Het is kustmarathonweekend. En niet zomaar een kustmarathonweekend, maar een kustmarathonweekend met Anita! Een weekend waar ik al lang naar uitgekeken heb. We worden uiterlijk om 14:00 bij B&B Meerzee verwacht, de B&B van Femke, ook een Anitalady. Toch staat mijn wekker vanochtend al om 6:15. Ik moet eerst nog naar de Frans-Belgische grens voor de uitvaart van een dierbare collega die heel plotseling overleden is. De uitvaart begint om 10:30, en het is ruim twee uur rijden, vandaar mijn vroege wekker. Het is heftig en emotioneel maar geeft ook een stukje afsluiting van de afgelopen twee weken waarbij ongeloof, verdriet en stress de overhand gehad hebben. Hoe gek het ook klinkt, het is dan ook fijn om iets positiefs en vrolijks te hebben na deze weken, dan kan ik het een plek gaan geven.
De weg naar Zeeland gaat binnendoor met veel opgebroken wegen, stoplichten en een stukje file, maar om 14:37 parkeer ik mijn auto voor de deur. Ik val met mijn neus in de boter, of liever gezegd in de lunch want die staat klaar. Gelukkig maar want van eten is sinds vanochtend vroeg niet veel terecht gekomen. Na een fijn weerzien, een kop soep en twee broodjes moeten we ons al gaan omkleden want we moeten naar de start. Wij zitten in Vrouwenpolder en de run, de ladiesrun welteverstaan, is in Zoutelande, toch zo’n 15 km verderop. Met, naast Marjon en Yade, zijn we acht vrouw sterk, ik, Deborah, Frouke, Jeanique, Joyce, Rochelle, en Nikita en Sas maken het stel compleet. Die laatste twee kende ik nog niet maar dat duurt gelukkig niet lang.
Eenmaal de auto’s geparkeerd wandelen we richting start/finish waar Marjon ons laat zien waar we morgen gaan vrijwilligen. Bij de Cheerzone op de dijk, de laatste 500 meter van het parcours. Beneden aan de andere kant van de dijk ligt het strand en de zee, die er prachtig bij liggen, opgefleurd door het licht van de stralende zon. Daar moéten foto’s gemaakt worden. Ik denk gelijk terug aan het strand tijdens de Beaches etappe van de Liberation Trail en ik hoop zondag, als ik ook een stuk over het strand ga lopen, dat ik dan ook mooie plaatjes kan maken. Met Nikita, Sas en Deborah, en Yade in onze kielzog met de grote camera, lopen we de trap af naar beneden voor een minifotoshoot. Niet te lang want we willen nog naar de wc en de start duurt niet zo lang meer. We hebben mazzel want de rij bij de wc is niet lang. Het wachten is op Jeanique. Niet alleen is zij lopend naar de start vanwege haar marathontraining, ook gaat ze een gooi doen voor het podium. Als ze er is is het al bijna tijd en terwijl zij vooraan start loopt de rest via de tent naar achteren om aan te sluiten in het startvak. Er is ook een 16 km trail, die start 10 minuten voor ons. Als die weg zijn, zijn wij aan de beurt en 10 minuten later gaan we van start.
De eerste meters zijn door de straat en het is smal en druk waardoor we niet snel kunnen. Dat is helemaal niet erg, we hebben geen haast en proberen bij elkaar te lopen. Daarna gaan we de dijk op en van de dijk lopen we het strand op. Het strand dat vooral uit mul zand bestaat en slechts een klein en zeer nat strookje aan de kustlijn. Ik loop voorop met Sas en Nikita, Frouke en Deborah lopen samen en Joyce en Rochelle ook. We proberen ze in de gaten te houden en bij te blijven maar het is lastig. Na een paar kilometer zijn we ze in feite kwijt, niet in de laatste plaats omdat we om de haverklap tussen de palen op het strand door moeten. Supergaaf voor de foto, enorm in de weg voor het lopen. Het maakt de boel onoverzichtelijk en je wordt de hele tijd uit je ritme gehaald. Niet dat we haast hebben maar toch.
Ik voel het mulle zand aan mijn benen en besluit langs de kustlijn te gaan lopen waar het iets harder en vlakker is. Het gevolg is steevast niet alleen natte voeten en sokken, maar sowieso natte en zanderige benen door het opspattende water. Ach, ik ben wel wat gewend en als ik de boel niet al te veel wil forceren loopt dit toch fijner. Bovendien, als de boel eenmaal nat is maakt het toch niet meer uit. Ik loop met Sas en Nikita op en af, dan loop ik weer iets voor, dan lopen zij weer iets voor en we wachten op elkaar. Het lopen valt me wel steeds zwaarder, het is een lang stuk over het strand. Ik ben dan ook heel blij als we na 5 km het strand af mogen én dat we een waterpost hebben.
Het strand wordt ingeruild voor duinen, die beginnen met een lekkere klim omhoog via een trap. Daarna is het golvend op en af terwijl aan onze rechterhand de zon aan zijn gouden uur begonnen is. Het ziet er prachtig uit, wat zou ik nu graag een fotoshoot doen! Maar ik moet doorlopen. Op kilometer 7 beginnen mijn bovenbenen serieus te protesteren. Twee weken geleden zit er nog in én misschien gisteravond ook nog. Omhoog doe ik dan ook maar gewoon wandelen, omlaag is gratis dus dan kan ik nog wel rennen. De dames lopen nu iets voor me uit maar ik hou ze in de smiezen. Weer iets meer dan een kilometer verder gaan we weer een trap af om opnieuw op het strand te lopen. Het is nu veel rustiger en de strook met hard zand lijkt ook iets breder dus ik kan nu zonder hele natte voeten doorrennen.
De laatste kleine kilometer is weer van het strand af en omhoog, en ik heb serieus medelijden met de marathonlopers morgen. Dan heb je 40 km gehad en krijg je dit nog. Misschien mijn plan om hem volgend jaar te willen lopen toch nog even bijstellen. Ik zet mijn tanden op elkaar voor de laatste 500 meter, het punt waar we morgen zullen staan, en als ik de dijk afloop naar de straat hebben de meiden op me gewacht. Samen lopen we naar beneden, krijgen nog een leuk vlaggetje en leggen we de laatste meters naar de finish af. We krijgen onze medaille als ik zie dat er 9,8 km op mijn horloge staat. Dat kan natuurlijk niet en Sas en ik (Sas en Sas), lopen nog twee rondjes om de kerk om hem vol te maken. Nikita had haar horloge al uitgezet. Een split second later ben ik ze echter kwijt en loop dan maar naar Marjon en Yade die bij de finish staan. Dan kom ik ze daar wel weer tegen.
Als ik daar ben krijg ik het heel koud en begin te trillen. Ik val bijna flauw en bedenk me dat ik iets moet eten. Marjon wijst me richting de snackbar. Dat is niet alleen verder lopen dan ik dacht maar het duurt ook heel lang voordat ik mijn broodje kroket krijg. Ik loop snel terug terwijl ik hem opeet en voel me een stuk beter. Eenmaal terug is de rest ook gefinisht en Jeanique is, na wat verwarring, als derde uitgeroepen. Niet de enige verwarring want het was de bedoeling dat we tegelijkertijd en als groep zouden finishen dus we hadden even moeten wachten. Heb ik dus effe gemist. Shit, ik voel me lullig want ik had beter moeten weten maar ik kan er helaas niks meer aan doen. We rijden terug naar de B&B waar ik snel onder de douche spring. Als de rest ook klaar is komen we beneden samen waar Femke wat hapjes en bittergarnituur klaargemaakt heeft. We halen ook nog een snack bij de snackbar en als iedereen uitgegeten is duiken we lekker het bed in. Morgen krijgen we een verrassing!
De wekker gaat om 7:00 want om 8:00 krijgen we ontbijt. Ontbijt dat uitstekend verzorgd is. Gisteren konden we al aangeven wat voor ei we wilden. Voor de rest is het buffet heel erg gevuld en kan ik zoals gewoonlijk niet kiezen wat ik wil eten. Ergo, ik eet alles. Na het ontbijt vertrekken we richting Middelburg voor onze verrassing. We worden verkleed in traditionele Zeeuwse klederdracht voor een fotoshoot. Hoe cool is dat? Er is hilariteit alom en natuurlijk kopen we gelijk de nodige souveniertjes. Na de shoot hebben we wat tijd voor onszelf wat vooral besteed wordt aan een beetje shoppen, koffie drinken en hééé, ze hebben hier een chocoladewinkel met ambachtelijke bonbonnetjes. Natuurlijk scoren we ook authentieke zeeuwse bolussen. Geen idee wanneer ik die moet gaan eten maar ze gaan in de tas. Neem ik ze wel mee naar huis morgen. Dan is het tijd en moeten we aan de bak.
We rijden terug naar Zoutelande en melden ons in de wedstrijdtent. Daar krijgen we een hesje, een fluitje, consumptiebonnen en een meer dan gevulde goodiebag met snacks en hebbedingetjes. Maar goed dat ik met een grote tas naar Zeeland ben gekomen, ik heb bijna een tweede koffer nodig. Dan krijgen we uitleg wat er van ons verwacht wordt. 2 dames moeten bij de kabeldrempel op het parcours gaan staan om de lopers er op te wijzen dat ze niet struikelen of vallen. 4 dames staan boven aan de dijk bij de oversteek en de laatste 2 doen hetzelfde maar dan beneden aan de straat. Dat moet wel lukken. Bovendien is het prachtig weer dus we hebben niet te klagen. We verdelen ons en maken afspraken over wisselingen en dan is het wachten op de eerste lopers. Dat duurt niet al te lang en we zien en horen de winnaars finishen.
We wisselen om de drie kwartier. Ben ik bij de oversteek op de dijk samen met Joyce begonnen, mag ik nu naar de straat. Inmiddels is het een stuk drukker geworden met lopers die de finish bereiken. Ik zie zelfs een paar bekenden finishen en ook Gaby komt voorbij. Ik heb het te laat door, ze is al voorbij voor ik er erg in heb. Als het tijd is om naar de drempel te gaan loop ik eerst even langs de tent voor wat te drinken. Ik meld me daarna weer boven en gebruik mijn vlaggetje om de lopers te wijzen op de drempel. Ondertussen kijk ik uit naar Marcel en Marcella. We zijn bijna 4,5 uur onderweg dus ik verwacht ze elk moment. Dan word ik aangesproken door een dame in het Duits. Er ligt iemand op de grond met hevige kramp, of de EHBO kan komen. Ik ren naar de oversteek waar ze met z’n vieren staan en vraag Deborah of ze de EHBO kan waarschuwen zodat ik terug kan naar mijn plek en Joyce niet alleen hoeft te staan. Terwijl ik terugloop zie ik ineens de rug van Marcella en kan nog net Marcel roepen voor een schouderklop. Shit, heb ik ze in feite net gemist, zal je net zien.
Ik neem mijn plek weer in en in de tussentijd is de dame met kramp weer in beweging. Gelukkig maar want de EHBO geeft aan mensen met kramp niet te kunnen helpen. Ik wijd me dus maar weer gewoon verder aan mijn taak tot het weer tijd is om afgelost te worden. We passeren de 5 uur en dat beginnen we echt te merken aan de deelnemers. Het veld dunt uit en de lopers hebben het zwaar. We doen ons best om ze te blijven aanmoedigen. Ineens zie ik Michel Groesbeek lopen. Ik spreek hem aan en hij herkent me uiteindelijk en we maken samen een foto. Dan gaat hij gauw weer door want de finish wacht, maar niet te lang. Vanaf tien voor zes wordt het spannend want om zes uur gaat de finish toch echt dicht. De laatste lopers passeren en dan is het tijd voor de écht laatste loper die gevolgd wordt door niet alleen een bezemfiets maar ook een groep doedelzakspelers. Het levert mooie plaatjes op.
Als iedereen binnen is verzamelen we en geven onze hesjes en fluitjes weer af in de tent. We krijgen nog een broodje rookworst van de organisatie en een ijsje van Marjon en dan rijden we terug naar de B&B waar Femke pasta voor ons heeft gemaakt. Dat doet ze normaal gesproken niet maar voor ons heeft ze een uitzondering gemaakt. Het smaakt allemaal prima. Als we na het eten nog een Moordoku hebben, gemaakt door Femmeke, de dochter van Frouke, en een potje sjoelen waar zelfs twee prijzen te vergeven zijn is de dag helemaal compleet. Niet in de laatste plaats omdat ik de tweede prijs, een doos met authentiek Zeeuws zout, gewonnen heb. Is dat ene potje per jaar sjoelen op Oud en Nieuw toch nog ergens goed voor. We gaan daarna lekker op tijd naar bed want het was een lange, enerverende maar vermoeiende dag en ik wil morgen de zonsopgang zien en een rondje lopen.
Ga ik het doen? Ja ik ga het doen. Ik heb de wekker op 6:15 staan maar ben eigenlijk om 6:00 al wakker. Voorzichtig en heel zachtjes om Rochelle en Joyce niet wakker te maken kleed ik me langzaam aan. Ik neem de tijd, niet alleen om zachtjes te kunnen doen maar ook omdat het eigenlijk nog donker is en ik het goed moet timen zodat het licht genoeg is al ik het bos- en duingedeelte in ga. Ik heb een route gekregen maar omgedraaid zodat ik de eerste 4 kilometer over het asfalt loop. Ik sta exact om 6:30 beneden en pak een banaan die Femke speciaal op mijn verzoek gekocht heeft gisteren. Ik stap naar buiten. Het is fris maar niet koud. Ik ben niet de enige vroege vogel, de buurman stapt in zijn auto en rijdt weg. Ik ga op pad.
Het is even goed kijken dat ik de juiste kant op loop. Ondanks dat het nog nacht is, heb ik genoeg licht van de maan om te kunnen zien. Nog een teken dat ik een nachtmens ben, ik kan namelijk redelijk goed zien in het donker. De route leidt me over een weg en fietspad dat er verlaten bij ligt. Heerlijk zo alleen op de wereld. Dan moet ik over een onverhard pad tussen twee heggen door om weer op asfalt uit te komen. Als ik na 4 kilometer bij het bos ben is het al licht aan het worden en kan ik gewoon zien. In het bos springen de herten links en rechts weg en ik hoor ze burlen want het is het seizoen. Hoe gaaf is dat? Het lijkt wel een hertenkamp maar dan in het groot. Dan hoor ik een korte blaf van een hond en het duurt even voor ik door heb dat het een hert is. Een stukje verderop denk ik nog een hert te zien. Ik maak een foto en denk dan dat het misschien toch gewoon een struik en een halve boom is. Als ik twee stappen heb gezet springt hij weg en is het toch een hert. Een hert met een groot gewei. Ik ben gelukkig.
Ik loop nu langs een water en aan het einde moet ik er omheen om het duingebied in te gaan. De zon begint zich nu echt wel aan te kondigen als ik de oranje gloed aan de horizon zie. Tegen de tijd dat ik boven op de duinen sta laat hij zich echt zien en vergaap ik me aan het prachtige uitzicht. De zon, de duinen en de mist die er boven hangt. Ik blijf foto’s maken. Mijn telefoon piept dat ik de lens schoon moet maken maar het is gewoon de mist die een vertekend beeld geeft. Ik loop weer verder en kom weer in het bos. Daar kom ik een man tegen, de eerste. We maken een praatje, met name over de schoonheid van het gebied en de ochtend. Het blijkt ook een rotterdammer die om 5:00 in de auto gestapt is om hier te wandelen en foto’s te maken. Na wat ik net gezien heb geef ik hem geen ongelijk als er weer een hert wegspringt een stukje verderop.
Ik ga weer verder en moet weer even zoeken. Een kilometer verder ben ik weer in de duinen en naast de hertjes en reeën springt er ook een verloren haas voor mijn voeten weg en hoor ik de vogels fluiten. Ik moet klimmen en het smalle paadje boven aan de duin zorgt voor natte voeten. Het is het gras en de dauw die er aan hangt. De zon klimt steeds hoger en dan is de wereld niet meer alleen van mij als ik langzamerhand meer en meer wandelaars tegen begin te komen. Het mag de pret niet drukken, de grote koperen ploert zorgt ook nu door de mist heen voor mooie plaatjes. Dit maakt de verloren zonsopgang van twee weken geleden ruimschoots goed. Ik kom langs het bezoekerscentrum, en als ik het bos weer in duik zie ik weer meerdere herten lopen.
Ik maak een lus en loop nu in tegengestelde richting. Ik heb de zon nu aan mijn linkerhand die vol oranje de hemel kleurt. Hoe heette dit gebied ook alweer? Oranjezon toch? Ik snap hem helemaal. Ik stap een klein heuveltje op en zie gelijk weer een paar herten. Mijn camera krijgt ze moeilijk te pakken, de zon overheerst. Als ik verder loop kom ik een dame tegen die ook aan het genieten en fotograferen is. We maken een praatje en ik vraag haar om een foto van mij te maken. Werkt toch beter dan als ik het zelf moet doen. Ik ren weer door, ga weer een hoek om en kom de volgende verrassing tegen. Een kudde koeien in de mist tegen de zon in. En weer sta ik stil om foto’s te maken. Ik kan mijn geluk niet op, wat een kadootje is dit! Ochtendstond heeft goud in de mond zeggen ze ook wel. Even later staan er nog een paar schapen en dan zijn mijn muntjes op. De zon schijnt nu fel, de mist is opgetrokken, er lopen her en der wandelaars en de weg van mul zand is vlak. Het enige dat ik niet gezien heb zijn de konikspaarden, maar je moet altijd iets te wensen over houden toch?
De laatste kilometers leiden me naar het strand. En net als ik denk dat ik alles gehad heb, net voordat ik door het hek het laatste stukje naar het strand op moet, hangt er nog een heel klein vleugje magie in de lucht en staat er een hert in het laatste restje mist. Hij burlt en blaft naar me, staart me aan, poseert voor me en hupt dan heel gracieus weg, mij enigszins melancholisch achterlatend omdat ik weet dat dit soort momenten uniek en ongrijpbaar zijn. De afdruk op mijn telefoon is slechts een schim van wat ik zojuist ervaren heb. Ik ga door het hek en ren het strand op dat er ook mooi bij ligt. Het zijn de laatste kilometers van deze route. Er ligt wat hard zand aan de kustlijn maar lang kan ik er niet van profiteren want het buigt af terwijl ik richting uitgang moet. Daar waar het zware mulle zand ligt. Maar ik moet door anders mis ik het ontbijt. Ik ga toch al een half uur later terugkomen dan gepland, maar het is het me meer dan waard geweest.
Na het strand ben ik weer in het dorp en op het asfalt. Deborah appt of alles goed gaat, de lieverd, en ik ga mijn laatste kilometer in. Als ik om 9:20 de B&B weer binnenstap is de rest net klaar met het ontbijt en maken langzaam aanstalten om naar huis te rijden. Ik spring snel onder de douche na dit waardige afscheid van een geweldig weekend en eet nog rustig op mijn gemakje mijn ontbijt terwijl we onderling ook afscheid nemen. Als iedereen weg is krijg ik nog een zacht gekookt eitje van Femke en dan loop ik ook naar boven om mijn spullen te pakken. Ik zeg Femke gedag en rij naar huis waar ik na de was, het opruimen en de boodschappen rustig op de bank nog eens door alle foto’s heen ga om na te genieten. Morgen moet ik weer aan het werk, morgen gaan we weer over op de orde van de dag, maar voor nu?
Voor nu mag ik nog heel eventjes in Zeeland zijn met de meiden van Anita…

0 reacties