meer omhoog. Als ik eindelijk helemaal boven ben loop ik over een single track over een bergkam. Het is dan wel donker, en dat is maar goed ook, maar toch heb ik dondersgoed in de gaten dat ik zowel links als rechts van mij een klein ravijntje heb. Met andere woorden, ik mag geen pas verkeerd zetten. Nu snap ik waar de term ‘gevaarlijk’ van vorig jaar vandaan kwam en ik ben dolblij dat ik vorig jaar uitgestapt ben en dit stuk overgeslagen heb. Ik had me hier doodgelopen. Bovendien had ik het nooit gehaald binnen de cut off want snel was ik niet gegaan in die regen en gladheid.</p>
<p>Ook nu doe ik voorzichtig en bedenk me dat teruggaan toch geen optie is dus kan ik beter doorlopen. Ik ben echter heel erg blij als ik weer langzaam aan af mag dalen, niet in de laatste plaats omdat ik inmiddels weer alleen ben. Er valt prima te lopen maar je moet wel je kop erbij houden en ik ben nu eenmaal geen fan van hoogtes. De afdaling is zwaarder dan de stijging en ik voel mijn teennagels met de minuut blauwer worden. En ik maakte me zorgen over mijn knie? Maar uiteindelijk ben ik dan toch beneden en op weg naar de volgende verzorgingspost. Hier heb ik een dropbag liggen en kan ik voorraden bijvullen en eventueel mijn lamp achterlaten. Ik zoek tussen de tassen maar kan hem niet vinden. Hij blijkt ergens anders te liggen en een van de vrijwilligers pakt hem voor me.</p>
<p>Ze hebben noedels en soep maar ik neem mijn eigen bakje noedels dus ik heb alleen een beetje heet water nodig. Scheelt weer tijd want ik had 6:00 binnen willen zijn maar inmiddels is het al bijna 6:30 als ik binnen ben. Binnen zitten een handjevol mensen waaronder een dame met dreadlocks waar ik soort van mee oploop. Zij loopt sneller dan ik maar ik kom haar toch tegen bij de verzorgingsposten waar ze dan weer wat langer blijft hangen. Ik vul wat eten bij, herorganiseer mijn vest, neem wat vloeibare magnesium en een paracetamol en eet mijn noedels. Noedels die niet te vreten zijn, er zit kraak noch smaak aan. Alleen de bouillon waar ze in zitten is lekker. Ik dwing mezelf er toch wat van te eten want er moet voedsel in maar het gaat niet van harte. Ik laat het laatste restje noedels staan en maak me weer klaar om te gaan. Ik twijfel of ik mijn lamp achterlaat en kijk naar buiten. Het ziet er nog donker uit dus ik neem hem maar mee maar als ik daadwerkelijk naar buiten stap is het toch lichter dan ik dacht. Bovendien komt de zon razendsnel op dus ik stap weer naar binnen om alsnog mijn lamp achter te laten. Een vrijwilliger neemt hem aan en stopt hem in mijn dropbag. Scheelt weer gewicht.</p>
<p>Ik begin weer te lopen en realiseer me dat ik de zonsopgang gemist heb. Bummer, een van de dingen die ik altijd zo gaaf vindt aan dit soort lopen is om na een nacht doorhalen de zon op te zien komen. En daar natuurlijk mooie plaatjes van te schieten, maar helaas, vandaag is niet de dag. Ik blijf er niet te lang bij stilstaan. Ik heb nu 14 km te gaan tot de volgende verzorgingspost en ik moet 10:33 binnen zijn, het liefst eerder zodat ik daar ook nog wat kan eten en drinken. Ze hebben me verteld dat we het ergste nu gehad hebben. Ik ben benieuwd want ook al is het licht, ook nu krijg ik best nog wel wat hoogtemeters voor mijn kiezen.  Het enige voordeel is dat ik nu de prachtige vergezichten kan zien. Het nadeel is dat ik op bepaalde plekken ook kan zien hoe hoog ik zit, hoe smal het pad is en waar ik terecht kom als ik hier een verkeerde stap maak.  Natuurlijk maak ik daar een foto van maar dat doet absoluut geen recht aan de werkelijkheid. Voorzichtig daal ik af en vervloek mijn zere poten en onwillige bovenbenen. Hoe zat dat ook alweer met die krachttraining? Ik weet het, ik weet het.</p>
<p>Toch loop ik nog steeds lekker door en ik besluit om de Terminatorknop aan te zetten. Een mooi vlak stuk over een weiland en ik zet de sokken er in wat resulteert in kilometer 74 in minder dan tien minuten. Lang kan ik er helaas niet van profiteren, kilometer 75 komt er weer een afdaling from hell wat alle vaart er weer uit haalt. Het zij zo. Wat volgt is weer een klim en een daling, een klim en een daling en een klim. Ik loop weer over een single track en zie in het dal een dorp liggen. Daar moet de laatste verzorgingspost liggen, die per saldo weer verder weg is dan het lijkt. Bovendien moet ik natuurlijk weer eerst een heel stuk naar beneden, want dat is de consequentie van een dorp dat in een dal ligt. Er is slechts één ding dat mij nu op de been houdt. De gedachte, of beter gezegd de hoop, dat ze bij de laatste verzorgingspost tosti’s hebben.</p>
<p>Qua tijd begint het nu wel krap te worden. Het is al 10:00 geweest als ik binnenloop en de cut off is 10:34. Ik heb tijd om wat te eten en drinken, maar daarna geen marge meer. Eten. ‘Wat hebben jullie te eten?’, is het eerste dat ik vraag terwijl ik alleen maar kan denken ‘zeg alsjeblieft tosti’s, zeg alsjeblieft tosti’s’. Hij zegt geen tosti’s, hij noemt het crocs, op zijn Vlaams. Op zijn Vlaams, op zijn Engels, op zijn Frans, op zijn Duits, het maakt me niet uit in welke taal het is, het zijn tosti’s! Hoe blij kan je zijn met zo iets kleins. Ik vraag gelijk of ik er twee mag. De dame met wie ik oploop is er ook weer en zelfs Mike en zijn kompaan zijn er. Die lopen de 200 km en vaak op de cut off.  Ondertussen krijg ik superservice want de vrijwilliger zorgt niet alleen voor twee tosti’s, hij vult ook mijn waterzak bij zodat ik rustig naar de wc kan. Als ik hem terugkrijg zegt hij de legendarische woorden: ‘Ik heb hem helemaal bijgevuld want je moet nu nog 26 km’. 26 km, is dat niet een beetje veel? Het waren toch nog maar 23 km? Of toch 25 km? Ik weet het eerlijk gezegd niet zo goed. Ik kan niet meer helder denken en hoor alleen maar 26 km, 5,5 uur en nog 1100 hoogtemeters. That can’t be right either!</p>
<p>Wel dus. Ik ga rekenen en kom uit op dat ik gewoon vijf kilometer per uur moet lopen. Hoe dan? Met al die hoogtemeters? Er wordt wel gezegd dat ze niet meer zo technisch zijn maar dan nog. Nou ja, we gaan er voor, de dood of de gladiolen en dan kom ik maar te laat binnen. Als ik in elk geval maar uitloop. En die medaille zal ik toch wel krijgen. Tenminste? Ja toch? Ik wil liever het risico niet lopen maar ik weet niet of dit gaat lukken. Piekeren zal me echter niet gaan helpen, doorlopen wel. En doorlopen doe ik. Ik krijg in elk geval ook nog een tosti voor onderweg mee. Het lijkt inderdaad qua terrein wel wat makkelijker en zo lang ik mijn kilometers onder de 12 minuten maak komt het goed. Elke keer als ik dat denk komt er toch stiekem weer een klim, en ondanks dat het niet meer technisch is kosten deze kilometers me toch tijd. Het grote rekenen begint. Hoeveel tijd heb ik nog, wat als ik gemiddeld maar 4 kilometer per uur loop, waar kom ik uit, red ik het nog?</p>
<p>Loop ik omhoog ben ik pessimistisch, loop ik omlaag of vlak ben ik optimistisch. Het zal er om hangen. Ik check ook continue of ik nog goed loop. Het laatste wat ik nu kan gebruiken is verkeerd lopen en tijd verliezen. Ik probeer her en der ook nog te rennen. Het systeem met de handschoenen die in de stokken klikken werkt goed want om de haverklap klik ik ze in en uit. Uit als ik kan rennen, want met de stokken in de hand gaat dat sneller, en in als ik omhoog moet, want dan is met stokken lopen weer beter. De vrijwilligers hadden gelijk, dit stuk is veel minder technisch maar er zitten nog steeds de nodige hoogtemeters in. Hé-ho, hé-ho, je krijgt het niet kado. De pijntjes in mijn lijf en vooral mijn voeten nu negeer ik consequent, tik tak, tik tak, tik tak is het geluid van mijn stokken op de weg, ik kan eindelijk speedmarsen als ik alsmaar door blijf lopen. Het is letterlijk een race tegen de klok. Ik ben stiekem blij dat het zonnetje zich nog niet heeft laten zien en er zelfs een beetje miezer valt. Een eekhoorntje kruist mijn pad in een dorp maar ik neem niet de tijd om er proberen een foto van te maken. Geen tijd, geen tijd, opzij, opzij, ik heb ongelofelijke haast.</p>
<p>Zo tikken de kilometers weg. Er staan regelmatig wegwijzers die niet alleen de route aangeven maar ook de naam Clervaux en de kilometers tot het dorp. Ik moet ongeveer twee kilometer verder dan het dorp, maar het werkt erg motiverend. Ik ben gestopt met rekenen hoe snel ik moet lopen, ik zie alleen nog maar hoeveel uur ik al aan het lopen ben en weet dat ik 22 uur de tijd heb. Als de teller op 22 staat moet ik binnen zijn. Als er geen gekke dingen gebeuren zal ik geen uur te laat komen maar wat het wel gaat worden weet ik ook niet. Als ik nog tien kilometer moet mag ik voorzichtig gaan aftellen. De dame met de dreadlocks loopt voor mij en als we nog zo’n 7 kilometer moeten krijgen we een plensbui over ons heen. Lekker dan, is het bijna 100 km droog, krijg je aan het eind nog even een bui om lekker nat te regenen. Maar goed, gelukkig is het een bui die ook weer overtrekt en snel genoeg droog ik ook wel weer op.</p>
<p>De laatste kilometers gaan in en na een laatste klim en afdaling komen we uit in het dorp. Dan denk je dat je lekker op asfalt mag uitlopen maar er loopt ook een trail naast het dorp en natuurlijk volgen we die. Dan zien we de verlossende gele pijlen van de Legends die aangeven dat we van de route af moeten. Het kan nu niet ver meer zijn en het wordt echt spannend. Ik heb nog een kleine tien minuten maar de route op mijn GPS is onduidelijk en door het zwabberen van mijn klokje weet ik nu niet precies hoever het nog is tot de finish. Het kan 500 meter zijn maar ook nog twee kilometer. Dan zegt de dame voor mij ‘ik zie de parkeerplaats’ en als ik langs haar kijk zie ik Frank met Tim staan. De dame begint weer te dribbelen. Ik laat haar gaan, ze heeft zo lang voor mij gelopen dat ze ook voor mij mag finishen. Bovendien heeft ze me verteld dat dit haar eerste 100 km was dus ik heb diep respect dat je dan gelijk The Great Escape pakt. Dat was ook een vergissing biechtte ze me op.</p>
<p>Ik loop richting Frank en daar aangekomen word ik gelijk doorgestuurd naar binnen om over de rode loper naar het podium te lopen. Ik ben er en ik heb het gehaald met nog drie minuten op de klok. Ik heb het spannend gemaakt! Ach ja, zo ben ik nou eenmaal. Ik weet dat ze thuis aan het volgen zijn dus zo houden we het leuk. Of was het toch omdat ik gewoon niet sneller kon en me de teringtyfustandjes gelopen heb om op tijd binnen te zijn? Ik krijg mijn medaille, geef de tracker terug en strompel het podium af. Olav en Leonie zijn er ook nog en Frank weet me te vertellen dat hij gevraagd heeft of ik de medaille had gekregen als ik te laat binnen was geweest. Het antwoord is nee. Of dat echt zo is zullen we nooit weten en ik ben blij dat ik er niet achter hoef te komen. Als ik te laat was geweest dan was dat zo, maar het is toch wel een eredingetje dat ik tóch binnen de tijd was. Frank heeft een hotelletje met een spa geboekt in plaats van dat we naar huis rijden. Helemaal prima, alleen even regelen dat iemand de mannen van Swiss Sense opvangen morgenochtend want die komen een nieuwe topper brengen. Was hij even vergeten. Gelukkig wil Frenk dat wel doen en kunnen wij met een gerust hart naar het hotel waar we lekker douchen, het bubbelbad in duiken, wat eten en daarna lekker kunnen slapen.</p>
<p>The Great Escape 2.0. Veni, vidi en dit keer was het wél vici. Alhoewel ik heb besloten dat ik deze niet meer zal lopen was het avontuur weer super en ben ik trots op mezelf dat ik het nog kan. 105 km met ruim 4200 hoogtemeters in 22 uur. De Terminator doet het nog.</p>
<p>I’m back!</p></div>
<div></div>
</div>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>6</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>My name is Marleen</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 11 May 2026 16:23:33 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5645</guid>

					<description><![CDATA[Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik anders wel een schuin oog op Social Media kan werpen. Misschien valt er spontaan een 10 km startbewijs uit de lucht. Die wil ik dan nog wel lopen.</p>
<p>Natuurlijk loopt altijd alles anders. De 10 km valt niet. De start van de 10 is om 13:00 ‘s middags en dat wordt me veel te laat. Leiden is altijd lastig met vervoer en parkeren en als ik om 16:00 bij Linda moet zijn wordt dat niks. Laat maar dus. Dinsdag komt Marilene met een oneerbaar voorstel. ‘Zocht jij nog een startbewijs voor Leiden?’ ‘Voor de 10 of de halve?’ Het is voor de halve. ‘Leuk!’, zegt Lin. ‘Loop je gezellig met mij mee.’ Ik was al om toen Marilene vroeg of ik nog een startbewijs zocht. Ik ben ook zo moeilijk over te halen. Zo gezegd zo gedaan. Zondag samen met Linda meelopen, ik kan meerijden heen en na afloop gelijk mee naar haar en daar douchen en omkleden. Frank komt dan later nadat hij me afgegooid heeft ‘s ochtends en zelf een rondje gelopen heeft. Geregeld!</p>
<p>De enige consequentie is vroeg opstaan want we hebben om 8:00 bij de benzinepomp in Rijswijk afgesproken. Ronald gooit Linda daar ook af, Marilene rijdt ons naar Leiden. We zijn lekker op tijd, parkeren spontaan in de wijk en halen ons startnummer op. My name is Marleen, want dankzij haar en helaas haar blessure sta ik nu hier. Daarna droppen we onze tas en wandelen naar de start. We zijn gewaarschuwd door de organisatie dat het minstens 20 minuten lopen is naar de start. Eenmaal daar zien we Gaby, Ron en Leonie die we hartelijk groeten. Binnen no-time is het dan ook 10:00 en mogen we van start.</p>
<p>Het weer is ideaal en ik heb nul komma nul zin dus de prognose is goed. Ja, dat lees je goed. Als ik absoluut geen zin heb om te lopen, loop ik meestal per saldo eigenlijk altijd wel heel erg goed. Bovendien doe ik een lekker muziekje in mijn oren en gewoon gaan met die banaan. Lin heeft er ook zin in en gaat snel van start dus ik ben benieuwd of ik dit vol ga houden maar so far so good. Ik heb Leiden twee keer eerder gelopen en de route komt langzaamaan weer naar boven. Starten in de stad en dan al heel gauw de polder in, door een paar dorpen en dan naar het centrum. Het valt mee met de warmte en zeker in de polder hebben we een lekker briesje. Ik ben al snel in een opperbeste bui en loop lekker. Misschien wel omdat ik vandaag niks moet of hoef, alleen maar lopen. En natuurlijk wat foto’s maken onderweg. Ik heb Marleen beloofd dat we er een feestje van zouden maken dus ik kan het niet laten om als ik entertainment onderweg zie, lees iemand met een microfoon, in te fluisteren dat Linda jarig is zodat het omgeroepen wordt. Ze moet er om lachen.</p>
<p>Marilene gaat na een paar kilometer haar eigen tempo lopen en verdwijnt langzaam aan voor onze neus in de lopersmassa. Ik zie Rob, die langs het parcours foto’s staat te maken, eigenlijk iets te laat voor een goede foto samen met Linda, dus als we later langs een paar koeien lopen probeer ik het goed te maken door haar er op te zetten met de koeien op de achtergrond. Lukt niet helemaal maar de poging is lief bedoeld. What was I thinking? Alsof ik een hardloopfoto van ons samen van een professionele fotograaf goed kan maken met een selfie met wat koeien. Nou ja, je kan niet alles hebben. We hobbelen door als ik merk dat Linda het moeilijk heeft. Ze heeft wat last van haar maag en blubberbenen. Dat kan je soms hebben. Ik heb alleen een lamme poot maar die kan ik wel negeren. Maar samen komen we er wel.</p>
<p>Na de eerste helft komen we in iets meer bewoonde wereld. Dat betekent twee dingen. In negatieve zin het lopen over vooral klinkerstraten, in positieve zin heel veel supporters en gezelligheid van de dorpen waar we doorheen lopen. En daarmee ook weer entertainment met microfoons die allemaal moeten horen dat Linda jarig is. Zelf word ik natuurlijk steevast aangemoedigd als Marleen, because that’s my name! Ik tel ze en zal uiteindelijk op 16 uitkomen. Linda rent dapper door en ik blijf foto’s maken onderweg waardoor ik meer aan het intervallen ben dan gelijkmatig lopen. Het is lang geleden dat ik zo relaxt liep en vraag me toch wel af wanneer het moment van instorten komt. Dat moment blijft uit. Pas als we al weer lang en breed in Leiden zijn en op 18 km zitten begin ik mijn benen écht te voelen. Te voelen in de zin van dat ik mijn spieren voel want mijn lamme poot begon op 5 km al te zeuren. Conditioneel voel ik me prima. Ik ben niet eens buiten adem. </p>
<p>Ook heb ik geen enkele last van eventuele warmte. Bij de start hebben we een spons gekregen. Een experiment in het kader van duurzaamheid. Een spons bij de start omdat ze verder niet uitgedeeld worden op het parcours. Dat blijkt achteraf niet helemaal waar, maar in mijn geval maakt het niks uit. De spons blijft onaangeraakt tussen mijn startnummerband zitten, niet in de laatste plaats omdat ik geen zin heb om met een natte spons te lopen. Tja, dan heeft zo’n ding meenemen natuurlijk ook geen zin. Typisch ik. Ik sjouw mijn hele leven al van alles mee ‘voor het geval dat’ wat ik uiteindelijk nooit gebruik. Misschien moet ik daar ook eens wat bewuster mee omgaan. Maar dat is voor later, nu is het doel vooral naar de finish lopen.</p>
<p>Ik waag nog een poging om een mooi plaatje van Linda te schieten met een mooie poort op de achtergrond maar faal jammerlijk. Dan maar doorlopen. Ik dacht dat de finish ergens anders was, maar hij is gewoon waar hij altijd was. Tenminste, waar hij was de andere twee keer dat ik hier liep. Dus bruggetje over en langs de gracht om uiteindelijk te finishen. We hebben niet eens slecht gelopen al zeg ik het zelf. Net iets langzamer dan 10 km per uur. We nemen de medaille in ontvangst en gaan op zoek naar onze tas en naar Marilene. Als we beiden gevonden hebben wandelen we blij en tevreden terug naar de auto. We horen nog een ambulance met sirene ergens rijden maar dat gebeurt wel vaker tijdens zo’n loop.</p>
<p>We zijn onderweg naar huis als de eerste berichten ons bereiken. Een reanimatie van iemand die onwel geworden is. Een bekende waar ik contact mee heb liep er langs, blijkbaar is het achter ons gebeurd. Dan meer details. De persoon in kwestie is overleden. En tegen de tijd dat wij lang en breed gedoucht in de tuin zitten wordt er meer bekend. De leeftijd van het meisje dat pas 15 was, de afgelasting van de 10 km en de kidsrun en het besef dat wat als een goede dag begon voor iedereen, eindigt in verdriet en verslagenheid. Je hebt dit soort dingen niet in de hand, het kan overal gebeuren en het hardloopevenement zal waarschijnlijk niet de oorzaak zijn geweest maar toch. Het is hier en nu gebeurd en daar moet iedereen op zijn eigen manier mee dealen. Ik heb heerlijk gelopen en we hebben gewoon Linda haar verjaardag gevierd, maar we staan ook even stil bij het besef dat we ons gelukkig mogen prijzen en elkaar hebben want dat is niet iedereen gegund.</p>
<p>Ik wens de familie en vrienden van het meisje heel veel sterkte.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>11x Rotterdam: Minder is meer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 12 Apr 2026 20:16:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5595</guid>

					<description><![CDATA[11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan had, zoals de week ervoor de marathon van Parijs had gelopen, een paar weken later de Two Oceans zou gaan lopen of twee maanden eerder 224 km trailen, dacht ik dat ik niet slechter aan de start kon staan. Vandaag bewijs ik wellicht het tegendeel. Sinds 6 maanden geblesseerd waarvan 3 maanden ook echt stil gestaan, niet specifiek getraind en maximaal één keer 21 km en één keer 30 km gelopen. Toch ga ik starten. Want ik ben een hardloper, en hardlopers zijn niet alleen hardleers, een tikje arrogant en eigenzinnig, maar vooral ook extreem eigenwijs. En ik heb eigenwijsheid niet alleen uitgevonden maar ook verbeterd.</p>
<p>Van de week vroeg iemand me nog of ik nou de hele week pasta ging eten. Ik mag wel zeggen dat ik inmiddels genoeg ervaring heb dat ik dat soort dingen niet meer doe. Gewoon normaal doen, wat ik normaal gesproken ook doe. Pasta op zaterdag is meer gezellige traditie dan behoefte aan stapelen, net als de pannenkoek met spek op zaterdagmiddag en een toetje ‘s avonds na het eten, waarbij het lopen van de marathon gewoon een goed excuus is. Ik neem tijdens het lopen zelf twee gelletjes mee, één om op te eten, één als reserve, ik bak vlak voor de start bananenpannenkoeken omdat dat makkelijk is en ik kijk zaterdagavond de film ‘De Marathon’ om het gevoel van sfeer lekker af te toppen. Koolhydraten stapelen, taperen, een vracht gelletjes meenemen onderweg en isotone sportdrank drinken? Ik ga voor uitlopen, ik hoef geen PR meer. Bovendien veel te veel gedoe. Op tijd naar bed doen we dan wel weer, de hele nacht wakker liggen van de zenuwen niet meer.</p>
<p>En zo is het dan zondagochtend, ik heb mijn pannenkoek gegeten, Frank loopt de tien kilometer dus die heb ik bij Blaak bij Frouke en Deborah afgeleverd en uitgezwaaid, en op mijn gemak ben ik naar het startvak gewandeld, nog even met Rob op de foto, die staat gewoon weer op de Blaak, om dit jaar Berget Lewis ‘You’ll never walk alone’ te horen zingen. Het blijft even wennen dat mijn buurman Lee het niet meer doet net als dat ik Abu mis bij de start. Maar de wereld verandert continue en niets is voor eeuwig dus dit ook niet. De wedstrijdlopers zijn al weg, ik wacht geduldig af tot mijn wave ook weg mag, 10:10, de heartbeat en dan gaan we! Met opwinding en enige twijfel of mijn knie het gaat houden. We gaan het zien. Wat zeg ik ook altijd weer? De dood of de gladiolen, en we gaan natuurlijk altijd voor de gladiolen. Bovendien komt aan alles een eind, ook aan 42,195 km.</p>
<p>In het startvak sta ik met Marcel en Marcella, die eerst naar ons huis gekomen zijn, maar ik heb gezegd dat ze hun eigen gang moeten gaan omdat met mij lopen niet te doen is. Ik start altijd te hard, stort daarna in en loop onregelmatig omdat ik onderweg waarschijnlijk nog foto’s maak. We zien elkaar naar afloop wel weer. Als ik over de startmat loop kijk ik of onze nieuwe burgemeester er staat of wellicht Berget. Carola zie ik niet, Berget wel maar die is druk in gesprek met iemand. Doorlopen dan maar dus mijn muziek gaat aan en ik loop relaxed de Erasmusbrug op. Denk ik, want per saldo loop ik sneller dan 5:30. Maar ja, de eerste kilometer gaat altijd wat sneller en de tweede ook want dat is heuvel ‘Erasmusbrug’ af. </p>
<p>Ik voel me goed, ik loop lekker en heb geen last van mijn been. So far, so good. Hoogmoed gaat voor de val dus ik blijf op het snelle tempo doorlopen richting de eerste 5 km. Maar eerst langs DJ Gewoon Rene. Vanwege de routewijziging staat hij dit jaar op de 4 km in plaats van de 17 km, maar ik heb beloofd dansend bij hem langs te gaan dus dat doen we dan ook. Even een snelle foto en dan toch weer door. Bij de 5 km even wat water pakken en dan kijken hoe het nieuwe stuk van het parcours loopt. Nu moet ik bij de 7 km richting de Kuip en daar draaien voor het heen en weertje. De turn komt eerder dan ik verwacht en voor ik het weet ben ik alweer op de terugweg, waar ik snel nog even een selfie maak met De Kuip op de achtergrond. Door deze routewijziging moet ik de hele planning in mijn hoofd aanpassen. Alles komt nu veel eerder en dus is uitkijken naar de vaste punten ook anders. </p>
<p>Evert staat niet rond de 9 km want ik krijg eerst de 10 km verzorgingspost. Daar staat mijn oude Roparun team Jatogniettan?! water uit te delen. Ze zijn de volgenden in een lange lijst van bekenden die ik onderweg tegen ga komen, en bekenden en onbekenden die mijn naam zullen scanderen. Ik loop nu langs een man die aan het jongleren is tijdens het lopen en weer maak ik een foto. Dan de tunnel door in Lombardijen en als ik de tunnel uitkom kijk ik uit naar Evert. Ik kijk rechts als ik hem in mijn ooghoek ineens links zie staan en er bijna voorbij loop. Ik stop, roep dat hij aan de verkeerde kant staat en loop terug voor de traditionele foto. ‘Het is druk!’ verontschuldigt hij zich en zet me op de kiek terwijl ik een springpoging doe. Nu kan ik dat nog. </p>
<p>Ik lach en ren door terwijl ik voor het eerst mijn been een beetje begin te voelen. Hij doet nog geen zeer maar hij ‘zeurt’ wel terwijl ik de hoek omdraai en richting het Havenspoorpad ga. Veel mensen hebben hier een hekel aan, ik niet, ik hou van het Havenspoorpad. En omdat ik nog redelijk ‘vroeg’ ben is het ook nog niet zo druk. Ik loop nog steeds ok en snel, maar het zeuren gaat wel steeds meer over in ‘het doet een beetje zeer’.  Straks bij de 15 km maar even wandelen of zo. Ik loop door naar de 13 km waar ik een gelletje pak, het eerste voedsel van de loop. Even voorbij de 13 km zie ik ineens Ronald en Ysbrand staan. Wat leuk! Ik stop en krijg van allebei een Powerknuffel voordat ik weer verder ren. Op naar de 15 km en van daar uit naar de halve.</p>
<p>Het wordt steeds warmer en het is lekker druk langs de kant. Ik word nog steeds veelvuldig aangemoedigd terwijl ik lekker doorhobbel. Ook de 15 km passer ik ruim binnen een gemiddelde snelheid van 10 km per uur en ik krijg een déja vu met Amsterdam, waar ik me de eerste helft kapot liep door heel snel te gaan, en de tweede helft doorgeworsteld heb met als gevolg een overbelaste knie. Gelukkig ben ik nu door schade en schande wijs geworden, toch? Oh nee, toch niet want ik loop gewoon net zo snel door. Het lijkt wel of, als ik aan het hardlopen ben, mijn IQ stante pede met 100 punten daalt. Aan de andere kant, geluk is met de domme dus wie weet. Als ik klaar ben met het Havenspoorpad zit ik op 16 km en ga ik echt wel iets rustiger aan doen. Ik neem iets langer de tijd bij de verzorgingspost om daarna weer lekker verder te kunnen.</p>
<p>Na de 17 km krijgen we de laatste koerswijziging, want in plaats van de lus om Ahoy hebben we ook hier weer een heen en weertje. Ik vind het niet erg, de lus bij Ahoy was altijd één van mijn minder favoriete stukken uit het parcours. Waarschijnlijk een trauma van mijn allereerste marathon. Toen ging ik hier al een beetje dood, had geen zin meer en was ik nog niet eens op de helft. Nu gaat het heen en weertje redelijk ongemerkt aan me voorbij met als voordeel dat ik de 20 km passeer. Ik zit nog steeds gemiddeld op 10 km per uur en kan wellicht de halve onder de twee uur aantikken. Het enige dat roet in het eten kan gooien is die verdraaide poot, die steeds irritanter begint te worden. Bovendien krijg ik eerst de verzorgingspost waar ik toch écht weer even mijn bekertje water pak en ook nog een stukje banaan krijg en eet. Ik neem zelfs even de tijd om er toch een paracetamol in te gooien, vooral om te voorkomen dat ik teveel krom ga lopen.</p>
<p>Als ik me weer in beweging zet moet ik eerst naar het 21 km bord en daarna door naar de 21,1 km, met nog ongeveer een minuut te gaan. De sokken er in dan maar en ik passeer in 1:59:40. Voor de marathon zelf heeft het geen betekenis, voor mij is het een wereld van verschil. Vorig jaar deed ik ditzelfde kunstje, maar toen had ik geen manke poot en was ik een stuk beter getraind. Het verschil zit hem dit jaar ergens anders in, namelijk een paar kilo minder. Eenmaal over de helft neem ik écht even de tijd om bij te komen. Dat wil zeggen, het stuk naar en voorbij de 22 km dat een stukje omhoog loopt richting de Brielselaan doe ik gewoon lekker wandelend, wat alle toeschouwers ook schreeuwen. Niet alleen ik maar ook mijn been moet even bijkomen. </p>
<p>Het helpt, ik voel hem minder en kan weer doorlopen naar mijn nieuwe doel, de 25 km. Toch hou ik het niet vol om te blijven rennen en het wordt rennen met af en toe even wandelen tussendoor. Het is warm en zelfs een oudbakken spekje geeft niet voldoende suiker. Ik accepteer het gewoon, vorig jaar was het niet anders en een halve onder de twee uur heeft dit effect nu eenmaal. Ik maak dankbaar gebruik van de sponsjes met koud water om het hoofd koel te houden en hobbel gewoon lekker door waar het kan. Vooral de stukken die omlaag gaan. Alle kilometers na de 20 km komen iets eerder dan normaal en dat is psychologisch wel lekker. De 25 km is dan ook niet pas na de bocht maar er al voor. De verzorgingspost is wel na de bocht richting de 26 km als ik ineens Frank hoor roepen. Die staat onverwachts op rechts. Hij vraagt of ik wat wil hebben en ik grijp een dadel in chocola. Ik krijg nog een kus mee en dan loop ik weer verder want ik moet er nog 16.</p>
<p>Ik vergeet dat ik ook nog een appeltje in de tas had, want de chocola geeft dorst, en bedenk me dat ik wel wat cola had willen hebben maar die heb ik niet in de tas gegooid. Ik app Frank of hij nog iets kan regelen voor straks in het bos en pak wat extra water bij de verzorgingspost om mijn dorst te lessen. De dadel geeft me energie om naar de Erasmusbrug te lopen. Daar zet ik mijn muziek uit en kijk uit naar de afdaling, niet alleen omdat dat heuvel af is, maar omdat dat ook altijd het moment is om ‘Zuid’ af te sluiten. Sommige dingen veranderen niet. Het gaat nu allemaal niet zo snel meer maar dat geeft niet. Het ergste heb ik gehad en met voldoende marge. Aan het eind van de Schiedamsedijk is het draaien naar de Westblaak, het tunneltje en dan uitkijken naar Bart en Patries, die ergens op links moeten staan. </p>
<p>Ik ben nu op terrein waarop wandelen steevast gelijk staat aan extra aanmoediging van de supporters, die bijna niet toestaan dat je niet aan het rennen bent. Ik ben dan ook blij met het tunneltje, waar ik schaamteloos en zonder toeschouwers even extra rustig kan wandelen. Aan de andere kant is het dan ook wel weer leuk dat als je na het wandelen bij de aanmoediging tóch weer gaat rennen, ze extra enthousiast zijn. Je zou het er bijna om doen. Bijna. Terwijl ik na het tunneltje me toch maar weer in beweging zet kijk ik uit op links en zie Bart en Patries staan nog voor ze mij zien. Patries spot me als ik al bijna voor hun neus sta. Een knuffel en een handje salmiakdrop, voor de zoute smaak, als ik weer verder trek. Ik begin me wel serieus af te vragen wanneer mijn maag gaat protesteren op al dat verschillende voedsel. Nou ja, dat merk ik dan vanzelf wel.</p>
<p>Ik ren richting de Kubuswoningen en ben alweer bezig met mijn volgende doel, Frouke, Stans en Deborah, die na de bocht moeten staan. Ik verwacht ze op rechts maar kijk gelukkig ook met een schuin oog naar links als ik ze zie staan. Ik moet wel even kruislings oversteken en als ik op ze af ren en er bijna ben doe ik een klein beetje struikelen. Mijn rechterbeen weigert dienst waardoor ik het niet kan opvangen en mijn evenwicht verlies. Met enig gevoel voor drama stort ik volledig niet gracieus op de grond half tegen het hek aan. Het lijkt wel of ik de scène van gisteravond uit ‘De Marathon’ naspeel. Gelukkig is het niet vlak voor de finish en ook blijf ik niet dood liggen. Onvast op mijn benen sta ik weer op, geef de meiden alsnog een knuffel en hink in eerste instantie weer verder. Even later weten mijn benen weer wat ze ook alweer moeten doen en hobbel ik weer verder, dwars door de meute van de Mariniersweg richting het 30 km punt. </p>
<p>De mensen staan traditiegetrouw rijen dik en het is smal lopen. De warmte begint zich nu toch echt wel te laten gelden en ik heb al de nodige ambulances gehoord en mensen bij de EHBO gezien. Het is ook ieder jaar hetzelfde liedje. Na de koude winter is de lente nog maar nét begonnen en de marathon is altijd warm, ook als het niet warm lijkt. Na de Mariniersweg draai ik de Warande op en van daar uit Crooswijk in richting het bos. Het geluid is oorverdovend en ik ben blij als ik straks in het bos even wat rust krijg. Tenminste, dat denk ik want het lijkt wel weer drukker dan andere jaren. Ook in het begin van het bos staan de mensen rijen dik en pas als ik écht in het bos ben wordt het iets rustiger. Ik kijk uit naar Frank die net na de 32 km staat. </p>
<p>Hij heeft cola weten te scoren die ik in een flesje mee krijg. Voor de rest hoef ik niks en weer vergeet ik mijn appeltje. Ik krijg opnieuw een kus en de mededeling dat Ysbrand en Ronald een stukje verderop staan. Weer iets om naar uit te kijken en weer een paar honderd meter verder. Het is nu nog maar tien kilometer, die lopen we wel uit. Dat hoop ik tenminste want mijn benen blijven signalen afgeven dat ze dienst willen weigeren. Stelletje deserteurs en ik spreek ze streng toe. Als ze het maar uit hun hoofd laten. De pijn in mijn poot is gelukkig aanzienlijk minder, het zit hem vooral in de aansturing van de spieren en ik heb het op mijn heupen. Van Ysbrand en Ronald krijg ik weer een Powerknuffel en dan weet ik dat ik vanaf daar de rest alleen moet doen. Het bos lijkt korter dan normaal, weer vanwege dat psychologische effect, en als ik uiteindelijk de hoek naar de Kralingseweg opdraai is het nog ‘maar’ 6 km. It’s tiiiiiiiiiiiiiime! Tijd voor de Terminatorknop. Ik eet nog een Bifiworstje, voor het zout, en gooi er een Dextro achteraan, voor de energie, zet mijn magische playlist op en druk op de knop. </p>
<p>Het effect is direct zichtbaar. Op de maat van de muziek met het verstand op nul (lekker makkelijk, dat was ik toch al kwijt toen ik vanochtend begon) en de blik op oneindig maak ik mijn stappen en blijf bijna drie kilometer lang op een redelijk constant tempo rennen. Genoeg om lekker af te kunnen tellen, me door Crooswijk te helpen en naar het 40 km punt. Op de Warande staat de laatste verzorgingspost waar ik nog even wandel onder het genot van een bekertje water. Daarna zet ik me weer in beweging en mijn tanden op elkaar voor het laatste stukje. Bij de Gele Kanarie en over de Mariniersweg is het support op zijn hoogtepunt. Ik smokkel nog één keer met wandelen langs de lege hekken op rechts waar de supporters niet kunnen komen. Dan ben ik bij het bordje waar ik de afgelopen dagen meermaals langs gelopen ben. ‘Nog 1000 meter’.</p>
<p>Ik begin weer te rennen en de support en het schreeuwen van mijn naam is nu dusdanig dat ook al zou ik het willen, wat ik stiekem best wil, ik kan nu gewoon niet meer stoppen met rennen. Het zijn kleine langzame pasje maar rennen desalniettemin. Ik kijk nu uit naar Rob, mijn laatste stop before I drop, durf het niet aan om te springen maar doe het last minute toch. Als je dat tenminste springen kan noemen maar goed. Dan doordribbelen, het laatste 500 meter bord, de draai naar de Coolsingel en een ‘ietsminderlangstukopdeCoolsingelgodzijdank’ naar de finish. De finish? Oh nee dat is de 10 km, nog een heel klein beetje verder, en dan yes, yes, yes. Oops I did it again. Nummer 11 done and dusted.</p>
<p>Ik loop door, neem mijn medaille in ontvangst bij oud collega Peter, net als de afgelopen 11 jaar, praat even bij en wandel door om mijn AA, een banaan en een Trekreep in ontvangst te nemen. Hmmm, ze hadden toch chocomelk beloofd? Ik zie het niet en ben teleurgesteld. Daar had ik me nou zo op verheugd. Ik loop door en heb contact met Frank. We spreken af bij het Schouwburgplein want ik wil mijn medaille graveren. Iets met traditie en zo. Het is druk maar het valt toch mee en ik ben relatief snel door de hekken en bij het Schouwburgplein waar ik Frank tref. En surprise, daar wordt ook de chocomelk uitgedeeld die ik blij in ontvangst neem en gelijk opentrek. Lekker! Dan alsnog mijn medaille graveren en nog even bij Ferry kijken waar we Ysbrand, Ronald, Bart, Patries, Linda en Marilene treffen. Na een drankje en even bijpraten over onze avonturen lopen we terug naar de Coolsingel, waar we Marcel en Marcella oppikken en richting huis gaan. Na het afscheid duik in onder de douche en op de bank, waar ik dan toch maar het gesprek met mijn benen aanga. Vooral rechts is behoorlijk pissed off. We zullen zien of dit na een nachtje slapen een beetje bijtrekt.</p>
<p>11 keer Rotterdam, en mijn 23ste officieel geregistreerde niet trail marathon op asfalt (24 als je de ultra van de Two Oceans meetelt). Dat had ik 5 maanden toch écht niet gedacht, en al helemaal niet in de tijd die ik uiteindelijk gelopen heb, 4:21:50. Een tijd die niet alleen heel netjes is, maar voor mijn doen zelfs snel. Hoe komt dat nou zo? Dit is een duidelijk geval van minder is meer. Minder trainen, want laten we eerlijk zijn ik heb minstens drie maanden écht stil gestaan, minder ‘moeten’, want alles wat ik zou doen vandaag was eigenlijk ok als ik maar uitliep, en vooral minder kilo’s, want door het stil staan groeide ik dicht en dat was het zetje dat ik nodig had om even heel serieus wat aan mijn dagelijkse calorieinname te doen. Allemaal factoren die zeker een positieve bijdrage, want ik zie het zeker als een meer dan positief resultaat, hebben geleverd aan vandaag. Alhoewel het minder trainen misschien ietsiepietsie meer had kunnen zijn, dan waren mijn benen misschien iets minder boos geweest nu. Maar de grootse factor van het succes van vandaag waren toch zeker de supporters. De supporters die je letterlijk naar de finish schreeuwen. Daar mag je van vinden wat je wil, maar voor mij?</p>
<p>Voor mij maakt dat Rotterdam voor eens en altijd #demooiste.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 29 Mar 2026 21:55:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Ladiesrun]]></category>
		<category><![CDATA[Valencia]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5591</guid>

					<description><![CDATA[8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn gedachten dwalen verder naar andere onderwerpen. Dwalen af naar Spanje en mijn vrienden in Valencia die ik al bijna 10 jaar niet meer live gezien heb. En dan komen er twee gedachten samen. Wat als ik mijn verjaardag nou gewoon eens in Valencia met mijn vrienden daar vier? En dan lekker overdag paella eten op het strand of zo? Gaan we een lang weekend, even ertussenuit. Met die gedachte val ik in slaap. De volgende dag app ik Mateu, die ik al 40 jaar ken. Of hij wat te doen heeft eind maart. Een paar dagen later is het een feit. Eind maart gaan we een week naar Valencia en eet ik op mijn verjaardag paella op het strand met mijn Spaanse vrienden.</p>
<p>Ik kan op dat moment net weer 5 km lopen maar ga er vanuit dat dat tegen die tijd wel een stuk beter gaat. Ik verheug me er dan ook op om weer door de rivier, over de boulevard en bij de Ciudad de las Artes y Ciencias te rennen, waar ook de marathon start en eindigt. Het is grappig, ik heb 6 jaar in Valencia gewoond en gestudeerd. Toen was het nog een uit de kluiten gegroeid dorp waar geen toerist te vinden was. Ik liep zelf nog niet hard, hoogstens om de bus naar de Universiteit niet te missen, niet in de laatste plaats omdat ik meer ‘s nachts in de discotheek te vinden was dan overdag hollend door de straten. De rivier was een gribusbende van een paar vervallen sportvelden waar vooral junks en daklozen te vinden waren. En van de marathon had ik nog nooit gehoord.</p>
<p>Inmiddels weten we allemaal hoe de stad zich in al die jaren ontwikkeld heeft tot één van de meest hippe steden van Spanje, en heb ik er in 2017 ook de marathon gelopen. En ja, dat was inderdaad de laatste keer dat ik er was en mijn vrienden gezien heb. Zouden ze nu misschien ook een soort running crew hebben? Misschien is er wel een loopje waar we aan mee kunnen doen? Ik Google op ‘Carrera’, ‘Valencia’ en ‘29 maart’. Nee! Het is niet waar! Ik krijg een zoekresultaat met een link naar een hardloopevenement. En niet zo maar een hardloopevenement, het is gewoon een Ladiesrun! De enige die Spanje nog heeft met ongeveer 3.500 deelnemers. 10 km met start om 9:00 naast de rivier. Qua afstand én tijd perfect. Tegen die tijd verwacht ik wel weer 10 km te kunnen lopen én het geeft me genoeg tijd om te lopen, te douchen, om te kleden en na afloop op tijd te zijn voor de paella. 5 minuten later heb ik ingeschreven. Is het al eind maart?</p>
<p>Tegen de tijd dat het écht eind maart is, zijn alle voorbereidingen in volle gang en wordt er van alles geregeld. We hebben een slaapplek, mijn zus en mijn nichtjes komen naar de paella net als een andere goede vriend uit Madrid en mijn beste studievriendin met haar man die ik óók al jaren niet gezien heb. De dagen ervoor zit ook volgepland met etentjes en vooral heerlijk door de stad slenteren, shoppen en natuurlijk rennen door de rivier en bij de iconische gebouwen van de Ciudad de las Artes y Ciencias. We hebben prachtig weer met zon en 20 graden terwijl het in Nederland koud en regenachtig is. Een uitstekende opbouw naar zondag.</p>
<p>De voorpret start met het vrijdag ophalen van mijn startnummer. We krijgen geen medaille bij de finish maar wel een mooi kleurrijk loopshirt. Ach ja, gelukkig had ik nog niet genoeg shirtjes. Maar eerlijk is eerlijk, hij is mooi, van een fijne dunne stof en hij zit mooi. Een stuk beter dan die van de CPC, want dit is tenminste wél een getailleerd damesshirt. Natuurlijk heb ik de rest van mijn outfit er op afgestemd. De rest van de dag en de zaterdag loop ik natuurlijk weer veel te veel rond, wat niet alleen mijn knietje niet zo leuk vindt, maar ook maakt dat ik zaterdagavond een beetje afgepeigerd in bed stap. Gelukkig is het ‘maar’ 10 km. Ik heb nog wel een extra handicap, wat elke keer terug komt als mijn verjaardag in het weekend valt. De zomertijd gaat in waardoor ik niet alleen een uur minder jarig ben, maar ook een uur minder kan slapen. Ik blijf het oneerlijk vinden.</p>
<p>Dat er van slapen die nacht sowieso weinig komt wist ik op dat moment überhaupt niet. De wind draait en maakt dat er een irritante fluittoon te horen is ergens buiten langs het appartement waar we verblijven. Eerst lijkt het nog dat het iets van tocht is, maar na alle ramen uitgeprobeerd te hebben met open en dichtdoen alsmede het laten zakken of ophalen van de zonwering en geen enkel verschil te merken, moet het toch van buiten komen. Uiteindelijk geven we het op en even later gaat de wind dan toch liggen. Het is al laat en de wekker gaat veel te vroeg. Het is zelfs nog donker. Toch ben ik wakker en ga er maar uit. Ik heb alles klaargelegd en ben in no time klaar. Plan was 8:00 de deur uit maar dat wordt 7:45 en omdat we snel de metro hebben zijn we om 8:00 al op plaats bestemming.</p>
<p>Frank is mee en probeert op een paar plekken langs het parcours te staan. Er zitten wat heen en weertjes in dus dat kan prima. Moet hij wel her en der wat heen en weer rennen en daarom heeft hij ook zijn hardloopkleding aangetrokken. Het is kouder dan verwacht want door de gedraaide wind is deze een stuk frisser dan gisteren. Met andere woorden, ik ben blij dat ik mijn jasje aan heb dat ik straks aan Frank kan geven, maar Frank staat te vernikkelen van de kou want die heeft weliswaar en thermo aan, maar wel korte mouwen en korte broek aan. En dan is een uur wachten nog lang. Een uur die ik volmaak met twee keer naar de wc en een foto bij de fotobooth. Een kwartier voor de start loop ik naar het startvak op de brug dat in elk geval in de zon is die inmiddels opgekomen is. Ik trek mijn jasje uit en geef deze aan Frank. Now I am ready to rumble. ‘Niet te hard lopen hé, denk aan je knie!’, roept Frank nog. Ja schat, natuurlijk doe ik dat niet.</p>
<p>Om 9:03 klinkt het startschot, we zijn wel in Spanje hé, dat gaat nooit 100% op tijd, en weg zijn we. Ik zit in startvak 4 maar het loopt in één moeite door. Ik zet een lekker muziekje aan en gaan met die banaan. De eerste kilometer kan ik nog niet goed weg omdat het druk is en de dames voor mij iets minder haast hebben dan ik, maar ik wil niet bij de pacegroep van 60 minuten blijven. Niet in de laatste plaats omdat ik toch wel onder het uur wil proberen te lopen, maar ook omdat ik het vervelend vind om bij zo’n groep te klitten. Bij kilometer twee ben ik er voorbij en krijg ik wat ruimte. We lopen bij mijn oude buurt en door de straat waar ik altijd naar de universiteit liep voor mijn lessen. Aan het eind is het voetbalstadion en het keerpunt voor het eerste heen en weertje. Van daaruit terug naar de rivier en even poseren voor Frank die ik herken aan zijn witte petje.</p>
<p>Natuurlijk ga ik veel te hard, maar mijn knie heeft er geen last van. Ik voel hem wel maar het lijkt wel of het beter gaat als ik sneller loop dan als ik langzaam loop. Bovendien, het is mijn verjaardag, dan moet ik toch een beetje fatsoenlijk lopen? Ik heb het in elk geval niet koud meer. Ik probeer iets rustiger aan te lopen maar kilometer drie klok ik juist sneller. Kilometer vier en vijf maak ik het helemaal bond als ik bijna tegen de 12 km p/u aan zit. Als dit een 5 kilometer race geweest zou zijn zou ik nog wel een tandje harder kunnen gaan, maar nu moet ik toch een klein beetje tactisch lopen. Ik ben pas op de helft. Ik neem dus gewoon even de tijd voor wat water bij de verzorgingspost. Dan kilometer zes en ben ik officieel over de helft en terug bij de rivier.</p>
<p>Ik had Frank gevraagd om te kijken of hij een foto kon maken met de mooie gebouwen op de achtergrond maar als ik zie waar we lopen gaat dat niet lukken. Toch staat Frank braaf te wachten op de goede plek en ik zie hem eerder dan hij mij dus ik trek zijn aandacht door met mijn armen te zwaaien. Hij ziet me en maakt foto’s. Ik heb dan weer niet in de gaten dat hij een stukje meeloopt tot het te laat is en ik hem alweer achterlaat. Nu begin ik een beetje moe te worden en voel niet alleen vannacht en de zomertijd maar ook de afgelopen drie dagen in mijn benen en lijf zitten. Voor mijn gevoel kak ik enorm in maar de kilometertijden blijven rond de 5:10. Nog twee kilometer te gaan en nu moet ik gaan beslissen. Rustig uitlopen of tanden op elkaar en doortrekken. Met andere woorden, ben ik een oude muts van 55 of maakt de Terminator een testrun? </p>
<p>Ik kan het niet laten, wat is nou 2 kilometer? Ik ben toch geen oude muts? Ok, dat ben ik wel, maar dat wil ik niet zijn, dus tanden op elkaar en doortrekken. Alsof de duvel er mee speelt hebben we wind tegen. Desondanks en alhoewel het niet zo voelt, hou ik tempo en finish ruim onder de 55 minuten. Misschien wel symbolisch gezien het feit dat ik 55 jaar geworden ben. Ik realiseer me later pas dat dat waarschijnlijk ook weer een andere hardloopleeftijdscategorie is, dus misschien ben ik ook wel hoog in het klassement geëindigd. Frank staat te wachten en na een flesje water, sportdrank en een blikje Fanta in ontvangst genomen te hebben wil ik heel even bijkomen en kijken of de officiële tijd al beschikbaar is. Dat bijkomen gaat snel, die officiële tijd laat even op zich wachten dus we pakken de metro terug naar ‘huis’ om lekker te douchen en om te kleden. It’s party time!</p>
<p>Party time bij het restaurant waar we met 12 man/vrouw starten met de heerlijkste tapas voordat de paella geserveerd wordt. Originele Valencia versie, met kip, konijn en slakken. De mannen hebben bovendien de boel aangekleed met ballonnen en ik heb een kroon en sjerp omgehangen gekregen. Na de paella komt de taart met kaarsjes op tafel, mag ik een wens doen alvorens ik de kaarsjes uitblaas en krijg ik van iedereen kadootjes. Ik voel me net die uit dat Kinderen voor Kinderen lied. ‘Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd. Iedereen riep Hieperdepiep, ik werd gekust en gekroond en met kado’s overstroomd’! Alleen is het geen droom maar werkelijkheid en ik voel me enorm gezegend met de liefde van al deze mensen, familie, oude vrienden en nieuwe vrienden, die in mijn hart zitten en in wiens hart ik zit, zelfs al hebben we elkaar al bijna tien jaar niet gezien. I feel loved! Na het eten waggelen we naar buiten, nemen we afscheid van elkaar en gaan Frank en ik terug naar het appartement waar we rustig bijkomen van de dag en voorzichtig plan maken voor morgen. Dit was weer een dag met een gouden randje, één voor in de boeken. En morgen?</p>
<p>Morgen gaan we weer aftellen want dan ben ik nog láng niet jarig!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Het wonder van CPC2026</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 15 Mar 2026 17:57:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5581</guid>

					<description><![CDATA[Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet meer wie ik was en de vraag is of ik het ooit weer ga worden. Voor het eerst in maanden prak ik weer een banaan met een ei in elkaar en gooi er wat cruesli doorheen om een pannenkoek te bakken als ontbijt. Ik vis een gelletje en een stuk ontbijtkoek uit onze ‘hardloopvoedsel’ bak. Beiden zijn over de datum. Tja, als je geen evenementen meer loopt dan krijg je dat.</p>
<p>Ik trek het shirt aan dat ik er bij gekocht heb. Het ziet er mooi uit maar het is net een hobbezak. Maatje L is normaal gesproken prima maar het is een herenmodel want ze hebben geen rekening gehouden met dat er ook dames meelopen, of ze hebben zich er gewoon makkelijk vanaf gemaakt. Sowieso lijkt hij groot te vallen dus hij komt bijna tot mijn knieën. Zucht, dat kan er ook nog wel bij. Frank kijkt Formule I en Max heeft net zo’n slechte dag als dat ik me voel. Als dat maar geen voorbode is. Maar goed, het moet toch gebeuren. Vandaag loop ik mijn eerste evenement weer in ruim vier maanden. Vandaag loop ik de vijftigste editie van de CPC. Althans, ik ga starten.</p>
<p>Ik wil op tijd weg want ik moet mijn startnummer nog ophalen. Frank zal op de boulevard gaan staan om de laatste 5 km met mij mee te lopen. Gelukkig heb ik een kluisje gehuurd, dan kunnen we daar de tas in kwijt. Hopen we, want alhoewel ik een medium kluisje heb kan ik niet meer terugvinden wat de afmetingen zijn. Nou ja, zal wel passen toch? Ik wil om 10 uur de deur uit maar we hebben wat discussie hoe laat de trein nou vertrekt. Ik heb 10:20 in mijn hoofd, Frank denkt 10:30. Ik wil geen risico lopen want ik heb al genoeg zenuwen om laat aan te komen en te moeten haasten. 10:00 de deur uit dus. Eenmaal bij Blaak hebben we allebei gelijk maar pakken toch die van 10:20 ook al moeten we dan overstappen op Centraal. Als we in de trein zitten kan ik eindelijk een beetje ontspannen, alhoewel mijn humeur nog steeds op storm staat ondanks het mooie loopweer.</p>
<p>Bij het Malieveld moeten we nog een heel eind naar de ingang lopen. Oh ja, dat was vorig jaar ook al. Het is heel druk en ik merk dat ik dat ook niet meer gewend ben. Linda is in de kleedkamer voor de dames maar we lopen eerst naar de lockers zodat we niet alleen weten waar die is maar ook of de tas nu past. Als we hem gevonden hebben staan we voor een heel klein lockertje. Noemen ze dit een medium? Met hoe de dag tot nu toe verloopt had ik het kunnen weten. Met proppen past de tas net maar er moet nog de nodige kleding in. Dan maar alle belangrijke dingen er uit halen en die in een ander plastic tasje doen. Dan kan dat straks in de locker en laat ik de grote tas wel in de kleedtent. </p>
<p>We vinden Linda en nadat ik me raceklaar gemaakt heb gaan we nog even naar de wc. We hebben gelukkig tijd en die heb ik nodig want ik heb Frank zijn buff en petje niet uit de tas gepakt dus ik moet terug naar de kleedkamer. Linda gaat op zoek naar haar collega die met Frank zijn startnummer loopt. Als het euvel verholpen is neem ik afscheid van Frank en ga ik naar mijn startvak. Ik heb een knieband gekocht en na wat twijfel of ik hem aan het begin of aan het eind omdoe toch maar aan het begin. Ik heb er 10 km mee getest. Het liep wel lekker maar na 8 km begon hij te irriteren dus waarschijnlijk moet hij halverwege uit. Ik sta nog geen tien minuten in het startvak te wachten en hij irriteert me nu al. Uit dat ding! Dat voelt een stuk beter, misschien zie ik Frank straks nog even langs de kant, dan kan ik hem afgeven. And now, we wait.</p>
<p>Het lijkt eeuwen te duren maar dan komt er toch beweging in de rij en lopen we de straat richting start op. Ik moet zeggen dat deze methode in elk geval beter is dan andere jaren waar het altijd een chaos was om het startvak in te komen. We mogen redelijk doorlopen en ik sta voor mijn gevoel ook redelijk vooraan. Mooi, ik kan alle extra tijd gebruiken. Ik eet de helft van mijn ontbijtkoek en kijk nog of ik Linda ergens zie maar dan moet ik me concentreren op mijn race. Als ik over de startmat stap is het officieel. Ik ben begonnen.</p>
<p>Ik heb Frank beloofd om rustig aan te lopen maar dat was ik toch wel van plan. Ik voel mijn knie en mijn heup en dat valt me een beetje tegen. Ik had gehoopt dat ik net als de afgelopen weken in elk geval pijnvrij kon starten. Maar het is wat het is. Ik kijk uit naar Frank als ik hem inderdaad zie staan. Hij maakt foto’s of filmt, geen idee. Ik grijp naar mijn knieband en geef hem af. ‘Tot straks schat!’ Vanaf nu is het volle concentratie in modus muziek aan en gaan. De eerste kilometer is veel te snel op 6 minuut de kilometer. Nou ja, het is de eerste en die gaat altijd wat sneller. De tweede is echter nog sneller op 5:50. Dat is niet de bedoeling maar voor mijn gevoel loop ik helemaal niet zo snel. Misschien komt het door de afleiding dat de route wat aangepast is. We lopen uiteindelijk wel weer naar het Vredespaleis en er omheen, en ik kijk of ik nog bekenden zie. Dat is niet het geval maar ik word desondanks door menig toeschouwer aangemoedigd. </p>
<p>De eerste vijf kilometer gaan als vanouds snel voorbij en ik loop eerst de mat over voordat ik een bekertje water pak. De drankpost staat precies hier en ik kan nog net water pakken voordat ze overgaan op sportdrank. Ik loop gemiddeld tien kilometer per uur. Niet het rustige aan dat ik Frank beloofd heb maar ik heb het al lang in de gaten. Ik kan gewoon niet langzaam lopen op een evenement. Iedere keer dat ik denk ‘nu ga ik wat rustiger lopen’ is de kilometer uiteindelijk toch weer op 5:45/5:50. Dit is blijkbaar mijn comfortabele pace op dit moment. Of misschien mijn ‘ik heb een pesthumeur’ pace, mijn ‘ik heb al vier maanden niet echt kunnen racen en ben net een koe die na de winter de wei in mag’ pace, of mijn ‘wat zeur je nou, het is eigenlijk perfect loopweer’ pace. Maar ik weet donders goed welke pace dit is. Dit is een ‘ik ben vijf kilo afgevallen’ pace.</p>
<p>Mijn knie blijft zeer doen maar wordt niet erger. En dan komt de gevaarlijke gedachte van mijn innerlijke duiveltje omhoog. Als het dan toch zeer doet en het niet erger wordt, waarom dan niet gewoon zo door blijven lopen en kijken waar het schip strand? Nog voor ik de gedachte afgemaakt heb heb ik al besloten. De dood of de gladiolen. En ik ga altijd voor de gladiolen! Ik blijf dus gewoon lekker doorlopen ook al weet ik dat ik er op korte termijn een prijs voor zal moeten betalen. Maar de CPC was een doel want de vijftigste editie, bla, bla, bla. Dan zien we daarna wel weer verder. Opnieuw een wijziging in het parcours als ik richting de 10 km loop. Ook deze passeer ik met gemiddeld tien kilometer per uur en even los van de pijn in mijn poot gaat het lopen zelf me verbazingwekkend makkelijk af. Ik ben niet moe of buiten adem, dat had ik niet verwacht. </p>
<p>Na het tien kilometer punt ga ik even wandelen en eet de tweede helft van mijn ontbijtkoek. De weg loopt hier een beetje naar beneden dus ik dribbel rustig door. Naar beneden is altijd nog steeds gratis. De kilometers gaan ook nog steeds snel en soepel als ik op 14 km ineens Linda voor me zie lopen. Ik haal haar in en zeg dat ik niet langzaam kan lopen. Zij wel, waardoor zij wel geniet en ik niet. Mijn slechte humeur ben ik al wel vergeten maar genieten doen we op de trails. Op de weg heb ik een doel en dat doel is nu uitlopen. De rekening krijg ik nu toch wel dus ik kan net zo goed alles er uit halen. Ook hier is er nog een wijziging van het parcours en ik kom van een hele andere kant om de boulevard op te lopen. Maakt niet uit, daarboven staat Frank dus daar moet ik naar uitkijken. Die zal wel gaan schelden dat ik me niet aan mijn belofte gehouden heb. Sorry schat, je kan een dier zijn natuur nu eenmaal niet veranderen.</p>
<p>Ik zie hem al snel staan als ik het heuveltje op loop. Hij kijkt naar me uit en ik ga wandelen en zwaai. Hij ziet me en trekt zijn jasje uit. ‘Zo dame, wij moeten even praten’ is het eerste wat hij tegen me zegt. Dat was te verwachten en ik antwoord gelijk dat ik het gewoon niet kan, rustig lopen tijdens een race. Ik ga weer rennen en Frank rent mee die zich gelijk beklaagt dat ik zo snel ga. Ik hou wat in maar niet te veel. Toevallig voel ik nu mijn knie even niet. Het is druk op de boulevard en als we aan het einde komen mogen we naar beneden voor mijn snelste kilometer tijdens deze race. Ik klok 5:33. Oeps. Eenmaal beneden ga ik wel iets rustiger lopen en pak de extra drankpost mee. Bij 19 kilometer begin ik voor het eerst mijn beenspieren te voelen en een beetje vermoeidheid. Tijd voor een laatste stuiptrekking.</p>
<p>Het oude terminatorgevoel komt naar boven en ik blijf rennen. De pijn in mijn knie is terug en ik voel nu ook wel dat hij zich begint uit te breiden. Niet veel en langzaam, maar toch. De grens komt in zicht, maar ook de finish dus nog even volhouden. Ik tel af naar de 20 km want dan is het er nog maar één en ik kan nu écht niet meer stoppen met doorrennen. Frank loopt nog mee tot aan de bocht en gaat er dan af als ik de laatste honderden meters wegwerk. Ik ben superblij als ik over de finish kom. 2:04:41, dat had ik nooit, maar dan ook nooit gedacht toen ik vanochtend opstond. Ik loop door om mijn medaille op te halen en vlak voor de uitgang zie ik een man met een Aafjeshirt staan en Frank op het startnummer. Dat moet Linda haar collega zijn die Frank zijn nummer overgenomen heeft. Dat klopt en terwijl we op Linda wachten praten we wat. Als ze er is gaan we naar de uitgang en zie ik Frank al in de verte bij de lockers die kijkt waar ik ben. Eenmaal elkaar gevonden pakken we onze spullen, kleden ons om en lopen het terrein af. Daar nemen we afscheid van Linda alvorens we in de trein stappen terug naar huis. Lekker douchen en op de bank met een icepack op mijn knie. Misschien dat ik morgen dan wat korting op de rekening van vandaag krijg.</p>
<p>Ongeveer twee maanden geleden zag ik het heel erg somber in. Vanaf daar ben ik voorzichtig een beetje gaan opbouwen en kreeg ik momenten van hoop. Momenten van hoop maar ook momenten van wanhoop als ik weer een terugval had. Maar alles in het teken van in elk geval de CPC. Want, de vijftigste editie bla, bla, bla. Ik heb het niet alleen gehaald maar ik heb gezien de omstandigheden een geweldige race gelopen. Dat is de CPC zoals ik hem ken. Dit is de elfde keer dat ik hem loop en ik heb hier mijn beste en mijn slechtste halve marathon gelopen. En alles ertussenin met een paar huzarenstukjes. Vorig jaar twee weken na de Duinhopper, dit jaar met een knieblessure en nauwelijks training, beiden rond de twee uur. Het moet niet gekker worden. Kan het gekker? Tja, ik heb ook nog een startbewijs voor de Rotterdam Marathon.</p>
<p>Will I be back?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Gouda: Deze is voor Bart</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 11 Nov 2025 21:28:29 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5532</guid>

					<description><![CDATA[Toen vriendin Linda me drie weken geleden vertelde dat ze 10 km in Gouda ging lopen dacht ik nog bij mezelf: ‘Leuk, misschien loop ik wel mee!’ Meestal probeer ik bij een loopje altijd wel de langste afstand te lopen, wat in het geval van Gouda een halve marathon zou zijn, maar ik had al [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Toen vriendin Linda me drie weken geleden vertelde dat ze 10 km in Gouda ging lopen dacht ik nog bij mezelf: ‘Leuk, misschien loop ik wel mee!’ Meestal probeer ik bij een loopje altijd wel de langste afstand te lopen, wat in het geval van Gouda een halve marathon zou zijn, maar ik had al bedacht dat ik het na The Great Escape-Urk-Amsterdam even iets rustiger aan wilde doen voordat in December de Bello zich weer zou aandienen. Careful what you wish for zeggen ze wel eens, want ik wist toen niet dat ik het noodgedwongen héél rustig aan zou moeten doen. Maar goed, 10 km leek een prima plan. Naarmate de dagen verstreken, en de omvang van mijn rechterknie groeide tot inmiddels formaat watermeloen, gooide ik die 10 km maar overboord. Gelukkig had ik nog niet ingeschreven.</p>
<p>Vriendin Linda wist nog van niks en appte nietsvermoedend of ik nog ging lopen. Vriend Bart had een startbewijs voor de 10 km maar had een week eerder de hardloophanddoek voorgoed in de ring gegooid. Verdrietig nieuws want hij tobt al heel lang met zijn longen maar is fervent hardloper. Maar wat niet gaat, gaat niet meer. Opnieuw noodgedwongen moest ik in elk geval nee zeggen. Deed het pijn? Ja, het deed pijn. Maar zelfs ik kan bedenken dat je soms, héél soms, moeilijke keuzes moet maken. Na een snelle blik op de website zag ik een uitweg. De 10 km start gelijk met de 5 km, en 5 km ‘mag’ ik wel lopen. En als je geen stuk taart mag en alleen een koekje maar het een koekje is of niks, dan maar een koekje toch? Dus toen vriend Bart appte of ik zijn startbewijs wilde hebben kon ik voorzichtig ja zeggen. 5 km op rustig tempo. Maar wel iets anders dan een rondje brug, een gelegenheid om de vriendjes te zien én een stukje bling. Ik teken er voor.</p>
<p>Ik wil er op tijd zijn om een pannenkoek te eten van tevoren maar we hebben laat ontbeten en ik heb nog geen trek. We rijden dus pas om 12:00 weg en lopen om 12:30 richting de sociëteit waar het startnummer opgehaald moet worden. Bart en Linda komen ook die kant op. We zijn mooi een uur van tevoren, daar hou ik van. Ik heb een hekel aan haasten. Als we bij de sociëteit aankomen zien we echter een rij van hier tot Tokio. De entree is dan ook heel smal en we moeten helemaal naar het einde van de straat én de hoek om lopen om aan te kunnen sluiten. Dat wordt nog spannend. Niet veel later zijn Bart en Linda er ook. Gelukkig lijkt de rij wel te bewegen maar voor een aantal mensen die de halve lopen gaat het te langzaam. Uiteindelijk zijn we aan de beurt en als we het startnummer hebben is het nog maar 10 minuten tot de start.</p>
<p>We lopen naar het plein waar we Marilene treffen en in tegenstelling tot het ophalen van het startnummer staat er bij de wc’s geen rij. Misschien wel omdat iedereen nog bij de startnummer staat. Hoe dan ook, we kunnen nog rustig plassen, een paar foto’s maken en klaar gaan staan. Bart en Frank letten op de tassen en moedigen aan. Dan wordt er afgeteld en gaan we van start. Ik loop heel rustig voor mijn doen en probeer de adviezen van de wonderdokter te volgen (lees binnenkort de avonturen met de wonderdokter). Dat valt nog niet mee maar met mijn concentratie daar op gericht en de muziek op de achtergrond ben ik in elk geval niet met het parcours bezig. </p>
<p>Ik krijg de route dan ook maar vaag mee, en ook alleen maar omdat we hier net gereden hebben en we ons afvroegen of hier de route zou lopen. Ja dus. We lopen het centrum uit en er langs om er na 4 km weer in te duiken. Voor de 10 km moeten ze twee rondjes lopen en ik ben nu al blij dat ik er maar één hoef. Het is stiekem best warm en ik heb medelijden met de lopers in lange broeken, lange mouwen en zelfs jasjes aan. Ik wist beter met mijn korte broek en shirt korte mouwen. Ik voel de buitenkant van mijn knie en na 3,5 km begint de binnenkant ook zeer te doen. Gaat lekker zo. Ik loop niet eens hard en ben ook nog niet ver. Misschien ligt het aan de ondergrond of aan mijn experimentele lopen. </p>
<p>Eenmaal weer richting de Markt in het centrum valt het me ineens op dat alle winkels dicht zijn en vraag me af of dat altijd zo is of vandaag vanwege de wedstrijd. Ik mag nog een half rondje om de kerk heen en dan ben ik er alweer. Officieel loop ik met een 10 km nummer en ik ben vergeten door te geven dat ik de 5 km loop maar dat zullen ze wel door hebben denk ik zo. Vlak voor de finish hoor ik mijn naam. Marja staat er met haar camera en aangezien ik toch geen haast heb draai ik me om, loop even terug en kom opnieuw aanlopen voor de foto. Iets soortgelijks gebeurt vlak na de finish als Frank klaar blijkt de staan. Stukje terug en juichend voor de foto. Zo word je nou genept waar je bij staat.</p>
<p>Ik neem de medaille in ontvangst en voeg me bij Frank en Bart. Nog even een foto bij de kaaskar en dan lekker iets droogs en een trui aan om op Linda en Marilene te wachten die aan het tweede rondje begonnen zijn. Als ook zij binnen zijn praten we nog even na en blijven dan niet te lang hangen. Ik heb nog een pannenkoek tegoed maar besluit eerst terug naar Rotterdam te rijden en hem daar te eten. Daarna naar huis, douchen en omkleden want we krijgen nog bezoek.</p>
<p>Misschien was dit wel een van de meest rare loopjes van de afgelopen jaren. Het startnummer overgenomen van Bart omdat hij niet kon lopen maar zelf geblesseerd dus maar 5 km in plaats van 10 km op een rustig trainingstempo. </p>
<p>Het voelt een beetje als dat de lamme de blinde leidde, maar Bart, deze was voor jou en ik heb het startnummer met eer gedragen!</p>
<p>Foto: Marja Baas</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/gouda-deze-is-voor-bart/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Amsterdam Marathon: 020</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 19 Oct 2025 17:27:23 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitanederland]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[rotterdam marathon deelnemers]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5500</guid>

					<description><![CDATA[Amsterdam. Mokum. Het Venetië van het Noorden. Hoofdstad van Nederland. Neuzenstad. Er valt een hoop over te zeggen. Ze troeven niet in volgens Leo. Als je Jules Deelder tekeer hoort gaan weet je het wel. Aardige gasten die Amsterdammers, maar ze moesten hun hart gekookt op hun rug hebben hangen zo laag dat de honden [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Amsterdam. Mokum. Het Venetië van het Noorden. Hoofdstad van Nederland. Neuzenstad. Er valt een hoop over te zeggen. Ze troeven niet in volgens Leo. Als je Jules Deelder tekeer hoort gaan weet je het wel. Aardige gasten die Amsterdammers, maar ze moesten hun hart gekookt op hun rug hebben hangen zo laag dat de honden er bij kunnen. Hoe dan ook, wij zeggen thuis gewoon 020. En dan houden wij niet eens van voetbal.</p>
<p>Maar alle gekheid op een stokje, ik heb niks tegen Amsterdam. Niet dat ik er elke week te vinden ben, ik vind het te toeristisch, parkeren is een drama en ik hou meer van grote open steden met hoge gebouwen en brede straten maar Amsterdam valt voor mij in dezelfde categorie als Utrecht, Eindhoven of Den Haag. Gewoon. Ik heb er zelfs een paar loopjes gedaan. De Vondelparkloop en 8 km van de Amsterdam Marathon, beiden in 2015. Het was eigenlijk de bedoeling dat ik de halve zou lopen, maar drie weken eerder besloot mijn paard om van de les een rodeo te maken met als gevolg dat ik er na de achtste bok af lag en mijn rechterkant bont en blauw, dus toen heb ik hem maar omgezet naar de 8 km. Prima loopje, finish in het Olympisch Stadion maar parkeren was een drama (zei ik toch), de expo en het startnummer ophalen was chaos en Frank, die wel de halve liep, kwam bloedchagrijing over de finish omdat ‘die Amsterdammers’, scheldend met hun fiets gewoon het parcours overstaken waardoor hij elke keer moest uitwijken. Exit Amsterdam.</p>
<p>En toch, na meerdere keren Rotterdam en verschillende marathons in het buitenland vond ik ergens dat ik Amsterdam toch ook een keer gelopen moest hebben. Zo van ‘Keep your friends close, but keep your enemies closer’. Want hoe kan ik oordelen dat Rotterdam de mooiste is als ik Amsterdam nooit gelopen heb? Dus toen ik vorig jaar in een mailing de inschrijving voorbij zag komen voor de 50ste editie (en 750 jaar Amsterdam) dacht ik, ‘als ik hem dan tóch een keer wil lopen, dan deze!’ Ik schreef me in en moest gelijk bedenken hoe ik het aan Frank ging vertellen zonder scheiding en op straat te belanden. Want de marathon in 020 lopen is toch een beetje heiligschennis. Nog meer gekheid. Natuurlijk maakt het hem niks uit en de reactie was te verwachten. ‘Je doet je best maar, ik ga hem niet lopen en ik ga ook niet mee.’ Maar natuurlijk gaat hij mee. Hij moet wel heel erg veel van mij houden.</p>
<p>Verrassing, je kan het startnummer echter niet op zondag halen. Daar kan ik wat van vinden, maar heel eerlijk is dat bij alle andere marathons in het buitenland ook niet zo. Alleen dan zit ik in een hotel in de stad. Voordeel is wel dat het in de RAI is en toevallig is vrijdag mijn part time dag dus rij ik rustig op mijn gemak er naar toe. Gelijk het plan gemaakt dat ik daar dan ook nog een klein rondje ren in het Beatrixpark er achter. Ik ben er drie kwartier na opening en het is nog rustig. Ik heb nog niet koud mijn startnummer opgehaald of ik hoor een stem roepen ‘Hééééé Sas, jij hier?’ Shit, busted. Het is Anja, die loopt de halve, en terwijl we bijkletsen komt Jeanette er ook ineens bij, die loopt ook de halve. Zo kom je toch weer overal bekenden tegen.</p>
<p>Onze wegen scheiden zich weer na het ophalen van het shirt, dat ik een beetje tandenknarsend toe moet geven erg mooi vind. Rood met zwart en gouden opdruk, met subtiel de plattegrond van Amsterdam centrum er op gedrukt. Mijn lievelingskleuren, prachtige combi en anders dan anderen. Maar ja, er staat Amsterdam op hė? Als ik dat in 010 draag ben ik aangeschoten wild. Toch besluit ik nu al om dat lekker recalcitrant gewoon een keer te doen. Voor mijn rondje straks trek ik hem ook aan. Ik loop verder over de expo om een beetje in de sfeer te komen en kom bij de stand van Loopreizen waar Natalie en Marja staan. Ook hier blijf ik uitgebreid staan kletsen. Bij de uitgang staat een vitrine waar de medaille in ligt. Wow. Ik kan niet anders zeggen en ik word enorm hebberig en ben blij dat ik voor deze editie gekozen heb.</p>
<p>Ik gooi mijn tasje en startnummer in de auto en loop weer naar buiten. Eerst foto’s maken bij het ‘I Amsterdam’ bord, als ik dan toch overloop naar 020 dan moet je het goed doen, en veel buitenlanders vragen mij of ik van hen ook een foto wil maken. Als iedereen geweest is begin ik aan mijn rondje. Vanaf de voorkant van de RAI naar de achterkant het park in. Ik moet improviseren want ze zijn aan het werk en mijn route is afgesloten, maar na drie keer heen en weer ben ik weer op het juiste pad en loop 5 km tot ik weer bij de auto ben. Dan naar huis om verder na te denken over de planning van zondag.</p>
<p>Zondag. 7:30 de deur uit betekent 6:30 de wekker. Ik zal er nooit aan wennen. Ik blijf nog heel even liggen en ga er dan met een diepe zucht toch maar uit. Boterhammetje met pindakaas, spullen pakken en netjes volgens planning om 7:30 weg om netjes volgens diezelfde planning om 8:30 in Amsterdam te zijn. Frank zet me af bij de Kiss &amp; Ride en gaat de auto ergens parkeren terwijl ik naar het Olympisch Stadion loop. Daar doe ik mijn trainingsbroek uit, ga naar de WC, pak mijn Flipbelt en eten en gooi mijn tas af. Terwijl ik wegloop voel ik in mijn broekzakje. Mijn telefoon!!! Hij is weg! Ik krijg een complete paniekaanval en vraag me af hoe hij uit mijn zak heeft kunnen vallen. Misschien toen ik mijn broek uit deed? Nu kan ik Frank niet bereiken en hij mij niet. Ik loop terug naar de tassenafgifte en terwijl ik bijna hysterisch roep dat ik mijn telefoon kwijt ben bedenk ik me tegelijkertijd dat ik hem uit mijn zak gehaald heb en in mijn Flipbelt heb gedaan. Sorry, foutje. Het duurt nog zeker vijf minuten voordat mijn hartslag weer normaal is.</p>
<p>Vijf minuten die ik ook zeker nodig heb om in het stadion te komen maar eenmaal binnen kom ik wat Rotterdams gespuis tegen, met RMD shirt en al. Dennis en Kees lopen ook en ik sta even met ze te kletsen als Frank belt om uit te puzzelen waar ik ben. Dat duurt even maar dan weet hij waar ik sta en belangrijker, ik weet waar hij staat als ik zo moet starten. Ik wens de mannen succes en loop mijn startvak in waar ik nog één keer naar de WC ga, de officiële start van de toppers zie en een foto maak met een man die ook een Hussein shirt aan heeft. Hij heeft hem van zijn dochters gekregen en vraagt zich af of dat wel zo kan in Amsterdam. Mijn antwoord? ‘Het kan juíst in Amsterdam!’, en loop lachend weg.</p>
<p>Dan zijn alle waves weg en mogen wij als laatste. Ik zie Frank op de tribune, maak nog wat foto’s en trek mijn vest uit om achter te laten en dan mag ik van start. Eerst het stadion uit als ik Natalie zie staan en naar me zwaait, dan een stukje over de straat en dan het Vondelpark in. Ik zie nauwelijks publiek en roep in mijn hoofd ‘Serieus? Dit kan toch niet waar zijn?’ Maar ik laat me er niet door kisten en ik loop een lekker tempo. Op 4 km ben ik bij het Rijksmuseum, waar wel wat publiek staat, en maak wat foto’s, onder andere van een klein orkestje dat daar staat te spelen. Die mannen doen zo hun best, dat moet gewaardeerd worden. En zo zitten ongemerkt de eerste 5 km er al weer op.</p>
<p>Ik maak gebruik van de drankpost door wat water te pakken. Eten doen we later, daar is het nog te vroeg voor. Frank had gezegd dat hij naar de 10 km zou lopen, dat is aan de andere kant van de zes dus voor de zekerheid kijk ik of ik hem toevallig ergens zie staan. Ik zie hem niet maar tot mijn grote verrassing staat er wel een andere bekende foto’s te maken. Ik kijk recht in het gezicht van Rob Sportfografie en ‘juich’ voor hem en zijn camera. We hebben hier een heen en weer met een lusje en ik zie de lopers aan de andere kant die al verder zijn. Het lusje en het weertje brengen me uiteindelijk naar de 9 km waar Frank aan de kant staat. Ik stop even en geef hem een kus alvorens ik verder ren. Ik hoor hem nog net vaag iets roepen over dat ik mezelf niet op moet blazen. We zullen zien. Voorlopig loop ik iets sneller dan 10 km per uur en passeer de 10 km dan ook in 57:48. Hij gaat lekker. Ik voel mijn bil wel maar gewoon negeren. Ik wil een stukje banaan maar de man is nog aan het snijden en geeft me een hele mee. Ook goed, die komt wel op.</p>
<p>Ik deel mijn loop nu nog op in 5 kilometers. Ergens bij de 15 km moet ik bij de Amstel zijn, dat lange stuk heen en terug waar iedereen altijd zo over klaagt. Ik ben benieuwd, als ik langs de Rotte loop heb ik iets soortgelijks dus het zal wel meevallen denk ik dan maar. Het stuk start al op 14 km en ineens zie ik iemand in een Rotterdam shirt lopen. Ze komt me bekend voor en ik spreek haar aan. Ze twijfelde of ze het Hussein shirt zou aantrekken maar koos voor het Rotterdam shirt. Grappig, ik twijfelde of ik het Rotterdam shirt zou aantrekken maar koos voor het Hussein shirt. Ik wens haar succes en ren verder.</p>
<p>Het hele parcours tot nu toe is niet heel erg breed met als gevolg dat het soms echt zoeken is om voorbij langzamere lopers te kunnen. Ook nu moet ik langs het richeltje als ik sneller ben en moet denken aan het Havenspoorpad. Ik irriteer me er niet aan maar het kost me wel energie. De weersomstandigheden zijn dan wel weer perfect. Lekker koel, droog en bewolkt. Wat dat betreft is een najaarsmarathon dan toch beter dan een voorjaarsmarathon. Ik passeer de 15 km nog steeds lekker en kom bij de 17 km waar ze Maurten gel uitdelen. Mooi, ik steek er één in mijn zak voor straks en eet er één op. Dat moet me wel naar de 21 km kunnen brengen.</p>
<p>Ik zie een kleurrijk geklede man in een boot en maak een foto. Er is veel muziek onderweg maar eerlijk heb ik er meer last van dan plezier want het interfereert met mijn eigen muziek en flow. Zoals verwacht vind ik het stuk langs de Amstel niet zo erg. Er staat meer publiek dan ik had verwacht en als ik bij het eind en keerpunt kom zijn we in Ouderkerk aan de Amstel waar ze er echt een feestje van maken. Ik mag echter aan de terugweg beginnen en naar de helft. De helft die ik passeer in 2:04:35. Gewoon een minuut sneller dan vorige week in Urk. Ik weet dat dat niet goed kan blijven gaan en voel aan mijn benen dat ik mezelf opgeblazen heb. Maar who cares, ik ben over de helft en zie het wel. Volgende checkpoint is de 25 km.</p>
<p>De 25 km die ik met horten en stoten haal. Ik heb een kleine pauze genomen na de helft maar mijn benen weigeren dienst dus ik moet veel wandelen. Afgelopen Rotterdam had ik iets soortgelijks maar toen had ik dit pas na de 25 km. Nu komt het iets eerder. Ik haal de 26 km dat het einde van de Amstel markeert. Het voelt een beetje als ‘klaar met Zuid’. Ik loop op 27 km langs Globalrunning als Marja me roept. Die staat foto’s te maken dus ik loop haar kant op en ze maakt een hele toffe foto! Hoppa, weer een paar meter afleiding. In elk geval op naar de 30 km waar het verval nu wel echt zichtbaar begint te worden. Liep ik de 25 km nog op 2:29, moet ik bij de 30 km al 5 minuten prijs geven op de 10 km per uur. Het geeft niet, alles onder de vijf uur is acceptabel en dat zou ik toch wel moeten kunnen halen. Tot mijn grote verrassing hoor ik Frank ineens roepen. Die is met de metro hier gekomen en ik geef hem een kus. Hij stuurt me weg met ‘alleen nog maar een rondje bos’.</p>
<p>Ik dacht dat ik op 27 km ook nog een gel zou krijgen maar dat blijkt op de 30 km te zijn. Ik zal me dan wel vergist hebben. Mijn klokje loopt inmiddels ongeveer 600 meter voor, net als in Tokio, maar het helpt me de kilometers weg te tikken. Klokje telt een kilometer, dan moet ik nog een stuk doorrennen en dan heb ik een bord en kan ik weer door naar de volgende kilometer op mijn klokje. Ook het publiek vermenigvuldigt zich en mijn naam wordt talloze keren geroepen. Het is geen Kralingen maar op New York en Londen na is niks zoals Kralingen en ze doen erg hun best. Ook dat kan ik waarderen. Mijn benen doen nu écht zeer, vooral mijn rechterknie en de zolen van mijn voeten. En mijn kuiten en heupen voel ik ook. Ok, ik voel gewoon mijn hele lichaam en vraag me af of het leeftijd, hormonen, blessure of gebrek aan training is. Het zal van allemaal een beetje zijn. Misschien moet ik daar toch eens wat aan gaan doen, maar ik ben gewoon te lui. Sorry.</p>
<p>Bij de 35 km zit ik weer ergens in de buurt van het centrum en begin een beetje te rekenen. De vijf uur haal ik zeker, de 4:30 kan ik nét niet meer opbrengen dus het zal er ergens tussenin worden. Ik heb een gok genomen door bij de drankposten nu naast water ook de Maurtendrink te pakken. Het lijkt goed te gaan en geeft me inderdaad wat extra energie. Dan zie ik ineens nóg een verrassend gezicht langs de kant. Dave, mijn instructeur van de hardloopinstructeursopleiding staat daar. Ik stop, spreek hem aan en probeer uit te leggen wie ik ben en of hij me nog herkent. Ik geloof niet dat het lukt. Het geeft niet, ik zeg gedag en loop weer verder. Ik vind het wel mooi dat ik de opleiding hier in Amsterdam heb gedaan destijds en dat de enige keer dat ik hier de marathon loop mijn instructeur tegen kom.</p>
<p>Dan komt het magische moment van de 37 km. Nu is het nog maar 5 km en mag ik gaan aftellen. Ik druk op de Terminatorknop en pers er her en der nog wat uit om stukjes te rennen. Ik loop weer langs het Rijksmuseum en duik het Vondelpark in wat nu wél vol met publiek staat. Ik moet aan New York en Central Park denken. Ik weet het, niet te vergelijken maar ja, een park en een marathon en ik ben een beetje heen. Dan kom ik het Vondelpark uit en is het nog maar 1 km. Een lange zware kilometer, maar ik heb vaker lange zware kilometers gehad. Ik ga de 4:30 inderdaad niet halen maar het zal niet veel schelen. Ik maak nog één foto van het gekleurde IAmsterdam bord met de vlaggen bij de ingang van het stadion maar ik ben er eigenlijk al te ver voorbij en hij komt er maar half op. Bovendien mis ik Frank volledig die in de bocht staat te roepen. Dan het stadion in en de laatste 200 meter tot de finish. Yes, ik heb het weer gered en mag stoppen. Officiële tijd? 4:33:37. Ik reken het goed.</p>
<p>Ik neem mijn medaille in ontvangst, hang de warmtedeken om, pak water, een banaan en een reep en beweeg langzaam naar de uitgang waar Frank wacht. Als ik die gevonden heb lopen we samen naar de auto waar ik wat droogs aantrek en dan rijden we naar huis. We hebben allebei trek dus we stoppen nog even bij de Drive-in van de Burger King bij Delft voor een burger die de ergste trek stilt. Thuis is het douchen, iets makkelijks aantrekken en op de bank wachten op het avondeten dat straks bezorgd wordt. Het zit er weer op, ik heb het weer gedaan, morgen weer een nieuwe dag en de blik richting December voor de Bello Gallico.</p>
<p>Amsterdam a.k.a. 020. De eerste helft was super, het was stukken beter georganiseerd dan destijds, de Amstel en het publiek vielen me 100% mee, de route was niet altijd even inspirerend maar de medaille is supermooi en meer dan de moeite waard geweest. Is het voor herhaling vatbaar. Laten we het zo zeggen, ‘been there, got the T-Shirt, got the bling’, maar Rotterdam is toch echt wel #demooiste, wat iedereen ook vindt van de ontwikkelingen de laatste jaren. Dus ik hoef niet per sé nog een keer te lopen.</p>
<p>Nou maar hopen dat Frank mijn medaille niet omsmelt!</p>
<p>Foto:Marja Baas van Globalrunning</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Halve Marathon Urk</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 13 Oct 2025 18:00:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[TeamAnita]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5494</guid>

					<description><![CDATA[Urk. De kleinste gemeente van de provincie Flevoland maar beter bekend om zijn visserijcultuur, authentieke vissersdorp-uitzicht en sterke gemeenschapszin. Dit jaar wordt er voor het eerst in de geschiedenis een marathon en een halve marathon georganiseerd. And guess what? Ik ga er lopen!    10 maart krijg ik een appje van Deborah. ‘Ga je mee [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Urk. De kleinste gemeente van de provincie Flevoland maar beter bekend om zijn visserijcultuur, authentieke vissersdorp-uitzicht en sterke gemeenschapszin. Dit jaar wordt er voor het eerst in de geschiedenis een marathon en een halve marathon georganiseerd. And guess what? Ik ga er lopen! </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">10 maart krijg ik een appje van Deborah. ‘Ga je mee halve lopen in Urk Zaterdag 11 oktober?’ Ik zei gelijk ja. Niet ‘hoezo Urk?’, of ‘Urk, ben je niet goed bij hoofd?’, of ‘hoe kom je daar nou bij, Urk?’ Nee, gewoon ‘Ja’. Wel erbij dat ik relaxt wilde lopen omdat ik de week erna de hele van Amsterdam had staan, maar voor de rest geen seconde over nagedacht. Natuurlijk ga ik mee naar Urk. Ik bedoel, wie kan er nou zeggen dat ze een halve marathon in Urk gelopen heeft, of all places? </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Na inschrijving kwam ik er achter dat het op zaterdag was, het twee rondjes van tien over een dijk waren en dat we een shirt kregen in plaats van een medaille. Ach, who cares? Kom jongens, het is Urk. Ik ben één keer eerder in Urk geweest. We kwamen ergens terug uit een weekendje Noorden geloof ik en waren in de buurt. Het was zondag en alles wat uitgestorven en dicht dus lang zijn we niet gebleven. Dat zal nu wel anders zijn. En na afloop natuurlijk vis scoren. Het liep allemaal een klein beetje anders. Deborah kon niet lopen en Frank werd gecharterd om in haar plaats mee te gaan. Maar ze ging natuurlijk wel mee.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">En zo rijden we zaterdagochtend rond een uur of 8, 111 km richting het noordelijkste puntje van de Flevopolder. De start is om 11:15 en we hebben ruim de tijd. Er zijn zo’n 300 deelnemers en we kunnen parkeren op één van de parkeerterreinen rondom het centrum. Ik navigeer ons naar de dichtsbijzijnde op 400 meter van de start waar we rond 9:45 aankomen en we hebben ongelooflijke mazzel. Het is een klein terrein en hij staat vol maar er rijdt nét voor onze neus iemand weg. Het is een beetje grijzig en langs de dijk, het IJsselmeer en de vele windmolens hangt zelfs een beetje mist. Het geeft een mooi plaatje en het is niet koud. We wandelen over de dijk waar we straks ook overheen lopen, richting de start. De hele marathon is al onderweg, die zijn om 9:30 gestart. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Bij het ophalen van het startnummer heb ik al 6 foto’s gemaakt en komen we Jacolien tegen, mede Anita zus, die in de organisatie zit. Het is een gezellig weerzien en we zullen haar nog een paar keer tegenkomen. Tenslotte is het allemaal niet zo groot. Omdat we vroeg zijn hebben we uitgebreid de tijd om rustig onze spullen klaar te maken, koffie te drinken, naar de WC te gaan en nog meer foto’s te maken. Het loopt langzaam vol met lopers en tegen beter weten in kijk ik of ik bekenden zie. Meestal kom je bij een loopje altijd wel iemand tegen, maar in dit geval zal dat niet zo snel zijn. Nadat Frank nog een stuk appeltaart weggewerkt heeft is het 11:00 en brengen we onze tassen weg. Deborah gaat ergens langs de kant staan en Frank en ik maken ons klaar in het startvak. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Dan is het tijd. Er wordt afgeteld, de bel wordt geluid en de misthoorn gaat oorverdovend aan. Is weer eens wat anders dan een kanon. Ik ga veel te snel van start. Frank loopt net zo snel, zo niet net even sneller, dus binnen een kilometer loopt hij een klein stukje voor me uit. Toch wordt het gat niet veel groter en blijf ik best goed bij. We duiken na 2 km omhoog en rechts omlaag richting het bos over het betonnen voetpad. Ik wil een foto maken van de windmolens in de mist maar besluit dat ik dat de tweede ronde doe. Nu eerst doorlopen. Het stukje bos is een pad met bochten, een welkome afwisseling op de lange rechte stukken die daarna volgen. Maar eerst krijgen we een verzorgingspost waar ik dankbaar een stuk banaan pak. Ik had bij de start eigenlijk al trek maar niks te eten. Wat ik had heb ik in de auto al opgegeten.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik loop lekker, het is niet koud eerder warm en ben blij met wat water in mijn gezicht van de verzorgingspost en het zachte briesje. Ik poseer natuurlijk even voor de fotografe. Ik dacht dat we met de wind mee zouden lopen maar tegen de tijd dat ik de dijk op ga met 7 km voel ik toch écht wind tegen. Ik zie Frank nog steeds een stukje voor mij lopen en hou hem goed in de gaten. Het stuk over de dijk is lang maar mijn doel is eerst naar de tien kilometer. Dat gaat gesmeerd. Ik voel mijn bil en been behoorlijk maar kan het ook prima negeren en elke kilometer is nog steeds onder de 6 minuut de kilometer. Ok, op eentje na dan maar dat zijn maar twee seconden. Ik tik dan ook 10 km aan op net geen 57 minuten. Als dit een tien kilometerwedstrijd zou zijn zou ik harder aangezet hebben en sneller gelopen, maar nu moet ik nóg zo’n rondje en een beetje dus een beetje doseren. Deborah staat langs de kant en maakt foto’s. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Er komen nu lopers tegengesteld van het keerpunt af. Ik denk Frank te zien maar als ik een paar tellen later kijk zie ik hem nergens meer. Ben ik aan het hallucineren? Ik haak aan achter een klein groepje mannen en laat me een beetje hazen. Pas een heel stuk verder zie ik Frank écht, geef hem een high five en hij lijkt verbaasd me te zien zo dicht achter hem. Surprise! Ik moet nog een stukje door naar het keerpunt en ga de mannen voorbij. Fijn, ik ben over de helft en ga het tweede rondje in. Ik zit te twijfelen. Ergens is het tijd voor de Terminatorknop met een cafeïne gelletje maar wat is het beste moment? Het liefst doe ik het 6 km voor de finish dus dat is op 15 km maar dat is pas over 4 km. Aan de andere kant heb je tussen 13 km en 18 km wat ik altijd de 5 dode kilometers noem.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Dan komt er achter mij een brandweerauto met zwaaiende lichten en een loeiende sirene aanrijden. Ik maak ruimte en een ambulance zit er vlak achter. Dat is foute boel maar ik kan er helaas niks aan doen behalve doorlopen. Tegen de tijd dat ik weer richting het bos loop besluit ik dan ook maar gewoon op de knop te drukken. Ik maak eerst de foto van de windmolens alhoewel hij niet echt recht doet aan de werkelijkheid, eet mijn gelletje en wissel mijn playlist. Off we go! Toch hapert de knop een beetje en de motor loopt niet helemaal soepel, maar ik hou mijn voet op het gas. Ik krijg een compliment voor mijn hardloopbroekje en irriteer me aan een man voor mij die zijn lege gelverpakking zo in de sloot gooit. Het is dat hij sneller loopt dan ik maar ik neem me voor dat als ik hem bij de finish nog tegen kom, ik hem er op aan ga spreken. Het is toch een kleine moeite om je zooi bij je te houden. Ik kom de fotografe weer tegen en pers er een sprongetje uit.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik ben bijna weer bij de dijk, maak nog wat foto’s, wandel een stukje en gooi er nog een Dextro tegen aan voor de laatste 4 km. Ik zit op koers voor onder de 2:05 en heb marge, maar dan moet ik wel door blijven lopen. Halverwege de dijk staat er een traumahelikopter en ik weet nu waar de brandweerwagen en de ambulance voor was. Shit. Wat een domper voor alles en iedereen. De route is afgezet en we moeten de dijk op en af, een stuk door het gras en dan weer de dijk op en af om terug op het parcours te komen. Ik pak de pace weer op maar de flow is er uit en wissel rennen met wandelen af. Nog even opzij voor een politiewagen en dan de laatste kilometer in. Ik passeer het keerpunt maar loop nu door weer richting het dorp. Heuveltje op en langs de vuurtoren de laatste meters. Frank staat langs de kant, haakt aan en rent met me mee naar de finish.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik finish in 2:05:36. Dat is nog steeds een mooie tien kilometer per uur en ik ben blij dat ik klaar ben. Ik krijg een mooie medaille maar we hebben het vooral over de persoon op de dijk. Deborah sluit aan en als we naar het foodplein lopen komen we Jacolien tegen. Die weet ons te vertellen dat de man in kwestie naar het ziekenhuis is. We kunnen alleen maar hopen dat het goed komt. We halen de tassen op maar eerst maak ik een foto met mijn medaille bij de piepschuim cijfers van de halve marathon en de vuurtoren. Daarna iets warms aantrekken en tijd voor lunch. Uiteraard wordt het vis. We eten een portie kibbeling alvorens we terug naar de auto gaan. Nog even langs Baarssen voor wat vis voor thuis en dan lekker naar huis voor een douche en een bank.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Zondag even lekker niet lopen, uitslapen en ‘s middags naar de bioscoop: The long walk, van Stephen King. </span></div>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Pegasus Trail met onstuimig weer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 05 Oct 2025 14:21:56 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5471</guid>

					<description><![CDATA[‘What was I thinking?’ Blijkbaar niet heel helder toen ik me inschreef voor de Pegasus Trail, twee weken na The Great Escape. Nu was het oorspronkelijke plan natuurlijk om de volle 100 km te lopen maar dat werden er 56 km. In dit geval een gelukje bij een ongelukje want dat zou vandaag dan weer [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div>‘What was I thinking?’ Blijkbaar niet heel helder toen ik me inschreef voor de Pegasus Trail, twee weken na The Great Escape. Nu was het oorspronkelijke plan natuurlijk om de volle 100 km te lopen maar dat werden er 56 km. In dit geval een gelukje bij een ongelukje want dat zou vandaag dan weer iets beter haalbaar moeten maken. Bovendien zijn het twee rondes van 25 km, dus ik kan er na één ronde ook gewoon de brui aan geven. Kan ik dat? Náh, zeker gezien het feit dat ik al twee weken toch een beetje spijt heb dat ik uitgestapt ben moet het toch wel erg bont worden vandaag. Het universum doet in elk geval heel erg zijn best om me te testen.</p>
<p>Gisteren was ik vrij en had ik een heerlijke massage geboekt, een bezoekje aan de chiropractor en  voor de rest een lekkere relaxte dag. ‘s Avonds de Brewery Run begeleiden met een gezellige 7 km, thema Oktoberfest, en dan op tijd naar bed. Ik werd echter wakker met een zwaar hoofd en een fikse verkoudheid die in elk geval roet door mijn relaxdageten gooide. Als een zielig hoopje mens lag ik op de massagetafel meer snotterend dan genietend van de massage, daarna thuis op de bank nog een keer. Tegen de tijd dat we moesten gaan lopen ging het iets beter, maar daar had het universum wat op gevonden, namelijk ontiegelijke zeikregen. En dat in mijn blote Oktoberfest hempje. De kou op mijn lijf kon twee dingen teweegbrengen. Of ik zou de volgende dag als een dood vogeltje wakker worden, of alle bacillen in mijn lijf zouden zijn doodgevroren. Het werd dat laatste, dus het universum gooide er nog maar een laatste troef tegen aan. De troef ‘onstuimig weer’. Bovendien had de kou niet alleen de bacillen bevroren, maar ook alle olie in mijn rechterbilspier, die na een paar weken fysio het weer leek te doen, maar vandaag dus even niet. Maar zoals gewoonlijk, als het niet gaat zoals het moet, moet het maar zoals het gaat.</p>
<p>En dus rijden we om 7:30 met druk zwabberende ruitenwissers richting Ede en de Ginkelse Hei. Daar treffen we René en Simone, een paar andere bekenden van de Liberation Trail en natuurlijk de organisatoren René, Christiaan en Erwin. Veel tijd om bij te praten is er niet. De aanhoudende regen nodigt niet uit om gezellig te keuvelen dus René doet zijn praatje vanuit onder de tent en dan lopen we naar het monument waar het startsein gegeven wordt. We beginnen over de hei en door de regen is het zand zwaar. Ik heb mijn waterdichte sokken aan die ik al een tijd heb maar altijd vergeet. Dit keer heb ik er wel aan gedacht dus ik ben benieuwd of het helpt. Ik loop al gelijk achteraan samen met een andere dame. Na 2 km duiken we het bos in en bij 3 km blijken de batterijen van mijn GPS Handheld leeg. Tuurlijk joh. Misschien wel de grootste uitdaging van de dag. In de stromende regen de batterijen vervangen met natte glibberige vingers.</p>
<p>Het duurt dan ook even maar uiteindelijk lukt het en ben ik weer on the road. De dame met wie ik een beetje opliep vraagt of het gaat en of ik wil dat we samen lopen. Sorry, ik ben een lone wolf en loop liever alleen. Ze loopt door en ik zie dat ze aanhaakt bij een andere dame. Na het bos lopen we weer over de hei en ik zie ze met enige regelmaat voor me lopen. Misschien haal ik ze nog in maar als we bij kilometer 10 het bos weer in gaan en ik betoverd wordt door grote paddestoelen rood met witte stippen raak ik ze definitief kwijt. Het droogt zowaar op en blij kan ik mijn capuchon af doen. Dan kom ik bij het begin van een lus. In de verte zie ik lopers die de lus weer uitkomen maar ik moet er eerst in. Ik eet mijn boterhammen met pindakaas die eigenlijk bedoeld waren voor bij de start. Dan zie ik weer iets waar ik blij van wordt. Koeien, of beter gezegd stieren getuige de grote hoorns van de dieren. Ik loop voorzichtig naar de dichtstbijzijnde voor een foto en maak me gauw weer uit de voeten. Ik ben niet bang dat ze op me af komen rennen maar met die hoorns neem ik ook geen risico.</p>
<p>Ik hol weer door en zie weer een mooie paddestoel, dit keer een witte. Sorry maar ook deze gaat op de foto. Ik heb geen haast en laatste ben ik toch al. Op 17 km kom ook ik de lus weer uit en een kilometer verder duiken we ook de hei weer op. En gaat het weer regenen. Dat is een beetje het patroon van vandaag, bos afwisselen met hei, regen afwisselen met droog. Ik zie zowaar een klein zonnetje door de bomen breken. Het moet niet gekker worden. Toch ben ik er nu al een beetje klaar mee, maar ik ben nog niet halverwege. Voorlopig eerst maar naar de verzorgingspost, dan zien we vanaf daar wel weer verder. Die komt gelukkig steeds dichter bij maar de laatste kilometer is nog even tegen de wind in en met regen. Bovendien is de zuidlus geen 25 km maar 27 km. Ik kom dan ook precies op de cut off aan. Niet dat ze daar heel erg spannend over doen, maar voor mezelf telt het wel.</p>
<p>Ik pak een gelletje en mijn pakje Caprisonne mee. Ik vraag Erwin om deze in het grote vak van mijn vest te doen, dan hoef ik die niet uit te doen. Ik graai nog wat chipjes en een banaan mee en begin aan de noordlus met de wetenschap dat ik al over de helft ben. Nog 25 km en dan ben ik weer terug. Ik vraag maar niet of ik ver achter loop. Het is toch niet relevant en ik loop mijn eigen race zoals dat heet. Inmiddels weer in het zonnetje loop ik weer over de hei. Dan voel ik iets geks, er zit iets niet lekker op mijn rug. Ik voel langs mijn vest en dan blijkt dat het pakje Caprisonne los tussen mijn vest en mijn rug ligt. Ik kan hem zo pakken. Lachend vraag ik me af hoe Erwin mijn pakje weggeborgen heeft. In elk geval niet in het grote vak. Ik loop langs een monumentje en ik mis een paadje maar heb hem alweer snel gevonden. Het is ook wel een heel klein paadje dwars door het gras.</p>
<p>Dan sta ik ineens onverwachts op een heuveltje en heb een prachtig uitzicht over de hei. Ik zie in de verte een kudde schapen en vraag me af of er een wolf in de buurt zit. Hij zou hier moeten zitten maar de kans dat ik hem tegen kom is minimaal. Dan moet je ‘s ochtends vroeg of ‘s avonds laat komen. Ik ren verder, mis weer een afslag, loop weer in het bos, zie weer een mooie paddestoel, maak een foto en duik de hei weer op. Ik zit inmiddels op 36 km en het begint weer te regenen. Wacht, regen? Dit is geen regen. Dit is keiharde hagel! De kleine witte korrels slaan in mijn gezicht en op mijn blote benen. Ik maak de fout om me om te keren en met mijn rug in de wind te gaan staan. De bedoeling was om mijn gezicht te beschermen maar het enige dat ik er mee bereik is dat mijn kont, die nog enigszins droog was, binnen een halve seconde ook zeiknat is. Ik maak een filmpje, wat kan je anders doen? Dit gelooft niemand en ik sta nu eenmaal hier en kan alleen maar gewoon rustig doorlopen. Het is wat het is.</p>
<p>Gelukkig duurt het niet lang en even later is het weer droog. Four seasons in one day was het toch? Of in dit geval in een paar uur. Twee kilometer verder loop ik in het bos en krijg ik een tweede hagelbui op mijn kop. Dan ben ik het zat. Nog 14 km te gaan en ik wil naar onder de 10 km. Er zit dus maar één ding op. Terminator time! Ik eet een gelletje met cafeïne, ik zet mijn speciale muziek op, ik drink nog wat, zet mijn blik op oneindig en mijn verstand op nul , druk op de Terminatorknop en zet de sokken er in. Ruim 6 kilometer en een uur lang draaf ik door het bos en over de hei, met regen, zon en een derde hagelbui. Ik zie mezelf gaan door de ogen van een toeschouwer. ‘Waar háált ze het vandaan?’ vragen mensen zich vaak af. Dat is mijn geheim.</p>
<p>Als de knop uitgewerkt is, is het nog maar ongeveer 7 km. Dat is te overzien maar het zal nét aan worden om binnen de cut off binnen te komen. Resultaat van een onwillige bil, het feit dat gisteren er waarschijnlijk qua energie toch harder in gehakt heeft dan ik dacht, misschien nog iets van twee weken terug maar vooral ook van het verzamelen van paddenstoelenfoto’s. I can’t help myself, ik ben nou eenmaal een trailtoerist. De laatste 7 km overbrug ik dribbelend, rennend, wandelend, met regen, zon, wind en gewoon droog. Ik kom episch binnen. Dwars door niet alleen regen maar ook een stevige wind trotserend tik ik af en krijg tot mijn verrassing zelfs een medaille. Die had ik niet verwacht. Frank heeft de auto gehaald en onder de achterklep strip ik mijn zeiknatte loopkleding af om iets droogs aan te trekken. Daarna gauw de auto in en lekker naar huis. Frank was een half uurtje voor mij maar is ook helemaal verkleumd. Eenmaal thuis lekker onder de douche en een dikke steak voor avondeten om vervolgens op de bank te ploffen. Grootste voordeel? Het is pas zaterdag dus morgen alsnog die relaxdag maar inplannen. En me langzaam mentaal gaan voorbereiden op volgende week. Volgende week? Wat heb ik dan volgende week?</p>
<p>Volgende week sta ik aan de start van de Halve Marathon van Urk. Waar? Urk. Of all places. Hopelijk met minder ‘onstuimig weer’.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
