Hoe ouder…

Als je drie uur in de spiegel naar jezelf kan staren terwijl je bij de kapper zit heb je heel veel gelegenheid om jezelf eens goed te bekijken. De grijze haren worden bedekt door de verf, maar de rimpels in mijn gezicht zijn onmiskenbaar. Zo ook de afhangende wangetjes, de groeven langs mijn mond, het overtollige vel op mijn oogleden en vooral het gerimpelde hangende velletje onder mijn kin. Die is het ergste. Een soort uitgelubberd stuk elastiek dat te lang in de zon gelegen heeft. Alle rek er uit, slapper dan nat karton en vooral te veel voor de vulling die er in zit. De harde zwarte en witte heksenharen die op de kin er boven zitten zie ik niet op deze afstand, maar ik weet dat ze er zijn. Ik voel ze iedere dag zitten. Ik trek ze er ook iedere dag uit, maar ze groeien ook net zo hard weer terug. Een race die ik steeds sneller verlies.

Het oud worden merk ik ook in andere aspecten. Niet alleen trek ik de gemiddelde leeftijd op kantoor omhoog, word ik binnen de Anitaladies groep liefkozend ‘Granny’ genoemd en word ik er keihard mee geconfronteerd iedere keer als ik een wedstrijd loop en binnen die ene leeftijdscategorie val. Herstellen na een halve marathon of zelfs maar een 15 km gaat langzamer dan een aantal jaar geleden, toen ik pas een paar jaar aan het hardlopen geslagen was. Laat staan als ik een nacht slecht geslapen heb. Dan loop ik net zo slecht als toen ik 20 kilo zwaarder was. Om over mijn tijden maar te zwijgen. Want alhoewel Patrick Kwist mijn grote held is en ik net als hij op latere leeftijd piek, tenminste dat probeer ik, is het alweer een tijd geleden dat ik een PR gehaald heb. 

Ik ben op relatief late leeftijd begonnen met dat hardloopgedoe. Binnen vijf jaar liep ik wel mijn eerste marathon. Ze zeggen dat je ouder moet zijn om marathons te kunnen lopen. Als je jong bent, uitzonderingen daargelaten, is een snelle kortere afstand makkelijker. Voor een marathon moet je rijp zijn. Ik kan die theorie slechts gedeeltelijk bevestigen. Ik loop relatief makkelijk een marathon op mijn leeftijd. Ik weet echter niet hoe ik gelopen zou hebben als ik jong was geweest. Iets wat ik me wel vaak genoeg afvraag. Zou ik de marathon in 3:30 kunnen lopen als ik 28, of nog jonger was geweest?

Ik weet wel dat ik toen met geen 10 paarden aan het hardlopen te krijgen was. Ooit een keer een Coopertest moeten doen met gymnastiek op de middelbare school. Ik geloof dat ik hem niet eens afgemaakt heb. Daarentegen kon ik een hele nacht op een podium dansen in de discotheek zonder moe te worden. Toen was ik dus eigenlijk al van de duursport. Mijn enige doping in de vorm van cola en opzwepende muziek. Slechts beperkt door de duur van de nacht of in een enkel geval pijnlijke voetzolen van de extreem hoge hakken die ik toen droeg. Vervlogen tijden.

Ze zeggen dat je nooit spijt moet hebben en dus blijf ik er maar niet te lang bij stilstaan. Focus op het hier en nu. Mijn uitlubberende lijf verhuld en bijeen gehouden in strakke polyester en lycra broekjes met iets wijdere shirts zodat je de muffintop niet ziet. De rimpels verborgen achter een zonnebril, de slappe hangende borsten stevig ingepakt in een ‘special for the occasion’ Anita sport BH. De geverfde grijze haren strak weggebonden in vlechtjes. En de uitdaging zoekend in het lopen van marathons of verder. Die 10 km in 45 minuten ga ik toch niet meer halen, dus dan maar mijn PR zoeken in een ultra. Tenslotte loop je altijd een PR als je iets voor de eerste keer loopt.

Trailen is ook een goede optie. Mag je lekker lang over doen, tijd is niet belangrijk. Sterker nog, vaak is er niet eens tijdregistratie. Onderweg lekker chocola en gevulde koek eten bij de verzorgingspost en als je moe bent stop je gewoon even ‘om te genieten van het uitzicht’. De perfecte smoes als het even niet wil lukken die dag.

Tja, ouder worden. Je hoeft er niets voor te doen, gaat helemaal vanzelf. En het proces is onomkeerbaar. Je kan een hoop doen om het te vertragen of te verhullen, of op sommige punten zwaar te ontkennen neeikhebgeenleesbrilnodigerisgewoonteweiniglichtendelettertjeszijnzoklein. Maar je kan er ook je voordeel uit halen. Ik heb altijd geroepen dat marathons lopen iets voor pezige oude mannetjes is. En ik loop marathons. Met hoofdletter M en een grote S aan het eind. Inmiddels minimaal twee per jaar. En ik heb er heel veel lol in. Misschien zou je naar omstandigheden ook nog kunnen zeggen dat ik er goed in ben. Nu ben ik geen man en pezig zal ik nooit worden. Maar die andere voorwaarde?

Nou ja, one out of three ain’t bad…

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.