Een potje kaneel

Ik dek de tafel terwijl Frank staat te bakken. Pannenkoeken met banaan en blauwe bes. Inmiddels mijn favoriete ontbijtje voor het hardlopen. Niet voor een 5 km overigens. Dan maak ik ook wel een soort pannenkoek, maar dan van muesli, banaan en een ei. Nee, deze zijn voor een lange duurloop of een wedstrijd. Ik zet de poedersuiker en de esdoornsiroop op tafel. Poedersuiker voor Frank en de siroop voor mij. Zo hebben we allebei onze eigen voorkeur. Daarnaast komt er een potje kaneel op tafel voor ons beiden. Ik kijk er bedachtzaam naar. Hij is bijna leeg. Alweer.

Toen wij destijds met hardlopen begonnen bestond ons ontbijt meestal uit wit brood met pindakaas. Of iets met ontbijtkoek. Afhankelijk van de afstand. Maar op een gegeven moment was dat niet meer voldoende. Sterker nog, ik kreeg er last van tijdens het lopen. De afstanden werden langer. De trainingen intensiever. En dus moest er ander voedsel komen. Ik weet niet eens meer op welk moment we overgestapt zijn op pannenkoeken. Vanaf de eerste marathon was het al traditie om de dag ervoor pannenkoeken te eten, maar het moment waarop we het ook als hardloopontbijt gingen eten?

Hoe dan ook, ik weet nog wel als de dag van gisteren dat we aan onze ontbijttafel zaten voor een specifieke wedstrijd. Volgens mij de CPC. Terwijl ik net kaneel over mijn pannenkoek gestrooid had keek ik aandachtig naar het potje. Destijds gekocht voor stoofpeertjes, naar het recept van wijlen mijn oma. Daarna eigenlijk nooit meer gebruikt. Tot de pannenkoeken dan. Omdat het volgens de schriftgeleerden goed voor hardlopers is. Mijn oog viel op de houdbaarheidsdatum. 16 november 2001. Een snelle rekensom leerde dat dat 16 jaar geleden was. Met andere woorden, het potje kaneel was zo’n beetje 16 jaar over de datum! Frank en ik lachten er om, zij het een beetje als een boer met kiespijn. ‘Kan kaneel bederven?’ vroegen we ons af. Ik zocht het op op Google. Bederven? Nee, niet echt. Maar het verliest wel zijn smaak. 

In welke mate ontdekten we twee weken later. Het oude potje was door Frank rücksichtlos de vuilnisbak in gedumpt en een nieuw potje prijkte op tafel. En wisten we stante pede weer hoe kaneel écht smaakt. Het nieuwe potje, noch alle andere potjes die daarna volgden, kreeg de kans niet meer om zijn smaak te verliezen. Als de kaneel in de aanbieding is koop ik ze tegenwoordig met twee potjes tegelijk. Sterker nog, ik koop nu zo vaak kaneel dat ik het als persoonlijke bonus aangeboden krijg bij de Albert Heijn.

Ik zet het potje weer terug op tafel en loop naar de keuken om het op het bord te schrijven. Voor het boodschappenlijstje van volgende week. Daarna ga ik verder met mijn pannenkoek en denk terug aan hoe mijn leven is veranderd sindsdien. De frequentie van de wedstrijden. De snelheden die ik daarbij loop. En de afstanden die ik maak. De plekken die ik heb bezocht. De doelen die ik heb behaald. De avonturen die ik heb beleefd. Maar vooral de vrienden die ik heb gemaakt. Allemaal dank zij het hardlopen.

Een potje kaneel. Dat zoiets kleins symbool kan staan voor zo’n grote verandering.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.