<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>hardlopen | Op weg naar de marathon</title>
	<atom:link href="https://www.opwegnaardemarathon.com/tag/hardlopen/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.opwegnaardemarathon.com</link>
	<description>The road to the finish!</description>
	<lastBuildDate>Mon, 28 Sep 2026 19:11:00 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.1.3</generator>
	<item>
		<title>The Great Escape: I’m back!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 28 Sep 2026 19:07:41 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Heuveltraining]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5930</guid>

					<description><![CDATA[The Great Escape 100. Of eigenlijk 105 km, met 4200 hoogtemeters, in 22 uur, met relatief weinig training, een zeurende knie en al ruim anderhalf jaar niet verder gelopen dan 55 km. Bovendien komt The Great Escape voor mij uit de categorie dat ik altijd in mijn achterhoofd heb dat ik er eigenlijk nét niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>The Great Escape 100. Of eigenlijk 105 km, met 4200 hoogtemeters, in 22 uur, met relatief weinig training, een zeurende knie en al ruim anderhalf jaar niet verder gelopen dan 55 km. Bovendien komt The Great Escape voor mij uit de categorie dat ik altijd in mijn achterhoofd heb dat ik er eigenlijk nét niet goed genoeg voor ben. Nét even een tikkie te zwaar, nét iets te veel hooi op mijn vork, nét iets boven mijn hoofd. En toch trap ik er iedere keer weer in en schrijf me in, met de illusie dat het de volgende keer makkelijker zal gaan. Zo ook deze keer, want nadat we vorig jaar uitstapten en de volgende dag zoiets hadden van ‘waarom zijn we in vredesnaam uitgestapt’, gaan we het toch weer doen. En zoals altijd met de gedachte, ‘ik ga gewoon starten en dan zie ik wel hoe ver ik kom.’</p>
<p>Na drie weken vakantie maar een zware week op kantoor heb ik vrijdag gelukkig vrij om mijn spullen klaar te leggen. Hoef ik zaterdag alleen nog maar naar de bakker om een broodje en een koek te halen. Plan is om om 11:00 weg te rijden maar ik wil het liefst iets eerder. We spreken af om na het ontbijt gewoon spullen te pakken en te gaan, en per saldo is het toch al 10:45 als we richting Luxemburg gaan. De reis gaat soepel en we zijn dan ook rond 14:00 in Clervaux waar het hoofdkantoor en morgen de finish is. We hebben mazzel en er rijdt net iemand weg van de parkeerplaats, net als vorig jaar. Terwijl we parkeren zien we Monica en Jaber staan en ook Olav en Leonie komen net aanlopen.</p>
<p>Eenmaal binnen mogen we gelijk aanmelden en de verplichte gearcheck doen. Ik moet mijn jasje en beker laten zien, Frank zijn lamp en ook zijn jasje. Daarna krijgen we onze tracker en startnummer en dan is het wachten. Wachten op het vertrek van de bus die ons naar de feitelijke start zal brengen, terwijl we met bekenden kletsen, een broodje eten en alles nog eens checken. Hoe verdeel ik mijn eten over mijn racevest, heb ik mijn stokken bij me, wat zit er in de dropbag en wat in de tas bij de finish? Wanneer heb ik eventueel mijn zonnebril nodig en zal ik die buff in mijn broekzak stoppen of gewoon achter in mijn vest? Als ik alles precies zo heb zoals ik het hebben wil ga ik nog één keer naar de wc en dan is het tijd voor de briefing en vertrek. Hier zullen we het mee moeten doen.</p>
<p>Het is mooi weer. Vorig jaar hadden we een regenbuitje maar dit jaar hebben ze beloofd dat het droog blijft. Eigenlijk is het perfect weer, zonnetje, niet te warm, niet te koud. We hebben niet veel tijd voordat het 18:00 is, maar even snel plassen en een selfie met de gang kan altijd. Ik ben Frank kwijt want ondanks dat we afgesproken hebben om apart te lopen wil ik wel een startkusje. We lopen apart want samen zijn we langzamer. We hebben allebei onze sterktes en zwaktes en als we samen lopen, lopen we op elkaars zwaktes en verliezen we tijd. En ik verwacht alle tijd nodig te hebben.</p>
<p>Om exact 18:00 wordt er afgeteld en gaan we van start. Mijn grootste zorg is of mijn knie het gaat houden. Ik heb al de hele week een zeurderig gevoel en meer last dan normaal, maar zodra ik begin met lopen voel ik hem nauwelijks. Alsof de opwinding van het lopen van The Great Escape bij voorbaat al endorfine aangemaakt heeft en de boel verdooft. Mij hoor je niet klagen, houden zo. De eerste kilometers gaan omlaag en dat loopt lekker weg ook al hang ik gelijk een beetje achteraan, mijn normale plek op dit soort loopjes. Dan komt het eerste klimmetje waar ik vorig jaar gelijk al op liep te schelden. Gek genoeg loop ik nu makkelijk omhoog en vraag ik me af waar ik vorig jaar zo moeilijk over deed. Misschien was het in mijn gedachten erger (ik denk het niet), komt het door de vakantie (zal zeker helpen), of schelen die kilo’s écht in het omhoog lopen (waarschijnlijk de beste verklaring). Opnieuw, mij hoor je niet klagen, slechts ietwat gefrustreerd door het feit dat ik snellere stappen maak dan de mensen achter mij maar die mij toch op de een of andere manier inhalen. Misschien lijkt dat maar zo of heb ik gewoon kortere benen? Nou ja, het is wat het is en uiteindelijk moet ik mijn eigen race lopen. Ik zwaai nog even naar de fotografe die op de weg zit en dan gaat mijn focus naar de eerste VP op 23 km.</p>
<p>Het zijn altijd die eerste kilometers. Vooruit, ook de laatste maar vooral de eerste. Als ik eenmaal aan het lopen ben is het goed en als ik voorbij de eerste VP ben zit ik er lekker in. Maar eerst moet ik nog die eerste 23 km door. De cut off is om 22:51 dus in principe genoeg tijd. We zijn in het licht gestart en alhoewel ik het altijd zo lang mogelijk uit probeer te stellen kan ik rond de 15 km écht niet meer zonder licht lopen. Ik ben niet de enige die het uit wil stellen maar we moeten er allemaal aan geloven. Omdat het droog is heb ik gelukkig geen last van de mist die zich altijd in mijn lichtbundel vormt en ondanks dat er weinig maanlicht is kan ik af met de middelste stand. Scheelt weer batterij. In de nacht valt ook nu weinig te zien. Ik loop op stukken die ik totaal niet herken van vorig jaar en een paar stukjes waarvan ik denk ‘oh ja, dat was hier’. Zo ook een dorpje met een camping en een bruggetje dat we over moeten. Dan moet ik even kijken of ik nu de weg rechtdoor of rechts moet hebben. Een man achter mij heeft hetzelfde als blijkt dat we iets naar links omhoog langs een oevertje moeten. Nu weet ik het weer.</p>
<p>Dan kom ik aan op het eerste checkpoint waar Olav en Leonie zich net klaarmaken om weer te vertrekken. Sandy is er en de ruimte is leuk aangekleed met nepkippen, eenhoorntjes en kabouters. Daar waar bij de Bello zo rond de kerst altijd een opblaassneeuwman staat, staat nu een opblaaspinguin voor Halloween bij de ingang. Ik laat een foto maken. Morgen zal ik zelf als een pinguïn rondlopen dus dat is wel toepasselijk. Eenmaal binnen maak ik gelijk mijn shit in orde. Dat wil zeggen, ik neem geen risico en hang mijn klokje gelijk aan een lader, ik check mijn drinken en dump de lege papiertjes van eten en ga even naar de wc. Dan ga ik op zoek naar cola en kijk of ze nog iets lekkers te snacken hebben liggen. Het worden partjes sinaasappel en paprikachips. Er hangt een scherm waar je de deelnemers kan tracken en ik kijk of ik Frank zie. Die loopt op een paar kilometer maar wel helemaal achteraan. Ik hoop dat hij binnen is voordat ik weer vertrek.</p>
<p>Alhoewel ik me altijd voorneem om niet te lang te blijven hangen bij de verzorgingsposten gaat de tijd snel en duurt het altijd langer dan ik wil of denk. Als ik uiteindelijk helemaal klaar sta om te vertrekken check ik nog een keer waar Frank is. Nog twee minuten wordt me gezegd dus daar wacht ik nog even op. Als hij binnen is geef ik hem een kus en ga weer door, ik heb mijn tijd écht nodig. Hij haalt me vast ergens wel weer in. Ik duik de nacht weer in, nu met mijn stokken in de aanslag. Het eerste stuk heb ik nog zonder gelopen maar ik kan me herinneren dat er nu wat meer klimmetjes komen. Desondanks heb ik nog steeds het idee dat ik veel makkelijker loop dan vorig jaar. Ik heb voor dit tweede deel ook een muziekje aangezet. De volgende post is op 43 km dus dat is ook 20 km. Lekker overzichtelijk. Frank heeft een briefje gemaakt met de afstanden en cut off tijden maar met het regelmatig pakken van mijn GPS handheld ben ik die verloren want die zat in dezelfde zak. Nou ja, volgens mij was de volgende cut off 3:30 en heb ik bijna anderhalf uur speling.</p>
<p>Ik loop lekker door, mijn knie houdt zich koest, de muziek doet zijn werk, het is droog en een prima temperatuurtje en de klimmetjes vallen me 100% mee. Wat wil een mens nog meer? Ik snap steeds minder waarom ik vorig jaar uitgestapt ben. Ik eet een ietwat taai stukje ontbijtkoek want doordat ik door mijn mond adem droogt de boel een beetje uit. Ik heb het ook best warm en kijk voor de gein eens naar mijn hartslag. Die zit op 160 slagen per minuut. Ik schrik een beetje, dat is best hoog. Ik hou het een tijdje in de gaten maar ik voel me prima en als ik wandel zakt hij ook weer snel. Het zal wel goed zijn en ik maak me er verder niet druk over. Ik kom door een dorp en zie een stuk of zes lopers langs de kant die bij Hayo zitten. Die zit op de grond en ziet er niet goed uit. Ik vraag of ik kan helpen maar de hulp is al onderweg. Omdat ik verder niks kan betekenen loop ik maar door. Ik hobbel nog een paar kilometer door en dan drink ik mijn waterzak leeg. Geen paniek, ik zit inmiddels op 42 km en de post is op 43 km. Toch? Niet dus, die zit pas op 46 km. Bovendien komt er een heel erg lang gemeen stuk van continue omhoog. En als je denkt dat je er bent moet je nog verder omhoog. Het is ook nog eens een heen en weertje en de lopers die er geweest zijn komen je tegemoet, alleen zij mogen naar beneden en ik moet omhoog. Dit stuk zat er vorig jaar zeker niet in!</p>
<p>Olav en Leonie lopen langs en zeggen gedag terwijl ik mezelf naar boven worstel. Ondanks dat ik lekker loop voel ik het nu al wel in mijn bovenbenen. Ik was al voornemens om toch iets van krachttraining te gaan doen hierna, dus ik weet waar ik op moet gaan focussen. Als ik eindelijk in het dorp ben moet ik ook daar nog verder omhoog maar uiteindelijk kom je er toch en stap ik de VP binnen. Via een trappetje omhoog, dat dan weer wel. Ik werk mijn ritueel weer af en krijg een broodje met hotdog dat ik bijna niet weg kan eten. De worst gaat nog wel maar het brood is me te droog. Wegspoelen met cola dan maar. Alhoewel ik nog steeds ruim binnen de tijd ben is het hier al een stuk rustiger en loop ik dus verder achteraan. De vrijwilligers beamen dat het een snelle groep is dit jaar.</p>
<p>Als ik mijn ding gedaan heb wacht ik niet meer op Frank. Met een beetje mazzel kom ik hem zo op weg naar beneden weer tegen. Als ik weer de straat op ga ligt deze er verlaten bij.  Het is dan ook al twee uur ‘s nachts. Ik kom nog een enkele loper tegen die me succes wenst en bij elk lichtje dat ik zie hoop ik dat het Frank is. Pas bij het vijfde lichtje is het raak en hij roept al gelijk dat hij er uit gaat. Oh nee hé, niet weer. Maar hij kan helaas niet anders. Zijn bovenbenen zijn opgeblazen en hij kan niet meer afdalen. Kop zit goed, motivatie zit goed, zin zit goed maar het lijf blokkeert. Ik baal net zo hard voor hem. Hij werkt zich nog naar boven om zich af te melden, ik daal verder af om mijn weg te vervolgen. Terug de nacht in, terug het parcours op en op weg naar de plek waar ik vorig jaar gestopt ben, vooral ook nieuwsgierig naar wat daar verder ligt.</p>
<p>Het duurt niet lang voor ik op de weg loop waar Frank vorig jaar stopte. Van daar uit is het niet zo veel verder meer waar ik een regenbui over me heen kreeg en langs het klimpad loop waar ik de vuursalamanders zag. Dit jaar zit er niks want het is droog en nogmaals, je hoort mij niet klagen. De klimmetjes en vooral de afdalingen beginnen zo langzamerhand hun tol te eisen. Niet alleen mijn bovenbenen protesteren maar vooral ook mijn tenen die in mijn schoenen drukken en voel ik daar een beginnend blaartje? En dan ben ik pas op de helft. Maar we stappen dapper door en ook hier klagen we niet over. De stokken doen hun werk goed door te ondersteunen en met een blik op oneindig en het verstand op nul kom je een heel eind. Ik speel haasje over met een man die ik uiteindelijk moet laten gaan. Met klimmen gaan we gelijk op, vlak ben ik sneller maar met afdalen ben ik een slak, niet in de laatste plaats vanwege de fysieke ongemakken maar vooral ook omdat ik het me niet kan veroorloven om een verkeerde pas te zetten en uit te glijden, te struikelen of te vallen. Vanwege mijn knie en vanwege 100.000 andere redenen.</p>
<p>We komen samen beneden in het dorp en we steken de weg over waar we langs het spoor en het treinstation lopen. Hier was het. Hier ben ik gestopt. Alles wat nu komt is nieuw en ga ik ontdekken. Ik ben vooral nieuwsgierig naar het stuk met de gladde rotsen wat zo glad en gevaarlijk was vanwege de regen. We gaan het zien. Ik moet nog een stukje langs de weg en dan weer een paadje omhoog. Een paadje dat niet alleen best steil is, maar ook bezaaid met stukken leisteen. Ja, als het zeikregent en alles nat is zal dit behoorlijk glad en glibberig zijn. Ik weet dan nog niet de helft.</p>
<p>Het stuk omhoog is niet zo heel erg lang als het weer wat vlakker wordt. Nou, als dit alles is, valt het alleszins mee. Ook als het had gezeikregend kan je hier prima lopen. Ik juich te vroeg want als ik een paar kilometer verder ben krijg ik weer een klim. Een klim nóg steiler omhoog, met nóg meer gladde rotsen. Ik ben niet alleen blij met mijn stokken maar ook blij met het feit dat er nog een paar andere lopers zijn. Ik zie hun lichtjes een stukje voor mij wat mij twee delen informatie geeft. Ik ben niet alleen maar ik moet nog veel meer omhoog. Als ik eindelijk helemaal boven ben loop ik over een single track over een bergkam. Het is dan wel donker, en dat is maar goed ook, maar toch heb ik dondersgoed in de gaten dat ik zowel links als rechts van mij een klein ravijntje heb. Met andere woorden, ik mag geen pas verkeerd zetten. Nu snap ik waar de term ‘gevaarlijk’ van vorig jaar vandaan kwam en ik ben dolblij dat ik vorig jaar uitgestapt ben en dit stuk overgeslagen heb. Ik had me hier doodgelopen. Bovendien had ik het nooit gehaald binnen de cut off want snel was ik niet gegaan in die regen en gladheid.</p>
<p>Ook nu doe ik voorzichtig en bedenk me dat teruggaan toch geen optie is dus kan ik beter doorlopen. Ik ben echter heel erg blij als ik weer langzaam aan af mag dalen, niet in de laatste plaats omdat ik inmiddels weer alleen ben. Er valt prima te lopen maar je moet wel je kop erbij houden en ik ben nu eenmaal geen fan van hoogtes. De afdaling is zwaarder dan de stijging en ik voel mijn teennagels met de minuut blauwer worden. En ik maakte me zorgen over mijn knie? Maar uiteindelijk ben ik dan toch beneden en op weg naar de volgende verzorgingspost. Hier heb ik een dropbag liggen en kan ik voorraden bijvullen en eventueel mijn lamp achterlaten. Ik zoek tussen de tassen maar kan hem niet vinden. Hij blijkt ergens anders te liggen en een van de vrijwilligers pakt hem voor me.</p>
<p>Ze hebben noedels en soep maar ik neem mijn eigen bakje noedels dus ik heb alleen een beetje heet water nodig. Scheelt weer tijd want ik had 6:00 binnen willen zijn maar inmiddels is het al bijna 6:30 als ik binnen ben. Binnen zitten een handjevol mensen waaronder een dame met dreadlocks waar ik soort van mee oploop. Zij loopt sneller dan ik maar ik kom haar toch tegen bij de verzorgingsposten waar ze dan weer wat langer blijft hangen. Ik vul wat eten bij, herorganiseer mijn vest, neem wat vloeibare magnesium en een paracetamol en eet mijn noedels. Noedels die niet te vreten zijn, er zit kraak noch smaak aan. Alleen de bouillon waar ze in zitten is lekker. Ik dwing mezelf er toch wat van te eten want er moet voedsel in maar het gaat niet van harte. Ik laat het laatste restje noedels staan en maak me weer klaar om te gaan. Ik twijfel of ik mijn lamp achterlaat en kijk naar buiten. Het ziet er nog donker uit dus ik neem hem maar mee maar als ik daadwerkelijk naar buiten stap is het toch lichter dan ik dacht. Bovendien komt de zon razendsnel op dus ik stap weer naar binnen om alsnog mijn lamp achter te laten. Een vrijwilliger neemt hem aan en stopt hem in mijn dropbag. Scheelt weer gewicht.</p>
<p>Ik begin weer te lopen en realiseer me dat ik de zonsopgang gemist heb. Bummer, een van de dingen die ik altijd zo gaaf vindt aan dit soort lopen is om na een nacht doorhalen de zon op te zien komen. En daar natuurlijk mooie plaatjes van te schieten, maar helaas, vandaag is niet de dag. Ik blijf er niet te lang bij stilstaan. Ik heb nu 14 km te gaan tot de volgende verzorgingspost en ik moet 10:33 binnen zijn, het liefst eerder zodat ik daar ook nog wat kan eten en drinken. Ze hebben me verteld dat we het ergste nu gehad hebben. Ik ben benieuwd want ook al is het licht, ook nu krijg ik best nog wel wat hoogtemeters voor mijn kiezen.  Het enige voordeel is dat ik nu de prachtige vergezichten kan zien. Het nadeel is dat ik op bepaalde plekken ook kan zien hoe hoog ik zit, hoe smal het pad is en waar ik terecht kom als ik hier een verkeerde stap maak.  Natuurlijk maak ik daar een foto van maar dat doet absoluut geen recht aan de werkelijkheid. Voorzichtig daal ik af en vervloek mijn zere poten en onwillige bovenbenen. Hoe zat dat ook alweer met die krachttraining? Ik weet het, ik weet het.</p>
<p>Toch loop ik nog steeds lekker door en ik besluit om de Terminatorknop aan te zetten. Een mooi vlak stuk over een weiland en ik zet de sokken er in wat resulteert in kilometer 74 in minder dan tien minuten. Lang kan ik er helaas niet van profiteren, kilometer 75 komt er weer een afdaling from hell wat alle vaart er weer uit haalt. Het zij zo. Wat volgt is weer een klim en een daling, een klim en een daling en een klim. Ik loop weer over een single track en zie in het dal een dorp liggen. Daar moet de laatste verzorgingspost liggen, die per saldo weer verder weg is dan het lijkt. Bovendien moet ik natuurlijk weer eerst een heel stuk naar beneden, want dat is de consequentie van een dorp dat in een dal ligt. Er is slechts één ding dat mij nu op de been houdt. De gedachte, of beter gezegd de hoop, dat ze bij de laatste verzorgingspost tosti’s hebben.</p>
<p>Qua tijd begint het nu wel krap te worden. Het is al 10:00 geweest als ik binnenloop en de cut off is 10:34. Ik heb tijd om wat te eten en drinken, maar daarna geen marge meer. Eten. ‘Wat hebben jullie te eten?’, is het eerste dat ik vraag terwijl ik alleen maar kan denken ‘zeg alsjeblieft tosti’s, zeg alsjeblieft tosti’s’. Hij zegt geen tosti’s, hij noemt het crocs, op zijn Vlaams. Op zijn Vlaams, op zijn Engels, op zijn Frans, op zijn Duits, het maakt me niet uit in welke taal het is, het zijn tosti’s! Hoe blij kan je zijn met zo iets kleins. Ik vraag gelijk of ik er twee mag. De dame met wie ik oploop is er ook weer en zelfs Mike en zijn kompaan zijn er. Die lopen de 200 km en vaak op de cut off.  Ondertussen krijg ik superservice want de vrijwilliger zorgt niet alleen voor twee tosti’s, hij vult ook mijn waterzak bij zodat ik rustig naar de wc kan. Als ik hem terugkrijg zegt hij de legendarische woorden: ‘Ik heb hem helemaal bijgevuld want je moet nu nog 26 km’. 26 km, is dat niet een beetje veel? Het waren toch nog maar 23 km? Of toch 25 km? Ik weet het eerlijk gezegd niet zo goed. Ik kan niet meer helder denken en hoor alleen maar 26 km, 5,5 uur en nog 1100 hoogtemeters. That can’t be right either!</p>
<p>Wel dus. Ik ga rekenen en kom uit op dat ik gewoon vijf kilometer per uur moet lopen. Hoe dan? Met al die hoogtemeters? Er wordt wel gezegd dat ze niet meer zo technisch zijn maar dan nog. Nou ja, we gaan er voor, de dood of de gladiolen en dan kom ik maar te laat binnen. Als ik in elk geval maar uitloop. En die medaille zal ik toch wel krijgen. Tenminste? Ja toch? Ik wil liever het risico niet lopen maar ik weet niet of dit gaat lukken. Piekeren zal me echter niet gaan helpen, doorlopen wel. En doorlopen doe ik. Ik krijg in elk geval ook nog een tosti voor onderweg mee. Het lijkt inderdaad qua terrein wel wat makkelijker en zo lang ik mijn kilometers onder de 12 minuten maak komt het goed. Elke keer als ik dat denk komt er toch stiekem weer een klim, en ondanks dat het niet meer technisch is kosten deze kilometers me toch tijd. Het grote rekenen begint. Hoeveel tijd heb ik nog, wat als ik gemiddeld maar 4 kilometer per uur loop, waar kom ik uit, red ik het nog?</p>
<p>Loop ik omhoog ben ik pessimistisch, loop ik omlaag of vlak ben ik optimistisch. Het zal er om hangen. Ik check ook continue of ik nog goed loop. Het laatste wat ik nu kan gebruiken is verkeerd lopen en tijd verliezen. Ik probeer her en der ook nog te rennen. Het systeem met de handschoenen die in de stokken klikken werkt goed want om de haverklap klik ik ze in en uit. Uit als ik kan rennen, want met de stokken in de hand gaat dat sneller, en in als ik omhoog moet, want dan is met stokken lopen weer beter. De vrijwilligers hadden gelijk, dit stuk is veel minder technisch maar er zitten nog steeds de nodige hoogtemeters in. Hé-ho, hé-ho, je krijgt het niet kado. De pijntjes in mijn lijf en vooral mijn voeten nu negeer ik consequent, tik tak, tik tak, tik tak is het geluid van mijn stokken op de weg, ik kan eindelijk speedmarsen als ik alsmaar door blijf lopen. Het is letterlijk een race tegen de klok. Ik ben stiekem blij dat het zonnetje zich nog niet heeft laten zien en er zelfs een beetje miezer valt. Een eekhoorntje kruist mijn pad in een dorp maar ik neem niet de tijd om er proberen een foto van te maken. Geen tijd, geen tijd, opzij, opzij, ik heb ongelofelijke haast.</p>
<p>Zo tikken de kilometers weg. Er staan regelmatig wegwijzers die niet alleen de route aangeven maar ook de naam Clervaux en de kilometers tot het dorp. Ik moet ongeveer twee kilometer verder dan het dorp, maar het werkt erg motiverend. Ik ben gestopt met rekenen hoe snel ik moet lopen, ik zie alleen nog maar hoeveel uur ik al aan het lopen ben en weet dat ik 22 uur de tijd heb. Als de teller op 22 staat moet ik binnen zijn. Als er geen gekke dingen gebeuren zal ik geen uur te laat komen maar wat het wel gaat worden weet ik ook niet. Als ik nog tien kilometer moet mag ik voorzichtig gaan aftellen. De dame met de dreadlocks loopt voor mij en als we nog zo’n 7 kilometer moeten krijgen we een plensbui over ons heen. Lekker dan, is het bijna 100 km droog, krijg je aan het eind nog even een bui om lekker nat te regenen. Maar goed, gelukkig is het een bui die ook weer overtrekt en snel genoeg droog ik ook wel weer op.</p>
<p>De laatste kilometers gaan in en na een laatste klim en afdaling komen we uit in het dorp. Dan denk je dat je lekker op asfalt mag uitlopen maar er loopt ook een trail naast het dorp en natuurlijk volgen we die. Dan zien we de verlossende gele pijlen van de Legends die aangeven dat we van de route af moeten. Het kan nu niet ver meer zijn en het wordt echt spannend. Ik heb nog een kleine tien minuten maar de route op mijn GPS is onduidelijk en door het zwabberen van mijn klokje weet ik nu niet precies hoever het nog is tot de finish. Het kan 500 meter zijn maar ook nog twee kilometer. Dan zegt de dame voor mij ‘ik zie de parkeerplaats’ en als ik langs haar kijk zie ik Frank met Tim staan. De dame begint weer te dribbelen. Ik laat haar gaan, ze heeft zo lang voor mij gelopen dat ze ook voor mij mag finishen. Bovendien heeft ze me verteld dat dit haar eerste 100 km was dus ik heb diep respect dat je dan gelijk The Great Escape pakt. Dat was ook een vergissing biechtte ze me op.</p>
<p>Ik loop richting Frank en daar aangekomen word ik gelijk doorgestuurd naar binnen om over de rode loper naar het podium te lopen. Ik ben er en ik heb het gehaald met nog drie minuten op de klok. Ik heb het spannend gemaakt! Ach ja, zo ben ik nou eenmaal. Ik weet dat ze thuis aan het volgen zijn dus zo houden we het leuk. Of was het toch omdat ik gewoon niet sneller kon en me de teringtyfustandjes gelopen heb om op tijd binnen te zijn? Ik krijg mijn medaille, geef de tracker terug en strompel het podium af. Olav en Leonie zijn er ook nog en Frank weet me te vertellen dat hij gevraagd heeft of ik de medaille had gekregen als ik te laat binnen was geweest. Het antwoord is nee. Of dat echt zo is zullen we nooit weten en ik ben blij dat ik er niet achter hoef te komen. Als ik te laat was geweest dan was dat zo, maar het is toch wel een eredingetje dat ik tóch binnen de tijd was. Frank heeft een hotelletje met een spa geboekt in plaats van dat we naar huis rijden. Helemaal prima, alleen even regelen dat iemand de mannen van Swiss Sense opvangen morgenochtend want die komen een nieuwe topper brengen. Was hij even vergeten. Gelukkig wil Frenk dat wel doen en kunnen wij met een gerust hart naar het hotel waar we lekker douchen, het bubbelbad in duiken, wat eten en daarna lekker kunnen slapen.</p>
<p>The Great Escape 2.0. Veni, vidi en dit keer was het wél vici. Alhoewel ik heb besloten dat ik deze niet meer zal lopen was het avontuur weer super en ben ik trots op mezelf dat ik het nog kan. 105 km met ruim 4200 hoogtemeters in 22 uur. De Terminator doet het nog.</p>
<p>I’m back!</p></div>
<div></div>
</div>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-im-back/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>6</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Blessures</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-blessures/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-blessures/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 05 Jul 2026 21:08:01 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5663</guid>

					<description><![CDATA[Het is alweer even geleden dat ik iets geschreven heb over trailen. Dat is niet in de laatste plaats omdat ik tijd nodig gehad heb om weer wat afstanden op te bouwen en ook al even geen evenementen meer heb gelopen. De reden, een vervelende blessure waar ik goed mee op weg ben, maar nog [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Het is alweer even geleden dat ik iets geschreven heb over trailen. Dat is niet in de laatste plaats omdat ik tijd nodig gehad heb om weer wat afstanden op te bouwen en ook al even geen evenementen meer heb gelopen. De reden, een vervelende blessure waar ik goed mee op weg ben, maar nog steeds niet helemaal vanaf. Want ja, ook als je trailt kan je geconfronteerd worden met een blessure. Toch zijn er blessures die eerder voorkomen tijdens het trailen en andere blessures die meer bij asfalt lopen ‘horen’. Niet dat je niet alle blessures in alle gevallen kan krijgen, maar ja, de herhalende eentonige belasting op je lijf komt nu eenmaal eerder voor op de weg terwijl de boomwortels op een bospaadje, laten we zeggen ‘andere’ gevaren met zich brengen.</p>
<p>Het eerste waar je tegen aan kan lopen als je de weg inruilt voor een bospad is dat je ineens andere spieren gaat gebruiken. Voor je lijf is het dus een beetje alsof je begint met hardlopen. En nee, als je veel krachttraining doet en misschien nog andere sporten zoals het op dit moment zeer populaire Hyrox of Gymraces, geef het beestje een naam, zal je daar minder last van hebben. Maar ben je gewend om gemiddeld 3:45 de kilometer over de afsluitdijk te lopen, dan zal een kronkelig bospad toch een iets ander effect op je lichaam hebben. Rustig aan dus. Niet alleen in snelheid, dat zeg ik wel vaker, maar vooral ook in kilometers. Langzaam opbouwen is dus het devies. Begin gewoon eens met 10 km en bouw dat uit naar 15 km, 20 km, 30 km en eventueel daarna verder als je dat wilt.</p>
<p>Trailblessures. Om even terug te komen over die boomwortels. Een ongeluk zit in een klein hoekje en even los van de spieren en spierpijn is bij het trailen de meest voorkomende blessure het zwikken van een enkel. Ik zeg bewust blessure, want diezelfde boomwortels zijn over het algemeen in 99% van de gevallen verantwoordelijk voor het van dichtbij inspecteren van de ondergrond. Daar komen vaak ook de schaaf- of blauwe plekken vandaan, maar dat beschouw ik niet echt als een blessure. Dat hoort er gewoon bij als je gaat trailen. Als je niet minstens één keer gevallen bent heb je niet getraild zeg ik altijd. Niet dat ik zelf er iedere keer bij ga liggen overigens, maar ik heb het vaak genoeg gedaan, soms zelfs meer dan één keer. Of in elk geval bijna. </p>
<p>Maar die enkel is vervelend. Meer dan vervelend. Doet zeer, duurt even een paar weken, blijft vanaf dat moment altijd een zwakke plek maar meer nog geeft het een deuk in je zelfvertrouwen. Vaak is de mentale schade in de vorm van angst om weer door je enkel te gaan erger dan de fysieke schade aan de enkel zelf. Die eerste duurt namelijk veel langer. Vooral als je hardleers bent zoals ik en te snel weer vol gaat lopen en dan bij de eerstvolgende race wéér door je enkel gaat omdat die nog niet sterk genoeg is. Maar daar hebben we het maar niet meer over. Kan je er wat aan doen om het te voorkomen? Ja en nee. Helemaal voorkomen doe je het nooit. Want ook al kijk je nog zo goed uit waar je loopt, die krengen zijn verraderlijk en hebben jaren de tijd gehad om hun ‘ik ga jou eens even lekker laten struikelen’ techniek te perfectioneren. Je kan wel de eventuele schade beperken door veel balansoefeningen te doen. Bijvoorbeeld op één been je tanden poetsen. Niet alleen leer je snel corrigeren als je je balans kwijt dreigt te raken, maar je maakt je enkelbanden sterker. Overigens heb ik het over boomwortels, maar vlak ook losse keien en takken of vooral je eigen voeten niet uit. Die kunnen er ook wat van.</p>
<p>Natuurlijk kan je nog meer nare dingen oplopen als je valt. Gebroken ledematen, verrekte banden, gescheurde spieren, you name it! Kan je er allemaal gratis en voor niks bij krijgen naast die schaafwonden of blauwe plekken. Je weet alleen nooit van tevoren wat het wordt. Een soort trail-surprise ei. Die deuk in je ego krijg je er, net als de chocola, altijd bij, wat er in het gele bolletje zit is een verrassing. Eén en ander afhankelijk van je snelheid, je omgeving en de inclinatie van je ondergrond. Een rotsige helling heeft iets meer kans op vervelende gevolgen dan een bladerbed in het bos in de herfst, of een zandduin. Net als naar boven klauteren iets minder risico met zich brengt dan de heuvel naar beneden denderen. </p>
<p>En ook als je niet valt moet je rekening houden met schrammen, wondjes, bulten, prikken en bijten. Grijpgrage dorens, irritante brandnetels, weerbarstige takken, niet willen wijkende boomstammen, bloeddorstige muggen en monsterlijke dazen die het allemaal op jouw sappige kuitjes en/of spekkige armpjes voorzien hebben. Noemen we dat dan wel blessures? Nee joh, dat is stoer! Dat noemen we oorlogswonden en laat zien ‘how tough you are!’ ‘Maar dan valt het toch wel allemaal mee met die blessures? Beetje rustig opbouwen en zorgen dat je niet valt. Check!’ </p>
<p>Tja, als je het zo bekijkt wel. Ik heb het alleen nog niet gehad over die ene blessure. En ja, die bestaat ook gewoon op de weg. Hij heet zelfs hetzelfde maar toch vind ik hem anders. Ik heb het over de blessure door overbelasting. Waarom is deze dan anders? Zoals gezegd, trailen doe je langzamer en veel ontspannender. Bovendien heb je veel minder eenzijdige belasting en gebruik je je spieren dus met veel meer variatie en ook nog eens veel (meer) andere spieren. Maar daar zit dan ook het gevaar. Want de overbelastingsblessure bij trailen is een sluipmoordenaar. Als jij namelijk wekelijks 10 km, 20 km of zelfs 30 km gaat lopen zal het allemaal wel goed gaan. Maar trailen leent zich bij uitstek om ultra’s te gaan lopen. En voor wie het niet weet, een ultra is alles boven de 50 km, alhoewel de meningen verdeeld zijn en sommigen alles boven de marathonafstand al een ultra noemen. Ik ben overigens van kamp 50+ en daar bedoel ik niet mijn leeftijd mee. </p>
<p>Anyway, het gevaar zit hem dus in die ultra’s, vooral als die steeds verder zijn. Heb je net als ik een pleurishekel aan krachttraining en ga je regelmatig een ultra lopen, dan gaat zich dat een keer tegen je keren. Want bij een ultra heb je altijd wel ergens een pijntje, of twee, of drie, of meer naarmate je afstanden langer worden. Dat is normaal, dat hoort er bij. Met het risico dat je op een gegeven moment niet meer weet of een pijntje nou komt omdat je er net 100 km op hebt zitten, of omdat die rechter bilspier of dat linker kuitspiertje nu een beetje overbelast begint te raken. Gebeurt dat één keer dan trekt dat wel weer recht, doe je dat drie keer per jaar dan komt er een moment dat dat spiertje ook op 30 km al vervelend begint te doen. Een (ultra) trailer is bovendien heel erg goed in het negeren van pijn(tjes) en dan komt daar ook dat moment dat je fysio dat gevreesde labeltje pakt en keihard op je kuit of je bil plakt. Blessure! Overbelast! Zit je daar met je peen en uiengezicht je af te vragen waar dat nou ineens vandaan komt. ‘Ik snap er niks van, vorige week liep ik nog een tachtiger. Nergens last van.’ Echt niet? </p>
<p>Dus, als je niet van peen en uien houdt en wel graag langere afstanden wil lopen, dan zit er maar één ding op en dat is krachttraining. Helaas, het spijt me. Ik kan het niet mooier maken dan het is. Vallen en alles wat daar bij hoort is nagenoeg niet te voorkomen, gaat gewoon een keer gebeuren, wat zeg ik, gaat meerdere keren gebeuren, dat enkeltje is pure pech en kan je de schade beperken maar overbelasting doe je toch echt zelf. Do as I say, don’t do as I do en doe dus aan krachttraining of hou het bij kortere afstanden. (Ik beken, ik doe het nu toch ook maar. Je moet er wat voor over hebben en ik word er ook niet jonger op.) </p>
<p>Blessures bij trailen zullen naar verwachting dan ook minder vaak voorkomen, maar helemaal zonder zal het niet zijn. Dat is de harde realiteit en heb je rekening mee te houden. En ach, is dat niet bij alles zo? Het blijft een sport, het blijft niet zonder risico, je moet er wat voor doen en het hoort er allemaal bij. Maar het valt wel mee toch? Op de weg is de kans een stuk groter dat je ergens last van krijgt of erger nog, bijvoorbeeld aangereden wordt. Als je valt is het asfalt een stuk harder en bovendien loop je op de weg het risico om door een hond gebeten te worden. Heb je allemaal niet als je gaat trailen.</p>
<p>Which reminds me, had ik het al gehad over wolven, roofvogels, koeien met grote hoorns of teken?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-blessures/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>My name is Marleen</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 11 May 2026 16:23:33 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5645</guid>

					<description><![CDATA[Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik anders wel een schuin oog op Social Media kan werpen. Misschien valt er spontaan een 10 km startbewijs uit de lucht. Die wil ik dan nog wel lopen.</p>
<p>Natuurlijk loopt altijd alles anders. De 10 km valt niet. De start van de 10 is om 13:00 ‘s middags en dat wordt me veel te laat. Leiden is altijd lastig met vervoer en parkeren en als ik om 16:00 bij Linda moet zijn wordt dat niks. Laat maar dus. Dinsdag komt Marilene met een oneerbaar voorstel. ‘Zocht jij nog een startbewijs voor Leiden?’ ‘Voor de 10 of de halve?’ Het is voor de halve. ‘Leuk!’, zegt Lin. ‘Loop je gezellig met mij mee.’ Ik was al om toen Marilene vroeg of ik nog een startbewijs zocht. Ik ben ook zo moeilijk over te halen. Zo gezegd zo gedaan. Zondag samen met Linda meelopen, ik kan meerijden heen en na afloop gelijk mee naar haar en daar douchen en omkleden. Frank komt dan later nadat hij me afgegooid heeft ‘s ochtends en zelf een rondje gelopen heeft. Geregeld!</p>
<p>De enige consequentie is vroeg opstaan want we hebben om 8:00 bij de benzinepomp in Rijswijk afgesproken. Ronald gooit Linda daar ook af, Marilene rijdt ons naar Leiden. We zijn lekker op tijd, parkeren spontaan in de wijk en halen ons startnummer op. My name is Marleen, want dankzij haar en helaas haar blessure sta ik nu hier. Daarna droppen we onze tas en wandelen naar de start. We zijn gewaarschuwd door de organisatie dat het minstens 20 minuten lopen is naar de start. Eenmaal daar zien we Gaby, Ron en Leonie die we hartelijk groeten. Binnen no-time is het dan ook 10:00 en mogen we van start.</p>
<p>Het weer is ideaal en ik heb nul komma nul zin dus de prognose is goed. Ja, dat lees je goed. Als ik absoluut geen zin heb om te lopen, loop ik meestal per saldo eigenlijk altijd wel heel erg goed. Bovendien doe ik een lekker muziekje in mijn oren en gewoon gaan met die banaan. Lin heeft er ook zin in en gaat snel van start dus ik ben benieuwd of ik dit vol ga houden maar so far so good. Ik heb Leiden twee keer eerder gelopen en de route komt langzaamaan weer naar boven. Starten in de stad en dan al heel gauw de polder in, door een paar dorpen en dan naar het centrum. Het valt mee met de warmte en zeker in de polder hebben we een lekker briesje. Ik ben al snel in een opperbeste bui en loop lekker. Misschien wel omdat ik vandaag niks moet of hoef, alleen maar lopen. En natuurlijk wat foto’s maken onderweg. Ik heb Marleen beloofd dat we er een feestje van zouden maken dus ik kan het niet laten om als ik entertainment onderweg zie, lees iemand met een microfoon, in te fluisteren dat Linda jarig is zodat het omgeroepen wordt. Ze moet er om lachen.</p>
<p>Marilene gaat na een paar kilometer haar eigen tempo lopen en verdwijnt langzaam aan voor onze neus in de lopersmassa. Ik zie Rob, die langs het parcours foto’s staat te maken, eigenlijk iets te laat voor een goede foto samen met Linda, dus als we later langs een paar koeien lopen probeer ik het goed te maken door haar er op te zetten met de koeien op de achtergrond. Lukt niet helemaal maar de poging is lief bedoeld. What was I thinking? Alsof ik een hardloopfoto van ons samen van een professionele fotograaf goed kan maken met een selfie met wat koeien. Nou ja, je kan niet alles hebben. We hobbelen door als ik merk dat Linda het moeilijk heeft. Ze heeft wat last van haar maag en blubberbenen. Dat kan je soms hebben. Ik heb alleen een lamme poot maar die kan ik wel negeren. Maar samen komen we er wel.</p>
<p>Na de eerste helft komen we in iets meer bewoonde wereld. Dat betekent twee dingen. In negatieve zin het lopen over vooral klinkerstraten, in positieve zin heel veel supporters en gezelligheid van de dorpen waar we doorheen lopen. En daarmee ook weer entertainment met microfoons die allemaal moeten horen dat Linda jarig is. Zelf word ik natuurlijk steevast aangemoedigd als Marleen, because that’s my name! Ik tel ze en zal uiteindelijk op 16 uitkomen. Linda rent dapper door en ik blijf foto’s maken onderweg waardoor ik meer aan het intervallen ben dan gelijkmatig lopen. Het is lang geleden dat ik zo relaxt liep en vraag me toch wel af wanneer het moment van instorten komt. Dat moment blijft uit. Pas als we al weer lang en breed in Leiden zijn en op 18 km zitten begin ik mijn benen écht te voelen. Te voelen in de zin van dat ik mijn spieren voel want mijn lamme poot begon op 5 km al te zeuren. Conditioneel voel ik me prima. Ik ben niet eens buiten adem. </p>
<p>Ook heb ik geen enkele last van eventuele warmte. Bij de start hebben we een spons gekregen. Een experiment in het kader van duurzaamheid. Een spons bij de start omdat ze verder niet uitgedeeld worden op het parcours. Dat blijkt achteraf niet helemaal waar, maar in mijn geval maakt het niks uit. De spons blijft onaangeraakt tussen mijn startnummerband zitten, niet in de laatste plaats omdat ik geen zin heb om met een natte spons te lopen. Tja, dan heeft zo’n ding meenemen natuurlijk ook geen zin. Typisch ik. Ik sjouw mijn hele leven al van alles mee ‘voor het geval dat’ wat ik uiteindelijk nooit gebruik. Misschien moet ik daar ook eens wat bewuster mee omgaan. Maar dat is voor later, nu is het doel vooral naar de finish lopen.</p>
<p>Ik waag nog een poging om een mooi plaatje van Linda te schieten met een mooie poort op de achtergrond maar faal jammerlijk. Dan maar doorlopen. Ik dacht dat de finish ergens anders was, maar hij is gewoon waar hij altijd was. Tenminste, waar hij was de andere twee keer dat ik hier liep. Dus bruggetje over en langs de gracht om uiteindelijk te finishen. We hebben niet eens slecht gelopen al zeg ik het zelf. Net iets langzamer dan 10 km per uur. We nemen de medaille in ontvangst en gaan op zoek naar onze tas en naar Marilene. Als we beiden gevonden hebben wandelen we blij en tevreden terug naar de auto. We horen nog een ambulance met sirene ergens rijden maar dat gebeurt wel vaker tijdens zo’n loop.</p>
<p>We zijn onderweg naar huis als de eerste berichten ons bereiken. Een reanimatie van iemand die onwel geworden is. Een bekende waar ik contact mee heb liep er langs, blijkbaar is het achter ons gebeurd. Dan meer details. De persoon in kwestie is overleden. En tegen de tijd dat wij lang en breed gedoucht in de tuin zitten wordt er meer bekend. De leeftijd van het meisje dat pas 15 was, de afgelasting van de 10 km en de kidsrun en het besef dat wat als een goede dag begon voor iedereen, eindigt in verdriet en verslagenheid. Je hebt dit soort dingen niet in de hand, het kan overal gebeuren en het hardloopevenement zal waarschijnlijk niet de oorzaak zijn geweest maar toch. Het is hier en nu gebeurd en daar moet iedereen op zijn eigen manier mee dealen. Ik heb heerlijk gelopen en we hebben gewoon Linda haar verjaardag gevierd, maar we staan ook even stil bij het besef dat we ons gelukkig mogen prijzen en elkaar hebben want dat is niet iedereen gegund.</p>
<p>Ik wens de familie en vrienden van het meisje heel veel sterkte.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Helden</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 03 May 2026 15:34:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5608</guid>

					<description><![CDATA[Toen ik nog een heel klein guppie was, was ik smoorverliefd op Apollo van Battlestar Galactica, een oude science fiction serie uit de jaren zeventig (ja, zo oud ben ik al). Ik weet niet meer of dat was voor of nadat ik verliefd werd op stripheld Kuifje, maar daarna volgden Indiana Jones, James Bond en [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Toen ik nog een heel klein guppie was, was ik smoorverliefd op Apollo van Battlestar Galactica, een oude science fiction serie uit de jaren zeventig (ja, zo oud ben ik al). Ik weet niet meer of dat was voor of nadat ik verliefd werd op stripheld Kuifje, maar daarna volgden Indiana Jones, James Bond en vele andere helden die zich op dat moment in een film, boek of stripverhaal manifesteerden. Alles wat enige vorm van gezag, kracht, macht en/of stoerheid uitstraalde, daar viel ik op, bij voorkeur in een stoer uniformachtig iets. Natuurlijk spaarde ik dan alles van het betreffende object van mijn belangstelling op dat moment en viel iedere avond dromend over onze avonturen samen in slaap. Naarmate ik wat ouder werd verdwenen de stripfiguren, helden en acteurs en kwamen leden van een band waar ik fan van was in beeld. Simon Gullip, de basigitarist van The Cure, Simon le Bon, zanger van Duran Duran, of de zanger van The Sisters of Mercy, Andrew Eldritch, mijn kamer hing vol met posters en ik had dikke plakboeken vol. George Michael was overigens niet mijn ding, ik zocht het bij de wat obscuurdere types, maar dat terzijde.</p>
<p>Eigenlijk ben ik mijn hele jeugd altijd wel verliefd geweest op allerlei ‘helden’. Idolen in allerlei vormen en maten, vooral stoere mannen die het kleine meisje in mij konden beschermen. Waarschijnlijk had ik toen al een vader complex. Dat mijn idolen zich altijd in een universum ver weg bevonden maakte niks uit. Ik hunkerde, droomde en fantaseerde er op los, maar wist diep in mijn hart wel dat het precies dat was, een fantasie. Op een gegeven moment kwam ik in de pubertijd en verruilde alle onbereikbare helden voor jongens die zich wel in mijn nabijheid bevonden. Die bleken overigens net zo onbereikbaar als de striphelden, acteurs of zangers want ik was wel verliefd op hen, zij zagen mij nooit staan. Aangezien die jongens dus ook niks werden, omdat de liefde altijd eenzijdig bleek, richtte ik mijn aandacht op een gegeven moment op andere ‘helden’. Leraren op de universiteit, de beveiligers van de discotheek (die in Spanje met échte pistolen rondlopen), you name it. Die laatsten hadden dan wel weer belangstelling voor mij maar meer vanwege mijn korte rokjes en diepe decolleté. Niet echt boyfriend material, dus ook daar zat mijn droomprins niet echt tussen. Ze waren wel stoer, dat dan weer wel. Uiteindelijk werd ik écht volwassen, liet het onbereikbare los en vond, lang gewacht stil gezwegen nooit gedacht toch gekregen, mijn held en grote liefde in levende lijve, die niet alleen heel toevallig iets stoers in de beveiliging deed, maar ook nog eens ook op mij bleek te vallen. En we leefden nog lang en gelukkig. Exit idolen!</p>
<p>Maar hoe zit dat dan? Zijn er dan geen mensen die ik bewonder? Natuurlijk wel. De fascinatie voor mensen die uitzonderlijke dingen doen, en ik toch als een soort held beschouw, is altijd gebleven. Ik word er niet meer verliefd op, ik sta niet meer uren in de regen te wachten om een handtekening te scoren, spaar niet meer alle foto’s en posters die ik in handen kan krijgen en lig niet meer nachtenlang te dromen van spannende avonturen waar hij me redt uit een gevaarlijke situatie. Maar als ik in de gelegenheid ben zorg ik zeker voor een handdruk en een foto. Met het volwassen worden is mijn definitie van ‘uitzonderlijke dingen’ daarbij ook veranderd. In een film spelen is leuk maar niet uitzonderlijk. Ik heb ooit anderhalf jaar in het Gooi gewoond. Daar kom je geregeld BN’rs tegen. Vriendinnen die bij mij logeerden stonden dan opgewonden aan mijn arm te trekken omdat ‘die en die’ in de supermarkt in de rij voor ons stond, terwijl ik nog nooit van de beste man of vrouw gehoord had. Maar ja, ik keek dan ook geen GTST. Nog steeds niet overigens. Misschien dat als Harrison Ford voor mijn neus staat of Arnold Schwarzenegger, mijn hartslag wel wat omhoog gaat, en ik ben ook zeker niet vies van Jason Momoa of Chris Hemsworth, met wie ik best wel een beschuitje zou willen eten (sorry Frank) maar mijn definitie van held is zoals gezegd veranderd.</p>
<p>Mijn helden richten zich de afgelopen jaren veel meer op mensen in de sportwereld, waarschijnlijk omdat ik daar zelf nu veel meer mee bezig ben. En het grappige is dat ik bij toeval of soms ook doelbewust deze mensen ook de laatste jaren echt tegengekomen ben. Bij een seminar, een bijeenkomst, een presentatie of een sportevenement. Helden in de vorm van Mark Tuitert, Dirk Kuyt of Bas Nijhuis, ook al heb ik niks met schaatsen of voetbal. En natuurlijk mogen, na 23 jaar paardrijden, Anky van Grunsven en bijvoorbeeld Willem Greve (springruiter van het Nederlandse olympisch team) niet ontbreken. Stuk voor stuk mensen die iets gepresteerd hebben en waar ik als Nederlander trots op ben. Of rasrotterdammer Herman den Blijker, mag natuurlijk ook.</p>

<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_3282/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_3282-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9176/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9176-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_1768/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_1768-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_1874/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_1874-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/image-81/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/image-150x150.png" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9334/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9334-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_0513/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_0513-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>

<p>Als het gaat om hardlopen heb ik het geluk gehad om helden als Abdi Nageeye en Bashir Abdi te mogen ontmoeten. Eliud Kipchoge ontbreekt helaas maar toen we de laatste keer New York liepen en een paar dagen daarna op het Empire State waren, stonden Evans Chebet en Sharon Lokedi, de winnaars van de marathon, ineens voor onze neus. Nelli Cooman staat steevast bij de start en finish van de Roparun, Robert Lathouwers heeft een paar Anita events verzorgd en Björn Koreman stond ineens bij een loopje in Vlaardingen. Ook één in de combinatie hardlopen met mensen die ik bewonder en het heeft een paar jaar geduurd, maar uiteindelijk lukte het me niet aan het eind maar wel aan het begin van de marathon met burgemeester Aboutaleb en onze eigen Lee Towers op de foto te staan. Daar had ik best een paar minuten van mijn eindtijd voor over. Net zo goed dat ik de hoop al opgegeven had maar ook Martin van Waardenberg en John Buijsman tegengekomen ben ooit. Ja, ja, ik weet, acteurs, maar in dit geval direct gerelateerd aan De Marathon. Of is dat smokkelen? En is het smokkelen dat ik een selfie gemaakt heb met op de achtergrond de koning en de koningin? En als ik nou zeg dat ik ze wel degelijk ook een handje gegeven heb? De laatste aanwinst is Pim Bijl. Afgelopen vrijdag bij zijn boekpresentatie van ‘De mooiste marathon’ wilde ik het boek sowieso hebben en leek het me leuk om bij de presentatie te zijn. Bovendien was ik vrij dus dat kwam goed uit. Hoe leuk is het dan om het boek te laten signeren en natuurlijk even ‘ik ben er nou toch’ op de foto te gaan?</p>

<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/8427433c-f127-4587-b1d4-d4200c9c1148/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/8427433c-f127-4587-b1d4-d4200c9c1148-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_4162/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_4162-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_2627-2/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_2627-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9639/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9639-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_3518/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_3518-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9729/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9729-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_0501/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_0501-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_0510/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_0510-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_3124/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_3124-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9930/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9930-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9619/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9619-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_1110/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_1110-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_9620/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_9620-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_3182/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_3182-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_7987/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_7987-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_8678/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_8678-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_6954/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_6954-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_8588/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_8588-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>
<a href='https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/img_4573/'><img loading="lazy" decoding="async" width="150" height="150" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/wp-content/uploads/2026/05/IMG_4573-150x150.jpeg" class="attachment-thumbnail size-thumbnail" alt="" /></a>

<p>Zo heb ik in de loop der jaren een aardige ‘collectie’ opgebouwd. Misschien niet een waar de fans op een veiling veel geld voor over zouden hebben, maar wel een die net een beetje cachet aan mijn sport- en hardloopactiviteiten geeft. Zover de mensen die enigszins bekend zijn. Want ik heb op de achtergrond ook een paar mensen die ik bewonder waar niemand wat vanaf weet. Die bij mij ook in de categorie ‘held’ vallen. En stiekem een beetje, op mijn eigen manier, misschien wel ‘verliefd’ op ben. Misschien niet mensen die uitzonderlijke dingen doen of gedaan hebben, maar die bij mij een speciaal plekje in mijn hart hebben. Omdat ze altijd bij de finish van de marathon klaar staan om mij de medaille om te hangen bijvoorbeeld, of omdat ze me destijds net dat duwtje gegeven hebben wetende dat ze er op de achtergrond stonden om me te steunen als ik zelf met iets onzinnigs bezig was en het moeilijk had.</p>
<p>Maar uiteindelijk staat er maar één bovenaan die mijn allergrootste held is, en dat de rest van mijn leven zal blijven. Ik heb na mijn eerste marathon een dankwoord voor hem geschreven. Ik heb hem nog eens nagelezen en kom tot de conclusie dat nu, ruim 11 jaar later er niks is veranderd. Ja, ik ben meer marathons gaan lopen en grotere afstanden, maar ook met dat gekke loopje van Hoek van Holland naar Den Helder heeft hij exact diezelfde dingen gedaan als destijds voor mijn eerste marathon. Lees het er maar nog eens op na en vertel me dat het niet klopt. En laten we eerlijk zijn…</p>
<p>…is dat nu niet waar ieder klein meisje van droomt als ze een held in gedachten heeft?</p>
<blockquote class="wp-embedded-content" data-secret="QRuUtPjKHk"><p><a href="https://www.opwegnaardemarathon.com/ode-aan-frank/">Ode aan Frank</a></p></blockquote>
<p><iframe loading="lazy" class="wp-embedded-content" sandbox="allow-scripts" security="restricted"  title="&#8220;Ode aan Frank&#8221; &#8212; Op weg naar de marathon" src="https://www.opwegnaardemarathon.com/ode-aan-frank/embed/#?secret=rTPfYR7BHU#?secret=QRuUtPjKHk" data-secret="QRuUtPjKHk" width="600" height="338" frameborder="0" marginwidth="0" marginheight="0" scrolling="no"></iframe></p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/helden/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Lang leve de koning!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/lang-leve-de-koning/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/lang-leve-de-koning/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 27 Apr 2026 15:47:16 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Heuveltraining]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5601</guid>

					<description><![CDATA[4 dagen vrij. Had ik ook wel nodig na een zware en drukke week. Als ik donderdagavond na het eten uitgeteld op de bank lig oppert Frank om zondag naar de Ardennen te rijden met een overnachting om twee loopjes te doen en de drukte van Koningsdag te ontwijken. Goed plan, verkeerd moment om het [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>4 dagen vrij. Had ik ook wel nodig na een zware en drukke week. Als ik donderdagavond na het eten uitgeteld op de bank lig oppert Frank om zondag naar de Ardennen te rijden met een overnachting om twee loopjes te doen en de drukte van Koningsdag te ontwijken. Goed plan, verkeerd moment om het op tafel te gooien. Ik ben te moe om er over na te denken en zie op tegen vroeg opstaan, drie uur heen rijden, drie uur terug rijden, door de bossen rennen (lees vooral veel klimmen want het is de Ardennen) en niet in mijn eigen bed slapen. Vrijdagavond na een beetje uitslapen, een massage en een lekker maaltje vis in mijn maag vind ik het wél een goed idee. Bovendien wordt me maandagochtend ‘het lekkerste bakkertje van België en omstreken’ beloofd. En voor eten ben ik altijd te porren.</p>
<p>Zondagochtend vroeg gaan we in onze hardloopkleding op pad richting Spa. Het is het gebied van de Legends Trails, waar we vaker een paar stukjes van gelopen hebben en afgelopen februari als vrijwilliger een paar huzarenstukjes maar vooral veel ‘broken dreams’ gezien hebben. De Legends is 350 km en niet voor watjes. Wij zijn het wel en gaan voor een paar kilometer minder.</p>
<p>Frank heeft een route getweakt van 24 km. Kunnen we mooi op ons gemak lekker rondhobbelen. We rijden vroeg weg, Frank rijdt en ik mag nog een beetje doezelen in de auto, en rond een uur of tien zijn we op plaats van bestemming, te weten een parkeerterreintje bij een restaurantje in de buurt van Spa. Het is druk, er is een soort paard en wagen evenement bezig, en er zijn meer landgenoten die geen zin hebben in een kleedje met oude troep op de vrijmarkt. Bovendien schijnt het zonnetje en fluiten de vogeltjes. </p>
<p>Als we er klaar voor zijn gaan we op pad en mogen gelijk klimmen. Niet alleen klimmen maar vooral ook de route zoeken want we lopen dwars door een bos waar niet echt een pad te vinden is. Lang leve het avontuur. Maar dan hebben we toch iets dat lijkt op een pad en als we even later langs de rivier over de boomwortels en rotsen klauteren zijn we dan toch ‘en route’. We hebben hier ooit eerder gelopen maar toen was het winter en lag er sneeuw. Nu kabbelt de rivier rustig soms aan onze linkerzijde, soms aan de rechter, afhankelijk van of we een bruggetje overgestoken zijn of terug. Dit wordt in de Legends volksmond het land van de kabouters genoemd maar de enige kabouter die hier over de rotsen klautert ben ik zelf. Maar ik moet het Frank toegeven, het is hier prachtig en beter dan thuis op de bank hangen.</p>
<p>Als goede trailtoerist maak ik de nodige foto’s, de meeste van Frank, terwijl hij die van mij maakt. We klimmen steeds hoger en hoger tot we in de buurt van Baraque Michel zijn. Daar zouden we in theorie kunnen gaan zitten en wat drinken of eten. Moeten we wel 2 km van de route af en straks ook weer terug. Dat is me iets te veel van het goede, ook omdat het pootje nog steeds vervelend doet en we nog net niet halverwege zijn. Ik heb ook nog genoeg eten in mijn vest en aangezien we de laatste tijd niet zo veel gelopen hebben is veel tegen, op of over de datum. Als goede Hollandse krent gooien we niks ‘kan nog best, smaakt hoogstens een beetje muffig’ weg wat niet nodig is en eet ik dat dan wel.</p>
<p>We laten de rivier achter ons en via het gras en de graspollen komen we op de Hoge Venen en de vlondertjes. Jaaaaaaa, de vlondertjes. Ik ben dol op vlondertjes, niet in de laatste plaats omdat ze zo fotogeniek zijn maar ook omdat ze gewoon lekker lopen. Jammer dat het over het algemeen maar korte stukjes zijn, en de laatste die dan wel weer heel erg lang is loopt omhoog. Ach ja, je kan niet alles hebben. </p>
<p>Van daaruit mogen we eerst een stuk naar beneden en dan een lange weg omhoog. Die pak ik mooi als training door deze langzaam maar gestaag door te stiefelen tot ik boven ben. Nog een stuk door het bos en uiteindelijk komen we weer bij de rivier om de laatste paar kilometer weer over de boomwortels, rotsen en bruggetjes te klauteren maar dan naar beneden in plaats van naar boven. Eenmaal bij de auto maken we een pak chocomelk soldaat en drinken nog even wat op het terras. Ik heb trek want het muffe net over de datum hardloopvoedsel is inmiddels wel verteerd. Ik wil een snackje. </p>
<p>Ik heb pech, er is niet veel te krijgen dus gaan we onze slaapplaats aan de rand van Spa maar opzoeken. Daar aangekomen staat er politie op de weg die ons dreigend maant dat we daar niet mogen parkeren. Het blijkt dat Luik-Bastenaken-Luik vandaag gereden wordt, onze B&#038;B op de route ligt en de dames er over tien minuten aankomen. Vooruit dan maar. We parkeren de auto buiten de route terwijl ik in mijn slechtste Frans de dame van de B&#038;B aanspreek. Die schiet volledig in de paniek. Ze had ons nog niet verwacht en niks is klaar. Desdondanks ratelt ze in rap Frans de instructies voor parkeren, slapen en de sleutel van het huis. Gelukkig ben ik soms, zoals vandaag, snel van begrip en heb tien minuten later de sleutel van het huis in handen, weet in welke kamer we slapen, waar we mogen zitten, morgenochtend koffie kunnen krijgen, de auto kwijt kunnen en morgen de sleutel weer moet achterlaten na vertrek. Ondertussen pakt Frank onze tassen en zien we de dames wielrenners voorbij sjezen. </p>
<p>Nadat we ons geïnstalleerd hebben, gedoucht en aangekleed duiken we op het buurterras en zoeken via Google een restaurantje in Spa uit. Frank wil streekgerechten eten, ik ga voor alles dat iets van een steak en een lekker toetje heeft. Een uur later zitten we aan tafel, smult Frank van kikkerbilletjes en een steak en ik van kaaskroketjes en een soort carpaccio maar dan met stukjes biefstuk in plaats van feitelijke carpaccio. Appeltaart en chocolademousse maken het diner compleet.</p>
<p>Het is nog relatief vroeg, ik ben nog nooit in Spa geweest en zag allerlei beelden van ‘Spamannetjes’ door de stad. Frank voelt de bui al hangen, ik wil door het centrum wandelen. Niet dat hij veel te vertellen heeft in deze, als hij me meesleept naar België om daar te lopen zal hij ook mee moeten wandelen door het centrum van Spa. Er is zelfs een officiële route ‘de blauwe lijn’ die je in ongeveer een kleine 3 kilometer langs de highlights van Spa leidt. Die gaan we dus volgen. We komen niet alleen langs de highlights maar ook langs wat achtergelegen steegjes waar een paar drugsfiguren rondhangen. Gewoon doen of je daar hoort, dan is er niks aan de hand. Als de route klaar is rijden we naar de B&#038;B waar we lekker in bed duiken want morgen willen we weer vroeg op. Althans, ik wil dat want ik wil op een christelijke tijd ook weer thuis zijn.</p>
<p>De volgende ochtend maken we ons weer klaar en rijden naar Frank zijn bakkertje. Het ruikt er heerlijk en het water loopt me in de mond bij de aanblik van alle lekkere gebakjes en de geur van vers brood. Maar eerst lopen. Frank eet een croissantje, ik hou het bij een brioche met rozijnen. Straks neem ik wel een broodje, en een croissantje, en een eclair, en misschien ook nog wel een wafel. Of een citroentaartje. Of toch een mille-feuille, wat het dichtst bij onze Nederlandse tompouce komt. We zien wel, zoals ik zeg, eerst lopen.</p>
<p>We parkeren weer op een parkeerplaats nu aan de voet van de Ninglinspo, de rivier van vandaag. Waren we gisteren in het land van de kabouters, dit is het terrein van de elfjes. Ook nu trotseren we de boomwortels, rotsen en bruggetjes. Omdat we veel vroeger op de dag zijn is het een stuk frisser dus ik heb sleeves en een buff aan. Allebei in het oranje, net als de elastiekjes in mijn haar. Tenslotte is het Koningsdag! Door het klimmen en klauteren is het meer hiken dan trailen en alhoewel we vandaag maar 15 km doen hebben we meer hoogtemeters dan gisteren. Mijn pootje vindt dat minder erg dan snel maar vlak rennen. </p>
<p>Het ‘kost’ ons een paar kilometer om helemaal op het hoogste punt te komen waar we de rivier verlaten en inruilen voor een gravel weg. In deze route zitten drie lange klimmetjes en dalen dus one down, two to go. Het eerste stuk naar beneden is lang, heel lang, maar loopt wel lekker. Kunnen we een beetje oefenen voor The Great Escape in september. Bovendien gaat onze gemiddelde snelheid weer een beetje omhoog, om weer keihard omlaag te gaan als we weer mogen klimmen.</p>
<p>Toch valt het me niet tegen. Ik ben een paar kilo kwijt en juist op dit soort plekken kan ik dat goed merken. Het kost me minder moeite en het is vooral mijn poot die me nu dwars zit. Als ik dat nou ook nog kan fixen wordt mijn hardloopleven een stuk makkelijker. Maar uiteindelijk zijn we ook boven aan de tweede klim en mogen we weer naar beneden. Hierna is het nog een stukje omhoog voor het laatste klimmetje alvorens we langs de rivier naar beneden klauteren. We hebben Ninglinspo verlaten en lopen nu langs de Chefna. De gemiddelde snelheid gaat weer omlaag maar we zijn bijna aan het einde van de route. Nog een paar kilometer voordat we weer bij de auto zijn. </p>
<p>Daar is het ook aanzienlijk weer drukker en ons plekje wordt gauw ingenomen door een landgenoot als we naar de bakker rijden. Ik zit kwijlend en likkebaardend op de passagiersstoel en heb enorme keuzestress. We stoppen nog even bij de Carrefour voor een paar boodschappen maar dan is het toch écht tijd voor het hoogtepunt van de trip. Eerst eten we braaf een broodje en dat is maar goed ook. Mijn ergste trek is gestild en ik kan weer rationeel denken. Het croissantje laat ik schieten net als de wafel en ga voor de mille-feuille. Hebben we vanavond toch een beetje tompouce idee. Vlak voor het afrekenen bestel ik toch nog een croissantje maar die zijn gelukkig op. Iets met grote ogen op een kleinere maag want ik heb niet echt trek meer maar wil gewoon snoepen. Vanavond. We rijden lekker naar huis waar we ouderwets weer eens in bad duiken. ‘S avonds eten we rib-eye met een patatje en als toetje de Frans &#8211; Belgische versie van de tompouce.</p>
<p>Lang leve de koning!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/lang-leve-de-koning/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>11x Rotterdam: Minder is meer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 12 Apr 2026 20:16:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5595</guid>

					<description><![CDATA[11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan had, zoals de week ervoor de marathon van Parijs had gelopen, een paar weken later de Two Oceans zou gaan lopen of twee maanden eerder 224 km trailen, dacht ik dat ik niet slechter aan de start kon staan. Vandaag bewijs ik wellicht het tegendeel. Sinds 6 maanden geblesseerd waarvan 3 maanden ook echt stil gestaan, niet specifiek getraind en maximaal één keer 21 km en één keer 30 km gelopen. Toch ga ik starten. Want ik ben een hardloper, en hardlopers zijn niet alleen hardleers, een tikje arrogant en eigenzinnig, maar vooral ook extreem eigenwijs. En ik heb eigenwijsheid niet alleen uitgevonden maar ook verbeterd.</p>
<p>Van de week vroeg iemand me nog of ik nou de hele week pasta ging eten. Ik mag wel zeggen dat ik inmiddels genoeg ervaring heb dat ik dat soort dingen niet meer doe. Gewoon normaal doen, wat ik normaal gesproken ook doe. Pasta op zaterdag is meer gezellige traditie dan behoefte aan stapelen, net als de pannenkoek met spek op zaterdagmiddag en een toetje ‘s avonds na het eten, waarbij het lopen van de marathon gewoon een goed excuus is. Ik neem tijdens het lopen zelf twee gelletjes mee, één om op te eten, één als reserve, ik bak vlak voor de start bananenpannenkoeken omdat dat makkelijk is en ik kijk zaterdagavond de film ‘De Marathon’ om het gevoel van sfeer lekker af te toppen. Koolhydraten stapelen, taperen, een vracht gelletjes meenemen onderweg en isotone sportdrank drinken? Ik ga voor uitlopen, ik hoef geen PR meer. Bovendien veel te veel gedoe. Op tijd naar bed doen we dan wel weer, de hele nacht wakker liggen van de zenuwen niet meer.</p>
<p>En zo is het dan zondagochtend, ik heb mijn pannenkoek gegeten, Frank loopt de tien kilometer dus die heb ik bij Blaak bij Frouke en Deborah afgeleverd en uitgezwaaid, en op mijn gemak ben ik naar het startvak gewandeld, nog even met Rob op de foto, die staat gewoon weer op de Blaak, om dit jaar Berget Lewis ‘You’ll never walk alone’ te horen zingen. Het blijft even wennen dat mijn buurman Lee het niet meer doet net als dat ik Abu mis bij de start. Maar de wereld verandert continue en niets is voor eeuwig dus dit ook niet. De wedstrijdlopers zijn al weg, ik wacht geduldig af tot mijn wave ook weg mag, 10:10, de heartbeat en dan gaan we! Met opwinding en enige twijfel of mijn knie het gaat houden. We gaan het zien. Wat zeg ik ook altijd weer? De dood of de gladiolen, en we gaan natuurlijk altijd voor de gladiolen. Bovendien komt aan alles een eind, ook aan 42,195 km.</p>
<p>In het startvak sta ik met Marcel en Marcella, die eerst naar ons huis gekomen zijn, maar ik heb gezegd dat ze hun eigen gang moeten gaan omdat met mij lopen niet te doen is. Ik start altijd te hard, stort daarna in en loop onregelmatig omdat ik onderweg waarschijnlijk nog foto’s maak. We zien elkaar naar afloop wel weer. Als ik over de startmat loop kijk ik of onze nieuwe burgemeester er staat of wellicht Berget. Carola zie ik niet, Berget wel maar die is druk in gesprek met iemand. Doorlopen dan maar dus mijn muziek gaat aan en ik loop relaxed de Erasmusbrug op. Denk ik, want per saldo loop ik sneller dan 5:30. Maar ja, de eerste kilometer gaat altijd wat sneller en de tweede ook want dat is heuvel ‘Erasmusbrug’ af. </p>
<p>Ik voel me goed, ik loop lekker en heb geen last van mijn been. So far, so good. Hoogmoed gaat voor de val dus ik blijf op het snelle tempo doorlopen richting de eerste 5 km. Maar eerst langs DJ Gewoon Rene. Vanwege de routewijziging staat hij dit jaar op de 4 km in plaats van de 17 km, maar ik heb beloofd dansend bij hem langs te gaan dus dat doen we dan ook. Even een snelle foto en dan toch weer door. Bij de 5 km even wat water pakken en dan kijken hoe het nieuwe stuk van het parcours loopt. Nu moet ik bij de 7 km richting de Kuip en daar draaien voor het heen en weertje. De turn komt eerder dan ik verwacht en voor ik het weet ben ik alweer op de terugweg, waar ik snel nog even een selfie maak met De Kuip op de achtergrond. Door deze routewijziging moet ik de hele planning in mijn hoofd aanpassen. Alles komt nu veel eerder en dus is uitkijken naar de vaste punten ook anders. </p>
<p>Evert staat niet rond de 9 km want ik krijg eerst de 10 km verzorgingspost. Daar staat mijn oude Roparun team Jatogniettan?! water uit te delen. Ze zijn de volgenden in een lange lijst van bekenden die ik onderweg tegen ga komen, en bekenden en onbekenden die mijn naam zullen scanderen. Ik loop nu langs een man die aan het jongleren is tijdens het lopen en weer maak ik een foto. Dan de tunnel door in Lombardijen en als ik de tunnel uitkom kijk ik uit naar Evert. Ik kijk rechts als ik hem in mijn ooghoek ineens links zie staan en er bijna voorbij loop. Ik stop, roep dat hij aan de verkeerde kant staat en loop terug voor de traditionele foto. ‘Het is druk!’ verontschuldigt hij zich en zet me op de kiek terwijl ik een springpoging doe. Nu kan ik dat nog. </p>
<p>Ik lach en ren door terwijl ik voor het eerst mijn been een beetje begin te voelen. Hij doet nog geen zeer maar hij ‘zeurt’ wel terwijl ik de hoek omdraai en richting het Havenspoorpad ga. Veel mensen hebben hier een hekel aan, ik niet, ik hou van het Havenspoorpad. En omdat ik nog redelijk ‘vroeg’ ben is het ook nog niet zo druk. Ik loop nog steeds ok en snel, maar het zeuren gaat wel steeds meer over in ‘het doet een beetje zeer’.  Straks bij de 15 km maar even wandelen of zo. Ik loop door naar de 13 km waar ik een gelletje pak, het eerste voedsel van de loop. Even voorbij de 13 km zie ik ineens Ronald en Ysbrand staan. Wat leuk! Ik stop en krijg van allebei een Powerknuffel voordat ik weer verder ren. Op naar de 15 km en van daar uit naar de halve.</p>
<p>Het wordt steeds warmer en het is lekker druk langs de kant. Ik word nog steeds veelvuldig aangemoedigd terwijl ik lekker doorhobbel. Ook de 15 km passer ik ruim binnen een gemiddelde snelheid van 10 km per uur en ik krijg een déja vu met Amsterdam, waar ik me de eerste helft kapot liep door heel snel te gaan, en de tweede helft doorgeworsteld heb met als gevolg een overbelaste knie. Gelukkig ben ik nu door schade en schande wijs geworden, toch? Oh nee, toch niet want ik loop gewoon net zo snel door. Het lijkt wel of, als ik aan het hardlopen ben, mijn IQ stante pede met 100 punten daalt. Aan de andere kant, geluk is met de domme dus wie weet. Als ik klaar ben met het Havenspoorpad zit ik op 16 km en ga ik echt wel iets rustiger aan doen. Ik neem iets langer de tijd bij de verzorgingspost om daarna weer lekker verder te kunnen.</p>
<p>Na de 17 km krijgen we de laatste koerswijziging, want in plaats van de lus om Ahoy hebben we ook hier weer een heen en weertje. Ik vind het niet erg, de lus bij Ahoy was altijd één van mijn minder favoriete stukken uit het parcours. Waarschijnlijk een trauma van mijn allereerste marathon. Toen ging ik hier al een beetje dood, had geen zin meer en was ik nog niet eens op de helft. Nu gaat het heen en weertje redelijk ongemerkt aan me voorbij met als voordeel dat ik de 20 km passeer. Ik zit nog steeds gemiddeld op 10 km per uur en kan wellicht de halve onder de twee uur aantikken. Het enige dat roet in het eten kan gooien is die verdraaide poot, die steeds irritanter begint te worden. Bovendien krijg ik eerst de verzorgingspost waar ik toch écht weer even mijn bekertje water pak en ook nog een stukje banaan krijg en eet. Ik neem zelfs even de tijd om er toch een paracetamol in te gooien, vooral om te voorkomen dat ik teveel krom ga lopen.</p>
<p>Als ik me weer in beweging zet moet ik eerst naar het 21 km bord en daarna door naar de 21,1 km, met nog ongeveer een minuut te gaan. De sokken er in dan maar en ik passeer in 1:59:40. Voor de marathon zelf heeft het geen betekenis, voor mij is het een wereld van verschil. Vorig jaar deed ik ditzelfde kunstje, maar toen had ik geen manke poot en was ik een stuk beter getraind. Het verschil zit hem dit jaar ergens anders in, namelijk een paar kilo minder. Eenmaal over de helft neem ik écht even de tijd om bij te komen. Dat wil zeggen, het stuk naar en voorbij de 22 km dat een stukje omhoog loopt richting de Brielselaan doe ik gewoon lekker wandelend, wat alle toeschouwers ook schreeuwen. Niet alleen ik maar ook mijn been moet even bijkomen. </p>
<p>Het helpt, ik voel hem minder en kan weer doorlopen naar mijn nieuwe doel, de 25 km. Toch hou ik het niet vol om te blijven rennen en het wordt rennen met af en toe even wandelen tussendoor. Het is warm en zelfs een oudbakken spekje geeft niet voldoende suiker. Ik accepteer het gewoon, vorig jaar was het niet anders en een halve onder de twee uur heeft dit effect nu eenmaal. Ik maak dankbaar gebruik van de sponsjes met koud water om het hoofd koel te houden en hobbel gewoon lekker door waar het kan. Vooral de stukken die omlaag gaan. Alle kilometers na de 20 km komen iets eerder dan normaal en dat is psychologisch wel lekker. De 25 km is dan ook niet pas na de bocht maar er al voor. De verzorgingspost is wel na de bocht richting de 26 km als ik ineens Frank hoor roepen. Die staat onverwachts op rechts. Hij vraagt of ik wat wil hebben en ik grijp een dadel in chocola. Ik krijg nog een kus mee en dan loop ik weer verder want ik moet er nog 16.</p>
<p>Ik vergeet dat ik ook nog een appeltje in de tas had, want de chocola geeft dorst, en bedenk me dat ik wel wat cola had willen hebben maar die heb ik niet in de tas gegooid. Ik app Frank of hij nog iets kan regelen voor straks in het bos en pak wat extra water bij de verzorgingspost om mijn dorst te lessen. De dadel geeft me energie om naar de Erasmusbrug te lopen. Daar zet ik mijn muziek uit en kijk uit naar de afdaling, niet alleen omdat dat heuvel af is, maar omdat dat ook altijd het moment is om ‘Zuid’ af te sluiten. Sommige dingen veranderen niet. Het gaat nu allemaal niet zo snel meer maar dat geeft niet. Het ergste heb ik gehad en met voldoende marge. Aan het eind van de Schiedamsedijk is het draaien naar de Westblaak, het tunneltje en dan uitkijken naar Bart en Patries, die ergens op links moeten staan. </p>
<p>Ik ben nu op terrein waarop wandelen steevast gelijk staat aan extra aanmoediging van de supporters, die bijna niet toestaan dat je niet aan het rennen bent. Ik ben dan ook blij met het tunneltje, waar ik schaamteloos en zonder toeschouwers even extra rustig kan wandelen. Aan de andere kant is het dan ook wel weer leuk dat als je na het wandelen bij de aanmoediging tóch weer gaat rennen, ze extra enthousiast zijn. Je zou het er bijna om doen. Bijna. Terwijl ik na het tunneltje me toch maar weer in beweging zet kijk ik uit op links en zie Bart en Patries staan nog voor ze mij zien. Patries spot me als ik al bijna voor hun neus sta. Een knuffel en een handje salmiakdrop, voor de zoute smaak, als ik weer verder trek. Ik begin me wel serieus af te vragen wanneer mijn maag gaat protesteren op al dat verschillende voedsel. Nou ja, dat merk ik dan vanzelf wel.</p>
<p>Ik ren richting de Kubuswoningen en ben alweer bezig met mijn volgende doel, Frouke, Stans en Deborah, die na de bocht moeten staan. Ik verwacht ze op rechts maar kijk gelukkig ook met een schuin oog naar links als ik ze zie staan. Ik moet wel even kruislings oversteken en als ik op ze af ren en er bijna ben doe ik een klein beetje struikelen. Mijn rechterbeen weigert dienst waardoor ik het niet kan opvangen en mijn evenwicht verlies. Met enig gevoel voor drama stort ik volledig niet gracieus op de grond half tegen het hek aan. Het lijkt wel of ik de scène van gisteravond uit ‘De Marathon’ naspeel. Gelukkig is het niet vlak voor de finish en ook blijf ik niet dood liggen. Onvast op mijn benen sta ik weer op, geef de meiden alsnog een knuffel en hink in eerste instantie weer verder. Even later weten mijn benen weer wat ze ook alweer moeten doen en hobbel ik weer verder, dwars door de meute van de Mariniersweg richting het 30 km punt. </p>
<p>De mensen staan traditiegetrouw rijen dik en het is smal lopen. De warmte begint zich nu toch echt wel te laten gelden en ik heb al de nodige ambulances gehoord en mensen bij de EHBO gezien. Het is ook ieder jaar hetzelfde liedje. Na de koude winter is de lente nog maar nét begonnen en de marathon is altijd warm, ook als het niet warm lijkt. Na de Mariniersweg draai ik de Warande op en van daar uit Crooswijk in richting het bos. Het geluid is oorverdovend en ik ben blij als ik straks in het bos even wat rust krijg. Tenminste, dat denk ik want het lijkt wel weer drukker dan andere jaren. Ook in het begin van het bos staan de mensen rijen dik en pas als ik écht in het bos ben wordt het iets rustiger. Ik kijk uit naar Frank die net na de 32 km staat. </p>
<p>Hij heeft cola weten te scoren die ik in een flesje mee krijg. Voor de rest hoef ik niks en weer vergeet ik mijn appeltje. Ik krijg opnieuw een kus en de mededeling dat Ysbrand en Ronald een stukje verderop staan. Weer iets om naar uit te kijken en weer een paar honderd meter verder. Het is nu nog maar tien kilometer, die lopen we wel uit. Dat hoop ik tenminste want mijn benen blijven signalen afgeven dat ze dienst willen weigeren. Stelletje deserteurs en ik spreek ze streng toe. Als ze het maar uit hun hoofd laten. De pijn in mijn poot is gelukkig aanzienlijk minder, het zit hem vooral in de aansturing van de spieren en ik heb het op mijn heupen. Van Ysbrand en Ronald krijg ik weer een Powerknuffel en dan weet ik dat ik vanaf daar de rest alleen moet doen. Het bos lijkt korter dan normaal, weer vanwege dat psychologische effect, en als ik uiteindelijk de hoek naar de Kralingseweg opdraai is het nog ‘maar’ 6 km. It’s tiiiiiiiiiiiiiime! Tijd voor de Terminatorknop. Ik eet nog een Bifiworstje, voor het zout, en gooi er een Dextro achteraan, voor de energie, zet mijn magische playlist op en druk op de knop. </p>
<p>Het effect is direct zichtbaar. Op de maat van de muziek met het verstand op nul (lekker makkelijk, dat was ik toch al kwijt toen ik vanochtend begon) en de blik op oneindig maak ik mijn stappen en blijf bijna drie kilometer lang op een redelijk constant tempo rennen. Genoeg om lekker af te kunnen tellen, me door Crooswijk te helpen en naar het 40 km punt. Op de Warande staat de laatste verzorgingspost waar ik nog even wandel onder het genot van een bekertje water. Daarna zet ik me weer in beweging en mijn tanden op elkaar voor het laatste stukje. Bij de Gele Kanarie en over de Mariniersweg is het support op zijn hoogtepunt. Ik smokkel nog één keer met wandelen langs de lege hekken op rechts waar de supporters niet kunnen komen. Dan ben ik bij het bordje waar ik de afgelopen dagen meermaals langs gelopen ben. ‘Nog 1000 meter’.</p>
<p>Ik begin weer te rennen en de support en het schreeuwen van mijn naam is nu dusdanig dat ook al zou ik het willen, wat ik stiekem best wil, ik kan nu gewoon niet meer stoppen met rennen. Het zijn kleine langzame pasje maar rennen desalniettemin. Ik kijk nu uit naar Rob, mijn laatste stop before I drop, durf het niet aan om te springen maar doe het last minute toch. Als je dat tenminste springen kan noemen maar goed. Dan doordribbelen, het laatste 500 meter bord, de draai naar de Coolsingel en een ‘ietsminderlangstukopdeCoolsingelgodzijdank’ naar de finish. De finish? Oh nee dat is de 10 km, nog een heel klein beetje verder, en dan yes, yes, yes. Oops I did it again. Nummer 11 done and dusted.</p>
<p>Ik loop door, neem mijn medaille in ontvangst bij oud collega Peter, net als de afgelopen 11 jaar, praat even bij en wandel door om mijn AA, een banaan en een Trekreep in ontvangst te nemen. Hmmm, ze hadden toch chocomelk beloofd? Ik zie het niet en ben teleurgesteld. Daar had ik me nou zo op verheugd. Ik loop door en heb contact met Frank. We spreken af bij het Schouwburgplein want ik wil mijn medaille graveren. Iets met traditie en zo. Het is druk maar het valt toch mee en ik ben relatief snel door de hekken en bij het Schouwburgplein waar ik Frank tref. En surprise, daar wordt ook de chocomelk uitgedeeld die ik blij in ontvangst neem en gelijk opentrek. Lekker! Dan alsnog mijn medaille graveren en nog even bij Ferry kijken waar we Ysbrand, Ronald, Bart, Patries, Linda en Marilene treffen. Na een drankje en even bijpraten over onze avonturen lopen we terug naar de Coolsingel, waar we Marcel en Marcella oppikken en richting huis gaan. Na het afscheid duik in onder de douche en op de bank, waar ik dan toch maar het gesprek met mijn benen aanga. Vooral rechts is behoorlijk pissed off. We zullen zien of dit na een nachtje slapen een beetje bijtrekt.</p>
<p>11 keer Rotterdam, en mijn 23ste officieel geregistreerde niet trail marathon op asfalt (24 als je de ultra van de Two Oceans meetelt). Dat had ik 5 maanden toch écht niet gedacht, en al helemaal niet in de tijd die ik uiteindelijk gelopen heb, 4:21:50. Een tijd die niet alleen heel netjes is, maar voor mijn doen zelfs snel. Hoe komt dat nou zo? Dit is een duidelijk geval van minder is meer. Minder trainen, want laten we eerlijk zijn ik heb minstens drie maanden écht stil gestaan, minder ‘moeten’, want alles wat ik zou doen vandaag was eigenlijk ok als ik maar uitliep, en vooral minder kilo’s, want door het stil staan groeide ik dicht en dat was het zetje dat ik nodig had om even heel serieus wat aan mijn dagelijkse calorieinname te doen. Allemaal factoren die zeker een positieve bijdrage, want ik zie het zeker als een meer dan positief resultaat, hebben geleverd aan vandaag. Alhoewel het minder trainen misschien ietsiepietsie meer had kunnen zijn, dan waren mijn benen misschien iets minder boos geweest nu. Maar de grootse factor van het succes van vandaag waren toch zeker de supporters. De supporters die je letterlijk naar de finish schreeuwen. Daar mag je van vinden wat je wil, maar voor mij?</p>
<p>Voor mij maakt dat Rotterdam voor eens en altijd #demooiste.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 29 Mar 2026 21:55:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Ladiesrun]]></category>
		<category><![CDATA[Valencia]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5591</guid>

					<description><![CDATA[8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>8 januari. Ik lig in bed en kan de slaap niet vatten. Ik denk aan mijn verjaardag over ongeveer twee maanden. Wat zal ik eens doen dit jaar? Het valt op een zondag. Een feestje? Uit eten? Of misschien wel gewoon niks? Nee, ik hou van mijn verjaardag vieren. Ik kijk nog wel even. Mijn gedachten dwalen verder naar andere onderwerpen. Dwalen af naar Spanje en mijn vrienden in Valencia die ik al bijna 10 jaar niet meer live gezien heb. En dan komen er twee gedachten samen. Wat als ik mijn verjaardag nou gewoon eens in Valencia met mijn vrienden daar vier? En dan lekker overdag paella eten op het strand of zo? Gaan we een lang weekend, even ertussenuit. Met die gedachte val ik in slaap. De volgende dag app ik Mateu, die ik al 40 jaar ken. Of hij wat te doen heeft eind maart. Een paar dagen later is het een feit. Eind maart gaan we een week naar Valencia en eet ik op mijn verjaardag paella op het strand met mijn Spaanse vrienden.</p>
<p>Ik kan op dat moment net weer 5 km lopen maar ga er vanuit dat dat tegen die tijd wel een stuk beter gaat. Ik verheug me er dan ook op om weer door de rivier, over de boulevard en bij de Ciudad de las Artes y Ciencias te rennen, waar ook de marathon start en eindigt. Het is grappig, ik heb 6 jaar in Valencia gewoond en gestudeerd. Toen was het nog een uit de kluiten gegroeid dorp waar geen toerist te vinden was. Ik liep zelf nog niet hard, hoogstens om de bus naar de Universiteit niet te missen, niet in de laatste plaats omdat ik meer ‘s nachts in de discotheek te vinden was dan overdag hollend door de straten. De rivier was een gribusbende van een paar vervallen sportvelden waar vooral junks en daklozen te vinden waren. En van de marathon had ik nog nooit gehoord.</p>
<p>Inmiddels weten we allemaal hoe de stad zich in al die jaren ontwikkeld heeft tot één van de meest hippe steden van Spanje, en heb ik er in 2017 ook de marathon gelopen. En ja, dat was inderdaad de laatste keer dat ik er was en mijn vrienden gezien heb. Zouden ze nu misschien ook een soort running crew hebben? Misschien is er wel een loopje waar we aan mee kunnen doen? Ik Google op ‘Carrera’, ‘Valencia’ en ‘29 maart’. Nee! Het is niet waar! Ik krijg een zoekresultaat met een link naar een hardloopevenement. En niet zo maar een hardloopevenement, het is gewoon een Ladiesrun! De enige die Spanje nog heeft met ongeveer 3.500 deelnemers. 10 km met start om 9:00 naast de rivier. Qua afstand én tijd perfect. Tegen die tijd verwacht ik wel weer 10 km te kunnen lopen én het geeft me genoeg tijd om te lopen, te douchen, om te kleden en na afloop op tijd te zijn voor de paella. 5 minuten later heb ik ingeschreven. Is het al eind maart?</p>
<p>Tegen de tijd dat het écht eind maart is, zijn alle voorbereidingen in volle gang en wordt er van alles geregeld. We hebben een slaapplek, mijn zus en mijn nichtjes komen naar de paella net als een andere goede vriend uit Madrid en mijn beste studievriendin met haar man die ik óók al jaren niet gezien heb. De dagen ervoor zit ook volgepland met etentjes en vooral heerlijk door de stad slenteren, shoppen en natuurlijk rennen door de rivier en bij de iconische gebouwen van de Ciudad de las Artes y Ciencias. We hebben prachtig weer met zon en 20 graden terwijl het in Nederland koud en regenachtig is. Een uitstekende opbouw naar zondag.</p>
<p>De voorpret start met het vrijdag ophalen van mijn startnummer. We krijgen geen medaille bij de finish maar wel een mooi kleurrijk loopshirt. Ach ja, gelukkig had ik nog niet genoeg shirtjes. Maar eerlijk is eerlijk, hij is mooi, van een fijne dunne stof en hij zit mooi. Een stuk beter dan die van de CPC, want dit is tenminste wél een getailleerd damesshirt. Natuurlijk heb ik de rest van mijn outfit er op afgestemd. De rest van de dag en de zaterdag loop ik natuurlijk weer veel te veel rond, wat niet alleen mijn knietje niet zo leuk vindt, maar ook maakt dat ik zaterdagavond een beetje afgepeigerd in bed stap. Gelukkig is het ‘maar’ 10 km. Ik heb nog wel een extra handicap, wat elke keer terug komt als mijn verjaardag in het weekend valt. De zomertijd gaat in waardoor ik niet alleen een uur minder jarig ben, maar ook een uur minder kan slapen. Ik blijf het oneerlijk vinden.</p>
<p>Dat er van slapen die nacht sowieso weinig komt wist ik op dat moment überhaupt niet. De wind draait en maakt dat er een irritante fluittoon te horen is ergens buiten langs het appartement waar we verblijven. Eerst lijkt het nog dat het iets van tocht is, maar na alle ramen uitgeprobeerd te hebben met open en dichtdoen alsmede het laten zakken of ophalen van de zonwering en geen enkel verschil te merken, moet het toch van buiten komen. Uiteindelijk geven we het op en even later gaat de wind dan toch liggen. Het is al laat en de wekker gaat veel te vroeg. Het is zelfs nog donker. Toch ben ik wakker en ga er maar uit. Ik heb alles klaargelegd en ben in no time klaar. Plan was 8:00 de deur uit maar dat wordt 7:45 en omdat we snel de metro hebben zijn we om 8:00 al op plaats bestemming.</p>
<p>Frank is mee en probeert op een paar plekken langs het parcours te staan. Er zitten wat heen en weertjes in dus dat kan prima. Moet hij wel her en der wat heen en weer rennen en daarom heeft hij ook zijn hardloopkleding aangetrokken. Het is kouder dan verwacht want door de gedraaide wind is deze een stuk frisser dan gisteren. Met andere woorden, ik ben blij dat ik mijn jasje aan heb dat ik straks aan Frank kan geven, maar Frank staat te vernikkelen van de kou want die heeft weliswaar en thermo aan, maar wel korte mouwen en korte broek aan. En dan is een uur wachten nog lang. Een uur die ik volmaak met twee keer naar de wc en een foto bij de fotobooth. Een kwartier voor de start loop ik naar het startvak op de brug dat in elk geval in de zon is die inmiddels opgekomen is. Ik trek mijn jasje uit en geef deze aan Frank. Now I am ready to rumble. ‘Niet te hard lopen hé, denk aan je knie!’, roept Frank nog. Ja schat, natuurlijk doe ik dat niet.</p>
<p>Om 9:03 klinkt het startschot, we zijn wel in Spanje hé, dat gaat nooit 100% op tijd, en weg zijn we. Ik zit in startvak 4 maar het loopt in één moeite door. Ik zet een lekker muziekje aan en gaan met die banaan. De eerste kilometer kan ik nog niet goed weg omdat het druk is en de dames voor mij iets minder haast hebben dan ik, maar ik wil niet bij de pacegroep van 60 minuten blijven. Niet in de laatste plaats omdat ik toch wel onder het uur wil proberen te lopen, maar ook omdat ik het vervelend vind om bij zo’n groep te klitten. Bij kilometer twee ben ik er voorbij en krijg ik wat ruimte. We lopen bij mijn oude buurt en door de straat waar ik altijd naar de universiteit liep voor mijn lessen. Aan het eind is het voetbalstadion en het keerpunt voor het eerste heen en weertje. Van daaruit terug naar de rivier en even poseren voor Frank die ik herken aan zijn witte petje.</p>
<p>Natuurlijk ga ik veel te hard, maar mijn knie heeft er geen last van. Ik voel hem wel maar het lijkt wel of het beter gaat als ik sneller loop dan als ik langzaam loop. Bovendien, het is mijn verjaardag, dan moet ik toch een beetje fatsoenlijk lopen? Ik heb het in elk geval niet koud meer. Ik probeer iets rustiger aan te lopen maar kilometer drie klok ik juist sneller. Kilometer vier en vijf maak ik het helemaal bond als ik bijna tegen de 12 km p/u aan zit. Als dit een 5 kilometer race geweest zou zijn zou ik nog wel een tandje harder kunnen gaan, maar nu moet ik toch een klein beetje tactisch lopen. Ik ben pas op de helft. Ik neem dus gewoon even de tijd voor wat water bij de verzorgingspost. Dan kilometer zes en ben ik officieel over de helft en terug bij de rivier.</p>
<p>Ik had Frank gevraagd om te kijken of hij een foto kon maken met de mooie gebouwen op de achtergrond maar als ik zie waar we lopen gaat dat niet lukken. Toch staat Frank braaf te wachten op de goede plek en ik zie hem eerder dan hij mij dus ik trek zijn aandacht door met mijn armen te zwaaien. Hij ziet me en maakt foto’s. Ik heb dan weer niet in de gaten dat hij een stukje meeloopt tot het te laat is en ik hem alweer achterlaat. Nu begin ik een beetje moe te worden en voel niet alleen vannacht en de zomertijd maar ook de afgelopen drie dagen in mijn benen en lijf zitten. Voor mijn gevoel kak ik enorm in maar de kilometertijden blijven rond de 5:10. Nog twee kilometer te gaan en nu moet ik gaan beslissen. Rustig uitlopen of tanden op elkaar en doortrekken. Met andere woorden, ben ik een oude muts van 55 of maakt de Terminator een testrun? </p>
<p>Ik kan het niet laten, wat is nou 2 kilometer? Ik ben toch geen oude muts? Ok, dat ben ik wel, maar dat wil ik niet zijn, dus tanden op elkaar en doortrekken. Alsof de duvel er mee speelt hebben we wind tegen. Desondanks en alhoewel het niet zo voelt, hou ik tempo en finish ruim onder de 55 minuten. Misschien wel symbolisch gezien het feit dat ik 55 jaar geworden ben. Ik realiseer me later pas dat dat waarschijnlijk ook weer een andere hardloopleeftijdscategorie is, dus misschien ben ik ook wel hoog in het klassement geëindigd. Frank staat te wachten en na een flesje water, sportdrank en een blikje Fanta in ontvangst genomen te hebben wil ik heel even bijkomen en kijken of de officiële tijd al beschikbaar is. Dat bijkomen gaat snel, die officiële tijd laat even op zich wachten dus we pakken de metro terug naar ‘huis’ om lekker te douchen en om te kleden. It’s party time!</p>
<p>Party time bij het restaurant waar we met 12 man/vrouw starten met de heerlijkste tapas voordat de paella geserveerd wordt. Originele Valencia versie, met kip, konijn en slakken. De mannen hebben bovendien de boel aangekleed met ballonnen en ik heb een kroon en sjerp omgehangen gekregen. Na de paella komt de taart met kaarsjes op tafel, mag ik een wens doen alvorens ik de kaarsjes uitblaas en krijg ik van iedereen kadootjes. Ik voel me net die uit dat Kinderen voor Kinderen lied. ‘Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd. Iedereen riep Hieperdepiep, ik werd gekust en gekroond en met kado’s overstroomd’! Alleen is het geen droom maar werkelijkheid en ik voel me enorm gezegend met de liefde van al deze mensen, familie, oude vrienden en nieuwe vrienden, die in mijn hart zitten en in wiens hart ik zit, zelfs al hebben we elkaar al bijna tien jaar niet gezien. I feel loved! Na het eten waggelen we naar buiten, nemen we afscheid van elkaar en gaan Frank en ik terug naar het appartement waar we rustig bijkomen van de dag en voorzichtig plan maken voor morgen. Dit was weer een dag met een gouden randje, één voor in de boeken. En morgen?</p>
<p>Morgen gaan we weer aftellen want dan ben ik nog láng niet jarig!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/ik-heb-zo-wa-wa-wa-waanzinnig-gedroomd/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hail de Road through Rotterdam</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 22 Mar 2026 18:04:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvoedsel]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[RMD]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[rotterdam marathon deelnemers]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5585</guid>

					<description><![CDATA[Als je een beetje fatsoenlijke marathon wil lopen zal je toch minimaal één training van 30 km moeten lopen, vind ik. Dat kan op verschillende manieren. Gewoon zelf een rondje doen, ergens een 30 km wedstrijd lopen of met een trainingsloop van de atletiekclub meelopen. Optie 1 is saai, optie 2 leek me in mijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Als je een beetje fatsoenlijke marathon wil lopen zal je toch minimaal één training van 30 km moeten lopen, vind ik. Dat kan op verschillende manieren. Gewoon zelf een rondje doen, ergens een 30 km wedstrijd lopen of met een trainingsloop van de atletiekclub meelopen. Optie 1 is saai, optie 2 leek me in mijn staat niet verstandig en optie 3 gaat me te snel en bovendien ben ik geen lid van een atletiekclub. Dus wat dan wel? Optie 4 dan maar. Je doet de Road through Rotterdam!</p>
<p>Nou heb ik me opgegeven als bezem voor de 6:40 tempogroep samen met Linda, maar het was tot het laatste moment spannend of ik toestemming van mijn knietje zou krijgen om te gaan lopen. Na de CPC vorige week was de vraag of de draak in zijn grot bleef slapen of dat hij vuur ging spuwen. Uiteindelijk trok hij een half oog open maar sliep daarna weer rustig verder, niet in de laatste plaats door drakendoder Bart uit Breda. Wie? Leg ik een andere keer uit. Maar goed, ik kon Marco laten weten dat ik ging lopen vandaag. Worst case scenario, als het niet meer ging kon ik me altijd nog laten afzakken of uitstappen.</p>
<p>Maar voorlopig sta ik vandaag op voor een rustige 30 km. Ik eet wederom een pannenkoek en Frank zet me af bij Van der Valk Blijdorp. Hij rijdt door naar Oostvoorne voor een 10 km trail. We zijn aan het RAT-ten terwijl we de kilometers opbouwen. Running Apart Together. Het is een gezellig weerzien met oude bekenden die ik al lang niet gezien heb. Minstens een jaar, toen ik vorig jaar ook meeliep met de Road. René Simmons is aangesteld als fotograaf en rond 9:30 is het tijd voor onze groepsfoto zodat we om 9:40 kunnen vertrekken. We zijn een klein clubje, met René als pacer, Ingrid als fietser en Linda en ondergetekende als bezem. We hebben 5 lopers bij ons, allemaal dames. René met zijn harem.</p>
<p>Het is prachtig weer en we gaan lekker op pad. De draak in mijn knie slaapt nog maar mijn been trekt een beetje. Iets met een bilspier en een zenuw die in het gedrang zit, en het goud dat de draak aangetrokken heeft. Lees de feitelijke oorzaak van mijn knieproblemen. Maar voorlopig gaat het goed en kan ik het zonder problemen bijhouden. We lopen langs het Vroesenpark door Noord richting Centraal Station en ik doe gelijk dienst als fotograaf on the move. Daarna dwars door de stad waar het gelukkig nog vroeg is en we alleen een paar toeristen storen in de koopgoot. Van daar uit naar de Kubuswoningen waar ik voorstel een groepsfoto te maken. Dat idee wordt unaniem aangenomen. Een van de eerder genoemde toeristen doet dienst als fotograaf voordat we weer verder gaan.</p>
<p>Als we de kubuswoningen uit komen is het even zoeken naar de route en we raken ook Ingrid, onze fietser kwijt. Gelukkig niets dat een belletje naar het hoofdkwartier niet kan verhelpen met de instructie om ons bij de eerste drankpost weer op te pikken. Daarvoor moeten we nog wel even 5 km doorlopen met een lus via Boijmans van Beuningen en de Erasmusbrug. Daar is opnieuw wat verwarring over de route. Omdat we eerder ergens verkeerd gelopen zijn en René niet uit Rotterdam komt heb ik de route ook op mijn eigen klokje maar aangezet. Maar bij de Erasmusbrug kruist de route heen en terug zich. Uiteindelijk weet René dat we langs de Maasboulevard moeten lopen en later via de Erasmusbrug terug. Op naar de Willemsbrug dus. Ik zou hier uit kunnen stappen en lekker op de bank gaan hangen, maar mijn huissleutel ligt in Blijdorp en Frank is nog niet terug. Hé, jammer joh!</p>
<p>Als we de Willemsbrug over zijn hebben we de eerste verzorgingspost waar we Ingrid ook weer oppikken. Ik neem wat water en eet een pindakaasachtige reep. Niet vies maar zeker ook niet lekker. Of dat komt omdat hij officieel over de datum is weet ik niet, maar ik heb energie nodig en hij moet op, en aangezien ik een krent ben eet ik hem dus gewoon op. Na de nodige rustpauze gaan we weer op pad, rondje Noordereiland. Natuurlijk maken we ook nog een foto op de kop met de Erasmusbrug op de achtergrond. Iets wat ook de groep achter ons doet, de laatste die ons inhaalt want de rest is al voorbij. </p>
<p>Vanaf Noordereiland brengt René ons naar de SS Rotterdam. Ik begin nu serieus protest te krijgen van mijn trekkende been maar ik probeer aangehaakt te blijven tot in elk geval de volgende verzorgingspost. Maar ik kan goed merken dat ik niet alleen vorige week de CPC nog in mijn benen heb zitten, maar ook dat mijn spieren de kilometers niet meer gewend zijn. Het doet zeer, niet alleen fysiek maar vooral ook psychisch als ik terugdenk aan dat ik dit redelijk makkelijk kon lopen. Maar das war einmal en ik moet accepteren dat de situatie nu anders is. Frank staat op 17,5 km kilometer. Hij komt even kijken op de terugweg van Oostvoorne naar huis en loopt een paar honderd meter mee. Gelukkig ging het bij hem heel goed. Bij de auto geef ik mijn sleeves aan hem af en zie hem straks thuis weer. </p>
<p>Ik loop nu met enige regelmaat achter de club aan en heb Linda al gewaarschuwd dat ze gewoon door moeten lopen. Op de Erasmusbrug zie ik Natasja ook achterblijven, samen met Ingrid. Ik weet dat ze ook last van haar knie heeft dus misschien wil ze straks met mij aanhaken en samen uitlopen maar iets langzamer. Aan het eind van de Erasmusbrug ga ik via de trap naar beneden zoals de route aangeeft. Ik zie de groep echter tot het eind doorlopen en dan terug, waar ze wachten op Natasja die ook doorloopt. Zo komen we allemaal weer bij elkaar en ik leg mijn plan aan Natasja voor. Nog een kilometer naar de verzorgingspost en daarna rustig met zijn tweeën proberen de 30 km vol te maken. Ze vindt het een goed plan.</p>
<p>Bij de verzorgingspost staat onder andere Marilene en ik drink wat sportdrank en pik een paar dropjes. We vertrekken weer tegelijkertijd maar bij de ingang van de Maastunnel twijfelt René over de richting van de route. Natasja en ik lopen door waardoor we iets voorlopen. Bij het stoplicht pakken we nog meer voorsprong omdat zij ook nog moeten wachten en wij door kunnen lopen, maar uiteindelijk halen ze ons toch weer in. We hebben dan wel 25 km op de teller staan en zijn beiden blij dat we in elk geval al zo ver gekomen zijn. We houden de club in de smiezen terwijl we dribbelen en af en toe wandelen. De draak begint tevens een beetje wakker te worden. Van der Valk komt uiteindelijk weer in zicht maar we zitten ‘pas’ op 27,5 km. We kijken elkaar aan. ‘Gaan we er voor?’ Natuurlijk gaan we ervoor, maar het wordt nog een uitdaging om die laatste 2,5 km vol te krijgen. </p>
<p>Ik laat de route los en we gaan naar de andere ingang van Blijdorp. De meters gaan nu langzaam en als we voor ons gevoel eeuwen later daar zijn, zitten we pas op 28 km. Maar goed, we moeten sowieso terug dus let’s go. We missen nog een kilometer voor de beoogde 30 als we bijna terug zijn dus we doen nog maar een rondje van de zaak én een rondje over de parkeerplaats om uiteindelijk dan toch de 30 km aan te tikken. Correctie 30,30 km want we blijven cijferfetisjist. Dan geef ik Natasja een high five en strompel naar binnen waar iedereen al klaar is. Flesje chocolademelk Proteine die ik vorige week op de CPC gehad heb naar binnen werken en nog heel even nakletsen voor ik afscheid neem en naar de metro wandel. Frank had gezegd om me op te halen maar zo kan hij lekker thuis blijven en ik even uitwandelen. Als ik had geweten dat ik nog een kwartier op de metro moest wachten en bij Oostplein niet kon uitstappen omdat de conducteur niet ver genoeg het perron opreed, en ik dus een halte verder en weer terug moest, had ik anders besloten. Maar goed dat je niet altijd alles van tevoren weet.</p>
<p>Thuis douchen en toch nog wat eten alvorens ik met een icepack op mijn knie op de bank plof. Ik heb de draak getrotseerd, of ik hem deze week weer in slaap weet te sussen moeten we afwachten maar als dat lukt ga ik natuurlijk starten op de marathon. Als er geen rare dingen gebeuren in de tussentijd natuurlijk. En als de draak wel wakker blijft en vuur gaat spuwen? </p>
<p>Tja, dan ga ik er over nadenken.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/hail-de-road-through-rotterdam/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Het wonder van CPC2026</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 15 Mar 2026 17:57:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5581</guid>

					<description><![CDATA[Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet meer wie ik was en de vraag is of ik het ooit weer ga worden. Voor het eerst in maanden prak ik weer een banaan met een ei in elkaar en gooi er wat cruesli doorheen om een pannenkoek te bakken als ontbijt. Ik vis een gelletje en een stuk ontbijtkoek uit onze ‘hardloopvoedsel’ bak. Beiden zijn over de datum. Tja, als je geen evenementen meer loopt dan krijg je dat.</p>
<p>Ik trek het shirt aan dat ik er bij gekocht heb. Het ziet er mooi uit maar het is net een hobbezak. Maatje L is normaal gesproken prima maar het is een herenmodel want ze hebben geen rekening gehouden met dat er ook dames meelopen, of ze hebben zich er gewoon makkelijk vanaf gemaakt. Sowieso lijkt hij groot te vallen dus hij komt bijna tot mijn knieën. Zucht, dat kan er ook nog wel bij. Frank kijkt Formule I en Max heeft net zo’n slechte dag als dat ik me voel. Als dat maar geen voorbode is. Maar goed, het moet toch gebeuren. Vandaag loop ik mijn eerste evenement weer in ruim vier maanden. Vandaag loop ik de vijftigste editie van de CPC. Althans, ik ga starten.</p>
<p>Ik wil op tijd weg want ik moet mijn startnummer nog ophalen. Frank zal op de boulevard gaan staan om de laatste 5 km met mij mee te lopen. Gelukkig heb ik een kluisje gehuurd, dan kunnen we daar de tas in kwijt. Hopen we, want alhoewel ik een medium kluisje heb kan ik niet meer terugvinden wat de afmetingen zijn. Nou ja, zal wel passen toch? Ik wil om 10 uur de deur uit maar we hebben wat discussie hoe laat de trein nou vertrekt. Ik heb 10:20 in mijn hoofd, Frank denkt 10:30. Ik wil geen risico lopen want ik heb al genoeg zenuwen om laat aan te komen en te moeten haasten. 10:00 de deur uit dus. Eenmaal bij Blaak hebben we allebei gelijk maar pakken toch die van 10:20 ook al moeten we dan overstappen op Centraal. Als we in de trein zitten kan ik eindelijk een beetje ontspannen, alhoewel mijn humeur nog steeds op storm staat ondanks het mooie loopweer.</p>
<p>Bij het Malieveld moeten we nog een heel eind naar de ingang lopen. Oh ja, dat was vorig jaar ook al. Het is heel druk en ik merk dat ik dat ook niet meer gewend ben. Linda is in de kleedkamer voor de dames maar we lopen eerst naar de lockers zodat we niet alleen weten waar die is maar ook of de tas nu past. Als we hem gevonden hebben staan we voor een heel klein lockertje. Noemen ze dit een medium? Met hoe de dag tot nu toe verloopt had ik het kunnen weten. Met proppen past de tas net maar er moet nog de nodige kleding in. Dan maar alle belangrijke dingen er uit halen en die in een ander plastic tasje doen. Dan kan dat straks in de locker en laat ik de grote tas wel in de kleedtent. </p>
<p>We vinden Linda en nadat ik me raceklaar gemaakt heb gaan we nog even naar de wc. We hebben gelukkig tijd en die heb ik nodig want ik heb Frank zijn buff en petje niet uit de tas gepakt dus ik moet terug naar de kleedkamer. Linda gaat op zoek naar haar collega die met Frank zijn startnummer loopt. Als het euvel verholpen is neem ik afscheid van Frank en ga ik naar mijn startvak. Ik heb een knieband gekocht en na wat twijfel of ik hem aan het begin of aan het eind omdoe toch maar aan het begin. Ik heb er 10 km mee getest. Het liep wel lekker maar na 8 km begon hij te irriteren dus waarschijnlijk moet hij halverwege uit. Ik sta nog geen tien minuten in het startvak te wachten en hij irriteert me nu al. Uit dat ding! Dat voelt een stuk beter, misschien zie ik Frank straks nog even langs de kant, dan kan ik hem afgeven. And now, we wait.</p>
<p>Het lijkt eeuwen te duren maar dan komt er toch beweging in de rij en lopen we de straat richting start op. Ik moet zeggen dat deze methode in elk geval beter is dan andere jaren waar het altijd een chaos was om het startvak in te komen. We mogen redelijk doorlopen en ik sta voor mijn gevoel ook redelijk vooraan. Mooi, ik kan alle extra tijd gebruiken. Ik eet de helft van mijn ontbijtkoek en kijk nog of ik Linda ergens zie maar dan moet ik me concentreren op mijn race. Als ik over de startmat stap is het officieel. Ik ben begonnen.</p>
<p>Ik heb Frank beloofd om rustig aan te lopen maar dat was ik toch wel van plan. Ik voel mijn knie en mijn heup en dat valt me een beetje tegen. Ik had gehoopt dat ik net als de afgelopen weken in elk geval pijnvrij kon starten. Maar het is wat het is. Ik kijk uit naar Frank als ik hem inderdaad zie staan. Hij maakt foto’s of filmt, geen idee. Ik grijp naar mijn knieband en geef hem af. ‘Tot straks schat!’ Vanaf nu is het volle concentratie in modus muziek aan en gaan. De eerste kilometer is veel te snel op 6 minuut de kilometer. Nou ja, het is de eerste en die gaat altijd wat sneller. De tweede is echter nog sneller op 5:50. Dat is niet de bedoeling maar voor mijn gevoel loop ik helemaal niet zo snel. Misschien komt het door de afleiding dat de route wat aangepast is. We lopen uiteindelijk wel weer naar het Vredespaleis en er omheen, en ik kijk of ik nog bekenden zie. Dat is niet het geval maar ik word desondanks door menig toeschouwer aangemoedigd. </p>
<p>De eerste vijf kilometer gaan als vanouds snel voorbij en ik loop eerst de mat over voordat ik een bekertje water pak. De drankpost staat precies hier en ik kan nog net water pakken voordat ze overgaan op sportdrank. Ik loop gemiddeld tien kilometer per uur. Niet het rustige aan dat ik Frank beloofd heb maar ik heb het al lang in de gaten. Ik kan gewoon niet langzaam lopen op een evenement. Iedere keer dat ik denk ‘nu ga ik wat rustiger lopen’ is de kilometer uiteindelijk toch weer op 5:45/5:50. Dit is blijkbaar mijn comfortabele pace op dit moment. Of misschien mijn ‘ik heb een pesthumeur’ pace, mijn ‘ik heb al vier maanden niet echt kunnen racen en ben net een koe die na de winter de wei in mag’ pace, of mijn ‘wat zeur je nou, het is eigenlijk perfect loopweer’ pace. Maar ik weet donders goed welke pace dit is. Dit is een ‘ik ben vijf kilo afgevallen’ pace.</p>
<p>Mijn knie blijft zeer doen maar wordt niet erger. En dan komt de gevaarlijke gedachte van mijn innerlijke duiveltje omhoog. Als het dan toch zeer doet en het niet erger wordt, waarom dan niet gewoon zo door blijven lopen en kijken waar het schip strand? Nog voor ik de gedachte afgemaakt heb heb ik al besloten. De dood of de gladiolen. En ik ga altijd voor de gladiolen! Ik blijf dus gewoon lekker doorlopen ook al weet ik dat ik er op korte termijn een prijs voor zal moeten betalen. Maar de CPC was een doel want de vijftigste editie, bla, bla, bla. Dan zien we daarna wel weer verder. Opnieuw een wijziging in het parcours als ik richting de 10 km loop. Ook deze passeer ik met gemiddeld tien kilometer per uur en even los van de pijn in mijn poot gaat het lopen zelf me verbazingwekkend makkelijk af. Ik ben niet moe of buiten adem, dat had ik niet verwacht. </p>
<p>Na het tien kilometer punt ga ik even wandelen en eet de tweede helft van mijn ontbijtkoek. De weg loopt hier een beetje naar beneden dus ik dribbel rustig door. Naar beneden is altijd nog steeds gratis. De kilometers gaan ook nog steeds snel en soepel als ik op 14 km ineens Linda voor me zie lopen. Ik haal haar in en zeg dat ik niet langzaam kan lopen. Zij wel, waardoor zij wel geniet en ik niet. Mijn slechte humeur ben ik al wel vergeten maar genieten doen we op de trails. Op de weg heb ik een doel en dat doel is nu uitlopen. De rekening krijg ik nu toch wel dus ik kan net zo goed alles er uit halen. Ook hier is er nog een wijziging van het parcours en ik kom van een hele andere kant om de boulevard op te lopen. Maakt niet uit, daarboven staat Frank dus daar moet ik naar uitkijken. Die zal wel gaan schelden dat ik me niet aan mijn belofte gehouden heb. Sorry schat, je kan een dier zijn natuur nu eenmaal niet veranderen.</p>
<p>Ik zie hem al snel staan als ik het heuveltje op loop. Hij kijkt naar me uit en ik ga wandelen en zwaai. Hij ziet me en trekt zijn jasje uit. ‘Zo dame, wij moeten even praten’ is het eerste wat hij tegen me zegt. Dat was te verwachten en ik antwoord gelijk dat ik het gewoon niet kan, rustig lopen tijdens een race. Ik ga weer rennen en Frank rent mee die zich gelijk beklaagt dat ik zo snel ga. Ik hou wat in maar niet te veel. Toevallig voel ik nu mijn knie even niet. Het is druk op de boulevard en als we aan het einde komen mogen we naar beneden voor mijn snelste kilometer tijdens deze race. Ik klok 5:33. Oeps. Eenmaal beneden ga ik wel iets rustiger lopen en pak de extra drankpost mee. Bij 19 kilometer begin ik voor het eerst mijn beenspieren te voelen en een beetje vermoeidheid. Tijd voor een laatste stuiptrekking.</p>
<p>Het oude terminatorgevoel komt naar boven en ik blijf rennen. De pijn in mijn knie is terug en ik voel nu ook wel dat hij zich begint uit te breiden. Niet veel en langzaam, maar toch. De grens komt in zicht, maar ook de finish dus nog even volhouden. Ik tel af naar de 20 km want dan is het er nog maar één en ik kan nu écht niet meer stoppen met doorrennen. Frank loopt nog mee tot aan de bocht en gaat er dan af als ik de laatste honderden meters wegwerk. Ik ben superblij als ik over de finish kom. 2:04:41, dat had ik nooit, maar dan ook nooit gedacht toen ik vanochtend opstond. Ik loop door om mijn medaille op te halen en vlak voor de uitgang zie ik een man met een Aafjeshirt staan en Frank op het startnummer. Dat moet Linda haar collega zijn die Frank zijn nummer overgenomen heeft. Dat klopt en terwijl we op Linda wachten praten we wat. Als ze er is gaan we naar de uitgang en zie ik Frank al in de verte bij de lockers die kijkt waar ik ben. Eenmaal elkaar gevonden pakken we onze spullen, kleden ons om en lopen het terrein af. Daar nemen we afscheid van Linda alvorens we in de trein stappen terug naar huis. Lekker douchen en op de bank met een icepack op mijn knie. Misschien dat ik morgen dan wat korting op de rekening van vandaag krijg.</p>
<p>Ongeveer twee maanden geleden zag ik het heel erg somber in. Vanaf daar ben ik voorzichtig een beetje gaan opbouwen en kreeg ik momenten van hoop. Momenten van hoop maar ook momenten van wanhoop als ik weer een terugval had. Maar alles in het teken van in elk geval de CPC. Want, de vijftigste editie bla, bla, bla. Ik heb het niet alleen gehaald maar ik heb gezien de omstandigheden een geweldige race gelopen. Dat is de CPC zoals ik hem ken. Dit is de elfde keer dat ik hem loop en ik heb hier mijn beste en mijn slechtste halve marathon gelopen. En alles ertussenin met een paar huzarenstukjes. Vorig jaar twee weken na de Duinhopper, dit jaar met een knieblessure en nauwelijks training, beiden rond de twee uur. Het moet niet gekker worden. Kan het gekker? Tja, ik heb ook nog een startbewijs voor de Rotterdam Marathon.</p>
<p>Will I be back?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Opkrabbelen</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 09 Feb 2026 18:31:41 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5576</guid>

					<description><![CDATA[Het is nu 3 maanden. 3 maanden van min of meer stilstand. 3 maanden dat ik geen hardloopblog geschreven heb, want waar moet je over schrijven als je niet kan lopen? En de vordering van mijn boek ligt ook stil. 3 maanden waar ik mijn leven serieus onder de loep aan het nemen ben. Want [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Het is nu 3 maanden. 3 maanden van min of meer stilstand. 3 maanden dat ik geen hardloopblog geschreven heb, want waar moet je over schrijven als je niet kan lopen? En de vordering van mijn boek ligt ook stil. 3 maanden waar ik mijn leven serieus onder de loep aan het nemen ben. Want wie ben ik als ik niet kan hardlopen? Niet dat ik mijn complete identiteit afleidt van het hardlopen, maar toch wel een belangrijk deel. Tenslotte ben ik inmiddels al 16 jaar bezig, van 5 km naar 225 km. Maar nu dus even niet.</p>
<p>Dus wat doe je dan? Ik begon natuurlijk met ontkennen. Want na Amsterdam had ik last van mijn knie, ‘maar dat ging na een weekje wel weer over’. En toen duurde het langer dan een weekje. Ik liep al bij de fysio, die adviseerde om terug te schakelen in kilometers. Nou, daar was ik dan wel toe bereid. Even twee weekjes rustig aan en dan kon ik weer gas geven. Dacht ik. Tot het moment dat ik zelf besloot om even een week of twee helemáál niet te lopen. Natuurlijk bleef ik gewoon paardrijden en ach, ik moest toch blijven bewegen dus dan maar wandelen en zwemmen. Was niet helemaal de bedoeling, rust is rust met hoofdletter R. </p>
<p>Ik bezocht een wonderdokter, die kon het nodige voor me doen…, …in de toekomst. Want de focus lag daar op het voorkomen. Het inmiddels ontstane probleem in mijn knie had ik gehoopt op een snelle oplossing, maar zo makkelijk kwam ik er niet vanaf. Zoals de meeste mensen wel hebben meegekregen kon ik het niet langer ontkennen. Ik was officieel  geblesseerd, moest evenementen cancelen en er kwam radiostilte. De Terminator was eindelijk tot stilstand gebracht. Want als je iets doet, moet je het goed doen. Om vervolgens met mijn ziel onder mijn arm rond te lopen. Of beter gezegd strompelen. Gelukkig was het inmiddels december met genoeg afleiding. Afleiding in de vorm van de feestdagen, etentjes, een weekendje weg, verzin het maar. Goed voor het humeur, slecht voor de lijn. Want lekker eten en niet hardlopen is geen goede combi. Voldoende om een oude nieuwe spijkerbroek uit de kast te trekken die ik nét gekocht had vlak voordat ik 23 kilo afviel, tien jaar geleden. Nu was het de enige broek die ik nog met goed fatsoen paste (en nee ik ben niet ineens 23 kilo aangekomen maar heel eerlijk was er de afgelopen jaartjes ook al een en ander bijgekomen). Er moest dus iets gebeuren.</p>
<p>In elk geval een second opinion bij de huisarts. Die wist het niet en verwees me door naar de sportarts. Die verwees me door naar de bewegingswetenschapper, en plande me in voor een foto en een echo. Alles om de oorzaak te achterhalen. De foto was zo gemaakt, voor de echo moest ik wachten tot begin januari. In de tussentijd kon ik wel naar de bewegingswetenschapper. Ik mocht lopen op de loopband waar ik gefilmd werd, ze deed wat testjes en constateerde dat alles eigenlijk wel min of meer ok was. Was er dan niks mis? Vooruit, een zwakke rechterbilspier, old news, en een spiertje in mijn rechterkuit dat raar deed. Ze greep het beet, ik gilde het uit terwijl ik toch een hoge pijngrens heb, waarna niet het spiertje maar nu mijn knie raar deed. Maar per saldo loste het het probleem nog steeds niet op.</p>
<p>5 januari was judgement day. Ik kreeg ‘s ochtends mijn echo en ‘s middags uitslag. Bart, mijn sportarts die ik inmiddels Bart mocht noemen, liet me de foto’s zien en legde de echo uit. De uitslag was onmiskenbaar en keihard. Ik had slijtage in mijn knie. Verkalking van de meniscus. Niets aan te doen, het wordt alleen maar erger. Stortte mijn wereld in? Nog niet. Het was nog niet heel erg en ik kon blijven lopen. Ik moest alleen twee dingen doen. De belasting verlagen en de belastbaarheid verhogen. Ergo minder kilometers en/of langzamer en krachttraining. Dat eerste zou voorlopig geen uitdaging worden, dat laatste daarentegen. En er was nog een quick fix. Oh nee, we hadden geen quick fixes. Iets dat discipline vraagt maar afgezien daarvan wel relatief makkelijk opgepakt kan worden dan. Loose a few pounds. Voor mij misschien wel een grotere uitdaging dan een 100 km maar goed. Wat moet dat moet.</p>
<p>Gelukkig had ik ook nog een klein beetje goed nieuws. Inmiddels had het obsessief bezig zijn met mijn knie, en misschien ook wel de rust met hoofdletter R, er voor gezorgd dat het knietje wat minder liep te etteren. Hij sluimerde op de achtergrond dus ik mocht van Bart een beetje uitproberen met lopen. De grens lag bij waar het pijn ging doen. Waar dat was? Daar moest ik zelf achter komen. Voorzichtig startte ik met 5 km en 9 januari maakte ik mijn eerste rondje weer. Tijdens dat rondje werd duidelijk dat ik behoorlijk had ingeboet aan conditie, loopgewenning, snelheid en kracht. Daar had ik 3 kilo vet voor teruggekregen. Goeie deal toch? Dat was wel het moment dat het tot me doordrong. Ik had nog een lange weg te gaan wilde ik ooit weer 100 km kunnen lopen. Natuurlijk had ik daar wel weer voor ingeschreven want die Great Escape vraagt om revenge. En ook de 200 km van december was al doorgeschoven naar eind dit jaar. </p>
<p>De hamvraag was, had ik daar nog zin in? Had ik zin om weer helemaal opnieuw op te gaan bouwen? Kon ik het opbrengen om weer afstanden te gaan lopen? Had ik mezelf niet beloofd dat ik het anders ging aanpakken vanaf nu? En kon ik die twee zaken met elkaar combineren? Voorlopig had ik een CPC te lopen. Dat was alleen haalbaar als ik minimaal 16 km kon lopen. Dat wilde ik sowieso wel weer opbouwen. Dan was 5 km wel een goede eerste stap, maar zeker nog niet lang genoeg. Anderhalve week later rekte ik dat op naar 9 km. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan. </p>
<p>Vandaag liep ik de beoogde 16 km. Misschien ietwat geforceerd aan het eind en ik zit in volledige onzekerheid of- en wanneer ik weer vrij en onbezorgd rond kan huppelen. Het is work in progress. Ja, ook wat betreft de oefeningen en het afvallen. Natuurlijk ga ik het opbrengen om weer op te bouwen. Zo makkelijk geef ik me niet gewonnen. Bovendien moet ik dat boek nog afschrijven en wil ik blijven bloggen. De Terminator krijgt een upgrade. Tenminste, dat proberen we. Want je weet hoe het gaat met die Terminator. I’ll be back! Een upgrade naar een T-9000 model. Sneller, strakker, sterker. Dat gaat niet vanzelf, daar zal ik het nodige voor moeten doen. Of het gaat lukken weet ik niet, maar we gaan er voor. Als je het niet probeert weet je het niet. Bovendien zit opgeven niet in mijn aard. Zo krabbelen we langzaam weer op.</p>
<p>It doesn’t matter if you fall down. What matters is that you get up again to fight back!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/opkrabbelen/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
