<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Snelheid | Op weg naar de marathon</title>
	<atom:link href="https://www.opwegnaardemarathon.com/tag/snelheid/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.opwegnaardemarathon.com</link>
	<description>The road to the finish!</description>
	<lastBuildDate>Mon, 11 May 2026 16:34:11 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=6.9.4</generator>
	<item>
		<title>My name is Marleen</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 11 May 2026 16:23:33 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5645</guid>

					<description><![CDATA[Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Leiden marathon. Ik heb geen plannen om te gaan lopen. Linda is jarig en ‘s middags worden we verwacht in Rijswijk voor de BBQ om het te vieren. Zelf loopt ze traditiegetrouw de halve. Als we het er een week eerder over hebben tijdens een trailtje in de Amsterdamse Waterleidingduinen bedenk ik me dat ik anders wel een schuin oog op Social Media kan werpen. Misschien valt er spontaan een 10 km startbewijs uit de lucht. Die wil ik dan nog wel lopen.</p>
<p>Natuurlijk loopt altijd alles anders. De 10 km valt niet. De start van de 10 is om 13:00 ‘s middags en dat wordt me veel te laat. Leiden is altijd lastig met vervoer en parkeren en als ik om 16:00 bij Linda moet zijn wordt dat niks. Laat maar dus. Dinsdag komt Marilene met een oneerbaar voorstel. ‘Zocht jij nog een startbewijs voor Leiden?’ ‘Voor de 10 of de halve?’ Het is voor de halve. ‘Leuk!’, zegt Lin. ‘Loop je gezellig met mij mee.’ Ik was al om toen Marilene vroeg of ik nog een startbewijs zocht. Ik ben ook zo moeilijk over te halen. Zo gezegd zo gedaan. Zondag samen met Linda meelopen, ik kan meerijden heen en na afloop gelijk mee naar haar en daar douchen en omkleden. Frank komt dan later nadat hij me afgegooid heeft ‘s ochtends en zelf een rondje gelopen heeft. Geregeld!</p>
<p>De enige consequentie is vroeg opstaan want we hebben om 8:00 bij de benzinepomp in Rijswijk afgesproken. Ronald gooit Linda daar ook af, Marilene rijdt ons naar Leiden. We zijn lekker op tijd, parkeren spontaan in de wijk en halen ons startnummer op. My name is Marleen, want dankzij haar en helaas haar blessure sta ik nu hier. Daarna droppen we onze tas en wandelen naar de start. We zijn gewaarschuwd door de organisatie dat het minstens 20 minuten lopen is naar de start. Eenmaal daar zien we Gaby, Ron en Leonie die we hartelijk groeten. Binnen no-time is het dan ook 10:00 en mogen we van start.</p>
<p>Het weer is ideaal en ik heb nul komma nul zin dus de prognose is goed. Ja, dat lees je goed. Als ik absoluut geen zin heb om te lopen, loop ik meestal per saldo eigenlijk altijd wel heel erg goed. Bovendien doe ik een lekker muziekje in mijn oren en gewoon gaan met die banaan. Lin heeft er ook zin in en gaat snel van start dus ik ben benieuwd of ik dit vol ga houden maar so far so good. Ik heb Leiden twee keer eerder gelopen en de route komt langzaamaan weer naar boven. Starten in de stad en dan al heel gauw de polder in, door een paar dorpen en dan naar het centrum. Het valt mee met de warmte en zeker in de polder hebben we een lekker briesje. Ik ben al snel in een opperbeste bui en loop lekker. Misschien wel omdat ik vandaag niks moet of hoef, alleen maar lopen. En natuurlijk wat foto’s maken onderweg. Ik heb Marleen beloofd dat we er een feestje van zouden maken dus ik kan het niet laten om als ik entertainment onderweg zie, lees iemand met een microfoon, in te fluisteren dat Linda jarig is zodat het omgeroepen wordt. Ze moet er om lachen.</p>
<p>Marilene gaat na een paar kilometer haar eigen tempo lopen en verdwijnt langzaam aan voor onze neus in de lopersmassa. Ik zie Rob, die langs het parcours foto’s staat te maken, eigenlijk iets te laat voor een goede foto samen met Linda, dus als we later langs een paar koeien lopen probeer ik het goed te maken door haar er op te zetten met de koeien op de achtergrond. Lukt niet helemaal maar de poging is lief bedoeld. What was I thinking? Alsof ik een hardloopfoto van ons samen van een professionele fotograaf goed kan maken met een selfie met wat koeien. Nou ja, je kan niet alles hebben. We hobbelen door als ik merk dat Linda het moeilijk heeft. Ze heeft wat last van haar maag en blubberbenen. Dat kan je soms hebben. Ik heb alleen een lamme poot maar die kan ik wel negeren. Maar samen komen we er wel.</p>
<p>Na de eerste helft komen we in iets meer bewoonde wereld. Dat betekent twee dingen. In negatieve zin het lopen over vooral klinkerstraten, in positieve zin heel veel supporters en gezelligheid van de dorpen waar we doorheen lopen. En daarmee ook weer entertainment met microfoons die allemaal moeten horen dat Linda jarig is. Zelf word ik natuurlijk steevast aangemoedigd als Marleen, because that’s my name! Ik tel ze en zal uiteindelijk op 16 uitkomen. Linda rent dapper door en ik blijf foto’s maken onderweg waardoor ik meer aan het intervallen ben dan gelijkmatig lopen. Het is lang geleden dat ik zo relaxt liep en vraag me toch wel af wanneer het moment van instorten komt. Dat moment blijft uit. Pas als we al weer lang en breed in Leiden zijn en op 18 km zitten begin ik mijn benen écht te voelen. Te voelen in de zin van dat ik mijn spieren voel want mijn lamme poot begon op 5 km al te zeuren. Conditioneel voel ik me prima. Ik ben niet eens buiten adem. </p>
<p>Ook heb ik geen enkele last van eventuele warmte. Bij de start hebben we een spons gekregen. Een experiment in het kader van duurzaamheid. Een spons bij de start omdat ze verder niet uitgedeeld worden op het parcours. Dat blijkt achteraf niet helemaal waar, maar in mijn geval maakt het niks uit. De spons blijft onaangeraakt tussen mijn startnummerband zitten, niet in de laatste plaats omdat ik geen zin heb om met een natte spons te lopen. Tja, dan heeft zo’n ding meenemen natuurlijk ook geen zin. Typisch ik. Ik sjouw mijn hele leven al van alles mee ‘voor het geval dat’ wat ik uiteindelijk nooit gebruik. Misschien moet ik daar ook eens wat bewuster mee omgaan. Maar dat is voor later, nu is het doel vooral naar de finish lopen.</p>
<p>Ik waag nog een poging om een mooi plaatje van Linda te schieten met een mooie poort op de achtergrond maar faal jammerlijk. Dan maar doorlopen. Ik dacht dat de finish ergens anders was, maar hij is gewoon waar hij altijd was. Tenminste, waar hij was de andere twee keer dat ik hier liep. Dus bruggetje over en langs de gracht om uiteindelijk te finishen. We hebben niet eens slecht gelopen al zeg ik het zelf. Net iets langzamer dan 10 km per uur. We nemen de medaille in ontvangst en gaan op zoek naar onze tas en naar Marilene. Als we beiden gevonden hebben wandelen we blij en tevreden terug naar de auto. We horen nog een ambulance met sirene ergens rijden maar dat gebeurt wel vaker tijdens zo’n loop.</p>
<p>We zijn onderweg naar huis als de eerste berichten ons bereiken. Een reanimatie van iemand die onwel geworden is. Een bekende waar ik contact mee heb liep er langs, blijkbaar is het achter ons gebeurd. Dan meer details. De persoon in kwestie is overleden. En tegen de tijd dat wij lang en breed gedoucht in de tuin zitten wordt er meer bekend. De leeftijd van het meisje dat pas 15 was, de afgelasting van de 10 km en de kidsrun en het besef dat wat als een goede dag begon voor iedereen, eindigt in verdriet en verslagenheid. Je hebt dit soort dingen niet in de hand, het kan overal gebeuren en het hardloopevenement zal waarschijnlijk niet de oorzaak zijn geweest maar toch. Het is hier en nu gebeurd en daar moet iedereen op zijn eigen manier mee dealen. Ik heb heerlijk gelopen en we hebben gewoon Linda haar verjaardag gevierd, maar we staan ook even stil bij het besef dat we ons gelukkig mogen prijzen en elkaar hebben want dat is niet iedereen gegund.</p>
<p>Ik wens de familie en vrienden van het meisje heel veel sterkte.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/my-name-is-marleen/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>11x Rotterdam: Minder is meer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 12 Apr 2026 20:16:32 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5595</guid>

					<description><![CDATA[11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>11 is een gekkengetal zeggen ze wel eens. Vandaag ga ik voor de elfde keer starten op de Rotterdam Marathon. Gekkenwerk? Normaal gesproken niet, vandaag misschien wel een beetje. Want elke andere keer dat ik riep dat ik niet goed voorbereid was, toen ik behoorlijke bloedarmoede had bijvoorbeeld, of recentelijk nog iets anders geks gedaan had, zoals de week ervoor de marathon van Parijs had gelopen, een paar weken later de Two Oceans zou gaan lopen of twee maanden eerder 224 km trailen, dacht ik dat ik niet slechter aan de start kon staan. Vandaag bewijs ik wellicht het tegendeel. Sinds 6 maanden geblesseerd waarvan 3 maanden ook echt stil gestaan, niet specifiek getraind en maximaal één keer 21 km en één keer 30 km gelopen. Toch ga ik starten. Want ik ben een hardloper, en hardlopers zijn niet alleen hardleers, een tikje arrogant en eigenzinnig, maar vooral ook extreem eigenwijs. En ik heb eigenwijsheid niet alleen uitgevonden maar ook verbeterd.</p>
<p>Van de week vroeg iemand me nog of ik nou de hele week pasta ging eten. Ik mag wel zeggen dat ik inmiddels genoeg ervaring heb dat ik dat soort dingen niet meer doe. Gewoon normaal doen, wat ik normaal gesproken ook doe. Pasta op zaterdag is meer gezellige traditie dan behoefte aan stapelen, net als de pannenkoek met spek op zaterdagmiddag en een toetje ‘s avonds na het eten, waarbij het lopen van de marathon gewoon een goed excuus is. Ik neem tijdens het lopen zelf twee gelletjes mee, één om op te eten, één als reserve, ik bak vlak voor de start bananenpannenkoeken omdat dat makkelijk is en ik kijk zaterdagavond de film ‘De Marathon’ om het gevoel van sfeer lekker af te toppen. Koolhydraten stapelen, taperen, een vracht gelletjes meenemen onderweg en isotone sportdrank drinken? Ik ga voor uitlopen, ik hoef geen PR meer. Bovendien veel te veel gedoe. Op tijd naar bed doen we dan wel weer, de hele nacht wakker liggen van de zenuwen niet meer.</p>
<p>En zo is het dan zondagochtend, ik heb mijn pannenkoek gegeten, Frank loopt de tien kilometer dus die heb ik bij Blaak bij Frouke en Deborah afgeleverd en uitgezwaaid, en op mijn gemak ben ik naar het startvak gewandeld, nog even met Rob op de foto, die staat gewoon weer op de Blaak, om dit jaar Berget Lewis ‘You’ll never walk alone’ te horen zingen. Het blijft even wennen dat mijn buurman Lee het niet meer doet net als dat ik Abu mis bij de start. Maar de wereld verandert continue en niets is voor eeuwig dus dit ook niet. De wedstrijdlopers zijn al weg, ik wacht geduldig af tot mijn wave ook weg mag, 10:10, de heartbeat en dan gaan we! Met opwinding en enige twijfel of mijn knie het gaat houden. We gaan het zien. Wat zeg ik ook altijd weer? De dood of de gladiolen, en we gaan natuurlijk altijd voor de gladiolen. Bovendien komt aan alles een eind, ook aan 42,195 km.</p>
<p>In het startvak sta ik met Marcel en Marcella, die eerst naar ons huis gekomen zijn, maar ik heb gezegd dat ze hun eigen gang moeten gaan omdat met mij lopen niet te doen is. Ik start altijd te hard, stort daarna in en loop onregelmatig omdat ik onderweg waarschijnlijk nog foto’s maak. We zien elkaar naar afloop wel weer. Als ik over de startmat loop kijk ik of onze nieuwe burgemeester er staat of wellicht Berget. Carola zie ik niet, Berget wel maar die is druk in gesprek met iemand. Doorlopen dan maar dus mijn muziek gaat aan en ik loop relaxed de Erasmusbrug op. Denk ik, want per saldo loop ik sneller dan 5:30. Maar ja, de eerste kilometer gaat altijd wat sneller en de tweede ook want dat is heuvel ‘Erasmusbrug’ af. </p>
<p>Ik voel me goed, ik loop lekker en heb geen last van mijn been. So far, so good. Hoogmoed gaat voor de val dus ik blijf op het snelle tempo doorlopen richting de eerste 5 km. Maar eerst langs DJ Gewoon Rene. Vanwege de routewijziging staat hij dit jaar op de 4 km in plaats van de 17 km, maar ik heb beloofd dansend bij hem langs te gaan dus dat doen we dan ook. Even een snelle foto en dan toch weer door. Bij de 5 km even wat water pakken en dan kijken hoe het nieuwe stuk van het parcours loopt. Nu moet ik bij de 7 km richting de Kuip en daar draaien voor het heen en weertje. De turn komt eerder dan ik verwacht en voor ik het weet ben ik alweer op de terugweg, waar ik snel nog even een selfie maak met De Kuip op de achtergrond. Door deze routewijziging moet ik de hele planning in mijn hoofd aanpassen. Alles komt nu veel eerder en dus is uitkijken naar de vaste punten ook anders. </p>
<p>Evert staat niet rond de 9 km want ik krijg eerst de 10 km verzorgingspost. Daar staat mijn oude Roparun team Jatogniettan?! water uit te delen. Ze zijn de volgenden in een lange lijst van bekenden die ik onderweg tegen ga komen, en bekenden en onbekenden die mijn naam zullen scanderen. Ik loop nu langs een man die aan het jongleren is tijdens het lopen en weer maak ik een foto. Dan de tunnel door in Lombardijen en als ik de tunnel uitkom kijk ik uit naar Evert. Ik kijk rechts als ik hem in mijn ooghoek ineens links zie staan en er bijna voorbij loop. Ik stop, roep dat hij aan de verkeerde kant staat en loop terug voor de traditionele foto. ‘Het is druk!’ verontschuldigt hij zich en zet me op de kiek terwijl ik een springpoging doe. Nu kan ik dat nog. </p>
<p>Ik lach en ren door terwijl ik voor het eerst mijn been een beetje begin te voelen. Hij doet nog geen zeer maar hij ‘zeurt’ wel terwijl ik de hoek omdraai en richting het Havenspoorpad ga. Veel mensen hebben hier een hekel aan, ik niet, ik hou van het Havenspoorpad. En omdat ik nog redelijk ‘vroeg’ ben is het ook nog niet zo druk. Ik loop nog steeds ok en snel, maar het zeuren gaat wel steeds meer over in ‘het doet een beetje zeer’.  Straks bij de 15 km maar even wandelen of zo. Ik loop door naar de 13 km waar ik een gelletje pak, het eerste voedsel van de loop. Even voorbij de 13 km zie ik ineens Ronald en Ysbrand staan. Wat leuk! Ik stop en krijg van allebei een Powerknuffel voordat ik weer verder ren. Op naar de 15 km en van daar uit naar de halve.</p>
<p>Het wordt steeds warmer en het is lekker druk langs de kant. Ik word nog steeds veelvuldig aangemoedigd terwijl ik lekker doorhobbel. Ook de 15 km passer ik ruim binnen een gemiddelde snelheid van 10 km per uur en ik krijg een déja vu met Amsterdam, waar ik me de eerste helft kapot liep door heel snel te gaan, en de tweede helft doorgeworsteld heb met als gevolg een overbelaste knie. Gelukkig ben ik nu door schade en schande wijs geworden, toch? Oh nee, toch niet want ik loop gewoon net zo snel door. Het lijkt wel of, als ik aan het hardlopen ben, mijn IQ stante pede met 100 punten daalt. Aan de andere kant, geluk is met de domme dus wie weet. Als ik klaar ben met het Havenspoorpad zit ik op 16 km en ga ik echt wel iets rustiger aan doen. Ik neem iets langer de tijd bij de verzorgingspost om daarna weer lekker verder te kunnen.</p>
<p>Na de 17 km krijgen we de laatste koerswijziging, want in plaats van de lus om Ahoy hebben we ook hier weer een heen en weertje. Ik vind het niet erg, de lus bij Ahoy was altijd één van mijn minder favoriete stukken uit het parcours. Waarschijnlijk een trauma van mijn allereerste marathon. Toen ging ik hier al een beetje dood, had geen zin meer en was ik nog niet eens op de helft. Nu gaat het heen en weertje redelijk ongemerkt aan me voorbij met als voordeel dat ik de 20 km passeer. Ik zit nog steeds gemiddeld op 10 km per uur en kan wellicht de halve onder de twee uur aantikken. Het enige dat roet in het eten kan gooien is die verdraaide poot, die steeds irritanter begint te worden. Bovendien krijg ik eerst de verzorgingspost waar ik toch écht weer even mijn bekertje water pak en ook nog een stukje banaan krijg en eet. Ik neem zelfs even de tijd om er toch een paracetamol in te gooien, vooral om te voorkomen dat ik teveel krom ga lopen.</p>
<p>Als ik me weer in beweging zet moet ik eerst naar het 21 km bord en daarna door naar de 21,1 km, met nog ongeveer een minuut te gaan. De sokken er in dan maar en ik passeer in 1:59:40. Voor de marathon zelf heeft het geen betekenis, voor mij is het een wereld van verschil. Vorig jaar deed ik ditzelfde kunstje, maar toen had ik geen manke poot en was ik een stuk beter getraind. Het verschil zit hem dit jaar ergens anders in, namelijk een paar kilo minder. Eenmaal over de helft neem ik écht even de tijd om bij te komen. Dat wil zeggen, het stuk naar en voorbij de 22 km dat een stukje omhoog loopt richting de Brielselaan doe ik gewoon lekker wandelend, wat alle toeschouwers ook schreeuwen. Niet alleen ik maar ook mijn been moet even bijkomen. </p>
<p>Het helpt, ik voel hem minder en kan weer doorlopen naar mijn nieuwe doel, de 25 km. Toch hou ik het niet vol om te blijven rennen en het wordt rennen met af en toe even wandelen tussendoor. Het is warm en zelfs een oudbakken spekje geeft niet voldoende suiker. Ik accepteer het gewoon, vorig jaar was het niet anders en een halve onder de twee uur heeft dit effect nu eenmaal. Ik maak dankbaar gebruik van de sponsjes met koud water om het hoofd koel te houden en hobbel gewoon lekker door waar het kan. Vooral de stukken die omlaag gaan. Alle kilometers na de 20 km komen iets eerder dan normaal en dat is psychologisch wel lekker. De 25 km is dan ook niet pas na de bocht maar er al voor. De verzorgingspost is wel na de bocht richting de 26 km als ik ineens Frank hoor roepen. Die staat onverwachts op rechts. Hij vraagt of ik wat wil hebben en ik grijp een dadel in chocola. Ik krijg nog een kus mee en dan loop ik weer verder want ik moet er nog 16.</p>
<p>Ik vergeet dat ik ook nog een appeltje in de tas had, want de chocola geeft dorst, en bedenk me dat ik wel wat cola had willen hebben maar die heb ik niet in de tas gegooid. Ik app Frank of hij nog iets kan regelen voor straks in het bos en pak wat extra water bij de verzorgingspost om mijn dorst te lessen. De dadel geeft me energie om naar de Erasmusbrug te lopen. Daar zet ik mijn muziek uit en kijk uit naar de afdaling, niet alleen omdat dat heuvel af is, maar omdat dat ook altijd het moment is om ‘Zuid’ af te sluiten. Sommige dingen veranderen niet. Het gaat nu allemaal niet zo snel meer maar dat geeft niet. Het ergste heb ik gehad en met voldoende marge. Aan het eind van de Schiedamsedijk is het draaien naar de Westblaak, het tunneltje en dan uitkijken naar Bart en Patries, die ergens op links moeten staan. </p>
<p>Ik ben nu op terrein waarop wandelen steevast gelijk staat aan extra aanmoediging van de supporters, die bijna niet toestaan dat je niet aan het rennen bent. Ik ben dan ook blij met het tunneltje, waar ik schaamteloos en zonder toeschouwers even extra rustig kan wandelen. Aan de andere kant is het dan ook wel weer leuk dat als je na het wandelen bij de aanmoediging tóch weer gaat rennen, ze extra enthousiast zijn. Je zou het er bijna om doen. Bijna. Terwijl ik na het tunneltje me toch maar weer in beweging zet kijk ik uit op links en zie Bart en Patries staan nog voor ze mij zien. Patries spot me als ik al bijna voor hun neus sta. Een knuffel en een handje salmiakdrop, voor de zoute smaak, als ik weer verder trek. Ik begin me wel serieus af te vragen wanneer mijn maag gaat protesteren op al dat verschillende voedsel. Nou ja, dat merk ik dan vanzelf wel.</p>
<p>Ik ren richting de Kubuswoningen en ben alweer bezig met mijn volgende doel, Frouke, Stans en Deborah, die na de bocht moeten staan. Ik verwacht ze op rechts maar kijk gelukkig ook met een schuin oog naar links als ik ze zie staan. Ik moet wel even kruislings oversteken en als ik op ze af ren en er bijna ben doe ik een klein beetje struikelen. Mijn rechterbeen weigert dienst waardoor ik het niet kan opvangen en mijn evenwicht verlies. Met enig gevoel voor drama stort ik volledig niet gracieus op de grond half tegen het hek aan. Het lijkt wel of ik de scène van gisteravond uit ‘De Marathon’ naspeel. Gelukkig is het niet vlak voor de finish en ook blijf ik niet dood liggen. Onvast op mijn benen sta ik weer op, geef de meiden alsnog een knuffel en hink in eerste instantie weer verder. Even later weten mijn benen weer wat ze ook alweer moeten doen en hobbel ik weer verder, dwars door de meute van de Mariniersweg richting het 30 km punt. </p>
<p>De mensen staan traditiegetrouw rijen dik en het is smal lopen. De warmte begint zich nu toch echt wel te laten gelden en ik heb al de nodige ambulances gehoord en mensen bij de EHBO gezien. Het is ook ieder jaar hetzelfde liedje. Na de koude winter is de lente nog maar nét begonnen en de marathon is altijd warm, ook als het niet warm lijkt. Na de Mariniersweg draai ik de Warande op en van daar uit Crooswijk in richting het bos. Het geluid is oorverdovend en ik ben blij als ik straks in het bos even wat rust krijg. Tenminste, dat denk ik want het lijkt wel weer drukker dan andere jaren. Ook in het begin van het bos staan de mensen rijen dik en pas als ik écht in het bos ben wordt het iets rustiger. Ik kijk uit naar Frank die net na de 32 km staat. </p>
<p>Hij heeft cola weten te scoren die ik in een flesje mee krijg. Voor de rest hoef ik niks en weer vergeet ik mijn appeltje. Ik krijg opnieuw een kus en de mededeling dat Ysbrand en Ronald een stukje verderop staan. Weer iets om naar uit te kijken en weer een paar honderd meter verder. Het is nu nog maar tien kilometer, die lopen we wel uit. Dat hoop ik tenminste want mijn benen blijven signalen afgeven dat ze dienst willen weigeren. Stelletje deserteurs en ik spreek ze streng toe. Als ze het maar uit hun hoofd laten. De pijn in mijn poot is gelukkig aanzienlijk minder, het zit hem vooral in de aansturing van de spieren en ik heb het op mijn heupen. Van Ysbrand en Ronald krijg ik weer een Powerknuffel en dan weet ik dat ik vanaf daar de rest alleen moet doen. Het bos lijkt korter dan normaal, weer vanwege dat psychologische effect, en als ik uiteindelijk de hoek naar de Kralingseweg opdraai is het nog ‘maar’ 6 km. It’s tiiiiiiiiiiiiiime! Tijd voor de Terminatorknop. Ik eet nog een Bifiworstje, voor het zout, en gooi er een Dextro achteraan, voor de energie, zet mijn magische playlist op en druk op de knop. </p>
<p>Het effect is direct zichtbaar. Op de maat van de muziek met het verstand op nul (lekker makkelijk, dat was ik toch al kwijt toen ik vanochtend begon) en de blik op oneindig maak ik mijn stappen en blijf bijna drie kilometer lang op een redelijk constant tempo rennen. Genoeg om lekker af te kunnen tellen, me door Crooswijk te helpen en naar het 40 km punt. Op de Warande staat de laatste verzorgingspost waar ik nog even wandel onder het genot van een bekertje water. Daarna zet ik me weer in beweging en mijn tanden op elkaar voor het laatste stukje. Bij de Gele Kanarie en over de Mariniersweg is het support op zijn hoogtepunt. Ik smokkel nog één keer met wandelen langs de lege hekken op rechts waar de supporters niet kunnen komen. Dan ben ik bij het bordje waar ik de afgelopen dagen meermaals langs gelopen ben. ‘Nog 1000 meter’.</p>
<p>Ik begin weer te rennen en de support en het schreeuwen van mijn naam is nu dusdanig dat ook al zou ik het willen, wat ik stiekem best wil, ik kan nu gewoon niet meer stoppen met rennen. Het zijn kleine langzame pasje maar rennen desalniettemin. Ik kijk nu uit naar Rob, mijn laatste stop before I drop, durf het niet aan om te springen maar doe het last minute toch. Als je dat tenminste springen kan noemen maar goed. Dan doordribbelen, het laatste 500 meter bord, de draai naar de Coolsingel en een ‘ietsminderlangstukopdeCoolsingelgodzijdank’ naar de finish. De finish? Oh nee dat is de 10 km, nog een heel klein beetje verder, en dan yes, yes, yes. Oops I did it again. Nummer 11 done and dusted.</p>
<p>Ik loop door, neem mijn medaille in ontvangst bij oud collega Peter, net als de afgelopen 11 jaar, praat even bij en wandel door om mijn AA, een banaan en een Trekreep in ontvangst te nemen. Hmmm, ze hadden toch chocomelk beloofd? Ik zie het niet en ben teleurgesteld. Daar had ik me nou zo op verheugd. Ik loop door en heb contact met Frank. We spreken af bij het Schouwburgplein want ik wil mijn medaille graveren. Iets met traditie en zo. Het is druk maar het valt toch mee en ik ben relatief snel door de hekken en bij het Schouwburgplein waar ik Frank tref. En surprise, daar wordt ook de chocomelk uitgedeeld die ik blij in ontvangst neem en gelijk opentrek. Lekker! Dan alsnog mijn medaille graveren en nog even bij Ferry kijken waar we Ysbrand, Ronald, Bart, Patries, Linda en Marilene treffen. Na een drankje en even bijpraten over onze avonturen lopen we terug naar de Coolsingel, waar we Marcel en Marcella oppikken en richting huis gaan. Na het afscheid duik in onder de douche en op de bank, waar ik dan toch maar het gesprek met mijn benen aanga. Vooral rechts is behoorlijk pissed off. We zullen zien of dit na een nachtje slapen een beetje bijtrekt.</p>
<p>11 keer Rotterdam, en mijn 23ste officieel geregistreerde niet trail marathon op asfalt (24 als je de ultra van de Two Oceans meetelt). Dat had ik 5 maanden toch écht niet gedacht, en al helemaal niet in de tijd die ik uiteindelijk gelopen heb, 4:21:50. Een tijd die niet alleen heel netjes is, maar voor mijn doen zelfs snel. Hoe komt dat nou zo? Dit is een duidelijk geval van minder is meer. Minder trainen, want laten we eerlijk zijn ik heb minstens drie maanden écht stil gestaan, minder ‘moeten’, want alles wat ik zou doen vandaag was eigenlijk ok als ik maar uitliep, en vooral minder kilo’s, want door het stil staan groeide ik dicht en dat was het zetje dat ik nodig had om even heel serieus wat aan mijn dagelijkse calorieinname te doen. Allemaal factoren die zeker een positieve bijdrage, want ik zie het zeker als een meer dan positief resultaat, hebben geleverd aan vandaag. Alhoewel het minder trainen misschien ietsiepietsie meer had kunnen zijn, dan waren mijn benen misschien iets minder boos geweest nu. Maar de grootse factor van het succes van vandaag waren toch zeker de supporters. De supporters die je letterlijk naar de finish schreeuwen. Daar mag je van vinden wat je wil, maar voor mij?</p>
<p>Voor mij maakt dat Rotterdam voor eens en altijd #demooiste.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/11x-rotterdam-minder-is-meer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Het wonder van CPC2026</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 15 Mar 2026 17:57:19 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5581</guid>

					<description><![CDATA[Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Ik sta op en ben nerveus. Ik heb slecht geslapen, ik ben moe en heb de pest in mijn lijf. Mijn knie doet zeer en ik heb een enorm ‘alles is kut’ gevoel. Het lijkt wel of ik dit voor het eerst doe, terwijl ik dit al honderdduizend keer gedaan heb. Maar ik ben niet meer wie ik was en de vraag is of ik het ooit weer ga worden. Voor het eerst in maanden prak ik weer een banaan met een ei in elkaar en gooi er wat cruesli doorheen om een pannenkoek te bakken als ontbijt. Ik vis een gelletje en een stuk ontbijtkoek uit onze ‘hardloopvoedsel’ bak. Beiden zijn over de datum. Tja, als je geen evenementen meer loopt dan krijg je dat.</p>
<p>Ik trek het shirt aan dat ik er bij gekocht heb. Het ziet er mooi uit maar het is net een hobbezak. Maatje L is normaal gesproken prima maar het is een herenmodel want ze hebben geen rekening gehouden met dat er ook dames meelopen, of ze hebben zich er gewoon makkelijk vanaf gemaakt. Sowieso lijkt hij groot te vallen dus hij komt bijna tot mijn knieën. Zucht, dat kan er ook nog wel bij. Frank kijkt Formule I en Max heeft net zo’n slechte dag als dat ik me voel. Als dat maar geen voorbode is. Maar goed, het moet toch gebeuren. Vandaag loop ik mijn eerste evenement weer in ruim vier maanden. Vandaag loop ik de vijftigste editie van de CPC. Althans, ik ga starten.</p>
<p>Ik wil op tijd weg want ik moet mijn startnummer nog ophalen. Frank zal op de boulevard gaan staan om de laatste 5 km met mij mee te lopen. Gelukkig heb ik een kluisje gehuurd, dan kunnen we daar de tas in kwijt. Hopen we, want alhoewel ik een medium kluisje heb kan ik niet meer terugvinden wat de afmetingen zijn. Nou ja, zal wel passen toch? Ik wil om 10 uur de deur uit maar we hebben wat discussie hoe laat de trein nou vertrekt. Ik heb 10:20 in mijn hoofd, Frank denkt 10:30. Ik wil geen risico lopen want ik heb al genoeg zenuwen om laat aan te komen en te moeten haasten. 10:00 de deur uit dus. Eenmaal bij Blaak hebben we allebei gelijk maar pakken toch die van 10:20 ook al moeten we dan overstappen op Centraal. Als we in de trein zitten kan ik eindelijk een beetje ontspannen, alhoewel mijn humeur nog steeds op storm staat ondanks het mooie loopweer.</p>
<p>Bij het Malieveld moeten we nog een heel eind naar de ingang lopen. Oh ja, dat was vorig jaar ook al. Het is heel druk en ik merk dat ik dat ook niet meer gewend ben. Linda is in de kleedkamer voor de dames maar we lopen eerst naar de lockers zodat we niet alleen weten waar die is maar ook of de tas nu past. Als we hem gevonden hebben staan we voor een heel klein lockertje. Noemen ze dit een medium? Met hoe de dag tot nu toe verloopt had ik het kunnen weten. Met proppen past de tas net maar er moet nog de nodige kleding in. Dan maar alle belangrijke dingen er uit halen en die in een ander plastic tasje doen. Dan kan dat straks in de locker en laat ik de grote tas wel in de kleedtent. </p>
<p>We vinden Linda en nadat ik me raceklaar gemaakt heb gaan we nog even naar de wc. We hebben gelukkig tijd en die heb ik nodig want ik heb Frank zijn buff en petje niet uit de tas gepakt dus ik moet terug naar de kleedkamer. Linda gaat op zoek naar haar collega die met Frank zijn startnummer loopt. Als het euvel verholpen is neem ik afscheid van Frank en ga ik naar mijn startvak. Ik heb een knieband gekocht en na wat twijfel of ik hem aan het begin of aan het eind omdoe toch maar aan het begin. Ik heb er 10 km mee getest. Het liep wel lekker maar na 8 km begon hij te irriteren dus waarschijnlijk moet hij halverwege uit. Ik sta nog geen tien minuten in het startvak te wachten en hij irriteert me nu al. Uit dat ding! Dat voelt een stuk beter, misschien zie ik Frank straks nog even langs de kant, dan kan ik hem afgeven. And now, we wait.</p>
<p>Het lijkt eeuwen te duren maar dan komt er toch beweging in de rij en lopen we de straat richting start op. Ik moet zeggen dat deze methode in elk geval beter is dan andere jaren waar het altijd een chaos was om het startvak in te komen. We mogen redelijk doorlopen en ik sta voor mijn gevoel ook redelijk vooraan. Mooi, ik kan alle extra tijd gebruiken. Ik eet de helft van mijn ontbijtkoek en kijk nog of ik Linda ergens zie maar dan moet ik me concentreren op mijn race. Als ik over de startmat stap is het officieel. Ik ben begonnen.</p>
<p>Ik heb Frank beloofd om rustig aan te lopen maar dat was ik toch wel van plan. Ik voel mijn knie en mijn heup en dat valt me een beetje tegen. Ik had gehoopt dat ik net als de afgelopen weken in elk geval pijnvrij kon starten. Maar het is wat het is. Ik kijk uit naar Frank als ik hem inderdaad zie staan. Hij maakt foto’s of filmt, geen idee. Ik grijp naar mijn knieband en geef hem af. ‘Tot straks schat!’ Vanaf nu is het volle concentratie in modus muziek aan en gaan. De eerste kilometer is veel te snel op 6 minuut de kilometer. Nou ja, het is de eerste en die gaat altijd wat sneller. De tweede is echter nog sneller op 5:50. Dat is niet de bedoeling maar voor mijn gevoel loop ik helemaal niet zo snel. Misschien komt het door de afleiding dat de route wat aangepast is. We lopen uiteindelijk wel weer naar het Vredespaleis en er omheen, en ik kijk of ik nog bekenden zie. Dat is niet het geval maar ik word desondanks door menig toeschouwer aangemoedigd. </p>
<p>De eerste vijf kilometer gaan als vanouds snel voorbij en ik loop eerst de mat over voordat ik een bekertje water pak. De drankpost staat precies hier en ik kan nog net water pakken voordat ze overgaan op sportdrank. Ik loop gemiddeld tien kilometer per uur. Niet het rustige aan dat ik Frank beloofd heb maar ik heb het al lang in de gaten. Ik kan gewoon niet langzaam lopen op een evenement. Iedere keer dat ik denk ‘nu ga ik wat rustiger lopen’ is de kilometer uiteindelijk toch weer op 5:45/5:50. Dit is blijkbaar mijn comfortabele pace op dit moment. Of misschien mijn ‘ik heb een pesthumeur’ pace, mijn ‘ik heb al vier maanden niet echt kunnen racen en ben net een koe die na de winter de wei in mag’ pace, of mijn ‘wat zeur je nou, het is eigenlijk perfect loopweer’ pace. Maar ik weet donders goed welke pace dit is. Dit is een ‘ik ben vijf kilo afgevallen’ pace.</p>
<p>Mijn knie blijft zeer doen maar wordt niet erger. En dan komt de gevaarlijke gedachte van mijn innerlijke duiveltje omhoog. Als het dan toch zeer doet en het niet erger wordt, waarom dan niet gewoon zo door blijven lopen en kijken waar het schip strand? Nog voor ik de gedachte afgemaakt heb heb ik al besloten. De dood of de gladiolen. En ik ga altijd voor de gladiolen! Ik blijf dus gewoon lekker doorlopen ook al weet ik dat ik er op korte termijn een prijs voor zal moeten betalen. Maar de CPC was een doel want de vijftigste editie, bla, bla, bla. Dan zien we daarna wel weer verder. Opnieuw een wijziging in het parcours als ik richting de 10 km loop. Ook deze passeer ik met gemiddeld tien kilometer per uur en even los van de pijn in mijn poot gaat het lopen zelf me verbazingwekkend makkelijk af. Ik ben niet moe of buiten adem, dat had ik niet verwacht. </p>
<p>Na het tien kilometer punt ga ik even wandelen en eet de tweede helft van mijn ontbijtkoek. De weg loopt hier een beetje naar beneden dus ik dribbel rustig door. Naar beneden is altijd nog steeds gratis. De kilometers gaan ook nog steeds snel en soepel als ik op 14 km ineens Linda voor me zie lopen. Ik haal haar in en zeg dat ik niet langzaam kan lopen. Zij wel, waardoor zij wel geniet en ik niet. Mijn slechte humeur ben ik al wel vergeten maar genieten doen we op de trails. Op de weg heb ik een doel en dat doel is nu uitlopen. De rekening krijg ik nu toch wel dus ik kan net zo goed alles er uit halen. Ook hier is er nog een wijziging van het parcours en ik kom van een hele andere kant om de boulevard op te lopen. Maakt niet uit, daarboven staat Frank dus daar moet ik naar uitkijken. Die zal wel gaan schelden dat ik me niet aan mijn belofte gehouden heb. Sorry schat, je kan een dier zijn natuur nu eenmaal niet veranderen.</p>
<p>Ik zie hem al snel staan als ik het heuveltje op loop. Hij kijkt naar me uit en ik ga wandelen en zwaai. Hij ziet me en trekt zijn jasje uit. ‘Zo dame, wij moeten even praten’ is het eerste wat hij tegen me zegt. Dat was te verwachten en ik antwoord gelijk dat ik het gewoon niet kan, rustig lopen tijdens een race. Ik ga weer rennen en Frank rent mee die zich gelijk beklaagt dat ik zo snel ga. Ik hou wat in maar niet te veel. Toevallig voel ik nu mijn knie even niet. Het is druk op de boulevard en als we aan het einde komen mogen we naar beneden voor mijn snelste kilometer tijdens deze race. Ik klok 5:33. Oeps. Eenmaal beneden ga ik wel iets rustiger lopen en pak de extra drankpost mee. Bij 19 kilometer begin ik voor het eerst mijn beenspieren te voelen en een beetje vermoeidheid. Tijd voor een laatste stuiptrekking.</p>
<p>Het oude terminatorgevoel komt naar boven en ik blijf rennen. De pijn in mijn knie is terug en ik voel nu ook wel dat hij zich begint uit te breiden. Niet veel en langzaam, maar toch. De grens komt in zicht, maar ook de finish dus nog even volhouden. Ik tel af naar de 20 km want dan is het er nog maar één en ik kan nu écht niet meer stoppen met doorrennen. Frank loopt nog mee tot aan de bocht en gaat er dan af als ik de laatste honderden meters wegwerk. Ik ben superblij als ik over de finish kom. 2:04:41, dat had ik nooit, maar dan ook nooit gedacht toen ik vanochtend opstond. Ik loop door om mijn medaille op te halen en vlak voor de uitgang zie ik een man met een Aafjeshirt staan en Frank op het startnummer. Dat moet Linda haar collega zijn die Frank zijn nummer overgenomen heeft. Dat klopt en terwijl we op Linda wachten praten we wat. Als ze er is gaan we naar de uitgang en zie ik Frank al in de verte bij de lockers die kijkt waar ik ben. Eenmaal elkaar gevonden pakken we onze spullen, kleden ons om en lopen het terrein af. Daar nemen we afscheid van Linda alvorens we in de trein stappen terug naar huis. Lekker douchen en op de bank met een icepack op mijn knie. Misschien dat ik morgen dan wat korting op de rekening van vandaag krijg.</p>
<p>Ongeveer twee maanden geleden zag ik het heel erg somber in. Vanaf daar ben ik voorzichtig een beetje gaan opbouwen en kreeg ik momenten van hoop. Momenten van hoop maar ook momenten van wanhoop als ik weer een terugval had. Maar alles in het teken van in elk geval de CPC. Want, de vijftigste editie bla, bla, bla. Ik heb het niet alleen gehaald maar ik heb gezien de omstandigheden een geweldige race gelopen. Dat is de CPC zoals ik hem ken. Dit is de elfde keer dat ik hem loop en ik heb hier mijn beste en mijn slechtste halve marathon gelopen. En alles ertussenin met een paar huzarenstukjes. Vorig jaar twee weken na de Duinhopper, dit jaar met een knieblessure en nauwelijks training, beiden rond de twee uur. Het moet niet gekker worden. Kan het gekker? Tja, ik heb ook nog een startbewijs voor de Rotterdam Marathon.</p>
<p>Will I be back?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/het-wonder-van-cpc2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Amsterdam Marathon: 020</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 19 Oct 2025 17:27:23 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitanederland]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardloopmaatjes]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[rotterdam marathon deelnemers]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5500</guid>

					<description><![CDATA[Amsterdam. Mokum. Het Venetië van het Noorden. Hoofdstad van Nederland. Neuzenstad. Er valt een hoop over te zeggen. Ze troeven niet in volgens Leo. Als je Jules Deelder tekeer hoort gaan weet je het wel. Aardige gasten die Amsterdammers, maar ze moesten hun hart gekookt op hun rug hebben hangen zo laag dat de honden [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Amsterdam. Mokum. Het Venetië van het Noorden. Hoofdstad van Nederland. Neuzenstad. Er valt een hoop over te zeggen. Ze troeven niet in volgens Leo. Als je Jules Deelder tekeer hoort gaan weet je het wel. Aardige gasten die Amsterdammers, maar ze moesten hun hart gekookt op hun rug hebben hangen zo laag dat de honden er bij kunnen. Hoe dan ook, wij zeggen thuis gewoon 020. En dan houden wij niet eens van voetbal.</p>
<p>Maar alle gekheid op een stokje, ik heb niks tegen Amsterdam. Niet dat ik er elke week te vinden ben, ik vind het te toeristisch, parkeren is een drama en ik hou meer van grote open steden met hoge gebouwen en brede straten maar Amsterdam valt voor mij in dezelfde categorie als Utrecht, Eindhoven of Den Haag. Gewoon. Ik heb er zelfs een paar loopjes gedaan. De Vondelparkloop en 8 km van de Amsterdam Marathon, beiden in 2015. Het was eigenlijk de bedoeling dat ik de halve zou lopen, maar drie weken eerder besloot mijn paard om van de les een rodeo te maken met als gevolg dat ik er na de achtste bok af lag en mijn rechterkant bont en blauw, dus toen heb ik hem maar omgezet naar de 8 km. Prima loopje, finish in het Olympisch Stadion maar parkeren was een drama (zei ik toch), de expo en het startnummer ophalen was chaos en Frank, die wel de halve liep, kwam bloedchagrijing over de finish omdat ‘die Amsterdammers’, scheldend met hun fiets gewoon het parcours overstaken waardoor hij elke keer moest uitwijken. Exit Amsterdam.</p>
<p>En toch, na meerdere keren Rotterdam en verschillende marathons in het buitenland vond ik ergens dat ik Amsterdam toch ook een keer gelopen moest hebben. Zo van ‘Keep your friends close, but keep your enemies closer’. Want hoe kan ik oordelen dat Rotterdam de mooiste is als ik Amsterdam nooit gelopen heb? Dus toen ik vorig jaar in een mailing de inschrijving voorbij zag komen voor de 50ste editie (en 750 jaar Amsterdam) dacht ik, ‘als ik hem dan tóch een keer wil lopen, dan deze!’ Ik schreef me in en moest gelijk bedenken hoe ik het aan Frank ging vertellen zonder scheiding en op straat te belanden. Want de marathon in 020 lopen is toch een beetje heiligschennis. Nog meer gekheid. Natuurlijk maakt het hem niks uit en de reactie was te verwachten. ‘Je doet je best maar, ik ga hem niet lopen en ik ga ook niet mee.’ Maar natuurlijk gaat hij mee. Hij moet wel heel erg veel van mij houden.</p>
<p>Verrassing, je kan het startnummer echter niet op zondag halen. Daar kan ik wat van vinden, maar heel eerlijk is dat bij alle andere marathons in het buitenland ook niet zo. Alleen dan zit ik in een hotel in de stad. Voordeel is wel dat het in de RAI is en toevallig is vrijdag mijn part time dag dus rij ik rustig op mijn gemak er naar toe. Gelijk het plan gemaakt dat ik daar dan ook nog een klein rondje ren in het Beatrixpark er achter. Ik ben er drie kwartier na opening en het is nog rustig. Ik heb nog niet koud mijn startnummer opgehaald of ik hoor een stem roepen ‘Hééééé Sas, jij hier?’ Shit, busted. Het is Anja, die loopt de halve, en terwijl we bijkletsen komt Jeanette er ook ineens bij, die loopt ook de halve. Zo kom je toch weer overal bekenden tegen.</p>
<p>Onze wegen scheiden zich weer na het ophalen van het shirt, dat ik een beetje tandenknarsend toe moet geven erg mooi vind. Rood met zwart en gouden opdruk, met subtiel de plattegrond van Amsterdam centrum er op gedrukt. Mijn lievelingskleuren, prachtige combi en anders dan anderen. Maar ja, er staat Amsterdam op hė? Als ik dat in 010 draag ben ik aangeschoten wild. Toch besluit ik nu al om dat lekker recalcitrant gewoon een keer te doen. Voor mijn rondje straks trek ik hem ook aan. Ik loop verder over de expo om een beetje in de sfeer te komen en kom bij de stand van Loopreizen waar Natalie en Marja staan. Ook hier blijf ik uitgebreid staan kletsen. Bij de uitgang staat een vitrine waar de medaille in ligt. Wow. Ik kan niet anders zeggen en ik word enorm hebberig en ben blij dat ik voor deze editie gekozen heb.</p>
<p>Ik gooi mijn tasje en startnummer in de auto en loop weer naar buiten. Eerst foto’s maken bij het ‘I Amsterdam’ bord, als ik dan toch overloop naar 020 dan moet je het goed doen, en veel buitenlanders vragen mij of ik van hen ook een foto wil maken. Als iedereen geweest is begin ik aan mijn rondje. Vanaf de voorkant van de RAI naar de achterkant het park in. Ik moet improviseren want ze zijn aan het werk en mijn route is afgesloten, maar na drie keer heen en weer ben ik weer op het juiste pad en loop 5 km tot ik weer bij de auto ben. Dan naar huis om verder na te denken over de planning van zondag.</p>
<p>Zondag. 7:30 de deur uit betekent 6:30 de wekker. Ik zal er nooit aan wennen. Ik blijf nog heel even liggen en ga er dan met een diepe zucht toch maar uit. Boterhammetje met pindakaas, spullen pakken en netjes volgens planning om 7:30 weg om netjes volgens diezelfde planning om 8:30 in Amsterdam te zijn. Frank zet me af bij de Kiss &amp; Ride en gaat de auto ergens parkeren terwijl ik naar het Olympisch Stadion loop. Daar doe ik mijn trainingsbroek uit, ga naar de WC, pak mijn Flipbelt en eten en gooi mijn tas af. Terwijl ik wegloop voel ik in mijn broekzakje. Mijn telefoon!!! Hij is weg! Ik krijg een complete paniekaanval en vraag me af hoe hij uit mijn zak heeft kunnen vallen. Misschien toen ik mijn broek uit deed? Nu kan ik Frank niet bereiken en hij mij niet. Ik loop terug naar de tassenafgifte en terwijl ik bijna hysterisch roep dat ik mijn telefoon kwijt ben bedenk ik me tegelijkertijd dat ik hem uit mijn zak gehaald heb en in mijn Flipbelt heb gedaan. Sorry, foutje. Het duurt nog zeker vijf minuten voordat mijn hartslag weer normaal is.</p>
<p>Vijf minuten die ik ook zeker nodig heb om in het stadion te komen maar eenmaal binnen kom ik wat Rotterdams gespuis tegen, met RMD shirt en al. Dennis en Kees lopen ook en ik sta even met ze te kletsen als Frank belt om uit te puzzelen waar ik ben. Dat duurt even maar dan weet hij waar ik sta en belangrijker, ik weet waar hij staat als ik zo moet starten. Ik wens de mannen succes en loop mijn startvak in waar ik nog één keer naar de WC ga, de officiële start van de toppers zie en een foto maak met een man die ook een Hussein shirt aan heeft. Hij heeft hem van zijn dochters gekregen en vraagt zich af of dat wel zo kan in Amsterdam. Mijn antwoord? ‘Het kan juíst in Amsterdam!’, en loop lachend weg.</p>
<p>Dan zijn alle waves weg en mogen wij als laatste. Ik zie Frank op de tribune, maak nog wat foto’s en trek mijn vest uit om achter te laten en dan mag ik van start. Eerst het stadion uit als ik Natalie zie staan en naar me zwaait, dan een stukje over de straat en dan het Vondelpark in. Ik zie nauwelijks publiek en roep in mijn hoofd ‘Serieus? Dit kan toch niet waar zijn?’ Maar ik laat me er niet door kisten en ik loop een lekker tempo. Op 4 km ben ik bij het Rijksmuseum, waar wel wat publiek staat, en maak wat foto’s, onder andere van een klein orkestje dat daar staat te spelen. Die mannen doen zo hun best, dat moet gewaardeerd worden. En zo zitten ongemerkt de eerste 5 km er al weer op.</p>
<p>Ik maak gebruik van de drankpost door wat water te pakken. Eten doen we later, daar is het nog te vroeg voor. Frank had gezegd dat hij naar de 10 km zou lopen, dat is aan de andere kant van de zes dus voor de zekerheid kijk ik of ik hem toevallig ergens zie staan. Ik zie hem niet maar tot mijn grote verrassing staat er wel een andere bekende foto’s te maken. Ik kijk recht in het gezicht van Rob Sportfografie en ‘juich’ voor hem en zijn camera. We hebben hier een heen en weer met een lusje en ik zie de lopers aan de andere kant die al verder zijn. Het lusje en het weertje brengen me uiteindelijk naar de 9 km waar Frank aan de kant staat. Ik stop even en geef hem een kus alvorens ik verder ren. Ik hoor hem nog net vaag iets roepen over dat ik mezelf niet op moet blazen. We zullen zien. Voorlopig loop ik iets sneller dan 10 km per uur en passeer de 10 km dan ook in 57:48. Hij gaat lekker. Ik voel mijn bil wel maar gewoon negeren. Ik wil een stukje banaan maar de man is nog aan het snijden en geeft me een hele mee. Ook goed, die komt wel op.</p>
<p>Ik deel mijn loop nu nog op in 5 kilometers. Ergens bij de 15 km moet ik bij de Amstel zijn, dat lange stuk heen en terug waar iedereen altijd zo over klaagt. Ik ben benieuwd, als ik langs de Rotte loop heb ik iets soortgelijks dus het zal wel meevallen denk ik dan maar. Het stuk start al op 14 km en ineens zie ik iemand in een Rotterdam shirt lopen. Ze komt me bekend voor en ik spreek haar aan. Ze twijfelde of ze het Hussein shirt zou aantrekken maar koos voor het Rotterdam shirt. Grappig, ik twijfelde of ik het Rotterdam shirt zou aantrekken maar koos voor het Hussein shirt. Ik wens haar succes en ren verder.</p>
<p>Het hele parcours tot nu toe is niet heel erg breed met als gevolg dat het soms echt zoeken is om voorbij langzamere lopers te kunnen. Ook nu moet ik langs het richeltje als ik sneller ben en moet denken aan het Havenspoorpad. Ik irriteer me er niet aan maar het kost me wel energie. De weersomstandigheden zijn dan wel weer perfect. Lekker koel, droog en bewolkt. Wat dat betreft is een najaarsmarathon dan toch beter dan een voorjaarsmarathon. Ik passeer de 15 km nog steeds lekker en kom bij de 17 km waar ze Maurten gel uitdelen. Mooi, ik steek er één in mijn zak voor straks en eet er één op. Dat moet me wel naar de 21 km kunnen brengen.</p>
<p>Ik zie een kleurrijk geklede man in een boot en maak een foto. Er is veel muziek onderweg maar eerlijk heb ik er meer last van dan plezier want het interfereert met mijn eigen muziek en flow. Zoals verwacht vind ik het stuk langs de Amstel niet zo erg. Er staat meer publiek dan ik had verwacht en als ik bij het eind en keerpunt kom zijn we in Ouderkerk aan de Amstel waar ze er echt een feestje van maken. Ik mag echter aan de terugweg beginnen en naar de helft. De helft die ik passeer in 2:04:35. Gewoon een minuut sneller dan vorige week in Urk. Ik weet dat dat niet goed kan blijven gaan en voel aan mijn benen dat ik mezelf opgeblazen heb. Maar who cares, ik ben over de helft en zie het wel. Volgende checkpoint is de 25 km.</p>
<p>De 25 km die ik met horten en stoten haal. Ik heb een kleine pauze genomen na de helft maar mijn benen weigeren dienst dus ik moet veel wandelen. Afgelopen Rotterdam had ik iets soortgelijks maar toen had ik dit pas na de 25 km. Nu komt het iets eerder. Ik haal de 26 km dat het einde van de Amstel markeert. Het voelt een beetje als ‘klaar met Zuid’. Ik loop op 27 km langs Globalrunning als Marja me roept. Die staat foto’s te maken dus ik loop haar kant op en ze maakt een hele toffe foto! Hoppa, weer een paar meter afleiding. In elk geval op naar de 30 km waar het verval nu wel echt zichtbaar begint te worden. Liep ik de 25 km nog op 2:29, moet ik bij de 30 km al 5 minuten prijs geven op de 10 km per uur. Het geeft niet, alles onder de vijf uur is acceptabel en dat zou ik toch wel moeten kunnen halen. Tot mijn grote verrassing hoor ik Frank ineens roepen. Die is met de metro hier gekomen en ik geef hem een kus. Hij stuurt me weg met ‘alleen nog maar een rondje bos’.</p>
<p>Ik dacht dat ik op 27 km ook nog een gel zou krijgen maar dat blijkt op de 30 km te zijn. Ik zal me dan wel vergist hebben. Mijn klokje loopt inmiddels ongeveer 600 meter voor, net als in Tokio, maar het helpt me de kilometers weg te tikken. Klokje telt een kilometer, dan moet ik nog een stuk doorrennen en dan heb ik een bord en kan ik weer door naar de volgende kilometer op mijn klokje. Ook het publiek vermenigvuldigt zich en mijn naam wordt talloze keren geroepen. Het is geen Kralingen maar op New York en Londen na is niks zoals Kralingen en ze doen erg hun best. Ook dat kan ik waarderen. Mijn benen doen nu écht zeer, vooral mijn rechterknie en de zolen van mijn voeten. En mijn kuiten en heupen voel ik ook. Ok, ik voel gewoon mijn hele lichaam en vraag me af of het leeftijd, hormonen, blessure of gebrek aan training is. Het zal van allemaal een beetje zijn. Misschien moet ik daar toch eens wat aan gaan doen, maar ik ben gewoon te lui. Sorry.</p>
<p>Bij de 35 km zit ik weer ergens in de buurt van het centrum en begin een beetje te rekenen. De vijf uur haal ik zeker, de 4:30 kan ik nét niet meer opbrengen dus het zal er ergens tussenin worden. Ik heb een gok genomen door bij de drankposten nu naast water ook de Maurtendrink te pakken. Het lijkt goed te gaan en geeft me inderdaad wat extra energie. Dan zie ik ineens nóg een verrassend gezicht langs de kant. Dave, mijn instructeur van de hardloopinstructeursopleiding staat daar. Ik stop, spreek hem aan en probeer uit te leggen wie ik ben en of hij me nog herkent. Ik geloof niet dat het lukt. Het geeft niet, ik zeg gedag en loop weer verder. Ik vind het wel mooi dat ik de opleiding hier in Amsterdam heb gedaan destijds en dat de enige keer dat ik hier de marathon loop mijn instructeur tegen kom.</p>
<p>Dan komt het magische moment van de 37 km. Nu is het nog maar 5 km en mag ik gaan aftellen. Ik druk op de Terminatorknop en pers er her en der nog wat uit om stukjes te rennen. Ik loop weer langs het Rijksmuseum en duik het Vondelpark in wat nu wél vol met publiek staat. Ik moet aan New York en Central Park denken. Ik weet het, niet te vergelijken maar ja, een park en een marathon en ik ben een beetje heen. Dan kom ik het Vondelpark uit en is het nog maar 1 km. Een lange zware kilometer, maar ik heb vaker lange zware kilometers gehad. Ik ga de 4:30 inderdaad niet halen maar het zal niet veel schelen. Ik maak nog één foto van het gekleurde IAmsterdam bord met de vlaggen bij de ingang van het stadion maar ik ben er eigenlijk al te ver voorbij en hij komt er maar half op. Bovendien mis ik Frank volledig die in de bocht staat te roepen. Dan het stadion in en de laatste 200 meter tot de finish. Yes, ik heb het weer gered en mag stoppen. Officiële tijd? 4:33:37. Ik reken het goed.</p>
<p>Ik neem mijn medaille in ontvangst, hang de warmtedeken om, pak water, een banaan en een reep en beweeg langzaam naar de uitgang waar Frank wacht. Als ik die gevonden heb lopen we samen naar de auto waar ik wat droogs aantrek en dan rijden we naar huis. We hebben allebei trek dus we stoppen nog even bij de Drive-in van de Burger King bij Delft voor een burger die de ergste trek stilt. Thuis is het douchen, iets makkelijks aantrekken en op de bank wachten op het avondeten dat straks bezorgd wordt. Het zit er weer op, ik heb het weer gedaan, morgen weer een nieuwe dag en de blik richting December voor de Bello Gallico.</p>
<p>Amsterdam a.k.a. 020. De eerste helft was super, het was stukken beter georganiseerd dan destijds, de Amstel en het publiek vielen me 100% mee, de route was niet altijd even inspirerend maar de medaille is supermooi en meer dan de moeite waard geweest. Is het voor herhaling vatbaar. Laten we het zo zeggen, ‘been there, got the T-Shirt, got the bling’, maar Rotterdam is toch echt wel #demooiste, wat iedereen ook vindt van de ontwikkelingen de laatste jaren. Dus ik hoef niet per sé nog een keer te lopen.</p>
<p>Nou maar hopen dat Frank mijn medaille niet omsmelt!</p>
<p>Foto:Marja Baas van Globalrunning</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/amsterdam-marathon-020/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Halve Marathon Urk</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Mon, 13 Oct 2025 18:00:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[anitaactive]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[halvemarathon]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[TeamAnita]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5494</guid>

					<description><![CDATA[Urk. De kleinste gemeente van de provincie Flevoland maar beter bekend om zijn visserijcultuur, authentieke vissersdorp-uitzicht en sterke gemeenschapszin. Dit jaar wordt er voor het eerst in de geschiedenis een marathon en een halve marathon georganiseerd. And guess what? Ik ga er lopen!    10 maart krijg ik een appje van Deborah. ‘Ga je mee [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Urk. De kleinste gemeente van de provincie Flevoland maar beter bekend om zijn visserijcultuur, authentieke vissersdorp-uitzicht en sterke gemeenschapszin. Dit jaar wordt er voor het eerst in de geschiedenis een marathon en een halve marathon georganiseerd. And guess what? Ik ga er lopen! </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">10 maart krijg ik een appje van Deborah. ‘Ga je mee halve lopen in Urk Zaterdag 11 oktober?’ Ik zei gelijk ja. Niet ‘hoezo Urk?’, of ‘Urk, ben je niet goed bij hoofd?’, of ‘hoe kom je daar nou bij, Urk?’ Nee, gewoon ‘Ja’. Wel erbij dat ik relaxt wilde lopen omdat ik de week erna de hele van Amsterdam had staan, maar voor de rest geen seconde over nagedacht. Natuurlijk ga ik mee naar Urk. Ik bedoel, wie kan er nou zeggen dat ze een halve marathon in Urk gelopen heeft, of all places? </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Na inschrijving kwam ik er achter dat het op zaterdag was, het twee rondjes van tien over een dijk waren en dat we een shirt kregen in plaats van een medaille. Ach, who cares? Kom jongens, het is Urk. Ik ben één keer eerder in Urk geweest. We kwamen ergens terug uit een weekendje Noorden geloof ik en waren in de buurt. Het was zondag en alles wat uitgestorven en dicht dus lang zijn we niet gebleven. Dat zal nu wel anders zijn. En na afloop natuurlijk vis scoren. Het liep allemaal een klein beetje anders. Deborah kon niet lopen en Frank werd gecharterd om in haar plaats mee te gaan. Maar ze ging natuurlijk wel mee.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">En zo rijden we zaterdagochtend rond een uur of 8, 111 km richting het noordelijkste puntje van de Flevopolder. De start is om 11:15 en we hebben ruim de tijd. Er zijn zo’n 300 deelnemers en we kunnen parkeren op één van de parkeerterreinen rondom het centrum. Ik navigeer ons naar de dichtsbijzijnde op 400 meter van de start waar we rond 9:45 aankomen en we hebben ongelooflijke mazzel. Het is een klein terrein en hij staat vol maar er rijdt nét voor onze neus iemand weg. Het is een beetje grijzig en langs de dijk, het IJsselmeer en de vele windmolens hangt zelfs een beetje mist. Het geeft een mooi plaatje en het is niet koud. We wandelen over de dijk waar we straks ook overheen lopen, richting de start. De hele marathon is al onderweg, die zijn om 9:30 gestart. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Bij het ophalen van het startnummer heb ik al 6 foto’s gemaakt en komen we Jacolien tegen, mede Anita zus, die in de organisatie zit. Het is een gezellig weerzien en we zullen haar nog een paar keer tegenkomen. Tenslotte is het allemaal niet zo groot. Omdat we vroeg zijn hebben we uitgebreid de tijd om rustig onze spullen klaar te maken, koffie te drinken, naar de WC te gaan en nog meer foto’s te maken. Het loopt langzaam vol met lopers en tegen beter weten in kijk ik of ik bekenden zie. Meestal kom je bij een loopje altijd wel iemand tegen, maar in dit geval zal dat niet zo snel zijn. Nadat Frank nog een stuk appeltaart weggewerkt heeft is het 11:00 en brengen we onze tassen weg. Deborah gaat ergens langs de kant staan en Frank en ik maken ons klaar in het startvak. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Dan is het tijd. Er wordt afgeteld, de bel wordt geluid en de misthoorn gaat oorverdovend aan. Is weer eens wat anders dan een kanon. Ik ga veel te snel van start. Frank loopt net zo snel, zo niet net even sneller, dus binnen een kilometer loopt hij een klein stukje voor me uit. Toch wordt het gat niet veel groter en blijf ik best goed bij. We duiken na 2 km omhoog en rechts omlaag richting het bos over het betonnen voetpad. Ik wil een foto maken van de windmolens in de mist maar besluit dat ik dat de tweede ronde doe. Nu eerst doorlopen. Het stukje bos is een pad met bochten, een welkome afwisseling op de lange rechte stukken die daarna volgen. Maar eerst krijgen we een verzorgingspost waar ik dankbaar een stuk banaan pak. Ik had bij de start eigenlijk al trek maar niks te eten. Wat ik had heb ik in de auto al opgegeten.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik loop lekker, het is niet koud eerder warm en ben blij met wat water in mijn gezicht van de verzorgingspost en het zachte briesje. Ik poseer natuurlijk even voor de fotografe. Ik dacht dat we met de wind mee zouden lopen maar tegen de tijd dat ik de dijk op ga met 7 km voel ik toch écht wind tegen. Ik zie Frank nog steeds een stukje voor mij lopen en hou hem goed in de gaten. Het stuk over de dijk is lang maar mijn doel is eerst naar de tien kilometer. Dat gaat gesmeerd. Ik voel mijn bil en been behoorlijk maar kan het ook prima negeren en elke kilometer is nog steeds onder de 6 minuut de kilometer. Ok, op eentje na dan maar dat zijn maar twee seconden. Ik tik dan ook 10 km aan op net geen 57 minuten. Als dit een tien kilometerwedstrijd zou zijn zou ik harder aangezet hebben en sneller gelopen, maar nu moet ik nóg zo’n rondje en een beetje dus een beetje doseren. Deborah staat langs de kant en maakt foto’s. </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Er komen nu lopers tegengesteld van het keerpunt af. Ik denk Frank te zien maar als ik een paar tellen later kijk zie ik hem nergens meer. Ben ik aan het hallucineren? Ik haak aan achter een klein groepje mannen en laat me een beetje hazen. Pas een heel stuk verder zie ik Frank écht, geef hem een high five en hij lijkt verbaasd me te zien zo dicht achter hem. Surprise! Ik moet nog een stukje door naar het keerpunt en ga de mannen voorbij. Fijn, ik ben over de helft en ga het tweede rondje in. Ik zit te twijfelen. Ergens is het tijd voor de Terminatorknop met een cafeïne gelletje maar wat is het beste moment? Het liefst doe ik het 6 km voor de finish dus dat is op 15 km maar dat is pas over 4 km. Aan de andere kant heb je tussen 13 km en 18 km wat ik altijd de 5 dode kilometers noem.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Dan komt er achter mij een brandweerauto met zwaaiende lichten en een loeiende sirene aanrijden. Ik maak ruimte en een ambulance zit er vlak achter. Dat is foute boel maar ik kan er helaas niks aan doen behalve doorlopen. Tegen de tijd dat ik weer richting het bos loop besluit ik dan ook maar gewoon op de knop te drukken. Ik maak eerst de foto van de windmolens alhoewel hij niet echt recht doet aan de werkelijkheid, eet mijn gelletje en wissel mijn playlist. Off we go! Toch hapert de knop een beetje en de motor loopt niet helemaal soepel, maar ik hou mijn voet op het gas. Ik krijg een compliment voor mijn hardloopbroekje en irriteer me aan een man voor mij die zijn lege gelverpakking zo in de sloot gooit. Het is dat hij sneller loopt dan ik maar ik neem me voor dat als ik hem bij de finish nog tegen kom, ik hem er op aan ga spreken. Het is toch een kleine moeite om je zooi bij je te houden. Ik kom de fotografe weer tegen en pers er een sprongetje uit.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik ben bijna weer bij de dijk, maak nog wat foto’s, wandel een stukje en gooi er nog een Dextro tegen aan voor de laatste 4 km. Ik zit op koers voor onder de 2:05 en heb marge, maar dan moet ik wel door blijven lopen. Halverwege de dijk staat er een traumahelikopter en ik weet nu waar de brandweerwagen en de ambulance voor was. Shit. Wat een domper voor alles en iedereen. De route is afgezet en we moeten de dijk op en af, een stuk door het gras en dan weer de dijk op en af om terug op het parcours te komen. Ik pak de pace weer op maar de flow is er uit en wissel rennen met wandelen af. Nog even opzij voor een politiewagen en dan de laatste kilometer in. Ik passeer het keerpunt maar loop nu door weer richting het dorp. Heuveltje op en langs de vuurtoren de laatste meters. Frank staat langs de kant, haakt aan en rent met me mee naar de finish.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Ik finish in 2:05:36. Dat is nog steeds een mooie tien kilometer per uur en ik ben blij dat ik klaar ben. Ik krijg een mooie medaille maar we hebben het vooral over de persoon op de dijk. Deborah sluit aan en als we naar het foodplein lopen komen we Jacolien tegen. Die weet ons te vertellen dat de man in kwestie naar het ziekenhuis is. We kunnen alleen maar hopen dat het goed komt. We halen de tassen op maar eerst maak ik een foto met mijn medaille bij de piepschuim cijfers van de halve marathon en de vuurtoren. Daarna iets warms aantrekken en tijd voor lunch. Uiteraard wordt het vis. We eten een portie kibbeling alvorens we terug naar de auto gaan. Nog even langs Baarssen voor wat vis voor thuis en dan lekker naar huis voor een douche en een bank.</span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;"> </span></div>
<div><span style="color: #454545; font-family: UICTFontTextStyleBody;">Zondag even lekker niet lopen, uitslapen en ‘s middags naar de bioscoop: The long walk, van Stephen King. </span></div>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/halve-marathon-urk-2/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Trail des Fantomes: Aan alles komt een eind</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 10 Aug 2025 16:26:15 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[trail des fantomes]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4924</guid>

					<description><![CDATA[De vakantie is voorbij. Voorbij? Nee, niet helemaal. Nog één weekendje biedt dapper weerstand aan het weer aan de bak moeten. Alhoewel, we moeten nu ook aan de bak, maar toch anders. Nadat we&#160;woensdagavond&#160;thuis gekomen zijn van onze trip naar Denemarken, en donderdag drie wassen hebben gedraaid, fotos opgeruimd, een paar boodschappen gedaan, naar de [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>De vakantie is voorbij. Voorbij? Nee, niet helemaal. Nog één weekendje biedt dapper weerstand aan het weer aan de bak moeten. Alhoewel, we moeten nu ook aan de bak, maar toch anders. Nadat we&nbsp;woensdagavond&nbsp;thuis gekomen zijn van onze trip naar Denemarken, en donderdag drie wassen hebben gedraaid, fotos opgeruimd, een paar boodschappen gedaan, naar de masseuse zijn geweest, mijn haar heb laten doen bij de kapper, paardgereden en het skelet weer recht heb laten zetten door de Chiro, kan de sporttas weer uit de kast en inpakken voor het jaarlijkse uitje naar La Roche en Ardenne voor de Trail des Fantomes.&nbsp;</p>



<p>Dit wordt de achtste keer en nadat ik vorig jaar voor het eerst uit moest stappen wegens mijn fysieke gesteldheid en een onfortuinlijke valpartij, ga ik dit jaar voor de revanche. Met ooit een keer de 60 km en de 70 km had ik destijds al besloten niet langer dan tussen de 40 km en 50 km meer te lopen hier. Dit jaar komt hij uit op 55 km, wat dan weer neerkomt op een GPX van 57 km maar dat weet je nooit van tevoren. Maar ja, de eerstvolgende kortere afstand op zaterdag is de 20 km, en dat vinden we dan weer een beetje te kort, dus we doen het er maar mee. Bovendien zit ik op de wip om het sowieso de laatste keer Fantomes te laten zijn. Ik bedoel, het is hier heel leuk en zo, maar het wordt steeds drukker, er is nog zoveel meer te doen en heel eerlijk heb ik niet zo veel zin meer in die hele technische stukken.&nbsp;</p>



<p>Vrijdag rijden we relaxt richting de Ardennen waar we in de middag aankomen. We waren laat met het boeken van een accommodatie dus ons standaard appartementje zat vol. Het is een hotelletje in de buurt geworden. Net zo dichtbij maar aan de andere kant van de brug. Grootste voordeel, privé parking want dat is altijd wel een uitdaging in La Roche. Vrienden Richard en Natascha staan weer op de camping in de buurt, samen met zoon en schoondochter Jur en Danique die dit jaar twee vrienden bij zich hebben, Suus en Jason. De mannen lopen morgen ook maar de 20 km.&nbsp;</p>



<p>Nadat we ingecheckt hebben bij de alleraardigste eigenaar en de tas gedumpt doen we een boodschapje bij de Spar voor het ontbijt morgen, want we moeten rond&nbsp;6:00&nbsp;al weg. We lopen naar de camping van Richard en Natas waar we een drankje doen. Rond&nbsp;17:30&nbsp;rijden we naar Herou om de startbewijzen op te pikken. Startbewijzen, met een tas die we dit jaar krijgen in plaats van een buff en een shirt. Een shirt? Had ik die besteld? Blijkbaar. Ondanks dat ik al 100.000 shirts in de kast heb liggen. Maar goed, hij is leuk dus vooruit dan maar. We rijden weer terug naar La Roche want&nbsp;om 18:30&nbsp;hebben we gereserveerd bij de Italiaan. Is het me de hele vakantie gelukt om geen pizza te eten, vandaag gaat hij er aan. En ik bestel lekker de meest foute pizza die ik kan bedenken, pizza met ansjovis en ananas. Ja je leest het goed, ananas. A-na-nas. So, there you have it. En hij is heerlijk. Daarna natuurlijk een ijsje en op tijd naar bed, want de wekker is weer onverbiddelijk&nbsp;morgenochtend.</p>



<p>We staan gelijk op als blijkt dat de eigenaar van het hotel nog vroeger zijn bed uitgekomen is om toch voor ons ontbijt klaar te zetten op dit vroege tijdstip. Had niet gehoeven maar ontzettend lief en we maken er dankbaar gebruik van. Sterker nog, de broodjes die ik had gekocht tover ik met wat Nutella om tot broodjes voor de start en tijdens het lopen. Daarna gauw op pad en als we daar aankomen staan we zomaar in de file. Dat is ook nieuw en ik weet niet of dat nu is omdat ze de plekken op het parkeerterrein, lees weiland, aan het toekennen zijn dat extra tijd kost, ze de start van de 73 km en de 55 km tegelijk laten lopen of omdat het dit jaar gewoon nog drukker is dan normaal. Het voelt van alles een beetje. Ik krijg het echter wel een beetje op mijn heupen. We hebben nog 20 minuten voor de start en dit gaat nog wel even duren. Bovendien moet ik naar de wc.</p>



<p>Frank zegt dat ik wel vast kan gaan dus ik loop het laatste stuk om in de rij voor de Dixies aan te sluiten. Daar zie ik Marcel die last minute zo’n beetje aangehaakt is om de 73 km te lopen. Die is dus vanochtend deze kant opgereden, gek. Maar ja, dat wisten we al. Tegen de tijd dat ik de pizza met a-na-nas achter gelaten heb heeft Frank kunnen parkeren en hebben we nog 5 minuten voor de start. 5 minuten waar we Fernando, Kees, Diana, Gertjan en Akke ook nog tegen komen. Zo kom je altijd wel iemand tegen die je kent. Ik geef Frank een kus en dan is het aftellen. Frank en ik hebben besloten om op onszelf te lopen. Zo houden we elkaar niet op want de tijdslimiet is strak, heel erg strak en behoorlijk wat strakker dan vorig jaar. Was het ooit 3,7 km per uur, mochten we er vorig jaar 5 km per uur over doen maar dit jaar is het 5,5 km per uur. Het zal best, ik hou er rekening mee dat ik dat niet ga halen, het blijft de Ourthe.&nbsp;Om 20:00&nbsp;sluit de tijd voor de 73 km, dat moet wel genoeg zijn. Die tijdslimiet is overigens nog een reden om er mee te stoppen, en als ik dan ook nog hoor dat ze met een abonnement gaan werken om mee te kunnen lopen weet ik het 99% zeker.</p>



<p>We gaan van start en met frisse tegenzin dribbel ik het eerste weggetje vals plat omhoog, gevolgd door de weg naar beneden het bos in en naar de Ourthe. We zijn begonnen. Mijn eerste focus is de eerste verzorgingspost op ongeveer 14 km. Frank loopt voor me maar als hij iets met zijn vest aan het rotzooien is loop ik hem voorbij. Niet voor lang want hij haalt me wel weer in. Het belooft een mooie dag te worden en zo vroeg in de ochtend is het nog koel maar in de loop van de dag zal het wel warm worden. Ik loop haasje over met een paar Nederlandse dames en het valt me op dat ze de Fantomes zo te horen voor het eerst lopen. Net als een aantal andere lopers heb ik al gemerkt dat er veel newbies zijn en vooral ook mensen die niet zo goed weten wat ze kunnen verwachten. Tijd voor een andere hobby, trailen is veel te populair geworden. Ik vond het in het dorp ook al drukker dan normaal.</p>



<p>Het lopen gaat redelijk goed. Mijn bilspier, waar ik toch al een paar weken last van heb, voel ik wel maar houdt zich rustig, en met een gemiddelde snelheid van 6 km per uur bouw ik toch wat marge op. Tegen de tijd dat ik bij de eerste VP kom staat Frank daar nog, die zit dus niet zo heel erg ver voor mij. Ik pak wat cola en wat sinaasappel maar blijf niet te lang hangen. Tenslotte is het nog vroeg in de wedstrijd. Frank vertrekt iets voor mij maar als ik een paar kilometer verder ben en een steile heuvel op moet krijg ik hem weer in de smiezen. Het volgende doel is de 28 km met de verzorgingspost waarbij we weer bij het startpunt komen. Ik merk dat het terrein wat lastiger wordt en ik tijd aan het verliezen ben. Ik loop nu langs de oever van de Ourthe over de rotsen en de boomwortels als ik Frank weer voor me zie lopen. De twee dames ben ik inmiddels kwijtgeraakt na een langer stukje waar ik lekker naar beneden kon rennen.</p>



<p>Frank heeft niks in de gaten als ik achter hem loop, dan weer wat dichterbij, dan weer wat verder weg. Op een gegeven moment zit ik hoogstens 10 meter achter hem als we langs een beekje komen. Ik heb het warm en sta even stil om mijn gezicht te koelen en weg is hij weer. Het duurt weer even en opnieuw heb ik hem bijna te pakken. Een rots met een boom en een rood wit lint markeert, ja wat eigenlijk? Als ik de rots en de boom passeer zie ik het. Een nest met ietwat groter dan normale wespen die inmiddels een beetje agressief beginnen te worden van al dat passerende vee. Ik loop er als de sodemieter voorbij en hoor later dat menigeen toch gestoken is. Als ik Frank opnieuw ‘te pakken’ heb maak ik me kenbaar en lopen we samen via de eerste watercrossing, kan Frank mooi een foto maken van mij in het water, naar Herou voor de 28 km post, waar we met een exact gemiddelde van 5,5 km per uur aankomen.</p>



<p>Ik ga helemaal los op de watermeloen want ik heb vooral dorst. Ik zweet als een otter en ben drijfnat. Dat heb ik de laatste tijd wel vaker, ook weer een signaal dat mijn lijf allerlei veranderingen aan het doormaken is. Gelukkig heb ik nog steeds geen last van de warmte. Als ik weer wil vertrekken vraagt Frank of ik op hem wacht maar hij moet nog naar de wc, we gaan weer een heftige afdaling tegemoet, ik moet zelf ook nog even plassen en ik heb mijn tijd hard nodig, dus nee. Ik begin aan mijn afdaling en de blarenfabriek is ook opgestart. Mijn voeten zijn lekker blaren aan het kweken en ik voel minstens vier drukplekken. En we zijn pas op de helft.&nbsp;</p>



<p>Ik hobbel lekker door als ik na 4 km bij de afdaling naar de hel kom. Het meest technische stuk dat er tussen zit waar je achteruit hangend aan touwen moet afdalen. Toch heb ik dit vaker gedaan dus ik schrik er niet van en vastberaden grijp ik het touw om af te dalen. Dan slaat het noodlot toe. Van mijn val in Kopenhagen had ik mijn elleboog geschaafd en zat er al een dikke week een irritante dikke korst op die ik er af wilde hebben maar omdat het nog niet genezen was er op bleef zitten. Tot ik de Fantomes ging lopen want natuurlijk door een swing van het touw en een scherpe uitstekende rotspunt schamp ik zo de korst er af. Alsof ik het er om doe. Ik vloek en ik tier (sorry) want het doet niet alleen zeer, het bloed ook nog als een rund en een dikke straal loopt langs mijn onderarm. Voor latere zorg, nu eerst beneden komen. Als ik eenmaal beneden ben neem ik even de tijd om een doekje voor het bloeden te pakken en mijn arm in de Ourthe af te spoelen. En weer door.</p>



<p>Uiteindelijk haalt Frank me weer in. Tenminste, bijna want we gaan nu open veld op om lekker in de brandende zon over het asfalt te banjeren. Niet Frank zijn favoriete loopomstandigheden. Ik heb wat mensen in het vizier en dribbel vastberaden daar waar ik kan omhoog, slechts een momentje stoppend voor een klein stiertje op mijn pad, die mij wel interessant maar als ik een foto van hem maak het toch ook wel spannend vindt. We zijn nu in Maboge waar Richard en de club wacht. Dit is tevens de 40 km VP. Als we daar zijn zit de hele bubs op het terras. We krijgen applaus en ze zijn trots op ons maar manen ons snel naar de VP want daar zijn ze aan het opruimen. Tja, we zijn officieel ‘buiten de tijd’. Ik kan nog vullen met cola en wat cola drinken maar daar houdt het dan wel mee op. Gelukkig ben ik redelijk selfsupporting op wat drinken na.</p>



<p>We moeten nog zo’n 16 km en hebben nog iets meer dan twee uur de tijd. Frank denkt dat we het nog binnen de tijd kunnen halen, ik niet. Ik gok op een uurtje of zeven binnen, dat is twee uur extra. Ook stelt hij voor om de rest toch samen te lopen. Tenslotte lopen we redelijk met elkaar op. Het voordeel van los lopen, en dus niet op elkaar wachten, is wel dat we daarmee geen tijd verliezen, maar wat maakt het uit en samen is toch gezelliger. Zo gezegd zo gedaan en we werken onze weg naar de 45 km. Daar is nog een laatste VP, vooral voor de mensen van de 73 km, waar nog van alles te verkrijgen is. Opnieuw val ik aan op de watermeloen en neem even de tijd om te zitten. Marcel en Fernando zijn er ook.&nbsp;</p>



<p>Als we zo ver zijn gaan we op pad voor de laatste 11 km. De eerste 5 km daarvan gaan soepel maar je weet wat ze zeggen, het venijn zit hem in de staart als we niet de afdaling maar nu de klim naar de hel krijgen. 20 minuten per kilometer is geen uitzondering en zelfs de Dextro moet er hard aan trekken om mij mondjesmaat nog voort te laten bewegen. Twee van de vier blaren zijn inmiddels gesprongen maar dat maakt het niet beter. Ook met Frank gaat het al niet beter. Wij zijn gewoon niet opgewassen tegen 5,5 km per uur in dit landschap. Toch geven we niet op, uitlopen zullen we. Gewoon voetje voor voetje want je weet wat ik altijd zeg. Aan alles komt een eind…</p>



<p>Na nog wat steile klimmetjes, steile afdalinkjes, nog meer steile klimmetjes, nog meer steile afdalinkjes, nog wat steile klimmetjes die overgaan in steile klimmetjes en dan eindelijk, éindelijk de laatste afdaling, met nog een klimmetje en een afdaling, staan we weer langs de Ourthe om na een paar honderd meter de laatste crossing te doen. Nog één foto voor het nageslacht en dan mogen we het valse plat omhoog terug naar Herou. Een laatste krachtsinspanning maar te doen. Een uur en 44 minuten na de officiële tijd lopen we samen over de finish. Daar haal ik mijn, dit jaar houten, medaille op en drinken we nog wat. Trail des Fantomes, done and dusted. Mocht ik nog enige twijfel hebben, nu weet ik 99,99 % zeker dat dit mijn laatste keer was. I’m getting to old for this shit. Ok, ik loop de 100 km Great Escape nog (slechts 4200 hoogtemeters in 22 uur) en de 200 km Bello Gallico en dan ga ik voor 2026 eens serieus nadenken wat ik nog wel en niet meer loop.</p>



<p>In het hotel douchen we en strompelen naar het restaurant waar we Richard en de rest treffen voor een lekker steak met friet, het verhaal van het spook kijken terwijl ik weer een ijsje eet en dan op tijd naar bed. Zondag op tijd naar huis en de rest van de dag relaxen. Morgen nog even bijkomen en dan moet ik weer aan het werk.</p>



<p>Tja, aan alles komt een einde.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Ondergrond</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 02 Aug 2025 20:43:25 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[ondergrond]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[So you think you can trail]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4917</guid>

					<description><![CDATA[Als je op de weg loopt heb je een paar soorten ondergrond. Asfalt is de meest bekende voor bijvoorbeeld een marathon, maar je hebt ook nog stoeptegels, kinderkopjes of straatstenen en natuurlijk kan je op een atletiekbaan lopen, het tartan. Als je gaat trailen krijg je ook te maken met diverse ondergronden, en dat zijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Als je op de weg loopt heb je een paar soorten ondergrond. Asfalt is de meest bekende voor bijvoorbeeld een marathon, maar je hebt ook nog stoeptegels, kinderkopjes of straatstenen en natuurlijk kan je op een atletiekbaan lopen, het tartan. Als je gaat trailen krijg je ook te maken met diverse ondergronden, en dat zijn er een paar meer dan op de weg. Iedere soort ondergrond heeft zijn eigen eigenaardigheden. Daarbij zijn weersomstandigheden ook in sommige gevallen van invloed. Officieel is de ondergrond dan niet anders, maar de manier waarop het zich gedraagt ten aanzien van jouw loopje wel. Laten we het eens bekijken.</p>



<p>Bosgrond. Dit is één van mijn favoriete ondergronden. Lekker zacht verend hobbel je door het bos over aarde, af en toe een stukje mos, takjes knappen onder je voeten, en in de herfst ligt er vaak een prachtig mooi en zacht tapijt van bladeren. Daar zit vaak dan ook de angel, want onder dat tapijt van bladeren kan je niet zien wat er ligt. En dat kan zo maar een gat in de grond, een grote steen of een boomwortel zijn. Verdere uitdagingen zijn losse takken, die altijd de neiging hebben om zich tussen je voeten te deponeren waardoor je struikelt over je eigen voeten. Eikeltjes zijn vaak te klein om impact te hebben, maar die boomwortels steken altijd net een extra halve centimeter uit op het moment dat jij je voet daar neerzet waardoor je met de punt van je schoen er nét achter blijft haken. Remedie is dus je voeten goed optillen. Wil je het extra spannend maken, pak dan een single track variant.</p>



<p>De single tracks, heidevariant. Meestal een zandpad, soms hard, soms zacht, maar vooral met het kenmerk dat ze vaak net te smal zijn om je voeten lekker neer te kunnen zetten. De hei aan de zijkanten vormen hier de extra uitdaging want meestal tikt die tegen je benen aan. Vooral erg fijn als het net geregend heeft. Natte poten gegarandeerd. Remedie, geen.</p>



<p>Over zand gesproken, de zandvlakte, zandpaden, het strand of de duinen, al dan niet in combinatie met hoogteverschil. Lekker voor de kuitjes en ideaal om je schoenen vol met zand te vullen. Dit dwingt je om elke kilometer je schoenen uit te doen en het zand er uit te gooien. Om er vervolgens achter te komen dat het zand niet in je schoenen zit maar in je sokken. De enige remedie zijn zogeheten gaiters, een soort beschermhoesjes die je over je schoenen doet om zand te weren. Let op, het zand komt niet alleen via je voeten er in, maar ook via de gaatjes van je schoenen. By the way, ik haat zand.</p>



<p>Wat ik net zo veel, zo niet meer haat dan zand is gras. Ik heb niet voor niets de bijnaam ‘Graskia’ gekregen. Om te beginnen ben ik allergisch voor gras, letterlijk. Overigens niet voor het gewone gras, maar wel voor het hoge gras met van die pluimen er aan. Het gewone gras is gewoon kwalitatief uitermate teleurstellend om in te lopen vanwege graspollen. Bovendien heb ik een hekel aan natte voeten, en als het geregend heeft of als je vroeg in de ochtend loopt en er is nog dauw aanwezig zorgt gras per definitie voor natte sokken. Ik ken er dan ook maar één remedie tegen. Niet over gras lopen. De ultieme formule voor een donderwolk boven mijn hoofd? Een grasoever van een riviertje of beekje. Mét brandnetels.</p>



<p>Eens kijken, wat hebben we nog meer. Grindwegen. Kom je veel in het buitenland tegen en prima te lopen. Knarst een beetje onder je voeten maar lijkt qua lopen het meest op asfalt. Behalve dan dat er grind op ligt. Beetje oppassen als het steil omhoog of omlaag loopt dat je niet wegglijdt maar voor de rest niks spannend. Het wordt pas spannend als er op diezelfde grindweg losse stenen of keien liggen. Dan schiet het verzwikken van een enkel gevaar van nul naar honderd. Zeer verraderlijk want je denkt dat het een lekkere weg is om bijvoorbeeld naar beneden te rennen maar voor je het weet sta je op de punt van een kei of een losse steen en floep, daar lig je dan, huilend om je mammie. Remedie, langzaam lopen of verdomd goed uit je doppen kijken waar je je voeten neerzet.</p>



<p>Naast de standaard ondergronden heb je nog een aantal varianten. Zo kan een aardepad of zandpad een extra dimensie krijgen als het bijvoorbeeld hard geregend heeft. Dan verandert zo’n pad in een modderpoel of zelfs een zwembad. En modder betekent glijden, helemaal als je een helling op of af moet. Of je route loopt onverhoopt over een militair oefenterrein. Lekker door de geulen van de tanks, die altijd nét te groot zijn om overheen te springen en nét te klein om tussendoor te lopen.&nbsp;</p>



<p>Andere varianten zijn beekjes, waar je niet goed kan zien waar je je voeten op zet en als je pech hebt ook nog stroming hebben, of rivierbeddingen, die vooral erg ongelijke ondergrond hebben met een hoge variatie aan type en grootte keien en stenen. Rotspartijen in de bergen, waar je je kan afvragen of het nog iets met trailen te maken heeft en niet meer iets met klimmen. Soms heb je mazzel en kom je houten vlondertjes tegen, of pech als diezelfde vlonders door regen spekglad geworden zijn. Akkers zijn ook leuk. Een soort mini militair oefenterrein, lekker onregelmatig en gegarandeerde ritmekillers. Moeilijkheidsgraden van alle varianten als er een helling in voorkomt en/of het geregend heeft.</p>



<p>Maar wil je nu echt de ultieme uitdaging? Als je denkt dat je er klaar voor bent? Als je alle soorten overwonnen en onder de knie hebt? Als geen enkel type geheimen meer voor je heeft? Dan daag ik je uit om een rivieroever te pakken, en dan bij voorkeur eentje in de Ardennen, zeg de Ourthe. De Trail des Fantomes is daar een perfecte race voor overigens. Tijdens een loopje langs de rivieroever van de Ourthe krijg je zo’n beetje alle soorten ondergrond voor je kiezen in pak ‘m beet 5 kilometer. Als het geregend heeft met alle varianten er nog bij. En als je dat volbrengt zonder minstens één keer op je, op zijn Rotterdams gezegd, muil te gaan, dan krijg je van mij een diepe buiging. Maar werk eerst maar eens bovenstaande rijtje af.</p>



<p>Welk type heeft jouw voorkeur?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ronde Park 16Hoven: Terug van weggeweest</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/ronde-park-16hoven-terug-van-weggeweest/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/ronde-park-16hoven-terug-van-weggeweest/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 06 Apr 2025 14:44:36 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4850</guid>

					<description><![CDATA[Terug van weggeweest en traditiegetrouw de laatste snelle 10 km voor de marathon. Nu ben ik wel van de tradities maar sinds ik me meer op de trails focus dan op de weg, loop ik eigenlijk alleen nog de wegwedstrijden waar ik echt niet van weg kan blijven, zoals de CPC of de Bruggenloop. Alle [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Terug van weggeweest en traditiegetrouw de laatste snelle 10 km voor de marathon. Nu ben ik wel van de tradities maar sinds ik me meer op de trails focus dan op de weg, loop ik eigenlijk alleen nog de wegwedstrijden waar ik echt niet van weg kan blijven, zoals de CPC of de Bruggenloop. Alle andere loopjes doe ik zoals ze komen. Last minute of als ze toevallig zo uitkomen. Aan de andere kant heb ik qua hardlopen de ruggengraat van een weekdier dus als vriendin Linda een week van tevoren vraagt of ik ook de 10 km mee ga lopen zeg ik wel ‘ik weet het nog niet, ik kijk wel, dat ga ik vrijdag pas beslissen’ maar ik weet het wel en nog geen uur later heb ik me ingeschreven. En zo sta ik&nbsp;deze zondagochtend&nbsp;toch weer in de rij om mijn startnummer op te halen.</p>



<p>Het is zonnig maar er staat een fris windje. Frank loopt ook mee en we zijn op de motor, dat is makkelijk parkeren. Deborah is er al, haar jongste loopt de 2,5 km, en ook Linda, Marilene, Marleen en Ys zijn er. Bart zou meelopen maar heeft iets verkeerds gegeten en is er voor de support. Daarnaast zien we talloze andere vriendjes en vriendinnetjes, de meesten kom ik volgende week ook wel tegen. Omdat het zo koud is blijven we zo lang mogelijk binnen tot aan de start&nbsp;om 11:30. Ergens vind ik de kou niet erg, ik kan het wel hebben. Eenmaal aan het lopen wordt het vanzelf warm.</p>



<p>‘Ga je het snot voor de ogen lopen?’, vraagt Linda. ‘Nee, zeer zeker niet. Ik ga 8 km inlopen en dan 2 km uitlopen.’ Ik ben lui vandaag. Ik ga wel snel lopen maar ik heb geen zin in heel hard. Gewoon, normaal. Ik zet een muziekje aan, we maken een startvakselfie en dan mogen we al van start. Frank moet voor de 5 km op de andere baan en hij moet zometeen rechts terwijl wij links moeten. Marilene haast Linda en ik loop met Deborah. In ons enthousiasme lopen we op een lekker tempo weg van rond&nbsp;de 5:10. Eigenlijk te hard voor wat ik in mijn hoofd heb maar ach, het is de eerste kilometer en die gaat altijd wat harder. Bovendien loop ik gewoon met Marilene en Deborah mee.&nbsp;</p>



<p>In de tweede kilometer vraagt Marilene of het tempo zo goed is. Ik antwoord dat we iets te hard gaan en realiseer me tegelijkertijd dat ze het eigenlijk niet tegen mij heeft maar tegen Linda. Linda die wat achterloopt en dus laat Marilene zich zakken. Deborah loopt door dus ik ook. De route is deze keer een heel rondje van 10 km in plaats van twee rondjes van 5 km. Lekker. Ik voel de wind en die is inderdaad nu tijdens het lopen juist lekker fris want het is stiekem toch best warm. Als we de hoek omdraaien voor kilometer 3 hebben we de wind in de rug wat resulteert in nog sneller lopen in plaats van langzamer. Als ik ergens op mijn klokje kijk en een tempo van&nbsp;4:30&nbsp;zie staan schrik ik zelfs een beetje. Alsof Deborah mijn gedachten kan lezen zegt ze dat we wel erg hard gaan. Maar ja, ik loop eigenlijk wel lekker en wind in de rug moet je van profiteren toch?</p>



<p>Bij kilometer 3,5 roept Deborah dat ze zich wat gaat laten zakken en inhouden, het gaat te snel. Ik voel dat ik dan in de flow zit en een duivels stemmetje in mijn hoofd zegt dat ik best kan proberen om te kijken wat er in zit. Ik bedoel, hoe lang is het geleden dat ik echt geracet heb tijdens een 10 km? So much voor het ‘Ik ga niet racen vandaag?’ Wat dat betreft is het niet Peter en de Wolf maar Sas en de Race. Ik roep altijd dat ik niet ga racen, en toch race ik altijd. Frank noemt het wisselgeld, in de volksmond heet het een slag onder de arm, ik noem het faalangst. Underpromise, overdeliver. Als ik zeg dat ik ga racen dan leg ik mezelf druk op en moet ik het ook doen. Doe ik het niet of haal ik het niet heb ik gefaald. Als ik zeg dat ik niet ga racen en ik doe het wel, nou, dan is elk resultaat goed genoeg.&nbsp;</p>



<p>Ik maak mijn plan. We komen langs de start/finish en duiken dan het park in, een stuk route zoals ik die ken van vroeger. Daar werk ik mezelf naar de 5 km en door naar de 6 km. Dan nog 1 km wat rustiger en bij 7 km zet ik de Terminatorknop aan voor de laatste 3 km. Maar eerst die 5 km grens, de helft van de race. Er staat een verzorgingspost waar ik al rennend wat water pak. Dit keer niet om rustig even te wandelen en te drinken maar om mijn mond te spoelen en welgeteld één slok water te drinken. Genoeg om door te rennen. Ik trek me op aan twee jongens die voor me lopen en ook nog mijn tempo. Zo kom ik wel tot de 6 km en misschien ook wel tot de 7 km. Langs de kant ook aardig nog wat bekenden. Patricio, Arjan, Chris, Dick, Graziella en natuurlijk Bart. </p>



<p>Als we het park weer uit zijn zit ik bijna op 7 km. Ik loop de twee jongens voorbij, zet de knop aan en ga nu achter Hans de Jong aan die zo’n honderd meter voor me loopt. Ik begin nu wel een beetje te piepen en te kraken maar zelfs als ik nu heel rustig ga lopen zit ik nog ruim onder het uur. Dat hoeft niet, ik kan prima tempo houden, ik moet er alleen wat meer moeite voor doen. Ik spreek mezelf streng toe, vroeger had ik ook de motivatie om op dit soort momenten de tanden op elkaar te zetten en door te lopen. Is het niet om een strakke tijd neer te zetten, is het wel omdat ik nu toch al die moeite al gedaan heb dat het zonde zou zijn om dat nu weg te gooien door in te kakken. En ik loop weer op het stuk met de wind in de rug en wat zei ik ook alweer, daar moet je van profiteren.</p>



<p>Zo ga ik voorbij km 8 en mag ik voorzichtig aan gaan aftellen van mezelf. Dat ik weer een kilometer net onder de 5 minuten loop is echt dankzij de wind. Ook nu pak ik bij de verzorgingspost al rennend wat water om te spoelen en een slok te drinken. Dat ga ik volgende week heus anders doen maar voor nu is dat prima. Ik ben verbaasd dat mijn benen het eigenlijk best wel ok uithouden. Ik denk er maar niet aan of ik dan nog harder had gekund, voor nu vind ik dit meer dan prima en ben enorm blij als ik de laatste kilometer in ga. Nog een lang recht stuk en dan een bruggetje over als ik de mat honderd meter voor de finish zie. Daar staan ook Frank en Bart, mijn finishfotografen. Nou ja vooruit, ik moet nog die honderd meter door voor de echte finish maar dat overleef ik ook nog wel.</p>



<p>Met 51 minuten en een beetje kom ik over de finish. Ik moet echt even bijkomen terwijl ik de medaille aanneem. Voor iemand die zogenaamd weer eens niet ging racen heb ik het best goed gedaan. Misschien was het wel mijn Tokio hardloopbroekje, waarvan Frank vroeg of ik die express aangedaan had omdat Max vanochtend gewonnen heeft in Japan. Nu draag ik dat broekje de hele week al maar misschien dat er toch wat van de race van Max op mij afgegeven heeft. Kan ik Max de schuld geven als iemand zegt: ‘Jij ging toch niet racen vandaag?’ ‘Ik kon er niks aan doen, ik had mijn Tokio broekje aan dus racen ging vanzelf.’ Ik denk dat hij gek op staat te kijken als ik dat zeg.&nbsp;</p>



<p>Deborah zit vlak achter me en ook duurt het niet lang voor Marilene en Linda binnen zijn. We blijven echter niet lang hangen, de wind is wel fris als je stilstaat en ik heb honger en wil lunchen. De rest gaat ook snel naar huis. Volgende week is M-Day en ik heb er heel veel zin in. Dat zeg ik altijd tot de ochtend dat ik opsta. Dan heb ik nul zin en als ik dan eenmaal aan het rennen ben gaat het weer alle kanten op, om meestal na de finish te roepen dat ik wel ok gelopen heb. Ach ja, we gaan het zien, ik ben misschien toch wel van de tradities want het is altijd hetzelfde liedje. Eenmaal thuis als we aan de lunch zitten krijgen we bericht. Frank is derde in zijn categorie geworden, Linda ook en Marilene tweede. Marilene heeft de bekers in ontvangst genomen. Ik heb teveel concurrentie en ben zesde in mijn categorie. Nooit verwacht dat ik dit nog eens ging zeggen, maar ik ben gewoon nog te jong.</p>



<p>Volgend jaar misschien, dan zit ik een categorie hoger. Als ik weer niet ga racen…</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/ronde-park-16hoven-terug-van-weggeweest/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Marathonkriebels</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/marathonkriebels/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/marathonkriebels/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Fri, 04 Apr 2025 10:42:59 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4846</guid>

					<description><![CDATA[‘Loop jij marathons of zo?’, vraagt een collega als hij naast me staat in de keuken. ‘Ja dat klopt, hoezo?’ ‘Oh, nou ja, je staat altijd bovenaan de ranglijst van het Fitcoinsprogramma.’ Hij had het blijkbaar niet verwacht van zo’n ouwe HR muts die op de zaak op hoge hakken in een rokje en met [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>‘Loop jij marathons of zo?’, vraagt een collega als hij naast me staat in de keuken. ‘Ja dat klopt, hoezo?’ ‘Oh, nou ja, je staat altijd bovenaan de ranglijst van het Fitcoinsprogramma.’ Hij had het blijkbaar niet verwacht van zo’n ouwe HR muts die op de zaak op hoge hakken in een rokje en met een leesbrilletje half op haar neus rond paradeert, maar nu snapt hij het wel. Want ja, ik loop marathons. Nog steeds, ondanks de trails en de lange afstanden. De marathon blijft speciaal voor mij en ik vind het altijd leuk om te lopen.</p>



<p>En met mij vele anderen. Dat blijkt wel weer. Het is&nbsp;zondagochtend&nbsp;en de zon schijnt. Op straat stikt het van de hardlopers. Je pikt de marathonlopers er zo uit tussen de andere lopers. Niet alleen aan de vestjes of de begeleiders, of het feit dat ze in een groepje lopen, maar je ziet het gewoon aan hun gezicht. Ze stralen iets uit, een bepaalde marathonvibe. Natuurlijk zagen we de week er voor ook al de grote groepen die aan de laatste lange duurloop bezig waren. Ik deed het zelf ook,&nbsp;33 km met de Road&nbsp;through Rotterdam. Een mooie route door de stad, inclusief drie verzorgingsposten. Op de Van Brienenoordbrug kwamen wij van Zuid minstens vier groepen in tegengestelde richting tegen, en later nog een keer langs de Maasboulevard, en over de Erasmusbrug.</p>



<p>De Erasmusbrug, want alhoewel ik elke marathon leuk vind blijft Rotterdam natuurlijk echt de mooiste. De Erasmusbrug de eerste keer als je nog lekker fris en vol enthousiasme begint, en de Erasmusbrug de tweede keer als je ‘dat rottige stuk op Zuid’ gehad hebt, om dat vervolgens in te ruilen voor het mythische Kralingse Bos. Vorig jaar was een marteling, dit jaar sta ik er qua gezondheid weer beter voor. Gelukkig maar want het wordt mijn tiende en die wil ik niet alleen uitlopen, maar ook nog op een manier dat ik er met plezier aan terug denk.</p>



<p>De eerste borden staan er ook al weer, net als de blauwe strepen op de weg waar straks de verzorgingsposten en de belangrijkste kilometer borden moeten komen te staan. Dat is het leuke van midden in de stad wonen. Ik kan al twee weken van tevoren in het marathongevoel duiken. De laatste week voor de marathon zetten ze definitieve borden neer en kan ik langs het 30 km en 40 km punt lopen. Om weer even terug te denken aan al die keren dat ik daar liep en hoe ik me toen voelde. Die ene, en enige, keer dat ik onder de vier uur liep maar op dat punt het bijna opgegeven had omdat ik naar de klote was en dacht dat ik het niet meer ging redden. Of die keer dat ik volledig in een runners high zat en dansend en springend op weg naar de laatste 2 km ging. En die keer dat ik er ook doorheen zat en de Terminatorknop aanzette om met een strak gezicht me een weg te forceren door het publiek in Crooswijk heen.</p>



<p>Natuurlijk ook om alvast scenario’s te bedenken hoe ik er zondag 13 april bij zal lopen. Het zal wel weer warm worden en ik zal ook wel weer naar de klote zijn. Misschien nog niet eens conditioneel maar als ik naar het patroon van de afgelopen maanden kijk zullen mijn beenspieren ernstig aan het protesteren zijn, mijn lijf stijf en pijnlijk. Oud worden is a bitch, maar zolang het nog kan en ik het nog leuk blijf vinden zal ik het blijven doen. Zoals gezegd is dit mijn tiende keer en mag ik mijzelf, als ik de finish haal waar we maar wel gewoon vanuit gaan, Super Marathon Master noemen. Veel mensen stoppen daarna. Ik weet het nog niet, maar ik weet het wel. Volgend jaar schrijf ik me ook gewoon weer in, tenzij er een wonder gebeurt en ik de loterij voor Boston win. Of er een andere reden is dat ik niet kan lopen. Maar ik ben een mens van tradities, of misschien is het wel gewoon mijn FOMO of het autistische deel van mijn brein. Ik geef de FOMO de meeste kans.</p>



<p>Natuurlijk heb ik vrijdag en maandag ook gewoon weer lekker vrij genomen. Niks leukers dan vrijdag de stad in te gaan, de vlaggen te zien wapperen en op het WTC mijn startnummer te gaan halen. Op de expo is het dan nog relatief rustig dus geen of weinig rijen bij de fotobooths, geen gedrang bij de namenmuur om toch weer even mijn naam op te zoeken en rustig op mijn gemakje de stands bekijken met allemaal gelletjes, loopkleding en andere meuk die ik toch nooit zal kopen of gebruiken. Op zaterdag ga ik een pannenkoek eten, of misschien doe ik dat ook op vrijdag al, en dan even kijken bij de kids runs en de minimarathon. ‘s Avonds een bord pasta en De Marathon kijken en dan naar bed voor de grote dag. Maandag lekker uitslapen en misschien wel een rondje uitlopen, ligt aan het weer.</p>



<p>Terwijl ik dit schrijf zit ik op mijn vrije vrijdag op het balkon in het zonnetje. Zondag loop ik nog een snellere 10 km bij de Ronde Park16Hoven en dan nog twee loopjes gedurende de week voordat we gaan knallen. Knallen in de breedste zin van het woord. Donderdagavond even over de Coolsingel hobbelen en kijken naar de streep die ‘500 meter’ zegt en die van de finish. Ja jongens en meisjes. Ondanks dat ik meerdere marathons op mijn naam heb staan voel ik ze toch nog steeds volop in mijn buik.</p>



<p>Marathonkriebels!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/marathonkriebels/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>CPC 2025: Supercompensatie is a blessing!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/cpc-2025-supercompensatie-is-a-blessing/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/cpc-2025-supercompensatie-is-a-blessing/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 09 Mar 2025 17:33:50 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[CPC]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4832</guid>

					<description><![CDATA[De tiende keer CPC. Sinds mijn eerste keer in 2014 heb ik deze elk jaar gelopen, behalve die twee keer dat hij niet doorging. Een keer vanwege een grote storm en een keer vanwege Corona. Het feit dat ik twee weken geleden de Duinhopper gedaan heb is niet relevant, het zal niet de eerste keer [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>De tiende keer CPC. Sinds mijn eerste keer in 2014 heb ik deze elk jaar gelopen, behalve die twee keer dat hij niet doorging. Een keer vanwege een grote storm en een keer vanwege Corona. Het feit dat ik twee weken geleden de Duinhopper gedaan heb is niet relevant, het zal niet de eerste keer zijn dat ik strompelend over de finish kom. Sterker nog, de eerste keer zat ik op 7 km al in kritieke stand, liep ik op 14 km in het rood en ging ik op 18 km dood. Na vier maanden in winterse omstandigheden was het ineens 17 graden. Dit weekend is het niet veel anders. Wat anders is ben ik.&nbsp;</p>



<p>Oorspronkelijk zouden we de Duinhopper twee weken eerder lopen, dus dan zou er vier weken tussen zitten. Maar goed, het is wat het is. De blaren zijn goed genoeg ingedroogd en er zijn al nieuwe babyvelletjes ontstaan op mijn voeten. Alleen het linker kleine teentje is nog wat gevoelig. Daar durf ik dus wel op te lopen. Mijn kuiten zijn afgelopen vrijdag nog onder deskundige handen genomen en alleen mijn rug is nog stijf, maar voor het lopen hoef ik niet te bukken. Blijft over het energieniveau. De 5 km van afgelopen dinsdag gingen prima, de 7 km van donderdag iets minder en ik val nog elke dag om half tien op de bank in slaap dus ik heb geen flauw idee hoe het zal gaan. De eerste 10 km red ik denk ik wel, wat er daarna gebeurt is overgeleverd aan de hardloopgoden.</p>



<p>Groot voordeel, we starten dit jaar in de ochtend. Ik hoef dus niet de hele ochtend met mijn ziel onder mijn arm te lopen. Ik spreek af met Deborah, die gaat een poging wagen om eindelijk een keer een sub2 te lopen. Ze heeft er hard genoeg voor getraind en op papier moet ze het zeker kunnen, maar ook voor haar geldt dat het warm wordt. Frank heeft enorme pijn in zijn poot na de Duinhopper en vliegt de volgende dag naar Japan dus die gaat mee voor support. Kan hij mooi de tas dragen. Na een wat onrustige nacht is het laatste waar ik zin in heb om een halve marathon te lopen. Dat is niet waar. Ik heb zin om te lopen in mijn hoofd maar mijn lijf heeft er geen zin in. Mijn lijf moet niet zeuren.</p>



<p>Om 9:00&nbsp;trekken we de deur achter ons dicht na gauw nog een lik zonnebrand over mijn wangen en pakken we de metro naar Den Haag CS. Het loopt gauw vol met lopers maar we hebben nog net plek om te zitten. Gelukkig maar want ik raak de tel kwijt van hoe vaak ik loop te gapen op weg naar Den Haag. Daar aangekomen lopen we naar het Malieveld en nadat we Raymond gespot hebben, die Deborah gaat hazen, en Graziella, die zelf een stukje gaat lopen, zoeken de lange, lange, lange rij van de WC op. Als we eindelijk geweest zijn is het al tijd om in het startvak te gaan staan.&nbsp;</p>



<p>Het is enorm rommelig want om de een of andere reden lijkt het startvak of nog dicht of er zijn zoveel mensen dat ze er allemaal niet in of door passen. Hoe dan ook, ruim nadat het officiële startschot gegeven is staan we nog met de meute buiten te wachten en pas als het al eigenlijk tijd is voor de volgende startwave komt er beweging in en mogen we het vak in en richting start. Vanaf daar loopt het dan wel weer door dus het voelt niet heel slim. Nou ja, gauw vergeten, we moeten lopen.</p>



<p>Ik zet gelijk een lekker deuntje op en volg in eerste instantie Raymond en Deborah. Frank staat langs de kant te filmen en ik zwaai uitbundig nu ik dat nog kan. Het is goed warm wat ik al snel merk, maar ondanks dat er al gauw stoom uit mijn oren komt hindert het me niet bij het lopen. Inmiddels is mijn lijf zoveel gewend dat het niet meer uitmaakt waar het mee geconfronteerd wordt. -20 graden? Motor opstoken en warm worden. +20 graden? Stoom afblazen en afkoelen. Whatever…</p>



<p>Ik merk dat ik veel te snel loop. Mijn eerste kilometers zijn ruim onder&nbsp;de 5:30&nbsp;maar ik kan het niet helpen. Opgezweept door de muziek, de mensen, het bekende parcours en de wens om de eerste 5 km afgestreept te hebben. Leuk als je een 5 km wedstrijd loopt, maar niet voor een halve marathon als je weet dat je dit niet vol kan houden. Ach, ik stort vanzelf wel ergens in, het maakt niet uit. Alles wat ik nu loop hoef ik niet meer te lopen. Bij de verzorgingspost van de 5 km neem ik dan ook even de tijd om rustig water te drinken en mijn gezicht te koelen. Het is alsof je water op een hete kookplaat gooit.</p>



<p>Mijn benen voelen eigenlijk best ok dus ik zet de sokken er weer in, verbaasd over het feit dat ook de volgende kilometer gewoon onder&nbsp;de 6:00&nbsp;is. Misschien niet helemaal representatief omdat mijn horloge inmiddels zo’n honderd meter voor loopt op het daadwerkelijk parcours, maar aangezien het inclusief de wandel- en drinktijd is ben ik toch wel een beetje verbaasd. Ik besluit om te kijken wat ik op 10 km kan doen en ren lekker door. Dat gaat redelijk goed tot een kilometer of 7 &#8211; 8 en dan begin ik toch wel serieus te denken dat ik het rustiger aan moet doen. Ik loop nog steeds onder&nbsp;de 5:30&nbsp;en zit te wachten tot ik instort.&nbsp;</p>



<p>Als ik bijna bij de 10 km ben probeer ik het vol te houden. De verzorgingspost staat net voor de 10 km mat en daar baal ik een beetje van. Ik wilde juist kijken hoe ver ik kon komen op 10 km. Toch neem ik de tijd voor wederom water en afkoelen want dit is cruciaal om de finish te kunnen halen. Ik had me niet zo veel zorgen hoeven maken. Ik kom met iets meer dan 55 minuten over de mat en dus met veel marge onder het uur. Marge waar ik dankbaar gebruik van maak om tot kilometer 11 echt een beetje langer te wandelen terwijl ik een gelletje neem. Een gelletje, hoe lang is dat geleden? Een stukje verderop gooi ik er nog een spekje bovenop, uit de handen gegraaid van een lieve supporter langs de kant. Supporters die er vandaag weer veelvuldig zijn. De aanmoedigingen vliegen me dan ook om de oren en ik krijg weer veel complimenten over mijn outfit.</p>



<p>De benen beginnen nu toch wel een beetje te protesteren en ook voel ik langzaam de power dalen. Ik hou mezelf bezig met nadenken over wanneer ik de Terminatorknop aan zal zetten. Ben ik te vroeg, dan brand ik op, ben ik te laat, dan kan ik niet maximaal profiteren. Ik heb ook nog een gelletje met cafeïne, dat moet allemaal perfect getimed worden. Wacht, ben ik nou serieus aan het racen om een goede tijd neer te zetten? Ik vrees van wel. Geen idee waar dat nu ineens vandaan komt. Waar überhaupt mijn kilometertijden op dit punt vandaan komen want zelfs al heb ik het gevoel dat ik enorm aan het inzakken ben, ik loop nog steeds rond&nbsp;de 6:05. Met de marges die ik inmiddels heb moet het wel heel gek lopen wil ik niet een acceptabele tijd lopen.</p>



<p>Tegen de tijd dat ik bij de boulevard ben en het 15 km punt bereikt heb met&nbsp;1:26&nbsp;op de klok, tijd die niet zou misstaan op de Bruggenloop, blaast de motor zich op en zijn de banden versleten. Tijd voor de knop. Het gelletje gaat er in, de playlist wijzigt en ik ga in standje overleven van afwisselend rennen en wandelen. Wandelen omdat ik een beetje dood ben, rennen omdat ik het zonde vind om mijn tijd helemaal weg te gooien. Lang geleden dat ik motivatie had op het asfalt om door te blijven rennen. De motivatie is er, de kracht in de benen en het lijf iets minder, maar zoals eerder gezegd, ook dat is mijn lijf inmiddels gewend. Het maakt niet uit wat ik haar aandoe, we hebben een goede verstandhouding en ze doet braaf wat ik van haar vraag. In ruil daarvoor verwen ik haar met massages, genoeg slaap en lekker eten.</p>



<p>Op 18 km wil ik het liefste door blijven rennen maar ook de Terminator heeft grenzen. Ergens zat er een sub2 in maar een nieuwe motor en nieuwe banden zijn zo gefixt, een nieuwe chassis niet. Ik loop al in het rood, ik ga me niet kapot lopen. Dat is niet nodig, ergens onder&nbsp;de 2:10&nbsp;is ook mooi, laat staan&nbsp;2:06. Ik denk aan Deborah die nog steeds voor me loopt ergens. Ik weet zeker dat ze de sub2 gaat halen, dat kán niet anders. 19 km en nog een kwartier om binnen&nbsp;de 2:06&nbsp;zijnde 10 km per uur te blijven. Dat moet toch lukken lijkt mij. Makkelijker gezegd dan gedaan maar de Terminator blijft gaan. Net als in de film, ik wil het.</p>



<p>De toeschouwers blijven me toeschreeuwen dat ik door moet blijven lopen. Ik doe mijn best. Het is genoeg om rond&nbsp;de 6:00&nbsp;te blijven lopen gemiddeld, zelfs met wandelen. Ik kom bij de bocht en kijk uit naar Frank. Die staat niet rechts maar ik zie en hoor hem links dus ik loop naar hem toe want we moeten dit euforische moment natuurlijk wel vastleggen. Dan volgt de nog best wel lange weg naar de finish maar met het verstand op nul en de blik op oneindig komt die uiteindelijk ook en mag ik afklokken.&nbsp;2:03, ongeveer. Nu mag ik dood neervallen. Alweer. Het begint zo langzamerhand een gewoonte te worden maar als je dat maar vaak genoeg doet wen je daar ook wel weer aan. Net als het daarna weer opstaan en weer doorgaan.</p>



<p>Ik wandel het finishgebied uit, neem mijn medaille in ontvangst en ga bij de ‘Verloren kinderen’ zitten tot Frank me daar oppikt. Van daaruit Deborah, Raymond en Graziella opzoeken. Deborah heeft inderdaad dik onder de twee uur gelopen en dus ook een dik PR. Dat moeten we vieren! De overige vriendjes en vriendinnetjes zijn al naar huis en we wandelen naar het Buitenhof en strijken neer op een terras voor wat te eten en te drinken. Mazzel voor mij, er zit een ijssalon naast dus na het eten scoor ik een dikke ijshoorn. Als die op is nemen we afscheid van Raymond en Graziella en zoeken we de trein op richting huis waar ik de afspraak met mijn lijf na kom. Lekker douchen, relaxt op de bank, en lekker eten.</p>



<p>2:03&nbsp;op de halve marathon, twee weken na de Duinhopper. Hoe ik het gedaan heb? Typisch gevalletje van Supercompensatie. Misschien vlak voor de Rotterdam Marathon toch maar een ultra plannen, of twee!&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/cpc-2025-supercompensatie-is-a-blessing/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>4</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
