Sas loopt met AnnemiekLoopt

Een perfect moment om eens naar mijn looptechniek te laten kijken. Tenslotte ben ik pas ruim zes jaar aan het hardlopen, waarbij ik intussen twee marathons en acht halve marathons gelopen heb. Iets met mosterd en een maaltijd. Maar goed. Aan de andere kant ben je nooit te oud om te leren, toch? Met paardrijden heb ik ook eerst leren zitten blijven en ben pas de laatste tien jaar bezig om de techniek goed te krijgen en ‘en passant’ mijn slechte rijgewoontes weer af te leren.

Wat valt er te leren aan hardlopen? Gewoon het ene been voor je andere zetten en gaan, right? Wrong! Met een goede techniek loop je niet alleen beter en sneller, maar ben je ook minder blessuregevoelig. En dus bellen we de expert. Annemiek van AnnemiekLoopt. Ik ken haar van de hardloopcommunity Ik Loop Hard, en ze biedt precies wat ik nodig heb. Iemand die naar me kijkt als ik aan het lopen ben, me wijst op wat ik beter kan doen, en uitleg over het hoe.

We spreken af bij Outdoor Valley, waar genoeg ruimte is voor wat ze allemaal van plan is. Frank is ook mee en vol verwachting kijken we naar de kleurige attributen die uit de kofferbak tevoorschijn getoverd worden. Maar eerst doen we wat opwarmingsoefeningen. Juist ja, diezelfde oefeningen die wij altijd overslaan onder het motto ‘lui-geen tijd-onzin’. Er gaan wat dopjes op de grond en ik mag er overheen. Het eerste wat ik te horen krijg is – ja Frank, je had gelijk. So. There. I said it. Out loud. In public! – dat ik zwaar land en ze me ‘hoort’ lopen. Ik loop ‘olifantstyle’ zeg maar. Dat moet dus lichter, meer richting ‘hindestyle’. En daarvoor moet ik mijn knieën meer optillen. Zucht. Ik mag dus nog een rondje. Beter, maar nog niet goed genoeg. Tja, ik ben nu eenmaal een luie loopster.

Vele rondjes later is ze pas tevreden en til ik niet alleen mijn benen beter op, maar heb ik ook geleerd om beter vooruit te lopen. Dat klinkt raar maar het is net als paardrijden, waar je ook niet achter de beweging moet blijven maar er in mee moet gaan. Dan weten jullie precies wat ik bedoel, nietwaar? Als extra oefening mogen we ook nog even met een springtouw in de weer. Vermoeiend, maar ik neem me toch voor om het weekend een springtouw te kopen om thuis te gaan oefenen.

Het volgende item zijn de armen. En natuurlijk weet ik uit de boekjes dat ik ze recht moet houden. Maar het is toch anders als er iemand naast je staat die ze ter plekke corrigeert en in voor jou begrijpelijke taal uitlegt hoe het moet. En ook dát valt niet mee. Ik loop weer tegen mijn eeuwige onwillige linkerhelft aan. Het lijkt wel of hij tegenwerkt dus er is werk aan de winkel. En ik noteer in mijn achterhoofd opnieuw iets voor het paardrijden, want ik zie opvallend veel gelijkenissen. Inclusief de tegenstribbelende linkerhelft. Maar de duimen naar buiten doen het hem! En nee dat ga ik niet uitleggen, dat blijft het geheim van de chef.

De tijd vliegt voorbij en dus krijgen we nog één test. Één test die stiekem toch weer uit een paar testjes bestaat. We rennen nog een laatste rondje waarbij de handen op de rug, opzij en vooruit gaan. En ik word me pijnlijk bewust van allerlei plekken in mijn lichaam die bewegen waar ze niet moeten bewegen, en plekken die niet bewegen waar ze wel moeten bewegen. Het lijkt zo simpel en ergens weet je het ook wel, maar het is zo makkelijk om te negeren als je 15 km aan het rennen bent. Want technisch goed lopen is hard werken. En daar waren we te lui voor, remember?

We eindigen met wat cooling downoefeningen. Juist ja, diezelfde oefeningen die wij altijd overslaan onder het motto ‘lui-geen tijd-onzin’. We krijgen nog wat advies mee voor onderweg en nemen afscheid. Mag ik gaan nadenken over hoe ik het geleerde in praktijk ga brengen. Want mijn training begint nu.

Heb ik de komende tien jaar de tijd om de techniek goed te krijgen en ‘en passant’ mijn slechte loopgewoontes weer af te leren.

Ook interesse in looptechniekadvies? Neem een kijkje op AnnemiekLoopt

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.