<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Trailen | Op weg naar de marathon</title>
	<atom:link href="https://www.opwegnaardemarathon.com/tag/trailen/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.opwegnaardemarathon.com</link>
	<description>The road to the finish!</description>
	<lastBuildDate>Sun, 22 Mar 2026 18:44:20 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=6.9.4</generator>
	<item>
		<title>Exit 2025, enter 2026!</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 04 Jan 2026 11:52:07 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Blessure]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Marathon]]></category>
		<category><![CDATA[Rotterdam]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5566</guid>

					<description><![CDATA[2 januari 2025. Ik ben opgewonden want vandaag begin ik aan mijn nieuwe baan. Het wordt een mooi jaar en ik heb spannende dingen op de planning staan. Een jaar waar natuurlijk weer veel in gelopen gaat worden en een jaar waar ik op dat gebied hopelijk een paar mijlpalen ga halen. We gaan het [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>2 januari 2025. Ik ben opgewonden want vandaag begin ik aan mijn nieuwe baan. Het wordt een mooi jaar en ik heb spannende dingen op de planning staan. Een jaar waar natuurlijk weer veel in gelopen gaat worden en een jaar waar ik op dat gebied hopelijk een paar mijlpalen ga halen. We gaan het zien, ik heb er zin in!</p>
<p>2 januari 2026. Het jaar is voorbij en ik kan terugkijken op wat er van alle plannen terecht gekomen is. Hoe is het vergaan, heb ik mijn mijlpalen gehaald, wat was het resultaat? Hoe is die nieuwe baan bevallen, heb ik mijn loopjes gedaan. Wat heb ik anders gedaan dit jaar en wat is vergelijkbaar? Tradities in ere gehouden of juist gebroken? Laten we terugblikken.</p>
<div></div>
<p>Januari verloopt rustig. Met de Duinhopper op de planning in februari doe ik geen gekke dingen. Heel blijven is het devies met 30 km als maximale afstand. Bovendien vraagt die nieuwe baan ook de nodige aandacht. Gelukkig voelt het al heel snel vertrouwd en ben ik soepel geland voor zover je dat kan zeggen zo’n eerste maand. We maken een paar verkenningsloopjes voor de Duinhopper zodat we weten wat we tegen gaan komen als het gaat om routes, water en eventuele omleidingen.</p>
<p>En dan breekt februari aan. De dagen vliegen voorbij en de spanning stijgt. Alle plannen zijn klaar, even los van last minute wijzigingen. Ik ben enorm opgewonden en zenuwachtig maar heb er ook enorm veel zin in. Op het werk is het nog steeds leuk maar ook hectisch en druk en privé hebben we nog even een verlies te verwerken. Ik neem het allemaal mee als daar de grote dag is. De dag dat we starten op de Duinhopper. Dit jaar ben ik vastberaden om hem uit te lopen. We gaan er voor. De eerste dag begint schitterend. Misschien zelfs wel te warm voor de tijd van het jaar. Wat een verschil met de eerste poging! We lopen relatief soepeltjes en lekker door, onderweg her en der vergezeld door bekende en onbekende lopers. Met de tweede dag hebben we minder geluk want de regen zet gedurende de nacht in en houdt behoorlijk aan. In tegenstelling tot de dag er voor is het koud, nat en winderig. Ja, zo ken ik de Duinhopper weer. Het gaat dan ook een stuk langzamer maar zolang we blijven lopen is het goed. Qua planning moeten we wel een beetje inboeten en we moeten ook meer zoeken. De stemming is een beetje verloren onderweg maar ik ben nog steeds vastberaden. Als we op het punt komen waar ik vorig jaar moest stoppen komt de enige zin die ik uit Frank zijn mond niet had willen horen. Zijn knie doet onverantwoord zeer en hij stapt uit. Ik ga door. Er is geen enkele reden om niet door te gaan voor mij maar het maakt het wel een stuk moeilijker. Ik moet nu veel meer zoeken naar mijn route ondanks dat we hier verkend hebben. Ik ben de eerste kilometers te veel van slag om me te herinneren hoe ik ook alweer om het water heen moet lopen maar uiteindelijk vind ik mijn route en mijn ritme weer. Vanaf Schoorl word ik weer bijgestaan door Mike en Marcel en hoef ik alleen maar achter ze aan te lopen. Hebben we hier verkend? Onder de sterrenhemel herken ik het weer en kan ik zelfs aanwijzingen geven hoe te lopen. Dan nog een klein stukje alleen, wat zich gelijk kenmerkt tot weer zoeken en fout lopen, maar daarna neemt Richard het over en brengt mij uiteindelijk, na de meest bizarre kilometers op het strand bij Petten ooit, veilig naar de finish. Ik heb het geflikt maar weet nu ook hoe het voelt als je leven volledig hopeloos is en je toch door moet.</p>
<p>Enter Maart. Ik heb twee weken kunnen herstellen als de CPC zich aandient. Grootheidswaanzin zou ik het achteraf noemen, op dat moment is het ‘maar’ 10% van wat ik daarvoor gelopen heb. En het gaat verbazingwekkend goed. Zou het supercompensatie zijn? Het moet haast wel want 10 km/u op een halve marathon had ik het jaar daarvoor niet meer voor mogelijk geacht. In maart loop ik ouderwets mee met de Road through Rotterdam want de Rotterdam Marathon dient zich al weer aan en natuurlijk vier ik mijn verjaardag. Op het werk gaat het lekker door en vind ik meer en meer mijn draai.</p>
<p>April is nummer tien. Nummer tien? Hoe bedoel je nummer tien? Nou, tien keer de Rotterdam Marathon. Ik ben dit jaar wat ze noemen ‘aspirant marathon master’ maar mag al wel het speciale shirt aan en het staat op mijn startnummer. Als ik hem uitloop krijg ik ook nog een speldje, wordt gehuldigd op het podium en kom ik in de lijst. Natuurlijk loop ik hem uit, en ook nu heb ik weer ‘last’ van supercompensatie als ik mijn vierde snelste tijd op de marathon ooit loop. Wat een mooi eerbetoon aan Rotterdam om op dit punt zo te kunnen lopen. Niet dat het vanzelf ging, ik maakte de heerlijke fout om veel te snel te starten, maar de marge was er voor de laatste 12 km. Het voelt in elk geval goed en de cirkel is rond. Hoe extra waardevol deze notering is voor de Rotterdam Marathon weet ik dan op dat moment nog niet.</p>
<p>De focus gaat vanaf mei op het najaar. Ingeschreven voor de Trail des Fantomes en The Great Escape moeten er hoogtemeters gemaakt worden. Achtjes lopen op de Rotterdamse Alp als training dan maar. Frank doet het al langer maar ik moet er ook maar aan geloven. Bovendien kruipt het bloed waar het niet gaan kan, heb ik een ernstig geval van geheugenverlies en is de uitspraak ‘dit doe ik nooit meer’ na de Duinhopper zoals gewoonlijk een loze uitspraak als ik me inschrijf voor de 200 km van de Bello Gallico. Frank wil natuurlijk revanche op de Duinhopper volgend jaar, dan ga ik volledig ondersteunen en loop niet mee. Zo kan ik toch nog een eigen uitdaging hebben. Ik krijg tegelijkertijd promotie op het werk en dat is superleuk maar vraagt ook weer meer energie.</p>
<p>We gaan alweer naar halverwege het jaar als we in Juni afreizen naar Normandië waar Frank de Liberation Trail gaat lopen. Ik ga mee als vrijwilliger maar maak natuurlijk ook de nodige kilometers. In  7 etappes werken we ons via Frankrijk en België terug naar Nederland om de iconische route van operatie Market Garden te volgen. Twee weken later rijden we weer richting het zuiden voor een heerlijk weekendje Parijs. Een zonsopkomst run dwars over de Champs Elysees is tegelijkertijd magisch als duivels. Ik bedoel, een lege Champs Elyssees zonder mensen of verkeer tegenover een zwaar chagrijnige echtgenoot die nodig moet maar nergens terecht kan. Achteraf kunnen we er om lachen.</p>
<p>En zo duiken we juli in, waar ik traditiegetrouw naar Spanje afreis voor de verjaardag van mijn moeder en de kilometers in de brandende Spaanse zon maak. Ik ben er aan gewend dus kom maar door. Krijg ik gelijk een mooi kleurtje op het bleke lijf. Mijn vangnet op het werk heeft afscheid genomen dus nu moet ik het alleen doen en dat is toch even wennen. Net als met de Duinhopper. Maar het komt vast goed. Inmiddels zijn we ook zo’n beetje vaste crew bij de Breweryrun en begeleiden we de Summer Edition. Tussendoor bereiden we ons voor op onze vakantie. Dit jaar geen exotische oorden maar een rondreis door Denemarken, wat al langer op mijn lijstje staat. De aftrap doen we met het concert van Iron Maiden in Arnhem, wat in tegenstelling tot tien jaar eerder, enorm goed is. Een goed begin van de vakantie. Vakantie die we doorbrengen rondrijdend in een onbekend, maar heerlijk land. Een land dat op mijn lijf geschreven is als halve autist. Alles is goed geregeld en iedereen houdt zich ook aan de regeltjes. Iedereen? Nee, twee eigenwijze rotterdammers bieden dapper weerstand als we op de fiets tegen het verkeer in door Kopenhagen crossen. Of door het rode stoplicht lopen als er geen verkeer aankomt. Voor de rest gedragen we ons netjes hoor. Ik heb het enorm naar mijn zin, niet in de laatste plaats omdat ik toch ook hier weer een zonsopkomst meemaak bij de kleine zeemeermin. Frank is heel verstandig in bed gebleven dit keer. Maar ook naar mijn zin door het verrukkelijke Deense gebak, de mooie natuur, de bijzondere plekken zoals de samenkomst van twee zeeën, en de gigantische mazzel die we hebben om een eland te zien.</p>
<p>Het is alweer augustus als we via Hamburg terugkomen in Nederland. Niet voor lang, want een dag thuis en daarna gaan we alweer richting de Ardennen voor de Trail des Fantomes. Vorig jaar stapte ik uit, dit jaar ben ik ook hier vastbesloten om hem uit te lopen en dat doe ik dan ook. Een mooie afsluiting want we hebben besloten dat dit het laatste jaar is dat we hem lopen. Niet alleen omdat het mooi geweest is maar ook omdat het te druk wordt en je voor de inschrijving vanaf volgend jaar een abonnement moet hebben. Ach ja, soms moet je eens wat anders doen.</p>
<p>We lopen augustus uit en september in. Mijn lijf begint een beetje te piepen en te kraken. Ik heb al wat langer last van mijn bilspier. Nu heb ik daar altijd wel last van, maar nu begint het een beetje in de weg te zitten en met The Great Escape op de agenda is dat niet handig. Op naar de fysio dus om daar toch wat aan te laten doen. De Fantomes was al een uitdaging alhoewel ik tijdens het lopen nergens last van gehad heb maar nu dus weer wel. We doen rustig aan. Ondertussen neem ik afscheid van mijn rode bolide en ruil hem in voor een blauwe. Bijkomend voordeel, deze heeft een hoge instap wat voor na het lopen toch wel fijn is. Tja, we worden toch een dagje ouder, lees krakkemikkiger. Op Frank zijn 60ste verjaardag lopen we ook nog de Tunnelrun en mogen we 10 km over de nieuwe A16 met de Rotterdam Running Crew! Maar eerst tijd voor The Great Escape. 100 km klimmen en dalen. Ik weet dat The Great Escape eigenlijk over het randje van mijn kunnen is maar ik ben nu eenmaal een beetje eigenwijs. Bovendien is dit een hele andere route en het deel van de The Great Escape dat we nooit eerder gelopen hebben dus leuk. Ik hou van nieuwe dingen. Het wordt een beetje een drama. De klimmetjes zijn mega klimmen, wat zeg ik, oneindige klimmen. Niet te doen. Frank haakt af bij 50 km. Ik wil nog door naar de volgende post op 62 km maar met inzettende regen, de berichten dat de laatste 5 km spekglad zijn en 020 op het programma neem ik geen risico. Of is het gewoon een gevoel van hopeloosheid dat me besluit om op 56 km te bellen om me op te laten halen? Achteraf vraag ik me af waarom ik in godsnaam uitgestapt ben.</p>
<p>Met die gedachte begin ik aan oktober. Mijn poot blijft etteren maar oktober is een drukke hardloopmaand met de Oktoberfest editie van de Brewery run, de Pegasus trail, de halve van Urk en de marathon van Amsterdam. De Pegasus trail blijkt ook weer episch als ik midden op de hei op 37 km een gigantische hagelbui op mijn kop krijg. Natuurlijk. Trailen is leuk! Op naar Urk dan maar. Deze zou ik samen met Deborah lopen maar die kan even niet dus valt Frank in. Twee rondjes van tien, rechts, links, links, links, links, links, links, links en dan over de dijk naar de finish. Met een mooi shirt en een nog leukere medaille. En natuurlijk een visje na afloop. Volgend jaar doen we hem weer en dan wél met Deborah. Nog twee keer thuis lopen en dan ga ik het doen. Ja, echt waar! Ik ga in 020 lopen, de marathon van Amsterdam. Want ik vind dat ik die toch een keer gelopen moet hebben en als ik het dan toch ga doen, dan maar de 50ste editie. Het is mooi weer en ik ga de eerste helft als een speer. Stom, stom, stom, de tweede helft stort ik in, doet alles zeer vooral mijn knie en strompel ik naar de finish. Ik ben verbaasd dat ik nog enigszins rond de 4,5 uur loop maar dat dit avontuur nog een hele lange staart krijgt weet ik op dat moment nog niet. De rest van de week doe ik rustig aan, op een concert van Volbeat na dan, maar die knie blijft pijn doen. Ben ik dan eindelijk over mijn grens gegaan?</p>
<p>Het antwoord krijg ik in november en is een volmondig ja! De knie is dik, stijf, pijnlijk en zit vol met vocht. Mijn fysio is alleszins amused en ik weet dat het mijn eigen stomme schuld is. Toch blijf ik lopen zei het rondjes van 5 km, en pak ik nog een medaille in Gouda, ‘want die hadden we nog niet’. De Bello komt er aan en ter voorbereiding ga ik nog bezemen in Oostvoorne. Ik begin me toch een beetje zorgen te maken en hou me vast aan de woorden van mijn fysio die aangeeft dat ik in 5 weken prima zou kunnen herstellen. Ik ben er niet gerust op, klamp me vast aan hoop maar besluit halverwege de maand toch maar te stoppen met lopen en algehele rust te nemen. Ik zoek tevens mijn heil bij een wonderdokter die een hoop goed doet in mijn lijf en me leert hoe ik in de toekomst blessurevrij kan lopen maar de knie is hardnekkig. Dagelijks ben ik geobsedeerd met die knie. Hoe gaat het, gaat het beter, wordt hij al dunner en minder stijf? Hoop doet leven en de wens is de vader van de gedachte maar diep in mijn hart weet ik het al. Het is foute boel. Zekerheidshalve ga ik nog naar de huisarts, die verwijst me door naar de sportarts, die verwijst me door naar de bewegingswetenschapper, röntgenfoto en echo. Alleen…, de feestdagen komen er aan en het duurt allemaal erg lang. En ik weet, dit gaat niet op tijd goed komen.</p>
<p>Voor december heb ik dan ook de stekker er uit getrokken. Geen Oostvoorne en zeker geen Bello! Voorlopig even helemaal niks. Eerst weten wat er aan de hand is en zolang er vocht in zit is het niet goed. Dan begint het lange wachten. De bewegingswetenschapper ziet in principe niets raars, op een zwakkere rechterheup en bilspier na maar dat wisten we al en ik krijg oefeningen mee. Ook manipuleert ze een spiertje in mijn kuit maar alhoewel dat niet goed zat is het niet het magische wonder voor de oplossing van mijn knie. De foto wordt gemaakt maar op de uitslag moet ik wachten tot januari als ook de echo is gemaakt. Ik stort me op het vrijwilligen, zowel bij Oostvoorne als de Bello. Dat loopt ook anders als Frank, die 100 km op de Bello loopt, valt en zijn enkel ernstig verzwikt. Tot 3:00 ‘s nachts in het ziekenhuis in Leuven blijkt het gelukkig niet gebroken maar met de staart tussen onze benen gaan we vroegtijdig naar huis, samen de lappenmand in. Het weekendje naar Keulen laten we doorgaan als afleiding, maar voor Frank is het een opgave. Mijn knie gaat wel iets beter nu ik helemaal niets meer doe, maar helemaal overgaan doet het niet. Duurt lang. Te lang, dus ik waag het er op om toch met hardloopkleding het jaar uit te gaan en 2,5 km te rennen. Het gaat maar het is ook weer nét genoeg. Oud en nieuw vieren we traditiegetrouw met vrienden, spelletjes, oliebollen en het nationale vuurwerk. Exit 2025, enter 2026.</p>
<p>Zo zie je maar weer, de plannen die je aan het begin van het jaar hebt kunnen totaal anders zijn aan het einde van het jaar door onvoorziene gebeurtenissen. Daarmee ook de plannen voor 2026 beïnvloedend. Want we staan ingeschreven voor de CPC 50ste editie en het is nog maar de vraag of we die kunnen lopen. Net als de Rotterdam Marathon. Verdere hardloopplannen staan alleen nog maar met potlood. Revanche op The Great Escape en mijn voor nu doorgeschoven Bello 200 km. Ook Frank zijn Duinhopper is al van de baan, dat gaat hem zeker niet worden. Die moet überhaupt nog maar afwachten wat nu precies de schade is want de dokter heeft pas half januari tijd. Ondertussen zien we iedereen lekker buiten spelen, van de sneeuw genieten en plannen maken voor 2026.</p>
<p>Zitten we nu in een depressie? Nee want het is wat het is. Loslaten is mijn thema voor 2026. Loslaten van strakke schema’s, loslaten van het moeten en loslaten wat ik niet kan veranderen. Van daar uit kijken we wel weer verder en nemen we het met de dag. Carpe Diem, geniet van elke dag, koester wat je hebt, heb geen spijt van de beslissingen die je neemt want op dat moment was het voor jou altijd de beste beslissing anders had je hem niet genomen, en wees dankbaar voor alles wat je kan en mag doen. En vooral…</p>
<p>…dat 2026 maar weer een fantastisch jaar mag worden!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/exit-2025-enter-2026/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Pegasus Trail met onstuimig weer</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 05 Oct 2025 14:21:56 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5471</guid>

					<description><![CDATA[‘What was I thinking?’ Blijkbaar niet heel helder toen ik me inschreef voor de Pegasus Trail, twee weken na The Great Escape. Nu was het oorspronkelijke plan natuurlijk om de volle 100 km te lopen maar dat werden er 56 km. In dit geval een gelukje bij een ongelukje want dat zou vandaag dan weer [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div>‘What was I thinking?’ Blijkbaar niet heel helder toen ik me inschreef voor de Pegasus Trail, twee weken na The Great Escape. Nu was het oorspronkelijke plan natuurlijk om de volle 100 km te lopen maar dat werden er 56 km. In dit geval een gelukje bij een ongelukje want dat zou vandaag dan weer iets beter haalbaar moeten maken. Bovendien zijn het twee rondes van 25 km, dus ik kan er na één ronde ook gewoon de brui aan geven. Kan ik dat? Náh, zeker gezien het feit dat ik al twee weken toch een beetje spijt heb dat ik uitgestapt ben moet het toch wel erg bont worden vandaag. Het universum doet in elk geval heel erg zijn best om me te testen.</p>
<p>Gisteren was ik vrij en had ik een heerlijke massage geboekt, een bezoekje aan de chiropractor en  voor de rest een lekkere relaxte dag. ‘s Avonds de Brewery Run begeleiden met een gezellige 7 km, thema Oktoberfest, en dan op tijd naar bed. Ik werd echter wakker met een zwaar hoofd en een fikse verkoudheid die in elk geval roet door mijn relaxdageten gooide. Als een zielig hoopje mens lag ik op de massagetafel meer snotterend dan genietend van de massage, daarna thuis op de bank nog een keer. Tegen de tijd dat we moesten gaan lopen ging het iets beter, maar daar had het universum wat op gevonden, namelijk ontiegelijke zeikregen. En dat in mijn blote Oktoberfest hempje. De kou op mijn lijf kon twee dingen teweegbrengen. Of ik zou de volgende dag als een dood vogeltje wakker worden, of alle bacillen in mijn lijf zouden zijn doodgevroren. Het werd dat laatste, dus het universum gooide er nog maar een laatste troef tegen aan. De troef ‘onstuimig weer’. Bovendien had de kou niet alleen de bacillen bevroren, maar ook alle olie in mijn rechterbilspier, die na een paar weken fysio het weer leek te doen, maar vandaag dus even niet. Maar zoals gewoonlijk, als het niet gaat zoals het moet, moet het maar zoals het gaat.</p>
<p>En dus rijden we om 7:30 met druk zwabberende ruitenwissers richting Ede en de Ginkelse Hei. Daar treffen we René en Simone, een paar andere bekenden van de Liberation Trail en natuurlijk de organisatoren René, Christiaan en Erwin. Veel tijd om bij te praten is er niet. De aanhoudende regen nodigt niet uit om gezellig te keuvelen dus René doet zijn praatje vanuit onder de tent en dan lopen we naar het monument waar het startsein gegeven wordt. We beginnen over de hei en door de regen is het zand zwaar. Ik heb mijn waterdichte sokken aan die ik al een tijd heb maar altijd vergeet. Dit keer heb ik er wel aan gedacht dus ik ben benieuwd of het helpt. Ik loop al gelijk achteraan samen met een andere dame. Na 2 km duiken we het bos in en bij 3 km blijken de batterijen van mijn GPS Handheld leeg. Tuurlijk joh. Misschien wel de grootste uitdaging van de dag. In de stromende regen de batterijen vervangen met natte glibberige vingers.</p>
<p>Het duurt dan ook even maar uiteindelijk lukt het en ben ik weer on the road. De dame met wie ik een beetje opliep vraagt of het gaat en of ik wil dat we samen lopen. Sorry, ik ben een lone wolf en loop liever alleen. Ze loopt door en ik zie dat ze aanhaakt bij een andere dame. Na het bos lopen we weer over de hei en ik zie ze met enige regelmaat voor me lopen. Misschien haal ik ze nog in maar als we bij kilometer 10 het bos weer in gaan en ik betoverd wordt door grote paddestoelen rood met witte stippen raak ik ze definitief kwijt. Het droogt zowaar op en blij kan ik mijn capuchon af doen. Dan kom ik bij het begin van een lus. In de verte zie ik lopers die de lus weer uitkomen maar ik moet er eerst in. Ik eet mijn boterhammen met pindakaas die eigenlijk bedoeld waren voor bij de start. Dan zie ik weer iets waar ik blij van wordt. Koeien, of beter gezegd stieren getuige de grote hoorns van de dieren. Ik loop voorzichtig naar de dichtstbijzijnde voor een foto en maak me gauw weer uit de voeten. Ik ben niet bang dat ze op me af komen rennen maar met die hoorns neem ik ook geen risico.</p>
<p>Ik hol weer door en zie weer een mooie paddestoel, dit keer een witte. Sorry maar ook deze gaat op de foto. Ik heb geen haast en laatste ben ik toch al. Op 17 km kom ook ik de lus weer uit en een kilometer verder duiken we ook de hei weer op. En gaat het weer regenen. Dat is een beetje het patroon van vandaag, bos afwisselen met hei, regen afwisselen met droog. Ik zie zowaar een klein zonnetje door de bomen breken. Het moet niet gekker worden. Toch ben ik er nu al een beetje klaar mee, maar ik ben nog niet halverwege. Voorlopig eerst maar naar de verzorgingspost, dan zien we vanaf daar wel weer verder. Die komt gelukkig steeds dichter bij maar de laatste kilometer is nog even tegen de wind in en met regen. Bovendien is de zuidlus geen 25 km maar 27 km. Ik kom dan ook precies op de cut off aan. Niet dat ze daar heel erg spannend over doen, maar voor mezelf telt het wel.</p>
<p>Ik pak een gelletje en mijn pakje Caprisonne mee. Ik vraag Erwin om deze in het grote vak van mijn vest te doen, dan hoef ik die niet uit te doen. Ik graai nog wat chipjes en een banaan mee en begin aan de noordlus met de wetenschap dat ik al over de helft ben. Nog 25 km en dan ben ik weer terug. Ik vraag maar niet of ik ver achter loop. Het is toch niet relevant en ik loop mijn eigen race zoals dat heet. Inmiddels weer in het zonnetje loop ik weer over de hei. Dan voel ik iets geks, er zit iets niet lekker op mijn rug. Ik voel langs mijn vest en dan blijkt dat het pakje Caprisonne los tussen mijn vest en mijn rug ligt. Ik kan hem zo pakken. Lachend vraag ik me af hoe Erwin mijn pakje weggeborgen heeft. In elk geval niet in het grote vak. Ik loop langs een monumentje en ik mis een paadje maar heb hem alweer snel gevonden. Het is ook wel een heel klein paadje dwars door het gras.</p>
<p>Dan sta ik ineens onverwachts op een heuveltje en heb een prachtig uitzicht over de hei. Ik zie in de verte een kudde schapen en vraag me af of er een wolf in de buurt zit. Hij zou hier moeten zitten maar de kans dat ik hem tegen kom is minimaal. Dan moet je ‘s ochtends vroeg of ‘s avonds laat komen. Ik ren verder, mis weer een afslag, loop weer in het bos, zie weer een mooie paddestoel, maak een foto en duik de hei weer op. Ik zit inmiddels op 36 km en het begint weer te regenen. Wacht, regen? Dit is geen regen. Dit is keiharde hagel! De kleine witte korrels slaan in mijn gezicht en op mijn blote benen. Ik maak de fout om me om te keren en met mijn rug in de wind te gaan staan. De bedoeling was om mijn gezicht te beschermen maar het enige dat ik er mee bereik is dat mijn kont, die nog enigszins droog was, binnen een halve seconde ook zeiknat is. Ik maak een filmpje, wat kan je anders doen? Dit gelooft niemand en ik sta nu eenmaal hier en kan alleen maar gewoon rustig doorlopen. Het is wat het is.</p>
<p>Gelukkig duurt het niet lang en even later is het weer droog. Four seasons in one day was het toch? Of in dit geval in een paar uur. Twee kilometer verder loop ik in het bos en krijg ik een tweede hagelbui op mijn kop. Dan ben ik het zat. Nog 14 km te gaan en ik wil naar onder de 10 km. Er zit dus maar één ding op. Terminator time! Ik eet een gelletje met cafeïne, ik zet mijn speciale muziek op, ik drink nog wat, zet mijn blik op oneindig en mijn verstand op nul , druk op de Terminatorknop en zet de sokken er in. Ruim 6 kilometer en een uur lang draaf ik door het bos en over de hei, met regen, zon en een derde hagelbui. Ik zie mezelf gaan door de ogen van een toeschouwer. ‘Waar háált ze het vandaan?’ vragen mensen zich vaak af. Dat is mijn geheim.</p>
<p>Als de knop uitgewerkt is, is het nog maar ongeveer 7 km. Dat is te overzien maar het zal nét aan worden om binnen de cut off binnen te komen. Resultaat van een onwillige bil, het feit dat gisteren er waarschijnlijk qua energie toch harder in gehakt heeft dan ik dacht, misschien nog iets van twee weken terug maar vooral ook van het verzamelen van paddenstoelenfoto’s. I can’t help myself, ik ben nou eenmaal een trailtoerist. De laatste 7 km overbrug ik dribbelend, rennend, wandelend, met regen, zon, wind en gewoon droog. Ik kom episch binnen. Dwars door niet alleen regen maar ook een stevige wind trotserend tik ik af en krijg tot mijn verrassing zelfs een medaille. Die had ik niet verwacht. Frank heeft de auto gehaald en onder de achterklep strip ik mijn zeiknatte loopkleding af om iets droogs aan te trekken. Daarna gauw de auto in en lekker naar huis. Frank was een half uurtje voor mij maar is ook helemaal verkleumd. Eenmaal thuis lekker onder de douche en een dikke steak voor avondeten om vervolgens op de bank te ploffen. Grootste voordeel? Het is pas zaterdag dus morgen alsnog die relaxdag maar inplannen. En me langzaam mentaal gaan voorbereiden op volgende week. Volgende week? Wat heb ik dan volgende week?</p>
<p>Volgende week sta ik aan de start van de Halve Marathon van Urk. Waar? Urk. Of all places. Hopelijk met minder ‘onstuimig weer’.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/pegasus-trail-met-onstuimig-weer/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>The great escape 100 km: Veni, vidi, en roemloos ging ik ten onder</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-100-km-veni-vidi-en-roemloos-ging-ik-ten-onder/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-100-km-veni-vidi-en-roemloos-ging-ik-ten-onder/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 21 Sep 2025 17:31:52 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Heuveltraining]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Ultra]]></category>
		<category><![CDATA[ultramarathon]]></category>
		<category><![CDATA[ultratrailen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5392</guid>

					<description><![CDATA[Roemloos? Oordeel zelf. Drie jaar geleden liepen Frank en ik voor het eerst de 50 mijl van The Great Escape. Met moeite haalden we de finish, officieel net buiten de tijd maar het is Ourthegebied dus dan moet je sowieso drie uur extra rekenen. Ik kreeg een medaille maar ging dood en besloot dat de [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Roemloos? Oordeel zelf. Drie jaar geleden liepen Frank en ik voor het eerst de 50 mijl van The Great Escape. Met moeite haalden we de finish, officieel net buiten de tijd maar het is Ourthegebied dus dan moet je sowieso drie uur extra rekenen. Ik kreeg een medaille maar ging dood en besloot dat de GE net boven mijn kunnen is. Na het jaar daarna gestart te zijn met de intentie niet te finishen omdat ik de week ervoor de 50 km van de Freedom Trail gedaan had, liep ik toch nog 55 km. Vorig jaar heb ik het niet eens geprobeerd en stond ik achter de tafels van de verzorgingsposten in plaats van ervoor. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, werd de opzet veranderd en maakte ze niet alleen van 50 mijl 100 km, maar liep de route ook andersom waardoor je het deel van de route in Luxemburg zou lopen in plaats van de Ourthe. 2 redenen om het toch maar weer te proberen want Luxemburg hadden we nooit gehad. Eén klein detail werd tijdens de inschrijving over het hoofd gezien. De 100 km had 4200 hoogtemeters ten opzichte van de 2500 op de 80 km.</p>
<p>Maar goed, eenmaal ingeschreven is ingeschreven dus ik ging achtjes lopen op de Rotterdamse Alp, waar ik achteraf gezien mijn bilspier over de zeik geholpen heb. Na een, weliswaar buiten de tijd maar toch wel ok, Trail des Fantomes en wat bezoekjes aan de masseuse, chiropractor én fysiotherapeut togen Frank en ik zaterdagochtend richting Clervaux waar we andere jaren richting de Ourthe liepen en nu een rondje Luxemburg zullen doen. Al onze andere trailvriendjes van de Bende van Ellende waren vrijdagavond al gestart op de 200 km, waarbij Tony en Leonie vanwege ziekte al uitgestapt zijn. Ook Cees heeft door een val op moeten geven. De rest is nog aan het lopen. Gekkenwerk maar dat wisten we al. Olav, Marcel en Rene zullen we, als alles goed gaat, zondag bij de BBQ zien.</p>
<p>Rond een uur of 15:00 komen we bepakt en bezakt aan, want we gaan een rondje hardlopen al zou je denken dat we drie weken op vakantie gaan, en hebben mazzel. Er is een parkeerplekje op het parkeerterrein van de hal. Binnen worden we gelijk beetgepakt voor de registratie en nadat we bewezen hebben dat we alle verplichte gear bij ons hebben ploffen we neer bij Bas, Jaco en zijn zoon en Jantine en Rachel. Later zie ik Akke, Kees en Marleen ook nog binnenkomen. We maken de tijd vol door een bordje pasta te eten en te wachten tot we met de bus naar ons startpunt gebracht worden, 20 km verderop. De buschauffeur rijdt er in eerste instantie voorbij want het is een verzorgingspost buiten, maar na ten halve gekeerd om niet ten hele te dwalen staan we dan toch klaar op de juiste plek. Een kwartier te vroeg dus we moeten wachten want 18:00 starten is 18:00 starten. En natuurlijk gaat het regenen, maar gelukkig is het maar een beetje.</p>
<p>Frank en ik lopen apart want samen gaan we langzamer. Dat werkt als volgt. Als we samen lopen gaan we op elkaar staan wachten op de momenten dat de ander langzamer loopt. Als we alleen lopen doen we dat niet en lopen we per saldo toch wel redelijk bij elkaar in de buurt is tijdens de Fantomes gebleken. Als we eindelijk mogen starten valt het wel weer mee met de regen en lopen we een graspad naar beneden. Een lekkere start zoals dat heet, en dat mag ook wel want de eerste verzorgingspost is op 23 km en we moeten zo’n 6 km per uur lopen. Ik loop iets voor Frank maar al snel haalt hij me in. Samen lopen we door en komen Alma tegen die een foto van ons maakt. Dan mogen we gelijk omhoog en dat zet de toon voor de rest van de route.</p>
<p>Een ellenlange klim, die een behoorlijke aanslag op de benen is, en dan een bijna net zo, zo niet nog ellenlangere afdaling, met een net zo, zo niet nóg grotere aanslag. Gelukkig is het nog vroeg in de race, niet wetende dat dit de rode draad van de dag zou zijn. Of moet ik zeggen nacht. De eerste twee uur is het nog licht en mijn bil voel ik wel maar belemmert me niet met lopen. Het gaat lekker en de 6 km per uur gaan goed. Dan wordt het donker. Ik probeer het zo lang mogelijk uit te stellen maar dan is het niet meer te doen in het bos en moet het lampje op. Wat volgt is twee uur lang ellenlange klimmetjes en de bijna net zo ellenlange zo niet ellenlangere afdalingen in een relatief saai landschap. Het is donker dus je ziet weinig en de wegen door het bos zijn nagenoeg allemaal hetzelfde. Bovendien rommelen mijn darmen aan alle kanten en heb ik last van krampjes tijdens het afdalen. Ergens heb ik Frank een paar zakdoekjes afgetroggeld in het voorbijgaan maar ik probeer het uit te stellen.</p>
<p>Ik loop over een brug bij een camping als een man voor mij ineens stilstaat. De beste man heeft kramp en het ziet er niet goed uit. Hij loopt dan ook aardig te vloeken maar ik moet door. Daarna loop ik langs een riviertje door het bos en zie een rood lampje voor me. Dat zijn de momenten waarop ik gemotiveerd ben, want lampjes voor me betekent dat ik niet moederziel alleen achteraan loop en ik heb iets om in te halen. Als dat lukt en de jongen aan het kreunen en steunen is geef ik aan dat de verzorgingspost er bijna is, maar hij vindt 23 km meer dan genoeg. Nou ja, dat moet hij zelf weten. Dan kom ik eindelijk bij de verzorgingspost waar ook nog een behoorlijk aantal mensen van de 200 km zitten. Dat had ik niet verwacht. Frank ligt uitgebreid op de grond te relaxen en Sandy komt me een stukje eclair brengen dat ze speciaal voor mij bewaard heeft. Wat worden we toch weer goed verzorgd en ik blijf langer hangen dan ik oorspronkelijk van plan was. Het scheelt dat de cut off ook 20 minuten langer is dan ik dacht.</p>
<p>Hoe dan ook, uiteindelijk ga ik weer op pad, Frank is nog binnen. Het duurt niet lang voordat hij me weer inhaalt. De afstand naar de volgende verzorgingspost is ‘maar’ 15 km. De ellenlange klimmetjes en de bijna net zo ellenlange zo niet ellenlangere afdalingen in het saaie landschap zijn er niet minder om, en de enige afleiding die ik heb is een paar ogen die me aanstaren als ik mijn lamp in een open graanveld schijn. Ik kan echter niet zien of het een ree, een vos of gewoon een kat is dus ik laat mijn fantasie maar de vrije loop. Dat en het feit dat mijn darmen blijven pruttelen en na twee pogingen laat ik een stukje van mezelf in het bos in Luxemburg achter. Gelukkig had ik twee zakdoekjes van Frank gepikt. Dat lucht op. Mijn onwillige bil krijgt daarnaast de kans niet om vervelend te doen. Hij wordt volledig overgeschreeuwd door kuiten, bovenbenen, rug, schouders, nek en voeten. Maar vooral door een spier in mijn rechterbovenbeen. Als dat niet wegtrekt wordt het een kort rondje maar vooralsnog zit het probleem vooral omhoog.</p>
<p>Zo kom ik toch bij de 38 km waar ik opnieuw Frank tref maar ook Marcel, het volgende slachtoffer van de GE. Ik maak mijn shit in orde en eet een kopje soep. Mijn benen, wat zeg ik, mijn hele lijf voelt als een rijpe puist op het punt om te ontploffen. Jantine en Rachel bieden me vloeibare magnesium aan die ik dankbaar aanneem. We hadden het vrijdag geprobeerd te kopen maar konden het nergens vinden. Frank gaat nu eerder weg dan ik en ik probeer ook niet te lang te blijven hangen. Door het opladen van mijn klokje zwabbert hij er 2 km bij dus daar moet ik rekening mee houden. Nog even plassen en dan duik ik de nacht weer in. Ik heb een uur speling maar moet weer 24 km naar de 62 km. Ik zoek even de weg als Frank ineens aan komt lopen. Die was verkeerd gelopen en haakt nu bij mij aan om samen opnieuw aan ellenlange klimmetjes en bijna net zo ellenlange zo niet ellenlangere afdalingen in het saaie landschap te beginnen. Als afwisseling krijgen we nu ook smalle richeltjes langs het ravijn met rotsblokken, omhoog én omlaag, Ourthevallei waardig. Overdag moet het hier mooi zijn, ‘s nachts zien we er weinig van en vorderen we maar langzaam. We lopen haasje over met een paar anderen maar het is goed uitkijken en als ik op een gladde steen stap val ik voor de verandering eens op mijn linkerzij in plaats van rechts. Gelukkig blijft de schade beperkt tot de schrik.</p>
<p>De ellenlange klimmetjes en bijna net zo ellenlange zo niet ellenlangere afdalingen in het saaie landschap beginnen hun tol te eisen. Het moraal ligt ergens op de bodem van de rivier die we af en toe passeren, en de vermoeidheid bereikt een nieuw hoogtepunt. Het zijn nog niet eens de hoogtemeters maar de manier waarop. Ok, ook de hoogtemeters, dit is niet te doen, in elk geval niet voor ons gewone stervelingen. En ook al stappen we dapper door, de kilometers duren steeds langer.  Als we eindelijk weer eens boven aan een klim zijn en een stukje asfalt kruisen zitten we rond de 50 km en geeft Frank er de brui aan. Hij wil bellen om opgehaald te worden. Ik wil in elk geval doorlopen tot de volgende verzorgingspost en zie dan wel verder. Frank raakt dolenthousiast (not) en besluit dan toch tot daar met me mee te lopen ware het niet dat een andere loper ons tegemoet komt met de boodschap dat hij er uit gaat en al gebeld heeft om opgehaald te worden. Die verleiding is te groot. Ik pik Frank zijn cola in, want stiekem heb ik meer gedronken of minder bijgevuld dan ik dacht en ben bijna leeg. We geven elkaar een kus en als strangers in the night gaan we elk onze weg in tegengestelde richting.</p>
<p>En dan gaat het regenen. Met bakken uit de hemel kan ik nog net mijn jasje pakken en aantrekken. Wat volgt zijn ellenlange…, enfin, you catch the drift, maar dan met regen. Als afwisseling krijg ik die eerder smalle richeltjes langs het ravijn met rotsblokken, maar dan spekglad door de regen. Die waait dan wel weer over maar heeft zijn vernietigende werk al gedaan. Dapper wandel ik door als ik ineens een vuursalamander op mijn pad zie. Die moet op de foto. Ik kom er nog meer tegen en tel er vijf. Ook kom ik langs een bankje die recht tegen een soort menhirachtige rots tussen twee bomen aankijkt. Ik zei al, overdag zal het hier best mooi zijn. Ik begin nu ook mijn voeten te voelen en mijn grote vrienden de blaren hebben zich gemeld. De pijnlijke tenen van het afdalen had ik een paar uur geleden al. Op de een of andere manier kan ik niet in mijn nachtelijke flow komen. Normaal gesproken vind ik het superleuk om ‘s nachts te lopen maar dit is gewoon écht niet leuk meer. Ik ben alleen maar bezig met overleven.</p>
<p>Tegen de tijd dat ik alleen nog maar langzaam kan wandelen en de vraag is of ik überhaupt de cut off op 62 km ga halen app ik Frank dat ik op de 62 km ook ga stoppen. Misschien haal ik de cut off en kan ik de volgende 14 km tot 76 km ook nog halen, maar daarna is het nog 27 km met meer van hetzelfde. Dat ga ik gewoon niet doen. Nog 6 km dus. Frank appt terug dat de laatste 5 km tot aan de verzorgingspost levensgevaarlijk zijn met spekgladde rotsen begroeid met mos en raad me aan om eerder opgepikt te worden. Aangezien ik nog meer op het programma heb staan de komende 4 weken (Tunnelrun, Breweryrun, Pegasustrail, halve van Urk en de Amsterdam marathon) en doorlopen me niks gaat brengen bel ik als ik bij een station ben. Niet alleen een herkenbare plek maar ik heb dan 56 km op de klok wat ik een prima afstand vindt en precies op dat moment begint het weer te zeikregenen en kan ik gelukkig schuilen in een fietshok.</p>
<p>Na een kwartiertje word ik opgehaald en naar de verzorgingspost gebracht waar Frank op me wacht. Daar moeten we nog langer wachten om uiteindelijk twee uur later opgehaald te worden om terug naar Clervaux gebracht te worden. De verzorgingspost is dan al gesloten. In de tussentijd heb ik droge kleren aan getrokken, schoenen gewisseld en de tape van mijn voeten getrokken, niet geheel zonder schade door een los velletje en het feit dat mijn zool zo zacht als een weekdier is. Terug in Clervaux zit René, het laatste slachtoffer dat uitgestapt is en is Olav de enige van de bende die een medaille ophaalt vandaag. We blijven echter niet hangen en rijden lekker terug naar huis waar we de zooi opruimen, douchen, een uurtje slapen en daarna lekker Chinees halen en op de bank hangen. Nooit eerder vind ik het totaal niet erg dat ik uitgestapt ben. The Great Escape was nét een hoogtemeter te veel. Nu focussen op de komende evenementjes en dan nog één keer een poging wagen op de 200 km in december bij de Bello. Daarna ga ik maar eens serieus nadenken over wat ik aankan maar vooral ook wat ik nog leuk vind.</p>
<p>Want uiteindelijk doen we het daar voor toch, voor de lol?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/the-great-escape-100-km-veni-vidi-en-roemloos-ging-ik-ten-onder/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Hardloopgebieden</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-hardloopgebieden/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-hardloopgebieden/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 07 Sep 2025 16:11:37 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=5343</guid>

					<description><![CDATA[Het is bijna eind van de zomer en de hei staat in bloei. Bij uitstek het goede moment om te gaan trailen in heiderijkgebied. En we hebben meer plekken in Nederland met hei dan je denkt. Sterker nog, we hebben in Nederland enorm veel mooie gebieden om te trailen. Ik heb het al gehad over [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Het is bijna eind van de zomer en de hei staat in bloei. Bij uitstek het goede moment om te gaan trailen in heiderijkgebied. En we hebben meer plekken in Nederland met hei dan je denkt. Sterker nog, we hebben in Nederland enorm veel mooie gebieden om te trailen. Ik heb het al gehad over ondergrond en op basis daarvan kan je natuurlijk een corresponderend gebied kiezen. Maar ik begin niet voor niets over de hei in bloei, want er zijn veel meer factoren om te bepalen wat een mooi of leuk gebied is om je trailrondje te doen. Laten we de gebieden grofweg eens onder de loep nemen, gerekend vanaf centrum Rotterdam.</p>
<p>Nederland kent een hoop natuurgebieden waar je de mooiste rondjes kan rennen. Mijn top drie? Eén van mijn favorieten, eigenlijk mijn nummer één, is de Utrechtse Heuvelrug. Zeer gevarieerd als het gaat om hei, bos en heuvels, alhoewel het voornamelijk bos is. Als je mazzel hebt zie je eekhoorns, reeën of everzwijnen en in de herfst prachtige en verschillende soorten paddenstoelen. En natuurlijk vind je hier De eenzame eik. Een grote eikenboom in het midden boven aan een heuvel met paden in 8 verschillende richtingen. Makkelijk parkeren en genoeg leuke tentjes in de buurt om na afloop te lunchen.</p>
<p>Op nummer twee staat voor mij de Veluwe. Hei, hei, hei en heuvels. Vooral geroemd om de genoemde hei in bloei aan het eind van de zomer, waarbij alles prachtig paars kleurt. De Veluwe is zeer uitgestrekt dus je kan er vanaf alle kanten van Nederland wel een stuk vinden waar je je route kan starten. Natuurlijk zie je hier ook reeën en everzwijnen, maar ook vossen behoren tot de mogelijkheden. Toch zal het waarschijnlijker zijn dat áls je iets ‘wilds’ tegenkomt, het wilde koeien zullen zijn, zoals Schotse hooglanders. En mocht je zeker willen zijn van je zaak, loop dan gewoon langs het beeld de Highlander. Heb je altijd een toffe foto.</p>
<p>Ben je meer het ‘strand’ type, dan hebben we aan de kust ook voldoende te vinden. Bij Den Haag en Scheveningen vind je nummer drie, Meijendel. Mooi duingebied om door het mulle zand te banjeren maar als je daar geen zin in hebt kan je ook gewoon de wandelpaden nemen. Ook hier reeën, vossen en koeien relatief makkelijk te vinden en ga je wat dieper Meijendel in, dan staat er misschien een kudde wilde paarden op je pad. Kijk omhoog en zie met enige regelmaat roofvogels overvliegen. Natuurlijk kan je er voor kiezen om ook een stukje over het strand te lopen of als je een lange route wil doen, richting Wassenaar en Katwijk. Na afloop, als je genoeg tijd hebt, rij je naar de visafslag om een heerlijke vismaaltijd te scoren bij Simonis, niet in de laatste plaats waarom deze bij mij in de top drie staat. Een groot voordeel van Meijendel is tevens dat je in het grootste gedeelte 24/7 toegang hebt, dus je kan er ook prima ‘s nachts lopen.</p>
<p>Wil je gegarandeerd herten en reeën zien? Ga dan naar de Amsterdamse Waterleiding Duinen, oftewel AWD. Het lijkt wel een hertenkamp. Staan ze niet al op de parkeerplaats, dan toch zeker wel binnen 5 km zodra je het gebied binnenloopt. Let op, je moet wel een kaartje kopen. Verder heb je kans op een vos en heb je uitgebreid keuze tussen vlak, een beetje heuvelachtig of zeer heuvelachtig. Heel grappig is het kabouterbos. Een plek ongeveer 1 km vanaf parkeerplaats De Zilk waar bezoekers allerlei soorten tuinkabouters achtergelaten hebben. Beste tijd van het jaar? In het najaar hoor je de herten burlen.</p>
<p>Maar er zijn meer gebieden op de lijst. Een soortgelijk gebied maar niet direct een hertenkamp is meer naar het noorden, de Kennemerduinen. Ook weer een divers en uitgestrekt gebied, en op het Kraansvlak leven zelfs Wisenten, een zeer bijzonder ras Europese bizons. De Kennemerduinen zijn bereikbaar vanaf Zandvoort of vanaf IJmuiden. Voorbij IJmuiden, nog verder naar het noorden, vind je als laatste Egmond en Schoorl. Iedereen die de halve van Egmond wel eens gelopen heeft kent het gebied maar vooral van de duinpaden. In Egmond valt er ook nog genoeg onverhard te lopen, met als hoogtepunt, letterlijk en figuurlijk, het Klimduin in Schoorl.</p>
<p>Vanaf het noorden gaan we nu eerst richting het zuiden. De Biesbosch, wie kent hem niet. Een prachtig natuurgebied met vooral veel water, bevers en ijsvogels. Toch vind ik dit iets minder geschikt om te trailen. Ja, je kan best routes maken maar om een ijsvogel te zien moet je toch veel geduld hebben en lang stilstaan. Groot wild loopt op open gebied en de variatie van je route is dan toch wat gematigd. Dan kan je beter de andere kant op rijden richting zee en Oostvoorne. Ook hier voor ieder wat wils. Een rondje om het Oostvoornse meer of lekker richting Rockanje door bos en duinen. Vooral duinen om de kuiltjes lekker te trainen, stukje strand meepakken. In de winter en lente, als het veel geregend heeft, is het hier overigens pootje baden en modderglijden. Qua wild genoeg te zien, reeën, verschillende soorten koeien en wilde paarden, kies maar.</p>
<p>Nog iets zuidelijker hebben we de Kalmthoutse heide en het Grenspark. Bos, hei en vennen, en als je je route goed plot kom je langs een grenspaaltje met België en loop je voor je het weet in het land van onze zuiderburen. Aan de omgeving zal je het niet snel merken, aan het accent en het bier als je de kroeg in stapt wel.</p>
<p>Aan de andere kant van de Biesbosch liggen de Loonse en Drunense duinen, het gebied van de bokkenrijders, voor wie wel eens in Villa Volta in de Efteling is geweest. Alhoewel niet bij zee zijn het met recht wel duinen. Want alhoewel hier weinig wild te spotten valt, zand is er genoeg. Wil je een goede warmtestage doen, dan kan dat hier prima in de zomer. Ik ken iemand die hier ‘s zomers trainde voor de Marathon des Sables. Zorg dan wel dat je goed voorbereid bent met eten en drinken want de temperaturen kunnen door de zandvlakte hoog oplopen. Nog iets verder rijden heb je Kampina. Je bent dan echt al wel richting Eindhoven maar ook hier vind je mooie vlaktes met hei, bos, gras en vennen.</p>
<p>Tot zover de gebieden waar ik zelf het meest bekend mee ben. Maar er zijn er nog veel meer. Wat dacht je van de Oostvaardersplassen? Ook wat lastiger om hard te lopen en een interessante route te maken, net als in de Biesbosch, maar het kan wel. Loop een rondje in de buurt, pak je camera en wandel daarna nog even naar de uitkijktoren voor een paar mooie foto’s. Zit je meer in het noorden van het land? Ga dan naar het Drentsche Aa met alle beekjes en slingerpaadjes, het Drents-Friese Wold dat niet onderdoet voor één van de eerder genoemde gebieden en vergeet vooral de hunebedden in de buurt niet, Dwingelderveld waar de witte wieven en de nodige slangen huizen, of natuurgebied Weerribben-Wieden.</p>
<p>Als je van daar uit afzakt naar het zuiden kom je de Sallandse Heuvelrug tegen met de beroemde Holterberg. Leuk voor de halve marathon, net zo leuk, zo niet leuker voor een prachtig trailrondje. Je vindt hier de zeldzame korhoen. En nee, die heb ik zelf helaas nog nooit gezien, maar wie weet heb ik een keer mazzel. De kans op een kudde schapen is dan weer een stuk hoger. Nog wat verder afzakkend kom je nog langs De Maasduinen, waar je in het voor- en najaar de kraanvogel tegen kan komen, en stuit je op de De Groote Peel, moeras en hoogveenvlaktes.</p>
<p>Natuurlijk zijn er nog meer mooie natuurgebieden. Een beetje neuzen op de pagina van Natuurmonumenten of de ANWB en met alles wat ik uitgelegd heb over het maken van routes kan je de mooiste loopjes creëren. Varieer met de routes maar ook met de tijdstippen en de jaargetijden. Een gebied in de zomer onder de brandende zon midden op de dag ziet er totaal anders uit dan ‘s ochtends vroeg in het voorjaar of het najaar. Hou je van paddenstoelen en een wijd palet aan bruine kleuren, loop dan in het najaar. Ben je dol op een sneeuwlandschap, dan is uiteraard de winter de beste tijd. En wat dacht je van een zonsopgang loopje in de lente, als de dauw nog over de velden hangt?</p>
<p>Een speciale vermelding is voor de Waddeneilanden. Niet een gebied waar je ‘eventjes’ naar toe rijdt, maar als je een weekendje weg wil dan zijn ze zeker aan te raden. Texel, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog of Vlieland, stuk voor stuk prachtige gebieden om te lopen. De één met wat meer ruimte en variatie dan de ander. Zelf ben ik een aantal keer op Terschelling geweest waar voldoende ruimte is om door de duinen, het bos en over het strand te struinen. Ik kan het van harte aanbevelen.</p>
<p>Toch wil ik nog een paar zaken benadrukken voordat je er op uit trekt. Alhoewel natuurgebieden in Nederland talrijk zijn, goed onderhouden worden en uitnodigen om een heerlijk rondje te rennen en wild te spotten, gelden er ook een aantal regels. Zo is de toegang in veel gebieden alleen tussen zonsopgang en zonsondergang toegestaan. Let ook goed op of je op de paden moet blijven, en ook op welke paden, of dat je vrij rond mag lopen. En er zijn gebieden waar je in bezit moet zijn van een toegangskaartje. Als laatste, om diezelfde leuke beestjes goed te onderhouden, moet je vaak rekening houden met het broedseizoen of werkzaamheden. Check dus altijd op de website wat de op dat moment geldende regels zijn om te voorkomen dat je na ruim een uur rijden met je staart tussen je trailschoenen weer rechtsomkeert moet maken richting huis.</p>
<p>Anders dan dat, show me your best pic!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-hardloopgebieden/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Trail des Fantomes: Aan alles komt een eind</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 10 Aug 2025 16:26:15 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Wedstrijdverslagen]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[trail des fantomes]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Training]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4924</guid>

					<description><![CDATA[De vakantie is voorbij. Voorbij? Nee, niet helemaal. Nog één weekendje biedt dapper weerstand aan het weer aan de bak moeten. Alhoewel, we moeten nu ook aan de bak, maar toch anders. Nadat we&#160;woensdagavond&#160;thuis gekomen zijn van onze trip naar Denemarken, en donderdag drie wassen hebben gedraaid, fotos opgeruimd, een paar boodschappen gedaan, naar de [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>De vakantie is voorbij. Voorbij? Nee, niet helemaal. Nog één weekendje biedt dapper weerstand aan het weer aan de bak moeten. Alhoewel, we moeten nu ook aan de bak, maar toch anders. Nadat we&nbsp;woensdagavond&nbsp;thuis gekomen zijn van onze trip naar Denemarken, en donderdag drie wassen hebben gedraaid, fotos opgeruimd, een paar boodschappen gedaan, naar de masseuse zijn geweest, mijn haar heb laten doen bij de kapper, paardgereden en het skelet weer recht heb laten zetten door de Chiro, kan de sporttas weer uit de kast en inpakken voor het jaarlijkse uitje naar La Roche en Ardenne voor de Trail des Fantomes.&nbsp;</p>



<p>Dit wordt de achtste keer en nadat ik vorig jaar voor het eerst uit moest stappen wegens mijn fysieke gesteldheid en een onfortuinlijke valpartij, ga ik dit jaar voor de revanche. Met ooit een keer de 60 km en de 70 km had ik destijds al besloten niet langer dan tussen de 40 km en 50 km meer te lopen hier. Dit jaar komt hij uit op 55 km, wat dan weer neerkomt op een GPX van 57 km maar dat weet je nooit van tevoren. Maar ja, de eerstvolgende kortere afstand op zaterdag is de 20 km, en dat vinden we dan weer een beetje te kort, dus we doen het er maar mee. Bovendien zit ik op de wip om het sowieso de laatste keer Fantomes te laten zijn. Ik bedoel, het is hier heel leuk en zo, maar het wordt steeds drukker, er is nog zoveel meer te doen en heel eerlijk heb ik niet zo veel zin meer in die hele technische stukken.&nbsp;</p>



<p>Vrijdag rijden we relaxt richting de Ardennen waar we in de middag aankomen. We waren laat met het boeken van een accommodatie dus ons standaard appartementje zat vol. Het is een hotelletje in de buurt geworden. Net zo dichtbij maar aan de andere kant van de brug. Grootste voordeel, privé parking want dat is altijd wel een uitdaging in La Roche. Vrienden Richard en Natascha staan weer op de camping in de buurt, samen met zoon en schoondochter Jur en Danique die dit jaar twee vrienden bij zich hebben, Suus en Jason. De mannen lopen morgen ook maar de 20 km.&nbsp;</p>



<p>Nadat we ingecheckt hebben bij de alleraardigste eigenaar en de tas gedumpt doen we een boodschapje bij de Spar voor het ontbijt morgen, want we moeten rond&nbsp;6:00&nbsp;al weg. We lopen naar de camping van Richard en Natas waar we een drankje doen. Rond&nbsp;17:30&nbsp;rijden we naar Herou om de startbewijzen op te pikken. Startbewijzen, met een tas die we dit jaar krijgen in plaats van een buff en een shirt. Een shirt? Had ik die besteld? Blijkbaar. Ondanks dat ik al 100.000 shirts in de kast heb liggen. Maar goed, hij is leuk dus vooruit dan maar. We rijden weer terug naar La Roche want&nbsp;om 18:30&nbsp;hebben we gereserveerd bij de Italiaan. Is het me de hele vakantie gelukt om geen pizza te eten, vandaag gaat hij er aan. En ik bestel lekker de meest foute pizza die ik kan bedenken, pizza met ansjovis en ananas. Ja je leest het goed, ananas. A-na-nas. So, there you have it. En hij is heerlijk. Daarna natuurlijk een ijsje en op tijd naar bed, want de wekker is weer onverbiddelijk&nbsp;morgenochtend.</p>



<p>We staan gelijk op als blijkt dat de eigenaar van het hotel nog vroeger zijn bed uitgekomen is om toch voor ons ontbijt klaar te zetten op dit vroege tijdstip. Had niet gehoeven maar ontzettend lief en we maken er dankbaar gebruik van. Sterker nog, de broodjes die ik had gekocht tover ik met wat Nutella om tot broodjes voor de start en tijdens het lopen. Daarna gauw op pad en als we daar aankomen staan we zomaar in de file. Dat is ook nieuw en ik weet niet of dat nu is omdat ze de plekken op het parkeerterrein, lees weiland, aan het toekennen zijn dat extra tijd kost, ze de start van de 73 km en de 55 km tegelijk laten lopen of omdat het dit jaar gewoon nog drukker is dan normaal. Het voelt van alles een beetje. Ik krijg het echter wel een beetje op mijn heupen. We hebben nog 20 minuten voor de start en dit gaat nog wel even duren. Bovendien moet ik naar de wc.</p>



<p>Frank zegt dat ik wel vast kan gaan dus ik loop het laatste stuk om in de rij voor de Dixies aan te sluiten. Daar zie ik Marcel die last minute zo’n beetje aangehaakt is om de 73 km te lopen. Die is dus vanochtend deze kant opgereden, gek. Maar ja, dat wisten we al. Tegen de tijd dat ik de pizza met a-na-nas achter gelaten heb heeft Frank kunnen parkeren en hebben we nog 5 minuten voor de start. 5 minuten waar we Fernando, Kees, Diana, Gertjan en Akke ook nog tegen komen. Zo kom je altijd wel iemand tegen die je kent. Ik geef Frank een kus en dan is het aftellen. Frank en ik hebben besloten om op onszelf te lopen. Zo houden we elkaar niet op want de tijdslimiet is strak, heel erg strak en behoorlijk wat strakker dan vorig jaar. Was het ooit 3,7 km per uur, mochten we er vorig jaar 5 km per uur over doen maar dit jaar is het 5,5 km per uur. Het zal best, ik hou er rekening mee dat ik dat niet ga halen, het blijft de Ourthe.&nbsp;Om 20:00&nbsp;sluit de tijd voor de 73 km, dat moet wel genoeg zijn. Die tijdslimiet is overigens nog een reden om er mee te stoppen, en als ik dan ook nog hoor dat ze met een abonnement gaan werken om mee te kunnen lopen weet ik het 99% zeker.</p>



<p>We gaan van start en met frisse tegenzin dribbel ik het eerste weggetje vals plat omhoog, gevolgd door de weg naar beneden het bos in en naar de Ourthe. We zijn begonnen. Mijn eerste focus is de eerste verzorgingspost op ongeveer 14 km. Frank loopt voor me maar als hij iets met zijn vest aan het rotzooien is loop ik hem voorbij. Niet voor lang want hij haalt me wel weer in. Het belooft een mooie dag te worden en zo vroeg in de ochtend is het nog koel maar in de loop van de dag zal het wel warm worden. Ik loop haasje over met een paar Nederlandse dames en het valt me op dat ze de Fantomes zo te horen voor het eerst lopen. Net als een aantal andere lopers heb ik al gemerkt dat er veel newbies zijn en vooral ook mensen die niet zo goed weten wat ze kunnen verwachten. Tijd voor een andere hobby, trailen is veel te populair geworden. Ik vond het in het dorp ook al drukker dan normaal.</p>



<p>Het lopen gaat redelijk goed. Mijn bilspier, waar ik toch al een paar weken last van heb, voel ik wel maar houdt zich rustig, en met een gemiddelde snelheid van 6 km per uur bouw ik toch wat marge op. Tegen de tijd dat ik bij de eerste VP kom staat Frank daar nog, die zit dus niet zo heel erg ver voor mij. Ik pak wat cola en wat sinaasappel maar blijf niet te lang hangen. Tenslotte is het nog vroeg in de wedstrijd. Frank vertrekt iets voor mij maar als ik een paar kilometer verder ben en een steile heuvel op moet krijg ik hem weer in de smiezen. Het volgende doel is de 28 km met de verzorgingspost waarbij we weer bij het startpunt komen. Ik merk dat het terrein wat lastiger wordt en ik tijd aan het verliezen ben. Ik loop nu langs de oever van de Ourthe over de rotsen en de boomwortels als ik Frank weer voor me zie lopen. De twee dames ben ik inmiddels kwijtgeraakt na een langer stukje waar ik lekker naar beneden kon rennen.</p>



<p>Frank heeft niks in de gaten als ik achter hem loop, dan weer wat dichterbij, dan weer wat verder weg. Op een gegeven moment zit ik hoogstens 10 meter achter hem als we langs een beekje komen. Ik heb het warm en sta even stil om mijn gezicht te koelen en weg is hij weer. Het duurt weer even en opnieuw heb ik hem bijna te pakken. Een rots met een boom en een rood wit lint markeert, ja wat eigenlijk? Als ik de rots en de boom passeer zie ik het. Een nest met ietwat groter dan normale wespen die inmiddels een beetje agressief beginnen te worden van al dat passerende vee. Ik loop er als de sodemieter voorbij en hoor later dat menigeen toch gestoken is. Als ik Frank opnieuw ‘te pakken’ heb maak ik me kenbaar en lopen we samen via de eerste watercrossing, kan Frank mooi een foto maken van mij in het water, naar Herou voor de 28 km post, waar we met een exact gemiddelde van 5,5 km per uur aankomen.</p>



<p>Ik ga helemaal los op de watermeloen want ik heb vooral dorst. Ik zweet als een otter en ben drijfnat. Dat heb ik de laatste tijd wel vaker, ook weer een signaal dat mijn lijf allerlei veranderingen aan het doormaken is. Gelukkig heb ik nog steeds geen last van de warmte. Als ik weer wil vertrekken vraagt Frank of ik op hem wacht maar hij moet nog naar de wc, we gaan weer een heftige afdaling tegemoet, ik moet zelf ook nog even plassen en ik heb mijn tijd hard nodig, dus nee. Ik begin aan mijn afdaling en de blarenfabriek is ook opgestart. Mijn voeten zijn lekker blaren aan het kweken en ik voel minstens vier drukplekken. En we zijn pas op de helft.&nbsp;</p>



<p>Ik hobbel lekker door als ik na 4 km bij de afdaling naar de hel kom. Het meest technische stuk dat er tussen zit waar je achteruit hangend aan touwen moet afdalen. Toch heb ik dit vaker gedaan dus ik schrik er niet van en vastberaden grijp ik het touw om af te dalen. Dan slaat het noodlot toe. Van mijn val in Kopenhagen had ik mijn elleboog geschaafd en zat er al een dikke week een irritante dikke korst op die ik er af wilde hebben maar omdat het nog niet genezen was er op bleef zitten. Tot ik de Fantomes ging lopen want natuurlijk door een swing van het touw en een scherpe uitstekende rotspunt schamp ik zo de korst er af. Alsof ik het er om doe. Ik vloek en ik tier (sorry) want het doet niet alleen zeer, het bloed ook nog als een rund en een dikke straal loopt langs mijn onderarm. Voor latere zorg, nu eerst beneden komen. Als ik eenmaal beneden ben neem ik even de tijd om een doekje voor het bloeden te pakken en mijn arm in de Ourthe af te spoelen. En weer door.</p>



<p>Uiteindelijk haalt Frank me weer in. Tenminste, bijna want we gaan nu open veld op om lekker in de brandende zon over het asfalt te banjeren. Niet Frank zijn favoriete loopomstandigheden. Ik heb wat mensen in het vizier en dribbel vastberaden daar waar ik kan omhoog, slechts een momentje stoppend voor een klein stiertje op mijn pad, die mij wel interessant maar als ik een foto van hem maak het toch ook wel spannend vindt. We zijn nu in Maboge waar Richard en de club wacht. Dit is tevens de 40 km VP. Als we daar zijn zit de hele bubs op het terras. We krijgen applaus en ze zijn trots op ons maar manen ons snel naar de VP want daar zijn ze aan het opruimen. Tja, we zijn officieel ‘buiten de tijd’. Ik kan nog vullen met cola en wat cola drinken maar daar houdt het dan wel mee op. Gelukkig ben ik redelijk selfsupporting op wat drinken na.</p>



<p>We moeten nog zo’n 16 km en hebben nog iets meer dan twee uur de tijd. Frank denkt dat we het nog binnen de tijd kunnen halen, ik niet. Ik gok op een uurtje of zeven binnen, dat is twee uur extra. Ook stelt hij voor om de rest toch samen te lopen. Tenslotte lopen we redelijk met elkaar op. Het voordeel van los lopen, en dus niet op elkaar wachten, is wel dat we daarmee geen tijd verliezen, maar wat maakt het uit en samen is toch gezelliger. Zo gezegd zo gedaan en we werken onze weg naar de 45 km. Daar is nog een laatste VP, vooral voor de mensen van de 73 km, waar nog van alles te verkrijgen is. Opnieuw val ik aan op de watermeloen en neem even de tijd om te zitten. Marcel en Fernando zijn er ook.&nbsp;</p>



<p>Als we zo ver zijn gaan we op pad voor de laatste 11 km. De eerste 5 km daarvan gaan soepel maar je weet wat ze zeggen, het venijn zit hem in de staart als we niet de afdaling maar nu de klim naar de hel krijgen. 20 minuten per kilometer is geen uitzondering en zelfs de Dextro moet er hard aan trekken om mij mondjesmaat nog voort te laten bewegen. Twee van de vier blaren zijn inmiddels gesprongen maar dat maakt het niet beter. Ook met Frank gaat het al niet beter. Wij zijn gewoon niet opgewassen tegen 5,5 km per uur in dit landschap. Toch geven we niet op, uitlopen zullen we. Gewoon voetje voor voetje want je weet wat ik altijd zeg. Aan alles komt een eind…</p>



<p>Na nog wat steile klimmetjes, steile afdalinkjes, nog meer steile klimmetjes, nog meer steile afdalinkjes, nog wat steile klimmetjes die overgaan in steile klimmetjes en dan eindelijk, éindelijk de laatste afdaling, met nog een klimmetje en een afdaling, staan we weer langs de Ourthe om na een paar honderd meter de laatste crossing te doen. Nog één foto voor het nageslacht en dan mogen we het valse plat omhoog terug naar Herou. Een laatste krachtsinspanning maar te doen. Een uur en 44 minuten na de officiële tijd lopen we samen over de finish. Daar haal ik mijn, dit jaar houten, medaille op en drinken we nog wat. Trail des Fantomes, done and dusted. Mocht ik nog enige twijfel hebben, nu weet ik 99,99 % zeker dat dit mijn laatste keer was. I’m getting to old for this shit. Ok, ik loop de 100 km Great Escape nog (slechts 4200 hoogtemeters in 22 uur) en de 200 km Bello Gallico en dan ga ik voor 2026 eens serieus nadenken wat ik nog wel en niet meer loop.</p>



<p>In het hotel douchen we en strompelen naar het restaurant waar we Richard en de rest treffen voor een lekker steak met friet, het verhaal van het spook kijken terwijl ik weer een ijsje eet en dan op tijd naar bed. Zondag op tijd naar huis en de rest van de dag relaxen. Morgen nog even bijkomen en dan moet ik weer aan het werk.</p>



<p>Tja, aan alles komt een einde.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/trail-des-fantomes-aan-alles-komt-een-eind/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Ondergrond</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 02 Aug 2025 20:43:25 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[ondergrond]]></category>
		<category><![CDATA[Snelheid]]></category>
		<category><![CDATA[So you think you can trail]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4917</guid>

					<description><![CDATA[Als je op de weg loopt heb je een paar soorten ondergrond. Asfalt is de meest bekende voor bijvoorbeeld een marathon, maar je hebt ook nog stoeptegels, kinderkopjes of straatstenen en natuurlijk kan je op een atletiekbaan lopen, het tartan. Als je gaat trailen krijg je ook te maken met diverse ondergronden, en dat zijn [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Als je op de weg loopt heb je een paar soorten ondergrond. Asfalt is de meest bekende voor bijvoorbeeld een marathon, maar je hebt ook nog stoeptegels, kinderkopjes of straatstenen en natuurlijk kan je op een atletiekbaan lopen, het tartan. Als je gaat trailen krijg je ook te maken met diverse ondergronden, en dat zijn er een paar meer dan op de weg. Iedere soort ondergrond heeft zijn eigen eigenaardigheden. Daarbij zijn weersomstandigheden ook in sommige gevallen van invloed. Officieel is de ondergrond dan niet anders, maar de manier waarop het zich gedraagt ten aanzien van jouw loopje wel. Laten we het eens bekijken.</p>



<p>Bosgrond. Dit is één van mijn favoriete ondergronden. Lekker zacht verend hobbel je door het bos over aarde, af en toe een stukje mos, takjes knappen onder je voeten, en in de herfst ligt er vaak een prachtig mooi en zacht tapijt van bladeren. Daar zit vaak dan ook de angel, want onder dat tapijt van bladeren kan je niet zien wat er ligt. En dat kan zo maar een gat in de grond, een grote steen of een boomwortel zijn. Verdere uitdagingen zijn losse takken, die altijd de neiging hebben om zich tussen je voeten te deponeren waardoor je struikelt over je eigen voeten. Eikeltjes zijn vaak te klein om impact te hebben, maar die boomwortels steken altijd net een extra halve centimeter uit op het moment dat jij je voet daar neerzet waardoor je met de punt van je schoen er nét achter blijft haken. Remedie is dus je voeten goed optillen. Wil je het extra spannend maken, pak dan een single track variant.</p>



<p>De single tracks, heidevariant. Meestal een zandpad, soms hard, soms zacht, maar vooral met het kenmerk dat ze vaak net te smal zijn om je voeten lekker neer te kunnen zetten. De hei aan de zijkanten vormen hier de extra uitdaging want meestal tikt die tegen je benen aan. Vooral erg fijn als het net geregend heeft. Natte poten gegarandeerd. Remedie, geen.</p>



<p>Over zand gesproken, de zandvlakte, zandpaden, het strand of de duinen, al dan niet in combinatie met hoogteverschil. Lekker voor de kuitjes en ideaal om je schoenen vol met zand te vullen. Dit dwingt je om elke kilometer je schoenen uit te doen en het zand er uit te gooien. Om er vervolgens achter te komen dat het zand niet in je schoenen zit maar in je sokken. De enige remedie zijn zogeheten gaiters, een soort beschermhoesjes die je over je schoenen doet om zand te weren. Let op, het zand komt niet alleen via je voeten er in, maar ook via de gaatjes van je schoenen. By the way, ik haat zand.</p>



<p>Wat ik net zo veel, zo niet meer haat dan zand is gras. Ik heb niet voor niets de bijnaam ‘Graskia’ gekregen. Om te beginnen ben ik allergisch voor gras, letterlijk. Overigens niet voor het gewone gras, maar wel voor het hoge gras met van die pluimen er aan. Het gewone gras is gewoon kwalitatief uitermate teleurstellend om in te lopen vanwege graspollen. Bovendien heb ik een hekel aan natte voeten, en als het geregend heeft of als je vroeg in de ochtend loopt en er is nog dauw aanwezig zorgt gras per definitie voor natte sokken. Ik ken er dan ook maar één remedie tegen. Niet over gras lopen. De ultieme formule voor een donderwolk boven mijn hoofd? Een grasoever van een riviertje of beekje. Mét brandnetels.</p>



<p>Eens kijken, wat hebben we nog meer. Grindwegen. Kom je veel in het buitenland tegen en prima te lopen. Knarst een beetje onder je voeten maar lijkt qua lopen het meest op asfalt. Behalve dan dat er grind op ligt. Beetje oppassen als het steil omhoog of omlaag loopt dat je niet wegglijdt maar voor de rest niks spannend. Het wordt pas spannend als er op diezelfde grindweg losse stenen of keien liggen. Dan schiet het verzwikken van een enkel gevaar van nul naar honderd. Zeer verraderlijk want je denkt dat het een lekkere weg is om bijvoorbeeld naar beneden te rennen maar voor je het weet sta je op de punt van een kei of een losse steen en floep, daar lig je dan, huilend om je mammie. Remedie, langzaam lopen of verdomd goed uit je doppen kijken waar je je voeten neerzet.</p>



<p>Naast de standaard ondergronden heb je nog een aantal varianten. Zo kan een aardepad of zandpad een extra dimensie krijgen als het bijvoorbeeld hard geregend heeft. Dan verandert zo’n pad in een modderpoel of zelfs een zwembad. En modder betekent glijden, helemaal als je een helling op of af moet. Of je route loopt onverhoopt over een militair oefenterrein. Lekker door de geulen van de tanks, die altijd nét te groot zijn om overheen te springen en nét te klein om tussendoor te lopen.&nbsp;</p>



<p>Andere varianten zijn beekjes, waar je niet goed kan zien waar je je voeten op zet en als je pech hebt ook nog stroming hebben, of rivierbeddingen, die vooral erg ongelijke ondergrond hebben met een hoge variatie aan type en grootte keien en stenen. Rotspartijen in de bergen, waar je je kan afvragen of het nog iets met trailen te maken heeft en niet meer iets met klimmen. Soms heb je mazzel en kom je houten vlondertjes tegen, of pech als diezelfde vlonders door regen spekglad geworden zijn. Akkers zijn ook leuk. Een soort mini militair oefenterrein, lekker onregelmatig en gegarandeerde ritmekillers. Moeilijkheidsgraden van alle varianten als er een helling in voorkomt en/of het geregend heeft.</p>



<p>Maar wil je nu echt de ultieme uitdaging? Als je denkt dat je er klaar voor bent? Als je alle soorten overwonnen en onder de knie hebt? Als geen enkel type geheimen meer voor je heeft? Dan daag ik je uit om een rivieroever te pakken, en dan bij voorkeur eentje in de Ardennen, zeg de Ourthe. De Trail des Fantomes is daar een perfecte race voor overigens. Tijdens een loopje langs de rivieroever van de Ourthe krijg je zo’n beetje alle soorten ondergrond voor je kiezen in pak ‘m beet 5 kilometer. Als het geregend heeft met alle varianten er nog bij. En als je dat volbrengt zonder minstens één keer op je, op zijn Rotterdams gezegd, muil te gaan, dan krijg je van mij een diepe buiging. Maar werk eerst maar eens bovenstaande rijtje af.</p>



<p>Welk type heeft jouw voorkeur?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-ondergrond/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>2</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Weersomstandigheden</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-weersomstandigheden/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-weersomstandigheden/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 13 Jul 2025 13:08:22 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[So you think you can trail]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4909</guid>

					<description><![CDATA[Een van de dingen die je niet kan beïnvloeden tijdens het lopen zijn de weersomstandigheden. In principe geldt dat voor zowel lopen op asfalt als tijdens het trailen. Dat merkten we laatst maar weer eens tijdens het midzomeravondtrailtje. Het plan was een lekkere zwoele zomeravond, zonnetje, over het strand en daarna wat eten op het [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Een van de dingen die je niet kan beïnvloeden tijdens het lopen zijn de weersomstandigheden. In principe geldt dat voor zowel lopen op asfalt als tijdens het trailen. Dat merkten we laatst maar weer eens tijdens het midzomeravondtrailtje. Het plan was een lekkere zwoele zomeravond, zonnetje, over het strand en daarna wat eten op het terras. Maar ja, je woont in Nederland of niet, dus werd het 17 graden, wind en regen, en een hapje en een drankje vanuit de achterbak van de auto op de parkeerplaats. Maar goed, we zeggen altijd, ‘er is geen slecht weer, alleen slechte kleding’, en daar kunnen we in alle gevallen over meepraten.</p>



<p>Het verschil zit hem vooral in de impact die de weersomstandigheden hebben op de omgeving. Want harde regen, wind of zelfs hagel op asfalt is misschien wel koud, nat en hoogst irritant, maar voor het lopen heb je er niet zo veel last van, op een paar natte sokken na. Ok, als het sneeuwt en ijzelt is het een ander verhaal, I’ll give you that, maar in principe hoef je er niks extra’s voor te doen. Je gaat lopen, trekt een regenjasje aan en als je die vergeten bent word je nat. Zo simpel is het. Maar in de andere omstandigheden heeft al die nattigheid tijdens het trailen een hele andere uitwerking. Kleine beekjes worden ineens onoverbrugbare rivieren, kuiltjes worden meren, en een helling wordt een glijbaan. En daar moet je op voorbereid zijn.</p>



<p>Het is dan ook niet voor niets dat trailers een vest dragen en dan bij voorkeur een vest waar iets meer in past dan alleen een flesje water. Dat regenjasje bijvoorbeeld is zeker geen overbodige luxe als je denkt dat het weer misschien kan veranderen. Een EHBO kitje voor de kleine glij- en valpartijtjes. Een waterdicht zakje voor je telefoon. En de eeuwige GPS handheld voor als je je route om moet gooien. Maar belangrijker dan spullen meenemen voor het geval dat, is leren anticiperen.</p>



<p>De avond voordat je gaat lopen is het van belang om te kijken naar het weerbericht. En ja, ik weet dat ze bij buienradar leugenaars zijn, maar toch. Check desnoods verschillende weerapps en weerberichten om te kijken wat ze zeggen. Komt het allemaal een beetje overeen, dan zal er waarschijnlijk wel een kern van waarheid in zitten. Dat betekent dat je je dus kan voorbereiden op wat je mee moet nemen. Als je bijvoorbeeld in de bergen een evenement loopt zijn sommige zaken verplicht onderdeel van je uitrusting omdat het weer daar ineens om kan slaan. Van stralende zon naar een zware onweersbui. Het zal niet de eerste keer zijn dat in de bergen een evenement stopgezet wordt om die reden en er zijn helaas ook voorbeelden van (dodelijke) ongelukken die daardoor gebeurd zijn. &nbsp;</p>



<p>Dus, wordt er regen verwacht, dan gaat dat regenjasje gewoon mee, en misschien ook wel een extra shirt. In elk geval droge kleding voor na afloop. Wordt er juist een hittegolf voorspeld, dan moet je je überhaupt afvragen of je wel moet gaan lopen, maar laat je nou toevallig aan het trainen zijn voor de Marathon des Sables, dan is het handig om extra water mee te nemen of te kijken waar je eventueel water vandaan kan halen onderweg. Een tapkraansleuteltje is niet duur en steek je ontzettend makkelijk ergens weg terwijl het een lifesaver kan zijn op hete dagen. &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp;&nbsp;</p>



<p>Naast bedenken wat je mee moet nemen onderweg, is het dan ook niet onverstandig om nog eens goed naar je route te kijken. Hoe bekend ben je met je route? Ben je in staat om om dat ontstane meer heen te lopen of moet je gewoon de andere kant op gaan? Heb je daar vaker gelopen en ben je bekend met wat er met het landschap gebeurt als het drie dagen geregend heeft? In Oostvoorne kan je lekker door de duinen struinen, maar een fikse regenbui en je moet je badpak meenemen in plaats van je trailschoenen. Laat staan na een natte winter. Die rotsenpartij in België naast die rivier is prachtig om te lopen, maar als het ‘s nachts gevroren heeft moet je je spikes aantrekken of een gebroken been riskeren. En in de Drunense Duinen kan je heerlijk zandschuiven, maar midden in de zomer verandert het op een warme dag in een helse Sahara. Dan kan je beter in het bos gaan lopen.</p>



<p>Ooit in een ver ver verleden, in een periode dat corona heerste, gingen we met vier man op pad om 42 km over de hei van Kampina te lopen. Uitgerekend op die dag besloot storm Bella over ons land te razen. We hoorden achteraf pas over code geel maar we hadden ons sowieso goed voorbereid op wat ons wellicht te wachten stond. Het werd geen walk in the park, dat kan ik je wel zeggen, maar we liepen de volledige 42 km zonder kleerscheuren dankzij het dikke regenjasje, het waterdichte zakje, de GPS handheld en de droge kleding kleding achteraf. &nbsp;</p>



<p>Dus misschien moeten we de uitspraak wel veranderen van ‘er is geen slecht weer, alleen slechte kleding’, naar ‘er is geen slecht weer, alleen slechte voorbereiding’. </p>



<p>And that is all there is to say about that!                                            </p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-weersomstandigheden/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Liberation Trail Crew Life</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/liberation-trail-crew-life/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/liberation-trail-crew-life/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 22 Jun 2025 13:43:51 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Liberation Trail]]></category>
		<category><![CDATA[Trail]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4893</guid>

					<description><![CDATA[Het avontuur is begonnen! Of misschien moet ik wel zeggen, weer begonnen. Vorig jaar heb ik mijn geluk beproefd tijdens een multistage trail. Oftewel meer dagen achter elkaar een leuke afstand lopen. In etappes liep ik de Liberation Trail van Normandië naar Arnhem in het kader van Operation Market Garden en D-Day. En jullie weten, [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Het avontuur is begonnen! Of misschien moet ik wel zeggen, weer begonnen. Vorig jaar heb ik mijn geluk beproefd tijdens een multistage trail. Oftewel meer dagen achter elkaar een leuke afstand lopen. In etappes liep ik de Liberation Trail van Normandië naar Arnhem in het kader van Operation Market Garden en D-Day. En jullie weten, zie je Bassie gaan, dan komt Adriaan er aan! Zij het een jaar later, maar dit jaar loopt Frank. Natuurlijk ga ik dan mee, niet om te lopen maar als crew. Vooruit, en ook om een stukje te lopen want ik pik vast wel wat kilometers mee. Ach ja, the things we do for love. Voor Frank, of voor het lopen, het is maar hoe je het bekijkt. Voor allebei denk ik dan maar.</p>



<p>Het is zondagochtend en we moeten ons melden op Utrecht Centraal. En net als vorig jaar is dat de grootste uitdaging. Niet alleen omdat we tassen te sjouwen hebben en de metro zo vroeg nog niet rijdt, maar ook omdat er weer ‘iets’ is met de NS en wel tussen Gouda en Utrecht, of Rotterdam en Gouda, of Rotterdam en Utrecht. Geen idee, feit is dat we via Den Haag moeten. Gelukkig kunnen we ook naar Hazeldonk. Minder reistijd, minder sjouwen en later opstaan. Alleen een gek vinden die ons ‘even’ wegbrengt. Onze aanstaande schoondochter wil dat wel doen maar wordt op haar fiets aangereden het arme kind. Gelukkig alleen blauwe plekken en een kapotte fiets maar die mag lekker in bed blijven liggen. Vriend Richard neemt de honneurs waar. That’s what friends are for, dus rond een uur of tien staan we op de schimmige parkeerplaats in Hazeldonk tussen de vrachtwagens kauwend op een croissantje op de bus die ons naar Frankrijk brengt te wachten. Ik krijg toch een beetje Roparun gevoel, ondanks dat we dit jaar niet mee konden omdat het samen viel.</p>



<p>De bus komt al snel en het is handjes schudden en namen uitwisselen die ik gelijk ook weer vergeet. Gaat wel een paar dagen duren voordat ik de namen aan de gezichten kan koppelen. Gelukkig zitten er ook een paar bekenden bij. Natuurlijk Simone en René, maar ook Herco, Doug en Sibbelien van vorig jaar zijn er. De busrit duurt lang, inclusief een paar stops, maar rond 18:15 zijn we dan toch bij Ferme Hay Day, waar het al een drukte van jewelste is. De jongens en meisjes van de VeVa, militairen in opleiding die ons deze week gaan helpen, zijn er al en het kamp is ook al opgebouwd. Als iedereen er is worden de Goodiebags uitgedeeld en ook als crew krijgen we een mooie tas met een shirt, een jasje en nog wat hebbedingetjes. Om 19:30 is het tijd om te eten, we krijgen hamburger met friet. Had ik dat geweten had ik geen hamburger met friet als lunch gegeten maar we lachen er maar om. Ik had het overigens kunnen weten want het staat in het draaiboek. Was ik even vergeten. Na het eten nog een kleine wandeling en dan spullen klaarleggen voor morgen want de wekker gaat om 6:15. Als ik überhaupt kan slapen.</p>



<p>Proloog 8 km Pointe du Hoc &#8211; Ferme Hayday</p>



<p>Gelukkig heb ik de wekker om 6:30 gezet want ook al heb ik weinig geslapen, we moeten om 7:00 paraat staan en toevallig was ik net in slaap gevallen. Dus, hup, hup er uit, aankleden en klaar staan. Waarom zo vroeg? Als crew is gevraagd om te helpen met een fotoshoot zodat ze wat leuke promotiepraatjes hebben voor de databank. Natuurlijk wil ik daar wel bij helpen, zelfs als het om 7:00 s’ochtends is. Sibbelien, Herco, Sol, Remko en José zijn ook mee. Hunk, Miek en René zorgen voor de techniek. We rijden eerst naar een kerkje met een mooi boogje en we mogen een paar keer heen en weer. Als groep met elkaar, één voor één, met twee. Langzaam rennend, snel rennend en dan wordt er weer gefotografeerd en dan weer gefilmd. Als de mannen en dame tevreden zijn rijden we naar de volgende locatie, het monument bij Omaha Beach. Vorig jaar stonden hier nog allemaal tenten en konden we er niet bij, nu is het verlaten op een verloren toerist na. Als we klaar zijn doen we nog een derde sessie bij de single track onderlangs de begraafplaats waar we vorig jaar de eerste etappe liepen. Tegen negenen rijden we terug voor het ontbijt. Vooruit, nog een paar foto’s bij het oude ponton langs de kant en dan mogen we douchen en aan de croissantjes.</p>



<p>Dan is het al gauw weer haast maken want de bus vertrekt om 10:30 naar de Amerikaanse begraafplaats. Ook nu kunnen we dit jaar wél bij het grote monument wat vorig jaar nog afgesloten was. Desondanks is het best druk. Na bijna anderhalf uur hebben we weer genoeg kunnen bekijken en gaan we richting de Duitse begraafplaats waar we eerst ons lunchpakket opeten. Na het inmiddels bekende praatje van Herco lopen we nog rustig rond voordat we naar de start van de proloog rijden, Pointe du Hoc. Dit is voor mij ook nieuw. Het is behoorlijk druk en veel is afgesloten maar we kunnen wel even in de bunker kijken tussen alle toeristen door. Na het laatste praatje van Herco zijn we er klaar voor, we mogen gaan rennen.</p>



<p>Het is ongeveer 8 km naar de camping en het is inmiddels best warm geworden. Benauwd vooral want er hangt veel vocht in de lucht. Toch lopen we aardig door en ruim binnen het uur zijn we terug. Na een lekkere douche wachten op het eten als René vraagt of we ook mee gaan voor de middag fotoshoot. Natuurlijk doen we dat, dus ik trek weer een setje hardloopkleding aan en met hetzelfde team als in de ochtend, met uitzondering van Sol, rijden we nu een stuk verder, namelijk naar het klif van de beach etappe en waar vorig jaar de eerste verzorgingspost stond. Het zonnetje breekt door en het uitzicht is prachtig. Jammer van een aantal toeristen, een auto en twee fietsers die respectievelijk in ons beeld lopen. Maar met de nodige creativiteit en rennende heen en weertjes lukt het toch om wat mooie plaatjes op camera te krijgen. Het is al relatief laat als we terug op de camping zijn. Iedereen heeft al gegeten maar gelukkig hebben ze wat wraps voor ons bewaard. Als die op zijn krijgen we nog een crew briefing voor de volgende dag en dan is het zo langzamerhand tijd om ons bed op te zoeken.</p>



<p>Stage 1 45 km Sainte Mere Eglise &#8211; Carentan les Marais</p>



<p>Zowaar heb ik beter geslapen dan gisteren en ik kom dan ook pas om 8:00 mijn veldbedje af. Met als gevolg dat ik de laatste ben die gaat douchen en het warme water op zijn zachts gezegd een beetje op is. Gelukkig is er een trucje en hoef ik niet helemaal als Saskia Hof door het leven. Om mijn gewicht een beetje op te voeren eet ik ook vandaag een croissant en stokbrood als ontbijt. Daarna de laatste spullen pakken want om 10:30 vertrekken we naar St. Mere Eglise. Mijn innerlijke Japanse toerist kan haar hart ophalen met het maken van foto’s alvorens het startsein voor de lopers gegeven wordt en wij naar verzorgingspost 1 vertrekken. En alhoewel het kriebelt vind ik het ook wel prima om niet te lopen vandaag. </p>



<p>De verzorgingspost staat op Utah Beach. Ook hier weer genoeg om op de foto te zetten en ik heb er zowaar ook nog even tijd voor voordat de eerste loper komt. Vorig jaar zijn we hier ook niet geweest dus allemaal nieuwe kiekjes om te schieten. Als de eerste loper er is mogen we aan de bak en is het een komen en gaan in een doorgaande beweging. Iedereen zit redelijk dicht bij elkaar dus we hoeven niet heel lang te wachten tot iedereen geweest is. Van daar uit door naar verzorgingspost 2 waar ik blijf tot het eerste groepje geweest is. Ik ga met Mark naar de finish waar we opnieuw wachten tot iedereen uiteindelijk binnen is. Tussendoor scoor ik nog een eclair, what else ik ben tenslotte in Frankrijk, zodat ik mijn suikergehalte op standje maximaal kan houden, en rond een uur of zes is iedereen binnen. Er wordt opgeruimd, de lopers gaan in een jeep naar de camping en wij mogen in de warme bus mee. Daar kunnen we meteen door voor het avondeten. Daarna spullen klaarleggen en op tijd naar bed. Morgen mag ik weer meelopen.</p>



<p>Stage 2 51 km Luc sur Mer &#8211; Omaha Beach</p>



<p>Ik heb zowaar een beetje geslapen vandaag en sta dan ook tevreden om 7:30 op. Zou het dan toch wennen, dat ‘kramperen’? Als ik even later onder een gebrekkige douche sta te hannesen die niet warm wil worden weet ik het antwoord op die vraag. Maar voor nu zal ik het er mee moeten doen. Ik varieer mijn ontbijt met een chocoladebroodje in plaats van een croissant en zorg dat ik netjes om 10:30 in vol ornaat klaarsta. De dropbag voor VP1 ligt op de juiste plek en mijn trailvest volgestouwd met eten en drinken. Ik ben klaar voor de ultra. </p>



<p>We rijden naar Sword Beach waar we volgens planning om 11:30 moeten starten. Waar de planning geen rekening mee gehouden heeft is een grote touringcar die door de smalle straatjes van een klein Frans dorpje dat dapper weerstand biedt moet. Maar Fred, onze chauffeur, is een expert en niet voor één nauw straatje te vangen en na wat zweetdruppels en ingehouden adem manoeuvreert hij het grote gevaarte netjes zonder kleerscheuren de nauwe bocht door. Dit doen we echter geen tweede keer meer dus de navigatie gaat op standje ‘alleen brede straten’ en met een kleine omweg komen we dan toch waar we zijn moeten, zij het een half uurtje later. </p>



<p>Herco doet zijn verhaal en daar waar de zon een paar dagen vrij gehad heeft, gaat hij er nu met volle energie tegenaan. Gelukkig moet de zeebries ook nog een paar uur aan het werk dus het is te doen. Voor sommigen van ons dan. Na de groepsfoto gaan we van start en al gauw lopen we langs de boulevard. Het is raar om deze route nu andersom te lopen en ik moet echt even schakelen. Waar kwam ook alweer wat en hoeveel kilometer was dat, maar dan andersom? De herinneringen volgen zich al snel op. Frank doet rustig aan. Niet alleen doet zijn voet nog zeer bij het opstarten, maar hij heeft vooral ook last van de warmte. Dit is niet zijn weer. Hij rent 3 km om vervolgens 300 meter te wandelen, en hij is niet de enige die rustig aan start. Het geeft mij de gelegenheid om af en toe vooruit te hollen en rustig foto’s te maken. </p>



<p>Het eerste herkenningspunt is op 5,5 km bij het Canadian House, waar Herco staat te wachten op Doug die iets met een vlag moest doen voor de burgemeester van Ottawa. Die loopt helemaal achteraan dus we blijven niet wachten. Ik herinner me dat hier vorig jaar de verzorgingspost stond, die staat nu iets verder op 11 km. Maar eerst lopen we nog een stuk over het strand, Juno Beach. Omdat het eb is, is het heel breed. Vorig jaar liep ik hier laat op de dag en was de zee een stuk dichterbij. Nu kunnen we mooi breed uit lopen over vlak zand. We komen aan in Courseulles-sur-Mer maar ‘mijn’ ijszaakje is nog dicht. Tenslotte is het pas 13:00. Ik vermoed dat ik nog wel ergens anders de kans krijg om een ijsje te kopen.</p>



<p>We lopen door het dorp en komen aan bij een monument in de vorm van een groot kruis. Weer een oh ja momentje, helemaal als ik de tank zie staan waar je een foto met een D-Day kader kan maken. Een aardige dame maakte de foto toen, en omdat Frank een stukje doorgelopen is moet ik ook nu aan iemand vragen om een foto. Terwijl ze daar mee bezig is komt toch ook Frank er bij. De route liep hier langs dus hij moest terug. Ik zag Simone een duinpaadje inschieten en wij volgen op de voet. Ik krijg stante pede Duinhopper flashbacks, zo ergens bij Katwijk en Noordwijk.</p>



<p>Op 11 km staat de Crew klaar om ons water bij te vullen, daarna gaan we snel weer door langs het duinpad tot de 14 km, waar onze route afgesloten is. We zullen er omheen moeten maar gelukkig kunnen we 500 meter parallel lopen tot we het strand weer op gaan. Bijna 6 km lang en ik vind het een prachtig stuk. Er is niemand, alleen in de verte zien we Simone voor ons lopen. Frank vindt het niks maar ik zou hier uren kunnen blijven hangen. Aan het einde van het strandgedeelte komen we bij de eerste pontons van de binnenhaven die gemaakt is tijdens de oorlog. Bij vloed liggen ze vooral onder water, nu zijn ze duidelijk zichtbaar en kan ik zelfs bij de voorste gaan staan voor een foto. </p>



<p>Van daar uit duiken we de boulevard weer op, nu bij Arromanches-les-Bains. Ik zeg tijd voor ijs! Ik pak de eerste de beste ijssalon en bestel een hoorntje met twee bolletjes. Voor Frank een blikje Fanta als er even paniek is omdat mijn bankpas het niet doet. Gelukkig hebben we altijd iets van losgeld bij ons. Later bedenk ik me dat ik mijn data uitgezet heb om batterij te sparen, maar zo kan het ook. Likkend en smakkend lopen we nu door de hoofdstraat om vervolgens weer naar boven te lopen het klif op. We zijn bijna bij verzorgingspost twee maar tegen die tijd is mijn ijsje al op. Frank is even bang dat we hem gemist hebben maar ik weet precies waar hij staat, niet alleen omdat hij daar vorig jaar ook stond, maar omdat we hier eergisteren de fotoshoot gedaan hebben.</p>



<p>Als we er zijn nemen we even de tijd om te eten en te drinken, bij te vullen en vooral opnieuw in te smeren met zonnebrand want het gaat hard. Ik voel mijn neus al branden. Eleo is er nog maar gaat net weg, daarvoor lopen Simone en Tom, Doug nog steeds achter ons. Uiteindelijk gaan we toch weer door en lopen we nu boven op de prachtige kliffen. Daarna langs de bunkers met de kanonnen waar ik natuurlijk Frank op de foto zet. Zelf heb ik hem al. Aan het eind, 4 km verder, is het even zoeken naar de juiste route tot we bij het monumentje komen waar ik vorig jaar mijn lintje achter liet. Dit jaar heb ik mijn poppy bij me die ik hier nu ook weer achter laat. We gaan het dorp weer in en komen langs een dame die met een hogedrukspuit de stoep aan het schoonmaken is. Frank vraagt of hij zijn hoofd mag spoelen en de dame is zo aardig om de druk op een laag pitje te zetten. Daarna sjezen we naar beneden en komen in Port en Bessin, waar mijn sleutelhanger met vliegtuigje vandaan komt. En ik weet het weer. We mogen nu steil omhoog.</p>



<p>Gelukkig laat verzorgingspost twee niet lang op zich wachten, van de twee heren en de dame van de VeVa zit Kyano lekker op een stoel, die was oververhit, en Doug komt er net aan als wij weg gaan. Ik krijg tevens bericht dat Simon het ook zwaar heeft maar nog wel op kop loopt. We dribbelen door en moeten nu het dal, weiland en wat struiken door. Vorig jaar was het zoeken, nu vanaf de andere kant is het wat makkelijker vinden. Makkelijker vinden, maar niet makkelijker afdalen. De brandnetels hebben een field day. Maar uiteindelijk staan we dan toch beneden en na het oversteken van de straat komen we bij ‘de muur’. Vorig jaar hier bijna een half uur lopen zoeken hoe we er over moesten, nu wijst Frank naar een pad dat er naast loopt. Dat was toen onbegaanbaar, nu wagen we een poging en nog steeds is het een uitdaging. Niet alleen brandnetels en hoog gras, maar vooral ook doornstruiken. Maar ja, je heet niet voor niets Dorenbos. We worstelen er ons doorheen en gaan de heuvel op, om opnieuw voor een op het oog ondoordringbaar struikgewas. ‘Als het goed is, is dit maar een klein stukje’.</p>



<p>Het is niet goed. We kunnen zien waar de rest gelopen heeft maar dat maakt het niet makkelijker. Stapje voor stapje zoeken en vinden we onze weg, net zo goed als dat de dorens onze benen en armen vinden. Ik weet niet wat erger is, de dorens, de brandnetels of de angst dat het misschien toch doodloopt en we terug moeten. Dan denk ik aan een quote die ik onlangs voorbij zag komen en notabene zelf op Facebook heb gepost. ‘If you go through hell, keep going. Why stop and stay there?’ Bovendien, aan alles komt een eind, zelfs aan een portie zelfkastijding door het struikgewas. Maar ik zou toch zweren dat het vorig jaar korter was. Eenmaal er doorheen moeten we even bijkomen maar we lopen wel door, al was het maar om onze gedachten van de jeuk af te leiden en niet te gaan krabben. Mijn armen en benen zien er uit alsof ze door de gehaktmolen zijn gehaald. Oorlogswonden noem ik dat, never better said.</p>



<p>Vanaf nu is het alleen nog maar ‘makkelijk’ en lopen we naar Omaha Beach. Eenmaal daar is het nog maar 10 km en mogen we gaan aftellen. Gelukkig maar, ik ben er wel weer een beetje klaar mee. We krijgen de single track beneden aan de Amerikaanse begraafplaats en mogen daarna weer het strand op. Daar wacht ons nog een verrassing als we halverwege Remko zien staan zwaaien. Ze hebben een extra verzorgingspost en de sinas en dropsleutels zijn meer dan welkom. Rudi en Melanie staan daar ook en gaan net weg. Tot mijn verbazing zijn we een kilometer verder ook al bij het grote monument van Omaha Beach, waar Frank natuurlijk ook op de foto moet. Tenminste, als ik hem kan losrukken van zijn praatstoel want het is leuk dat mensen geïnteresseerd zijn in het verhaal, maar om dat nu uitgebreid een half uur te gaan zitten uitleggen…</p>



<p>Als ik hem eindelijk meegetroond heb maken we de foto en lopen langs de boulevard weer verder. Weer twee kilometer verder mogen we de heuvel weer op richting camping. Nog even langs de oude pontononderdelen, inclusief foto, en dan tikken de kilometers snel weg. Kerkje met boogje van de fotoshoot, een stuk vervelend gras en asfalt op de weg. Als we er nog twee te gaan hebben komen we Rudi en Melanie weer tegen, die we uiteindelijk voorbij lopen. Ik ben het zat en Frank wil aan het bier. Het laatste stuk is een kadootje als we vals plat naar beneden mogen en dan zijn we er. Nog wel even doorlopen de camping op tot aan de finish vlag. Foto, biertje, nog even honderd meter volmaken voor een mooi getal, 53,35 km, voor 53,53 km ben ik te lui, en dan de zooi uit en lekker douchen. Tegen de tijd dat ik klaar ben kunnen we eten. Morgen vertrekken we naar België en moeten we het kamp opbreken dus zo veel mogelijk inpakken en klaarleggen. Ik ga laat naar bed.</p>



<p>Stage 3 16 km Night Trail Petit Coo</p>



<p>Met de brandende en jeukende krassen op mijn huid vannacht slecht geslapen. Ik had de wekker om 6:15 gezet als ik wakker word van een zeer onaangenaam geluid. Regen. Dan gaat mijn wekker af. Het is 5:15 dus blijkbaar heb ik mij vergist. Het geeft niet, ik ben toch wakker. Ik blijf nog even liggen en ga dan douchen. Ik wil mijn haar wassen dus ik hoop op warm water als ik de eerste ben. Maar hoop is het begin van teleurstelling zeggen ze wel eens en ik moet het doen met een beetje lauwwarm. Nou ja, alles beter dan ijskoud en ik heb de tijd. Als het water toch niet warm is hoef ik me ook niet schuldig te voelen als ik er wat langer over doe. Eenmaal aangekleed is het wachten tot de rest ook wakker is, dan kunnen we de tenten gaan afbouwen. Door de regen is er water in de stekkerdozen gekomen met als gevolg kortsluiting. Geen stroom betekent geen opladen. Voor dit soort noodsituaties heb ik een powerbank dus dat komt straks in de bus dan wel. Tenslotte hebben we de hele dag de tijd.</p>



<p>Als iedereen wakker is wordt er tussen de buien door hard gewerkt om alles af te breken en op te vouwen. Dan kan het in de legertruck van de VeVa en kunnen die op pad. Wij gaan ontbijten, voorlopig voor de laatste keer croissantjes. Ik denk dat ik maar minstens een weekje wacht voor ik thuis weer op de weegschaal ga staan. Dan is het wachten tot we kunnen vertrekken, wat we een half uur voor op schema doen. En dat is maar goed ook, het gaat allemaal niet zo snel onderweg. Het weer knapt enorm op hoe dichter we richting België komen. Na drie stops, inclusief lunch en een milkshake bij de McDonalds, komen we eindelijk aan in Coo. Gelukkig heb ik in de bus wat kunnen slapen.</p>



<p>Tegen zevenen komen we aan op de camping en we krijgen pizza’s als avondeten. De VeVa’s zijn er ook al maar de truck nog niet, dus er kan nog geen kamp opgebouwd worden. Dan gaan we maar een stukje lopen. Om 21:00 vertrekken we, Frank en ik lopen samen. Als we de brug voorbij zijn mogen we The Iceberg omhoog. Die kennen we en langzaam maar gestaag lopen we omhoog. Ik ben verbaasd dat het me wel moeite kost, maar eigenlijk toch best wel aardig gaat. Niet alleen Doug maar ook Tom loopt achter ons en met zijn vieren bereiken we uiteindelijk de top. Tenminste, de top van onze route en mogen we opzij over vlak pad. Maar eerst nog een foto van ons vieren met het dal op de achtergrond. Sibbelien, die alleen omhoog en omlaag loopt vandaag, maakt hem voordat ze aan haar afdaling begint.</p>



<p>Dan maken we vaart en denderen we heerlijk naar beneden, een paar kilometer lang. Zo gaat het wel hard en op een navigatiediscussiepuntje na, ‘we moeten hier naar links, nee we moeten rechtdoor’, vliegen de kilometers voorbij. Het was nog licht toen we vertrokken, maar na 6,5 km moeten we toch echt ons lampje aan. Je kan duidelijk merken dat we in de Ardennen lopen, what goes down, must go up en we hebben fun met de rotsige ondergrond. Als we door een droge rivierbedding lopen herinner ik me weer dat aan het eind de verzorgingspost staat. Mijn geheugen is echter niet helemaal nauwkeurig meer en we zijn al voorbij de 9 km als ik dan toch Herco in de verte aan het eind van een steegje zie staan. Vorig jaar was het al pikkedonker, nu schemert het.</p>



<p>We blijven niet lang hangen, beetje cola en weer door. Er komt een pittig klimmetje, en nog één en nog één maar de kilometers worden steeds meer afgeteld en als we weer een stukje naar beneden mogen zie ik ineens lampjes. Rudi en Melanie hebben Sven opgepikt en het blijkt maar weer dat ervaring het soms wint van de jeugd. Zij dalen voorzichtig af, wij zijn dit gewend en doen het iets sneller. We laten ze achter ons en duiken de berg weer op. Ook nu is het even zoeken naar het pad, net als vorig jaar, maar dan toch gevonden om weer op een vlak pad te komen. Dat pad brengt ons uiteindelijk naar de laatste afdaling terug naar de voet van de berg en uiteindelijk naar de camping, waar we onder applaus onthaald worden. Het is inmiddels twaalf uur geweest maar we hebben het ruim drie kwartier sneller gedaan dan ik vorig jaar. Tijd dus om rustig te douchen en spullen te pakken voor morgen. Wel is er een kleine hick up geweest met de truck. Die heeft heel lang vastgestaan voor een tunnel dus de tenten zijn nog niet opgebouwd. De deelnemers moeten in de party tent slapen, er is een tent voor de dames en voor de Crew. Ben ik blij dat ik bij de Crew hoor. Lekker slapen, morgen weer een dag. Dit is de laatste keer dat ik meeliep deze week, en stiekem vind ik dat helemaal niet erg.</p>



<p>Stage 4 27 km  La Gleize &#8211; Petit Coo</p>



<p>Zowaar redelijk goed geslapen ook al was het kort. Om 7:30 ben ik wakker en ga gelijk even douchen. Even wat euro’s wisselen voor een douchemuntje en dan ontbijten. Mijn taak vandaag is eerst VP 1 en dan VP2, maar eerst gaan we allemaal naar het museum 44, met de tank voor de deur en waar de VP staat. Ik rij met Janneke mee want er is een militaire beurs en de toegang is afgesloten. Met twee dames die smekend kijken omdat we anders spullen moeten sjouwen mogen we er door om na het uitladen het busje weer ergens anders te parkeren. We bouwen op en Herco geeft zijn praatje voordat we het museum bezoeken. Om 11 uur is het tijd voor de start. Het is bloedheet vandaag dus dat wordt wel een uitdaging. De lopers maken eerst een lus om na 11 km weer bij ons uit te komen, VP1. Als ze weg zijn is het wachten en ik realiseer me dat ik vergeten ben een lunchpakketje te maken. Gelukkig is er een delicatessenwinkeltje in de buurt en kan ik daar een broodje met wat geitenkaas kopen. Daarna is het wachten tot de eerste loper komt.</p>



<p>Dat is Remko, die gaat als een speer. Daarna volgt langzaamaan de rest, het deelnemersveld zit niet heel erg ver uit elkaar. Als er nog 4 mensen moeten komen gaan Mark en Janneke naar VP2 en blijven Rene en ik wachten op de laatsten. Daarna is het inpakken en ook naar VP2. Als ook daar de meesten zijn geweest rij ik met Rene mee naar de finish, zijnde de camping. Ik haal nog een ijsje, doe een tukje en rond een uur of 17:30 hebben we BBQ. Er is tijd om een lekkere avond te hebben want morgen gaan we alweer naar Nederland en moet iedereen heel vroeg op.</p>



<p>Stage 5 81 km Eindhoven &#8211; Berg en Dal</p>



<p>De wekker is genadeloos en gaat gewoon om 4:00 af want klokslag 5:00 vertrekt de bus. Voor die tijd moeten de tassen nog ingepakt, het kamp afgebouwd en opgeruimd en we moeten nog een stukje met alle zooi van de camping naar de bus lopen. Gelukkig kan ik in de bus nog wat slapen want het is een ritje van twee uur tot aan Best. Sjoerd, een deelnemer van vorig jaar, heeft me gisteren geappt en wil naar de start komen. De start is echter met een uur vervroegd dus ik app gauw terug anders staat hij daar straks voor niks. Het wordt wel spannend vandaag. Er is hel en verdoemenis voorspeld met hitte en onweer. Er zijn al evenementen afgelast of aangepast. Wij gaan het even aankijken maar vooralsnog gewoon starten. </p>



<p>Als we bij Best aankomen staat Peter McBanshee al op zijn doedelzak te spelen. Het is wel warm maar vooralsnog bewolkt en als er al onweer komt zal het vooral einde dag zijn. Herco doet zijn verhaal bij het Joe Mann monument als toch Sjoerd op het laatste moment komt aanlopen, precies op tijd om de start te zien. Als iedereen op pad is gaan wij rustig aan bewegen richting de VP. We rijden allemaal er naartoe, inclusief Steve die niet gestart is. VP1 is bij de molen in Eerde, een alleraardigst dorpje met een kerk, een kroeg en de molen met een klein winkeltje. Oh, en een verse bakker, dus ik zeg ‘croissants’! Remko is al die kant op en samen met Sibbelien loop ik daar ook heen. We kopen niet alleen croissants, maar ook gebakjes, wat vers brood en een ‘appelfluffeldinges’. Een soort krentenbrood met appel en room of zo. Het zal wel lekker zijn. Het gebak en de croissants gaan er in als koek terwijl de eerste lopers binnen beginnen te druppelen.</p>



<p>Als ongeveer de helft geweest is gaan Mark, Sibbelien, Steve en Herco naar VP2 en blijft de rest, zijnde Janneke, Remko en ik, wachten tot de laatste loper is geweest. Met Frank gaat het wel ok, maar hij heeft het wel erg warm. We ruimen de boel op, laden alles in en rijden naar VP2, die al lekker opgetuigd staat. Nu wachten we weer op de lopers. Op een gegeven moment krijg ik een appje. Frank is bij de tussenpost uitgestapt. Shit, maar hem kennende is het inderdaad gewoon te warm. Toch blijft het balen alhoewel ik denk dat ik het erger vindt dan hij. Hij is er altijd wel redelijk nuchter onder maar ik had het hem zo gegund om gewoon alles uit te lopen. Ik bel hem en hij is inmiddels onderweg. Als hij er is, is hij er inderdaad erg nuchter onder. So be it.</p>



<p>Dan is het tijd voor ons om naar VP3 te gaan. Ronald is al ruim onderweg er naartoe. Wij gaan eerst nog even langs de McDonalds maar die blijkt verder dan gedacht en we willen geen risico nemen om te laat de VP op te zetten en Ronald te missen. We keren om en rijden rechtstreeks naar Overasselt. Daar zit een snackbar dus de lunch komt goed. Als we de VP opgezet hebben maken we een praatje met een groep mensen die daar zijn. Ze hebben een amfibievoertuig uit de oorlog en gaan daar mee varen. Hoe toepasselijk. Als die het water in is gaat Janneke snacks halen. Ondertussen halen wij Ronald binnen en mag ik eindelijk mijn geheime taak uitvoeren. Ik heb van René een zak met sleutelhangers gekregen in de vorm van een medaille en met ‘Halfway Thrue Hell 333’ er op. Die mag ik uitdelen aan het eind van de 4 km oever en het lange gras. Ronald vertelt overigens dat het minder erg is dan vorig jaar maar desondanks blijft het een uitdagend stuk om te lopen.</p>



<p>Vanwege de warmte maant Remko iedereen om lekker in de Maas af te koelen en menigeen die daarna langs komt geeft daar gehoor aan. Nu is het een komen en gaan van lopers terwijl wij zorgen dat ze alles wat ze nodig hebben kunnen krijgen. Uiteindelijk zijn Eleo, Doug, Simone en Winnie de laatsten waar we iets voor kunnen beteken en als ook zij weer op pad zijn kunnen we opruimen en richting de camping waar ook de finish is. We nemen Bert mee, die heeft besloten te stoppen. Te warm maar vooral ook enorm veel last van zijn been. Als alles ingeladen is gaan we voor de laatste keer op pad vandaag. Bij de camping even lekker douchen, bed klaarmaken en eten terwijl alle deelnemers langzaam aan binnendruppelen. Morgen de laatste stage en morgenavond vooral lekker slapen in mijn eigen bed.</p>



<p>Stage 6 45 km Ginkel Heath &#8211; John Frost Bridge</p>



<p>Vannacht toch weer iets beter geslapen maar desondanks begint de vermoeidheid nu wel toe te slaan. Eerst maar eens douchen. Niet dat het heel veel zin heeft want alle kleding is vies en binnen no time ben ik toch weer aan het zweten. Gisteren al besloten om gewoon hardloopkleding aan te trekken, dat zit met dat warme weer net even wat lekkerder dan katoenen kleding. Dan de tassen inpakken en voor de laatste keer het kamp opbreken. Spullen naar de bus sjouwen en dan brengt Fred ons naar de Ginkelse Heide waar de start van deze laatste etappe is. </p>



<p>Als we daar aankomen is het druk. De burgemeester van Ede is er en een heleboel familie en vrienden van de lopers. Als iedereen zich verzameld heeft doet de burgemeester zijn praatje. Daarna vertelt Herco voor de laatste keer zijn verhaal, maken we nog een groepsfoto bij het monument en mogen de lopers zich klaarmaken voor de start. Ik tel af en zwaai met een lintje en dan zijn ze op weg. Op naar de finish bij de John Frostbrug, ongeveer 45 km verder.</p>



<p>Ik ga met Sibbelien en Simone, die net als Doug vandaag niet meer meeloopt, naar VP1. Die is bij station Wolfheze. Mark gaat met de bus gelijk door naar de finish, alleen de dropbag achterlatend. De spullen voor de VP worden zo gebracht door het busje van de VeVa, die dan de dropbags weer naar VP2 brengt samen met de proviand voor die VP. Ondertussen wachten we en gaan Simone en Sibbelien op zoek naar koffie. Ik let op de spullen. In de tussentijd komt Janneke met de kids langs en als Simone en Sibbelien terug zijn ga ik op zoek naar een blikje chocomelk.</p>



<p>We houden de lopers goed in de gaten via de trackers als het spannend begint te worden. Net als ik wil gaan bellen komt het VeVa busje aanrijden. De spullen worden uitgeladen maar de boodschap is duidelijk. De opdracht is direct terugkeren. Niks geen tassen en proviand naar VP2 brengen. Waarschijnlijk een miscommunicatie dus we gaan niet in discussie maar bellen Mark. Als we die niet te pakken krijgen bellen we René en spreken af dat hij eerst langs VP1 komt, dan kijken we wel verder. Jeroen is vandaag de eerste loper die bij ons komt en vanaf dat moment druppelen ze één voor één binnen. Ondertussen brengt Janneke zometeen Sibbelien naar VP2 met spullen zodat ze daar op kan gaan bouwen. Remko liep het eerste gedeelte mee maar blijft bij VP1. En ik?</p>



<p>Ik besluit naar VP2 te rennen. Ik kan nog een June Weekend 5K run badge verdienen, ik heb mijn loopspullen aan ook al zijn de schoenen de meest oude en versleten paar dat ik heb, het is maar 4,5 km en er is toch weinig plek in de auto die ons daar naar toe moet brengen. Ik ga op pad, Remko neemt mijn tas mee net zoals ik de zijne meegenomen heb toen hij het eerste stuk liep. Het is een relatief rechte weg en al snel kom ik Rudi en Melanie tegen. Ik ga ze voorbij als ik even later naar rechts moet. Ik sta nu voor het smalle tunneltje dus daar moet ik natuurlijk een foto van maken. Omdat ik verder niks bij me heb zoek ik iets waar ik mijn telefoon tegen aan kan houden. Ik vind niks maar niet getreurd, inmiddels zijn Rudi en Melanie er en Rudi wil wel een foto maken. Kan Melanie er mooi bij. </p>



<p>Daarna door het tunneltje en het lange fietspad richting Oosterbeek. Ik kom Jeroen ook nog tegen, die is weer misselijk maar ik kan weinig voor hem doen en zijn familie is er, dus ik ga maar door. Het is warm en benauwd dus ik snap wel dat het gisteren maar ook vandaag zwaar is. Ik loop door en omdat ik de kortste route loop, kom ik langs de weg terecht over het fietspad. Tenminste, de lijnen op de weg die als fietspad moeten dienen. De langsrazende auto’s kijken een beetje chagrijnig maar hé, als ik een fiets was geweest hadden ze ook opzij gemoeten. Uiteindelijk kom ik niet veel later aan bij de verzorgingspost en heb ik mijn 5 km badge verdiend. </p>



<p>Eenmaal geïnstalleerd wijt ik mij weer aan mijn taak, zijnde de lopers verzorgen met eten en drinken. We hebben watermeloen vandaag en dat valt goed in de smaak. Frank komt weer aanlopen en hij is lekker op dreef. Hij loopt ergens op de zevende plek en het is duidelijk dat dit zijn weer, zijn omgeving, zijn dag en zijn route is. Gelukkig maar. Dan is het weer tijd voor de organisatie. Sibbelien wordt naar VP3 gebracht om daar op te bouwen, Remko is naar de finish, Janneke gaat even lunchen met haar kids, Rene neemt vast wat spullen mee en ik bewaak het fort. Ondertussen gaat Simone Hartestein bezoeken en als ze daar mee klaar is en Jaap opgehaald wordt door zijn vrouw en kinderen kan ze met hem mee naar de finish. </p>



<p>Tegen de tijd dat de laatste loper voorbij komt, in dit geval Eleo, komt Janneke ook terug en kunnen we, nadat Eleo weer dapper op pad gaat, opbreken en naar VP3. Daar blijf ik niet lang. Frank is ondertussen lekker doorgelopen en komt er al aan. Als hij geweest is wil ik naar de finish om hem daar straks te kunnen verwelkomen. Ik kan meerijden met Hunk. Bij de finish is het wachten. Ik zoek contact met Frenk om te kijken waar hij uithangt. Ik verwacht Frank rond half vijf bij de finish en Frenk en Kyra zijn net op tijd aanwezig. Nog ongeveer tien minuutjes wachten als het moment dan eindelijk daar is. Frank komt er aan, finisht en dan zit zijn avontuur er op. We blijven nog even hangen voor wat eten en drinken, zien nog een paar mensen finishen als we zo langzamerhand op huis willen. Frenk moet nog werken en wij zijn ook wel moe. Tenslotte moet ik morgen ook weer werken en eer we thuis zijn, gedoucht, gegeten hebben en wat rotzooi opgeruimd is het ook al weer laat.</p>



<p>Frenk haalt de auto en we laden alle tassen in. We nemen afscheid en gaan op pad. Als we de brug over rijden kom ik er achter dat Frank zijn rugzak nog bij de finish ligt, dus rechtsomkeert. Gauw pakken en dan alsnog op weg naar Rotterdam. Als we bijna thuis zijn halen we chinees en na het eten nemen Frenk en Kyra afscheid en kunnen wij nog even aan de bak om uiteindelijk toch nog even op de bank te ploffen. De berichten in de app groep zijn nog talrijk, iedereen is nog vol van afgelopen week. Het was weer een mooi avontuur. </p>



<p>Wat wordt de volgende uitdaging? We hebben 100 km voor The Great Escape en de 200 km voor de Bello Gallico op de planning staan. Tussendoor nog op vakantie en ergens ‘iets’ in 020. Naast natuurlijk de loopjes met de Bende van Ellende en natuurlijk de Halve Marathon van Urk. Genoeg te doen dus dit jaar. Voor volgend jaar gaan we het allemaal weer bekijken. Is de Liberation Trail nu done and dusted? </p>



<p>Het lonkt, het kriebelt, dus ik sluit niks uit!</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/liberation-trail-crew-life/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Routes maken</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-routes-maken/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-routes-maken/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 24 May 2025 15:32:26 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[navigeren]]></category>
		<category><![CDATA[Routes maken]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4886</guid>

					<description><![CDATA[Navigeren kan je leren heb ik al een paar keer gezegd. Maar dan moet je wel iets te navigeren hebben, ergo een route. En hoe kom je nou aan een route? Eerst maar eens even kijken hoe het precies zit met die routes. Routes worden over het algemeen gemaakt als een zogeheten GPX bestand. GPX [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Navigeren kan je leren heb ik al een paar keer gezegd. Maar dan moet je wel iets te navigeren hebben, ergo een route. En hoe kom je nou aan een route? Eerst maar eens even kijken hoe het precies zit met die routes. Routes worden over het algemeen gemaakt als een zogeheten GPX bestand. GPX is een extensie die door bijna elk navigatie apparaat dat gebaseerd is op GPS gebruikt kan worden. Als je een officieel evenement loopt waarbij er geen pijlen gebruikt worden om de route aan te geven krijg je zo’n bestand in de mail of hij is te downloaden op de website. Overigens, ook als de route wel uitgepijld is wordt het GPX bestand vaak ter beschikking gesteld voor het geval dat er een grappenmaker is die in het bos een pijl weghaalt of verplaatst. Het is dus verstandig om, als je in de gelegenheid bent, altijd de route mee te nemen. Maar ook als je zelf een route maakt of deze van iemand krijgt is het vaak een GPX bestand dat je kan importeren op je horloge of je GPS handheld. Dit doe je het makkelijkste via het programma dat in verbinding staat met je horloge. Bijvoorbeeld Garmin, Polar of Suunto. Het kan uiteraard ook via je computer. Als de route geïmporteerd is hoef je hem alleen nog maar aan te zetten en kan je aan de wandel.</p>



<p>Dat is één manier om aan een route te komen. Natuurlijk kan je ook van medelopers routes krijgen. Er is altijd wel iemand die in dat gebied gelopen heeft en iets kan delen. Heb je genoeg trailvriendjes, gooi je vraag dan gewoon in de groep en voor je het weet heb je keuzestress. Heb je niet genoeg trailvriendjes, of zijn ze gewoon niet zo creatief, dan is er op de diverse websites of überhaupt het internet wel het nodige te vinden. Je kan ook eerder gelopen routes vanuit Strava of Garmin downloaden en omzetten naar een GPX, als je bijvoorbeeld een evenement gelopen hebt maar geen GPX gekregen (of bewaard). Pas wel op dat evenementen vaak over (privé) terrein gaan dat alleen tijdens het evenement openbaar is.</p>



<p>Top! Maar nou krijg je een route van 35 km terwijl jij net de avond er voor een heerlijk 5 gangenmenu met bijbehorend wijnarrangement gehad hebt in een sjiek restaurant. Een latertje dus en die mooie route is ook nog eens een uur rijden voordat je kan starten. 25 km in plaats van 35 km is dan ook wel genoeg. Dan kan je de route aanpassen. Je moet een beetje handig zijn, maar er zijn genoeg websites waar je een GPX bestand kan importeren, de route kan zien op de kaart en deze vervolgens aanpassen, in dit geval inkorten. Het kan natuurlijk ook zijn dat je net terug bent van vakantie en dermate uitgerust dat je diezelfde route van 35 km om wil zetten naar 50 km. Dan is het handig om eerst even verder te lezen hoe je überhaupt routes maakt, maar dat terzijde.</p>



<p>Inkorten it is. Websites om routes te maken en dus ook aan te passen zijn bijvoorbeeld Komoot,&nbsp;Afstandmeten.nl, Strava, Garmin Connect, Ride with GPS, AllTrails of Plotaroute. Zelf ben ik het meeste fan van&nbsp;Afstandmeten.nl&nbsp;maar dat komt omdat ik dat ook gewend ben en de rest niet. En je weet, wat de boer niet kent dat vreet hij niet. Inkorten is relatief makkelijk. Er zit altijd wel een lus in die je af kan snijden of kleiner kan maken. Voor je het weet hobbel je gewoon die 25 km en ben je op tijd thuis om ‘s middags nog even verder te gaan met het uitslapen van je kater.</p>



<p>Maar hoe zit het nou met dat uitbreiden? Of als je helemaal geen geschikte route kan krijgen? Dan zit er niks anders op, dan moet je aan de bak en moet je hem zelf maken. Da’s toch niet zo moeilijk zou je denken? Maar er zitten een paar addertjes onder het gras. Of er staan Schotse Hooglanders op de weg als je dat liever hebt. Maar laten we bij het begin beginnen. Routes maken is een kwestie van oefenen. Niet alleen met het programma dat je gebruikt, maar ook in het maken. Ik raad dan ook aan om te beginnen met kleine overzichtelijke routes. Desnoods op, excusez le mot, asfalt bij jou thuis in de buurt. Als je route dan niet klopt of je komt rare dingen tegen, dan is het relatief makkelijk om ondanks alles toch gewoon weer heelhuids thuis te komen.</p>



<p>Als je het een beetje onder de knie hebt kan je aan de slag met langere routes en/of in onbekend gebied. De grootste uitdaging zit hem in het feit dat je thuis achter je bureau op de PC niet kan zien hoe het er in het echt uitziet. Dat begint met het type ondergrond. Is de weg waar jij je route geplot hebt nou een zandweg, een dijk met hoog gras, een fietspad, een ruiterpad of toch die mountainbike route? Soms is het duidelijk of kan je in combinatie met satellietbeelden en Google Maps het wel redelijk gokken, maar vaak kom je ook voor een verrassing te staan. Vooral als de satellietfoto in mei gemaakt is en jij daar in november gaat lopen. Of als het toevallig heel erg hard geregend heeft de afgelopen periode en je op de computer niet kan zien dat het hele gebied ondergelopen is. Soms kan het helpen om de website van het betreffende natuurgebied te bezoeken. Als het onderdeel is van Natuurmonumenten wil men daar nog wel eens aangeven als bepaalde paden onbegaanbaar zijn. Aan de andere kant, wanneer is een pad voor de doorgewinterde trailrunner nu echt onbegaanbaar? Ik zeg niks, denkend aan de laatste keer dat ik kruishoog door ijskoud water over een ondergelopen brug naar de overkant liep omdat ik geen zin had om om te lopen.</p>



<p>Wat ook niet zichtbaar is als je een route maakt, is of het gebied waar je wil gaan lopen onverhoopt gesloten is wegens broedseizoen. Of aangemerkt is als rustgebied voor het wild. Denk je een rustig 15 km rondje te lopen na je werk ergens in Apeldoorn, moet je ineens ruim een kilometer omlopen omdat de hertjes willen slapen. Nou ja, trailroutes zijn altijd ‘ongeveer’ denk ik dan maar, maar soms komt het gewoon niet uit. Helemaal niet als je dan maar moet gokken welke kant je op moet om uiteindelijk weer op je route te komen. De laatste onberekenbare factor is dan vaak ook weer Natuurmomenten zelf. Ben je lekker aan het lopen, volg je braaf je route, lijkt het ineens of je in Duitsland beland bent. Daar zijn ze namelijk ook altijd aan de weg aan het werk. Is je pad weg, omgelegd of afgesloten. En geen bordjes met ‘Omleiding van de route, volg B’. Dat zie je dus ook niet als je een route aan het maken bent. Ok, ik moet niet liegen, meestal is dat gevolg van het feit dat je een route van iemand gekregen hebt of een oude route van jezelf gepakt hebt waar de houdbaarheidsdatum van verstreken is. Misschien had je toch even moeten controleren of die route uit 2015 wellicht niet meer loopbaar was.</p>



<p>Goed, de uitdagingen, om ze zo maar te noemen, zijn helder. Maar hoe los je dat nou op? Tja, welkom in de wondere wereld van trailen. Dit kan je niet zo maar oplossen. Je zal inventief moeten zijn om het probleem ter plekke het hoofd te bieden. Omlopen is bijna altijd de meest logische oplossing, maar daar moet je in elk geval een beetje gevoel voor richting voor hebben, is een GPS handheld handiger dan alleen je horloge of je telefoon, en anders moet je het vorige hoofdstuk nog maar eens goed doorlezen. Wil je het zo veel mogelijk voorkomen, dan raad ik je aan om simpele wegen te pakken tijdens het plotten, dat wil zeggen wegen die duidelijk zichtbaar en herkenbaar zijn op de computer, of een route die recent nog door iemand gelopen is zodat je zeker weet dat je nauwelijks voor verrassingen komt te staan.</p>



<p>Aan de andere kant, where is the fun in that?</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-routes-maken/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>So you think you can trail: Navigeren</title>
		<link>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-navigeren/</link>
					<comments>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-navigeren/#respond</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Saskia Uit den Bogaard]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 04 May 2025 14:45:03 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Op weg naar de blogs]]></category>
		<category><![CDATA[Hardloopvrienden]]></category>
		<category><![CDATA[hardlopen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailen]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrun]]></category>
		<category><![CDATA[Trailrunning]]></category>
		<category><![CDATA[Uitdaging]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.opwegnaardemarathon.com/?p=4878</guid>

					<description><![CDATA[Trailen doe je door de natuur. Af en toe moet je een dorp doorkruisen of een weg over het asfalt oversteken om van het ene gebied in het andere te komen, maar hoe je het ook went of keert, het grootste gedeelte loop je door de bossen, over de hei, over de vlaktes, door het [&#8230;]]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[
<p>Trailen doe je door de natuur. Af en toe moet je een dorp doorkruisen of een weg over het asfalt oversteken om van het ene gebied in het andere te komen, maar hoe je het ook went of keert, het grootste gedeelte loop je door de bossen, over de hei, over de vlaktes, door het duin of over het strand. Daar waar je op de weg redelijk makkelijk kan onthouden dat je links, links, links loopt en door nog eenmaal links af te slaan weer bij je startpunt te komen, gelden er in de natuur andere regels. Ik heb eerder al iets geroepen over de regel van Hans en Grietje. Je kan wel kruimeltjes neerleggen, maar hoe dieper je het bos in gaat, hoe groter de kans dat de vogels je kruimeltjes opgegeten hebben en je verdwaalt. Bovendien wijzigt het bos achter je kont en zodra je je omdraait is de weg die je net gelopen hebt gewoon weg zijnde een magisch labyrinth.</p>



<p>Zelfs bij evenementen die uitgepijld zijn is het verstandig om altijd de route bij je te hebben. Een pijl is zo gemist en zoals gezegd is het labyrinth onverbiddelijk. Herkenningspunten zijn veel lastiger te vinden want die ene boom lijkt toch wel verdacht veel op die andere boom en er hangen geen straatnaambordjes. Maar hoe vind je dan de weg terug naar huis? Dat kan maar op één manier, namelijk door te navigeren. Gelukkig heb ik goed nieuws. Want navigeren kan je leren! Moet je leren want de belangrijkste stelregel voor elke trailer is: Wees zelfvoorzienend! Je kan best met iemand meelopen die navigeert maar zorg ervoor dat je de route zelf ook bij je hebt en in geval van nood deze in je eentje kan volgen. Overigens is er een naam voor mensen die de route niet bij zich hebben of niet kunnen navigeren en alleen vertrouwen op anderen voor het volgen van de route. Dat noemen ze een Trailklever. Maar dat terzijde.</p>



<p>Navigeren dus. Hoe doe je dat dan? Om te beginnen moet je zorgen dat je de route ergens opgeslagen hebt. Meestal worden routes gemaakt in zogeheten GPX bestanden die je in je telefoon kan opslaan en kan openen in een routeprogramma. Routeprogramma’s waar je zelf ook routes in kan maken, maar dat leer ik je in een volgend hoofdstuk. Denk aan ‘afstandsmeten.nl’ of ‘Komoot’. Deze GPX bestanden worden ook vaak door de organisatie van een evenement beschikbaar gesteld. Heb je een app op je telefoon die je hardloophorloge aanstuurt, dan kan je het bestand daar vaak ook in openen en opslaan en dan naar je klokje sturen. Op je klokje kan je de route dan aanzetten die je dan weer kan volgen en ‘Tadaaaaaaah’, voor je het weet sta je weer bij de auto of de start/finish van je evenement. Navigeren is dan makkelijk, je volgt gewoon de aanwijzingen van je klokje. Loop je ver van de route af, krijg je vanzelf stroomstoten om je weer terug op de route te brengen. Geintje. Over het alternatief heb ik ook al verteld, de GPS Handheld. Met alle voordelen en nadelen van beide opties. Dus als je goed opgelet hebt weet je wat voor jou de beste optie is. Voor de GPS Handheld moet je wel iets handiger zijn in het lezen van kaarten want geen piepjes en bliepjes en zo.&nbsp;</p>



<p>Een paar dingen die je moet weten over het navigeren, of dat nu met je klokje of met de handheld is. Zolang je op de route zit en deze rechtdoor gaat is er niet zo veel aan de hand en is het allemaal niet zo spannend. Het wordt meestal spannend als je moet afslaan. Is hier een pad? Ja, er is een pad. Maar vaak zit er vertraging in waar je je volgens de GPS bevindt ten opzichte waar je echt zit. Jij bent net een fractie sneller. Als je volgens de GPS exact op de afslag zit ben je er vaak al voorbij. Een paar stappen terug lopen dus of als je er bijna bent, langzamer lopen en goed om je heen kijken waar het pad zich bevindt. Dan heb je ook nog de situatie ‘Is hier een pad?’, nee er is geen pad. Er was ooit een pad, maar Staatsbosbeheer heeft het pad verlegd of gewoonweg gesloten. Dan kan je twee dingen doen. Soms kan je eigenwijs alsnog die richting in gaan en zie je dat er in een ver verleden een pad geweest is en volg je dat tot je weer ergens op de route komt waar het pad wel weer bestaat. Het alternatief is…, …een alternatief pad zoeken die je weer op de route brengt. Had ik al verteld dat een afstand bij trailen altijd ‘ongeveer’ is?</p>



<p>Andere handige dingen om te weten is dat GPS bij slecht weer (lees heel vochtig) soms moeite heeft met je te vinden, en daar heb je op je klokje meer last van dan bij een handheld. Als je op een kruising komt met meerdere paden en je niet 100% zeker bent van je keuze, loop een klein stukje het gekozen pad op en kijk of je goed zit voordat je 100 meter naar beneden dendert om er dan achter te komen dat je toch verkeerd zat en weer omhoog moet klimmen. Zijwegen zijn altijd een goede referentie om te kijken welk pad je moet hebben, bijvoorbeeld de tweede van rechts, en als je soms onverhoopt toch op het verkeerd pad zit, niet gelijk in paniek raken of rechtsomkeert maken, maar gewoon even kijken of je makkelijk weer op je route kan komen door alsnog een stukje door te lopen en dan naar links of rechts af te slaan onder het motto ‘zo kom ik er ook’. Er zijn namelijk meer wegen die naar Rome leiden en je wordt niet gediskwalificeerd als je niet exact op de route gelopen hebt. Geloof me, je maakt toch altijd meer (kilo)meters dan oorspronkelijk gepland. Gewoon een paar tips, gratis en voor niks.</p>



<p>Voor navigeren is er echter maar 1 manier om het echt te leren, en dat is door het te doen. Ga met iemand op pad die er al wat meer ervaring in heeft, vraag of jij mag navigeren en de persoon in kwestie met je meeloopt om af en toe te controleren of het goed gaat, danwel je uitleg te geven waarom je verkeerd loopt en hoe je beter de kaart kan lezen. En als iemand roept dat hij of zij wel navigeert terwijl je dat zelf wil doen kan je altijd nog meelopen en dan mopperen en schelden als het verkeerd gaat. Je zal zien, binnen no time hou jij die handheld in je handen en mag je het zelf gaan doen. Dat weet ik uit ervaring. Een uitgelezen gelegenheid om te oefenen. Want een ding is zeker, zelfs de meest ervaren trailrunner en de beste navigator loopt wel eens van het padje af.</p>



<p>Alhoewel je je kan afvragen of trailrunners niet per definitie van het padje af zijn.</p>
]]></content:encoded>
					
					<wfw:commentRss>https://www.opwegnaardemarathon.com/so-you-think-you-can-trail-navigeren/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>0</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
