Halve van Zoetermeer: zwaan-kleef-aan

De halve van Zoetermeer. Omdat ik die nooit eerder gelopen heb en omdat ik dit jaar eens iets anders wilde dan Egmond. Toen ik inschreef was er alleen maar Zoetermeer. Toen kwamen de Leenderbostrail en Egmond om de hoek kijken en vooral niet te vergeten het Anita event wat altijd gegarandeerd is voor een hoop alternatieve sportzweetdruppels. Oeps.

Maar goed, we zijn geen gevulde koek en de split second waarin ik de behoefte voelde om te overwegen of ik in plaats van de halve de 10 km zou gaan lopen ging gelukkig zo snel voorbij dat het lijkt alsof het nooit gebeurd is. De afspraak met mezelf dan maar gemaakt om dan wel rustig aan te lopen. We weten allemaal hoe dat normaal gesproken gaat, maar gelukkig is daar Herman. Loopmaatje Herman die in trainings opbouw zit en na een lange tijd weer voor de tweede keer een halve loopt. En omdat die kale mafkees bedacht heeft dat hij van huis via het Lage Bergsche Bos want-hij-moet-trail-kilometers-maken naar Zoetermeer wil lopen in plaats van met mij de halve, is samen met Herman lopen de perfecte oplossing. Helemaal omdat Herman op een tempo van 6:10 wil lopen.

Natuurlijk trek ik mijn nieuwe BH aan. Tenslotte voel ik me geel vandaag en als je iets nieuws hebt wil je het dragen ook. Gelukkig valt de spierpijn mee, al denk ik daar misschien morgen anders over. We moeten om 11:30 starten dus 10:00 vertrekken past prima in de planning. Kan ik zelfs nog een beetje uitslapen. En ja, Frank bakt weer pannenkoeken voor me. En voor zichzelf. En voor Herman.

Eenmaal aangekomen dumpen we de auto op het parkeerterrein en wandelen we naar de start, die gelukkig dichterbij is dan het lijkt. De start is vlak voor het recreatie- en sportcomplex. Binnen kunnen we de tas achterlaten en ons startnummer ophalen. Natuurlijk barst het weer van de RMD vrienden dus ik ben al zes gesprekken en twintig zoenen verder voordat ik in de rij voor mijn startnummer sta. Dan is het wachten tot het tijd is en ik bedenk me ineens dat het misschien wel leuk is om toch nog even een groepsfoto te maken. 

Het is even bedenken wat de handigste plek is en het wordt in de sporthal. Twee stappen verder en met genoeg ruimte en licht. Als we ons opstellen komen er ineens van alle kanten groene shirts aanrennen. De eerste foto is gemaakt als Leo nog aan komt snellen. Hij gaat liggen, foto twee en ik zie Christa en Lonneke rennen. Huppakee, drie keer scheepsrecht en ook zij staan nu op de foto. Nu kunnen we naar buiten.

Buiten, waar het helemaal niet koud aanvoelt. Had ik dan toch beter mijn dunne thermoshirt aan kunnen trekken in plaats van mijn dikke? Nou ja we zien wel. We tellen af via het scherm voor het startschot en gaan rennen. Rustig aan want ik voel toch wel dat ik iets gedaan heb gisteren. Maar het blijft lastig als iedereen als een speer wegsjeest, je gaat er nu eenmaal automatisch achteraan. Ik laat het een kilometer gebeuren en maan dan Herman tot kalmte. Dat lukt gedeeltelijk want we lopen sneller dan de beoogde 6:10. Zeg maar, 5:35 of zo. Ietsje pietsje sneller dus. Nou ja, nog even de eerste opwinding er uit lopen dan maar. Maar tot maximaal 5 km en dan moeten we echt even kijken.

Het weer is perfect. Droog, een heerlijk zonnetje en wat wind. Wellicht iets te veel wind voor het helemaal perfecte, maar ik hou er wel van, bovendien ben ik dan toch blij met mijn dikke thermoshirt. Over de route ben ik wat minder te spreken. We beginnen met wat groen maar lopen al gauw door bedrijventerrein, dat met uitzondering van de grote windmolens een beetje saai is, om vervolgens over te gaan in woonwijk. 

Op 5 km is er een drankpost waar de vrijwilligers het nauwelijks kunnen bijbenen om de bekertjes water te vullen. Ik bespreek met Herman de strategie. We lopen beduidend sneller dan 6:10 dus we hebben drie opties. Of we lopen door zoals nu en kijken waar het schip strand, of we gaan langzamer lopen op 6:10, of we pakken iets er tussenin en gaan op 6:00 lopen. Herman kiest voor optie drie, in elk geval tot 10 km, om daarna te kijken of versnellen een optie is. En dat is exact wat we doen. Not! 

We lopen vrolijk door op een gemiddeld tempo van 5:50. Tja, Herman moet zelf het tempo bepalen maar hij loopt zo lekker. Het feit dat het uitzicht ten goede verandert en steeds groener wordt helpt ook wel. Ondertussen maak ik wat foto’s onderweg, treur om een dode gans die langs het randje van een weiland ligt en lach om de gestresste schapen in een tuin die luid blatend heen en weer rennen, waarschijnlijk omdat ze denken dat er een wolf aan komt en we daar allemaal voor aan het wegrennen zijn. Arme schapen, letterlijk.

Op 10 km heb ik wel behoefte aan weer een slokje water en ook wat te eten maar we moeten nog even wachten op de 11 km. Daar krijgen we een beker water, een stukje banaan, maken we een ‘proost!’ foto, duw ik er een winegum achteraan en rennen vrolijk verder. Ik moet zeggen dat ik heerlijk aan het lopen ben en voel me kiplekker. Geen zware wind tegen, geen protesterende maag, geen stijve spieren, gewoon simpelweg lekker lopen. Zo hoort het te zijn. 

Vanaf hier is de omgeving vooral groen. Mooie vergezichten, leuke bruggetjes en schitterende waterpartijen. Genoeg om het eerste saaie deel van de route goed te maken. Onderweg kom ik nog een aantal bekenden tegen met wie ik een kort praatje maak en ook staan Ronald en Arthur een paar keer langs de kant. Zwaaien voor de foto! Rond kilometer 13 km krijg ik in de gaten dat er een man achter ons aan loopt. Als ik er een opmerking over maak blijk ik gelijk te hebben. We zijn hem aan het hazen ‘omdat we zo’n lekker tempo lopen.’ Ik moet er om lachen. Een kilometer later zijn er nog twee mensen aangehaakt en als we bij kilometer 15 zijn is de groep gegroeid naar 7 mensen. Zwaan-kleef-aan, ons eigen pacegroepje. 

Ze houden het vol tot 17 kilometer, daarna zijn we ze allemaal kwijt met uitzondering van de eerste man. Als we de brug over de A12 over zijn zie ik Linda nog lopen en dan hebben we nog een drankpost waar we nog een keer wat water nemen om ons op te maken voor het laatste stukje. Hier laten we de man ook gaan. Vanaf daar mogen we gaan aftellen. Ik begin mijn lichaam nu ook wel te voelen en bij kilometer 19 maken we een berekening of Herman een PR kan lopen. Het lijkt niet haalbaar. We hebben nog zo’n 10 minuten voor 2 kilometer en versnellen zit er niet meer in. 

We bikkelen naar de 20 km en dan ga ik écht aftellen. Letterlijk, om Herman tempo te laten houden. Bij de laatste honderden meters kijken we toch nog even naar die PR want ik heb ruim gerekend. Het ziet er naar uit dat het toch kan gaan lukken dus ik schreeuw Herman nu gewoon ordinair naar de finish. Helemaal zeker weten we het niet, maar we doen gewoon alsof hij het gehaald heeft. Want linksom of rechtsom, ook al hebben we ons doel van 6:10 niet helemaal gehaald, Herman is dolblij dat hij het gemiddelde tempo van 5:52 gewoon heeft volgehouden. En ik? Ik heb heerlijk gelopen maar ga volgende week gewoon lekker een rustweek houden.

Tenzij mijn duivelse RMD hardloopvrienden me omkopen en emotioneel chanteren om een lange duurloop te doen met na afloop gebakken vis van Simonis…

4 Reacties

  1. Inge

    Heerlijk verslag weer❤

    Reageren
    1. Saskia Uit den Bogaard (Auteur bericht)

      Thanx!

      Reageren
  2. Ed van Reijswoud

    Nooit gedacht dat Herman ooit zou Hazen 🙂
    Leuk verhaal overigens.

    Reageren
    1. Saskia Uit den Bogaard (Auteur bericht)

      Ha, ha, ha, nou hé!

      Reageren

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.