Ronde van West


Soms zijn je lijf en je hersenen het niet helemaal met elkaar eens. Met name je hersenen hebben de vervelende eigenschap om je lijf voor de gek te houden. Om niet te zeggen dat je lijf gewoon een beetje dom is. Dan loop je langs een buffet en heeft je lijf een beetje trek. Je hersenen nemen je dan in de maling en als je twee derde van het vol opgeschepte bord leeg hebt zit je vanuit een soort schaamte tegen heug en meug de rest leeg te eten. Of als je over een slootje moet springen en je hersenen zeggen: ‘Dat lukt wel’, maar je benen net iets te kort zijn om vervolgens pontificaal in diezelfde sloot te belanden.

Zo ook toen vriendin Linda twee weken geleden vroeg: ‘Sas, loop je mee met de Ronde van West?’ Drie dagen na de 70 km in de Ardennen? Ik dacht het niet. Zij dacht van wel. ‘Nou, maximaal 5 km dan?’ ‘Nee joh, gewoon de 10 km. Dan lopen we wel langzaam. Dat kan jij.’ En toen dramden mijn hersenen door: ‘Ach, dat moet wel kunnen dan.’

Ingeschreven voor de 10 km dus. Op dinsdagavond en starten om 20:30, afgesproken om thuis eerst een pannenkoek te eten. Dat ik zondag en maandag nog compleet stijf was en dinsdagochtend nog niet eens fatsoenlijk de trap af kan negeren we compleet. Wat dat betreft zit mijn lijf in een giftige relatie met mijn hersenen en mag hij wel wat meer voor zichzelf op komen. Maar ja, die hersenen zijn nu eenmaal zwaar dominant.

We rijden met de scooter naar de start, Frank komt op de fiets en neemt zijn camera mee. Na het ophalen van de startnummers, en het gedag zeggen van een aantal bekenden die we toch altijd weer tegen komen, lopen we naar de start. Daar moeten we nog even wachten op de laatste lopers van de 5 km. ‘Dat had ik kunnen zijn’, roept mijn lijf met een diepe zucht. Mijn hersenen doen net of ze het niet horen en rollen alleen maar met hun ogen.

Dan is de laatste loper ook binnen en mogen we op onze plek gaan staan. Aftellen en gaan. Mijn lijf krijgt een duw in de rug van mijn hersenen en zet voorzichtig de ene voet voor de andere, in een uitermate rustig tempo. Voor mij loopt een man die ook niet al te snel start, dus daar kan ik mooi achter blijven. Ondertussen kletst Linda lekker door. Af en toe gooi ik er een grom uit dat als antwoord moet dienen. 

De eerste drie kilometer gaan eigenlijk best wel ok. Ik bedoel, we worden links en rechts ingehaald door de beginnersgroep van ‘Hardlopen met Evy’ en de supporters langs de kant kijken ietwat meewarig terwijl ze hard klappen om ons aan te moedigen om door te lopen, maar hey, de benen blijven in beweging en de spierpijn is te overzien. 

De route is allerbekendst, zoals eigenlijk elke loop in en om Rotterdam. Dat krijg je als je al 12 jaar hardloopt en iedere kilometer in een straal van 20 km belopen hebt, maar dan weet ik in elk geval wat er gaat komen. Heuveltje op even wandelen, heuveltje af incasseren. Bovendien is het ook nog best wel warm en broeierig. 

Bij de 5 km check ik onze tijd en met 32 minuten ben ik eigenlijk best wel heel erg verrast en vooral tevreden. ‘Zie je nou wel!’ roepen mijn hersenen triomfantelijk. Mijn lichaam zwijgt in alle talen, op een paar zielige kermen van de bovenbenen en een zacht verontwaardigd mompelend: ‘Ik had al klaar kunnen zijn’ na. Een halve kilometer verder staan we onderaan de heuvel en roept een van de vrijwilligers dat ‘we zo goed bezig zijn en dat het lekker gaat.’ De toon waarmee hij het zegt maakt toch ergens dat mijn hersenen het niet als compliment opvatten.

We lopen een klein stukje door en staan dan even stil om een foto te maken met de Van Brienenoordbrug op de achtergrond, de favoriete brug van Linda. Een halve minuut herstel, in combinatie met weer een heuveltje af, maakt dat het lijf het verzet opgeeft en de regie uit handen geeft aan de hersenen. ‘Doen jullie het dan maar als je zo graag wilt!’ De hersenen denken er geen seconde over na en voeren het tempo gelijk een beetje op. Ze zien nog maar één ding, en dat zijn langzame lopers voor ons die er om vragen om ingehaald te worden.

En zo begint de jacht. Met nog 3 kilometer te gaan is er nog genoeg tijd om er een paar te pakken. Linda weet niet wat ze mee maakt. Nog even zwaaien naar Frank en zijn camera alhoewel het eigenlijk al te donker is, en de game is on. We pakken er één, we pakken er twee, we pakken er drie tegelijk. Stukje bij beetje verwijderen we ons van de laatste plek op de lijst. Één keer winnares van de omgekeerde lijst in een week vind ik meer dan zat. 

Dan de laatste kilometer, waar we nog een stukje verder langs de dijk moeten, een heuveltje op en een lus in de wijk. Op de terugweg pakken we er nog twee en als we we een na laatste bocht indraaien zie ik de dame in het blauw die ons in het begin langzaam maar gestaag voorbij ging en stukje bij beetje van ons weg liep. Ik loop er gemeen gniffelend voorbij. Bij de laatste bocht is het nog zo’n 100 meter voor de finish als ik in mijn linker ooghoek de dame in het blauw weer spot die nog even aanzet. Dat laten mijn hersenen niet gebeuren en laten de zweep nog even over de benen knallen voor een laatste sprint de finish over. ‘Yes, gelukt!’, roepen ze triomfantelijk. Mijn lichaam denkt alleen maar: ‘Fuck you!’

Na de finish strompel ik nog een paar passen verder voor de medaille en maken we wat foto’s tot Frank ons weer opzoekt. We praten heel even na met bekenden maar het koelt nu wel af dus we lopen naar de scooter en rijden naar huis. Linda neemt afscheid en ik ga lekker douchen en eet nog wat kwark. Even op de bank hangen, foto’s kijken, het was inderdaad te donker, en dan lekker naar bed want morgen moet er weer gewerkt worden.

En terwijl mijn hersenen nog aan het nagenieten zijn, valt mijn lichaam in slaap met slechts één gedachte: ‘Morgen vraag ik de scheiding van mijn hersenen aan…’ 

2 Reacties

  1. Nathalie

    Haha mooi dat ik nog voor wat motivatie kon zorgen op het laatste stuk;-)
    Groetjes van de dame in blauw

    Reageren
    1. Saskia Uit den Bogaard (Auteur bericht)

      Ha, ha, ha, was jij dat! Wat leuk.

      Bedankt inderdaad voor de motivatie! Xxx

      Reageren

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.